Hoe zit het met: 1 De Katapult, mag dat nou?
2 Nachtvissen!
3 Levend aas!
|
Bij veel mensen bestaat er nog steeds onduidelijkheid over het gebruik van de katapult langs de waterkant. Niet met de bedoeling om voorwerpen tegen andere personen te schieten, maar met de bedoeling om bijvoorbeeld voor op de juiste (meestal iets verder gelegen stek) te schieten. |
1.DE
KATAPULT
|
Wat is nu eigenlijk een katapult?
De wetgever begreep enkele jaren gelden dat een katapult een relatief onschuldig voorwerp was. Maar, zoals met zo veel dingen, de gebruikers begonnen de katapult te misbruiken. En de handel speelde daar weer handig op in. Zo werd er regelmatig
geconstateerd dat steeds meer katapulten op de markt werden gebracht die zodanig
waren geconstrueerd, dat er met grote kracht projectielen konden worden
weggeschoten, waardoor er ernstig lichamelijk letsel kon worden veroorzaakt. Op dat
moment greep de wetgever in en werd de katapult als ongewenst handwapen
bestempeld. Derhalve werden katapulten, met uitzondering van zulke die klaarblijkelijk zijn bestemd om als speelgoed te worden gebruikt en die redelijkerwijze niet geschikt kunnen worden geacht om projectielen weg te schieten met een zodanige kracht of gerichtheid, dat daardoor personen ernstig lichamelijk letsel wordt toegebracht, ondergebracht in de categorie I sub 6 van de WWM en werden ze dan ook verboden op grond van artikel 13, lid 1 van de WWM. De strafbaarstelling vindt men in artikel 55 lid 1 van de WWM. Onderdelen
van katapulten vallen onder artikel 3 lid 1 van de WWM. KATAPULTEN IN DE HENGELSPORT Dan nu de
katapult, welke in gebruik is bij de sportvisser. Je merkt het al. De katapult in de hengelsport is NIET toegestaan. Je maakt je, als je in het bezit bent van een katapult, strafbaar aan een misdrijf waar zelfs gevangenisstraf op staat. Katapulten worden niet meer gedoogd. Wordt je gecontroleerd en wordt er bij jou een katapult aangetroffen door een bevoegd opsporingsambtenaar en geeft hij/zij jou een waarschuwing of wordt het gedoogd mag je echt nog van geluk spreken. Tot een gevangenisstraf zal het
in principe niet komen. Je kunt echter wel een proces-verbaal van een bevoegd
opsporingsambtenaar (en dus niet van een verenigingscontroleur) verwachten
en, als het meezit, een schikkingsvoorstel van de officier van justitie van
enkele honderden guldens. (Als het tegenzit moet je voorkomen.) Om het probleem van de
katapult te ondervangen, bestaan er tegenwoordig ‘werppijpen'. Met deze pijpen
kun je, na enige oefening, redelijk nauwkeurig en bijzonder ver gooien.
|
2.Nachtvissen
| Hoe zit het nu precies met het nachtvissen. Mag het
wel of mag het niet? En wanneer dan wel/niet?
UITZONDERING GEHELE JAAR TOEGESTAAN 3) 4) Tot de onder 1 tot en met 5 genoemde wateren behoren de daaraan gelegen open havens en de daarmee in open gemeenschap staande inhammen, kreken, strangen (dode rivierarmen), hanken (eveneens dode rivierarmen) killen en gaten, maar dan wel beneden (stroomafwaarts) de volgende grenzen; a) b) LET OP: Kijk altijd naar de voorwaarden op
de vergunning als je gaat nachtvissen. Veel verenigingen hebben het nachtvissen
verboden in verband met overlast van de nachtvissers voor de omgeving.
|
3.Levend Aas!
|
INLEIDING
Als gevolg daarvan heeft
de toenmalige Staatssecretaris van LNV in maart 1994 de betrokken
belangenorganisaties aangekondigd dat hij het vissen met gebruik van
levende aasvis wil afbouwen. Met het oog daarop verzocht hij de
georganiseerde sportvisserij een ontmoedigingsbeleid in te zetten, opdat
na een aantal jaren het gebruik zo goed als beëindigd zou kunnen worden
beschouwd. ACHTERGROND Bij het vissen met
levende aasvis wordt de vis gedurende kortere of langere tijd door het
water getrokken, zo nu en dan tijdelijk onderbroken door de vis op te
halen dan wel de lijn te laten vieren. Geconstateerd kan worden,
gezien ook de diverse discussies die hieromtrent in het parlement en in
de literatuur zijn gevoerd, dat in de samenleving het respect voor
dieren en de erkenning dat dieren niet louter instrumenteel dienen te
worden gebruikt als een belangrijke maatschappelijke waarde wordt
gezien. Het ten behoeve van het gebruik als levende aas aanhaken van een
volledig bij bewustzijn zijnde vis door middel van doorboring van
een vishaak in de bek, rug of staart wordt in grote delen van de
samenleving gezien als een onaanvaardbare mishandeling van dieren. De Dierenbescherming
heeft er in haar advies terecht op gewezen dat het verbod ook dient te
gelden voor gewervelde dieren als amfibieën, reptielen, vogels en
zoogdieren. Hoewel het gebruik van gewervelde dieren als levend aas in
Nederland thans niet veel lijkt voor te komen, valt niet uit te sluiten
dat bij een enkel verbod van het gebruik van levende aasvis naar een
ander type levend aas Het gebruik van levend
aas als vangstmethode komt voornamelijk voor in de sportvisserij en dan
met name op roofvissen, zoals de snoek en de snoekbaars. Als levend aas
wordt in Nederland meestal gebruik gemaakt van een blankvoorn of andere
karperachtige bij het vangen van snoek en van spiering bij het vissen op
snoekbaars. Als alternatieve vangstmethode dient vooral het gebruik van
kunstaas. Het gaat dan om een andere vismethode, die ook andere
vangstresultaten oplevert. De in eerste instantie
ingeslagen weg om door middel van zelfregulering te komen tot een afbouw
van het gebruik van levend aas was vooral gekozen om daarmee draagvlak
onder de vissers te verkrijgen. Het gegeven dat deze opzet niet tot het
gewenste resultaat heeft geleid doet veronderstellen dat het draagvlak
voor een wettelijk verbod onder de vissers niet erg groot zal zijn. Adviezen zijn ontvangen
van de Nederlandse Vereniging van Sportvissersfederaties (NVVS), de
Organisatie ter Verbetering van de Binnenvisserij (OVB), de Nederlandse
Vereniging tot Bescherming van Dieren (Dierenbescherming), de Vereniging
Landelijke Organisatie DIBEVO en de Vereniging van Nederlandse Autonome
Sportvisserij Organisaties (NASO). De NVVS, NASO en de DIBEVO zijn tegen
de invoering van het onderhavige verbod. Zij zijn van mening dat zij
onvoldoende de tijd hebben gehad om door middel van zelfregulering het
gebruik van levend aas tegen te gaan. Zij stellen dat het onderhavige
verbod nauwelijks draagvlak heeft in de sector. De DIBEVO claimt daarbij
schade te zullen leiden door de invoering van het verbod per 1-1-97.
Deze BESLUIT Besluit van 14 april 1997, houdende de instelling van een verbod op het gebruik van levend aas (Besluit verbod gebruik van levend aas) Wij
Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Op de voordracht
van Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 15 juli
1996, nr J966991; Hebben goedgevonden en verstaan: Artikel 1 In aanvulling op artikel 1, tweede lid, van de Visserijwet 1963 wordt in dit besluit mede verstaan onder vis: vissen (Pisces) van de niet door Onze Minister aangewezen soorten. Artikel 2 Het is verboden bij het vissen in de wateren, bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder c en d, van de Visserijwet 1963, levende vissen, amfibieën, reptielen, vogels of zoogdieren als aas te gebruiken. Artikel 3 Indien het bij koninklijke boodschap van 10 januari 1990 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Visserijwet 1963, kamerstukken II 1989/90, 21 436, nr 2, tot wet wordt verheven en in werking treedt, treedt dit besluit op hetzelfde tijdstip in werking als artikel I, onderdeel C, van de wet. Artikel 4 Dit besluit wordt
aangehaald als: Besluit verbod gebruik van levend aas. 's-Gravenhage, 14 april 1997
De Minister van
Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, Uitgegeven de dertiende mei 1997
De Minister van Justitie, MEMORIE VAN TOELICHTING Artikel 1 Ingevolge artikel 1, tweede lid, van de Visserijwet 1963 wordt in deze wet onder "vis" verstaan de door de Minister van LNV aangewezen soorten vissen. De aangewezen soorten betreffen de in Nederland in het wild voorkomende vissen, waarvoor met het oog op een doelmatige bevissing van die soorten overheidsregulering noodzakelijk is gebleken. Teneinde uit te sluiten dat bij de instelling van een verbod op het gebruik van levende aasvis uitgeweken wordt naar meer exotische vissoorten wordt in het kader van dit besluit onder "vis" tevens de niet door de minister aangewezen soorten vissen vallende onder de benaming "Pisces" begrepen. Als bijkomend voordeel voor de verruiming van het begrip "vis" geldt dat daarmee een ongewenste introductie van niet in het wild voorkomende vissen in de Nederlandse wateren wordt voorkomen. Naar aanleiding van het advies van de Dierenbescherming geldt het verbod op het gebruik van levende dieren als aas ook voor gewervelde dieren als amfibieën, reptielen, vogels en zoogdieren. Artikel 2 In de zeevisserij wordt in Nederland geen gebruik gemaakt van levend aas. Om die reden wordt het verbod thans beperkt tot de kust- en binnenwateren. Dit sluit niet uit dat, mocht op termijn blijken dat ook in de visserij op zee gebruik wordt gemaakt van levend aas, het verbod alsnog voor de zeevisserij kan worden uitgebreid. Artikel 3 Daar dit besluit steunt
op de bij het voorstel van wet tot wijziging van de Visserijwet 1963 te
wijzigen artikel 2c, wordt de inwerkingtreding gekoppeld aan de
inwerkingtreding van die wet. Zoals hierboven onder
"handhaving" reeds is aangegeven zal de inwerkingtreding niet
eerder plaatsvinden dan nadat de handhaving van het onderhavige verbod
adequaat is geregeld. (Bron: Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij) |