Na het zeer goed voorziene ontbijt vragen we de eigenaar waar we ergens de tent zouden kunnen drogen. Hij raadt ons Valle Verzasce aan, wat een zeer mooie vallei is en waar we hogerop de tent op rotsen van de rivierbedding kunnen drogen. Zo gezegd zo gedaan, en tegen het eind van de middag is onze tent weer droog, zodat we het allemaal weer wat positiever gaan inzien. En na nog wat rondslenteren in Locarno en nog een keer van de zonsondergang genieten, gaan we een tweede rustige nacht tegemoet.
We reizen vandaag weer terug naar Wallis. Voor de vakantie hadden we een lijstje met bezienswaardigheden opgesteld, en we zijn vastbesloten om dat proberen af te werken. Eén van de dingen op die lijst is het ondergronds meer in St Leonard (even ten oosten van Sion). Dit meer (lac souterrain) is in 1946 ontstaan na een aardbeving. Vermoedelijk komt het water van een gletsjer af, maar dat weet men niet zeker.
Sinds zijn ontstaan heeft men in St Leonard er alles aan gedaan om het meer te behouden en er een toeristische attraktie van te maken. Men heeft op een gegeven moment al het water er tijdelijk uitgepompt om vervolgens met zwaar materieel alle gaten in de grot te dichten, en het plafond te versterken. Het plafond biedt daardoor een vreemde aanblik, omdat het bezaaid is met enorme moeren aan het eind van even enorme bouten. De langste bouten zijn 57 m lang. Na die aktie heeft men het oorspronkelijke water weer teruggepompt.
Na het ondergrondse meer te hebben bekeken gaan we naar een hotel in Mürel om van daaruit morgen de Aletsch gletsjer te bekijken.
We gaan met de gondel omhoog naar Riedelalp waar we om 11.30 uur beginnen met de wandeling naar de Aletsch gletsjer. Het is een fraaie tocht met afwisselend uitzichten op dalen, bergen, en paden door bossen. Als de gletsjer in zicht komt is het nog een heel eind voordat we er in de buurt komen. Het is dan ook de grootste gletsjer in Zwitserland. Dichterbij blijkt hoe ruw het gletsjer-oppervlak is. Het lijkt wel volledig uit verticaal staande scherpe ijsplaten te bestaan waar overheen stenen en zand zijn gestrooid.
De terugweg volgen we de borden richting Riederalp weer, maar niet geheel met succes. De tijden die op de borden staan aangegeven lijken wel met een dobbelsteen te zijn bepaald. Het eerste bordje geeft aan dat het nog 1 uur 40 minuten naar Riederalp is. Na een half uur stijgen geeft het volgende bordje aan dat het nog 1 uur 30 minuten is. Zo'n 5 minuten verder staat een bordje wat meldt dat het nog maar 40 minuten is. Dan verdwijnt Riedelalp helemaal van de richtingaanwijzers. Met hulp van een Nederlander die daar toevallig loopt komen we weer op het goede pad terecht en meldt het bordje dat het nog 1 uur 10 minuten zal duren. Even later wordt die schatting op een nieuw bordje bijgesteld tot 1 uur 15 minuten. Uiteindelijk zijn we na een klein uur om 17.30 uur weer terug bij de gondel.
We rijden door naar Brig, vinden een hotel, en trakteren onszelf net buiten Brig op Mac Donalds.
Op naar Zermatt en de Matterhorn. Eerst naar Täsch en vanaf daar met een treintje naar Zermatt. Vervolgens gaan we vanuit Zermatt met de tandradbaan naar Gornergrat, wat een godsvermogen kost: bijna 40 euro per persoon voor een retourtje. Het uitzicht op de Matterhorn is zeer fraai. Er kleven een paar wolken tegen de zijkant waardoor we niet de hele berg zien, maar het is toch een indrukwekkende piek. We zijn van Gornergrat naar beneden gewandeld tot Riffelalp. Een leuke route die net onder de boomgrens eindigt.