5 mei 2001
Pleidooi voor coëxistentie tussen mondige patiënten, alternatieve genezers en traditionele geneeskundige heroepsbeoefenaars.
Auteur: Omayra Leeflang
eMail address: [email protected]
Dat Florence Nightingale de moeder van de verpleegkunde is, is internationaal
gemeengoed, echter maar weinigen beseffen, dat ze ook de pionier is van
de liberalisering van de geneeskunde. Toen Florence Nightingale tijdens
de Krimoorlog de basis voor een efficiënte verpleging legde, had ze
een pittige tegenstand te duchten van de militaire medische staf die zich
tegen haar werk verzette.
De overweging die ten grondslag lag aan het verzet van de medische
staf staat opgetekend in het lexicon van historische vergissingen en luidt
: "...de inzet van verpleegsters zal een schadelijke werking hebben op
de medische discipline en de genezing van de patiënten." In onze tijd
zou een dergelijke uitspraak voldoende zijn om iemand onder strikte behandeling
te stellen van een psychiater.
Echter in die tijd deelden artsen deze mening van harte. Geneeskunst
was immers in z'n totaliteit de monopolie van de artsen. Zelfs de tandheelkunde
werd indertijd als terrein van de arts beschouwd.
Maar Florence Nightingale zocht ondanks alle stugge verzet van medici
niet de confrontatie op maar won met veel moeite langzaam het vertrouwen
van de artsen. Ik heb begrepen dat deze stugge doorzettingsvermogen één
van de succes drijfveren is van de ODEAN en dat verpleegkundigen zoals
o.a zuster Monica Kappel in moeilijke tijden na het heengaan van de oprichtster
van ODEAN, wijlen zuster Jos Wouter, de vereniging in het leven hebben
gehouden. Nightingale zorgde ervoor dat het sterfte cijfer onder de zieke
en gewonde soldaten aanzienlijk omlaag ging.
Feiten zijn koppige zaken waarvoor men niet ongehinderd de ogen kan
sluiten. Het is Nigthingale niet alleen gelukt erkenning voor het werk
van de verpleging te krijgen, maar ze legde waarschijnlijk geheel onbewust
een basis voor de liberalisering van de geneeskunst. Door haar succes story
werd een belangrijk terrein van de geneeskunst die toen nog alleen aan
artsen voorbehouden was aan de verpleging toevertrouwd.
Uit de boekencollectie van wijlen Jacques Leeflang, broeder Leeflang,
zoals mijn vader werd genoemd, kwam ik het boek Voorlezingen voor de Ziekenverpleging,
van oud-geneesheer directeur, Dr. Stumpff, tegen waaruit ik het volgende
citaat voorlees: "Vergeet nooit dat onze ziekenverpleging ontsproten is
uit de religieuze verpleging...
en dat eerst later hieruit ontwikkeld is: een kunst, waarin ook de
wetenschap een ruime plaats heeft ingenomen " Een schril contrast met de
historische vergissing over het belang van de ziekenverpleging waartegen
Nightingale zo strategisch moedig heeft gestreden.
Ook in de Nederlandse Antillen is de basis van de gezondheidszorg gelegd door religieuze en particuliere initiatieven. Pas rond de eeuwwisseling groeide bij de overheid het inzicht dat met het nemen van maatregelen, bijvoorbeeld op let gebied van de hygiëne, ziekte kon worden voorkomen. Daarnaast groeide ook het sociale bewustzijn, zodat de overheid zich verantwoordelijk ging voelen voor de gezondheidstoestand van de gehele bevolking.
Door de jaren heen werden langzaam maar zeker steeds deelgebieden van de geneeskunst vrijgegeven aan andere beroepsbeoefenaren zoals paramedische beroepsbeoefenaren physiotherapeuten, diëtisten, mondhygiënistes, orthopisten etc. Maar ook voor ander beroeps-beoefenaars zoals apothekers, apothekersassistenten en verpleegkundigen werden wettelijke regelingen getroffen.
Ondanks het toelaten van andere medische disciplines op deelgebieden
van de geneeskunde kan gesteld worden dat in onze huidige wetgeving de
monopolie van de geneeskunst in principe bij artsen is in volle omvang
en bij verloskundigen, tandartsen, apothekers in beperkte omvang.
Als gevolg van deze monopolie op de geneeskunst is ieder ander die
zich zelfstandig bezig houdt met de uitoefening van de geneeskunst in overtreding
van de wet.
Formeel zou dus de inspectie van de Volksgezondheid kunnen optreden
tegen iedereen die onbevoegd de geneeskunst uitoefend.
De vraag is of deze bij de wet vastgelegde monopolie van de geneeskunde
wel houdbaar is in deze tijd van liberalisering van de kennis omdat informatie
via de elektronische supersnelweg slechts op vingertop afstand in geschreven
en gesproken woord en beeld beschikbaar is ?
Is de monopolie op de geneeskunst wel te handhaven nu wereldwijd de
alternatieve geneeswijze steeds meer formele erkenning krijgt. Ik wil nu
een recent verschenen Zuid-Afrikaanse model van erkenning van de alternatieve
geneeswijzen met u delen:
In het Algemeen Dagblad van 7 April 2001 verscheen het artikel:
Zuid Afrikaans rapport: Knoflook helpt tegen aids.
Zuid Afrika kan maar niet besluiten boe het de aids-epidemie moet bestrijden. In een recent verschenen rapport is de scheiding der geesten tussen -wetenschappers haarscherp te zien. Terwijl traditionele wetenschappers vasthouden aan westerse medicijnen, kiezen de zogeheten dissidenten voor een hoek die akelig tocht bij kwakzalvers komt Knoflook, Chinese komkommer, aloe vera en ginseng presenteren zij als uitstekende middelen om aids te lijf te gaan. Het door president Mbeki benoemde panel is tweemaal bijeen geweest om de aanbevelingen op te stellen. In heide zittingen vlogen de wetenschappers elkaar woedend in de haren. Uiteindelijk is nu een verslag verschenen waarin beide visies gewoon naast elkaar zijn gelegd Serieuze -wetenschappers pleiten in het rapport voor standaardiseren van testen, toedienen van aids-remmers en betere seksuele voorlichting. De zogeheten dissidenten zoeken het in de alternatieve hoek. Zij vinden dat gestopt moet worden met het verstrekken van westerse medicijnen en het uitvoeren van testen. Aids wordt volgens hen veroorzaakt doordat druggebruik of chronische armoede het afweersysteem van het lichaam lamlegt. Eén van de dissidente panelleden, de Amerikaanse wetenschapper David Rasnick gooide gisteren nog wat olie op het vuur door te beweren dat aids niet besmettelijk is en niet seksueel overdraagbaar. Sterker nog volgens Rasnick bestaat aids niet eens".
Het zou interessant zijn om te weten of de Amerikaanse Rasnick, als voorstander van de non-therapie voor aids z'n medische diensten aan Amerikaanse patiënten kan aanbieden zonder het risico van een faillissement omwille van te betalen schade vergoeding.
U weet misschien dat ik onlangs samen met een oud-verpleegkundige, mevr.
Fox, met een kruistocht ben begonnen voor vergoeding van medische behandelingen
ivm zowel kankerpreventie in het algemeen en vergoeding van borst-implantaten
bij medische geïndiceerde borst-operaties in het ) zon( er. Tijdens
mijn research kwam ik in aanraking met de informatie dat de FDA z'n keurmerk
op de silicone-borst-implantaten heeft ingetrokken. De reden hiervoor was
dat verschillende rechtszaken van patiënten die het silicone implantaat
hadden tegen de fabrikanten hiervan zo dramatisch succesvol waren dat een
aantal grote fabrikanten failliet zijn gegaan.
De FDA geeft z'n keurmerk nog wel aan de saline (zoutwater oplossing)
borst-implantaten.
Tot mijn grote verwondering las ik in een nederlandse brochure over
borst-implantaten een totaal tegengestelde mening.
De plastisch chirurg Professor Nicolai verbonden aan het Academisch
Ziekenhuis Groningen schrijft het volgende over de silicone borst-implantaat
in de brochure Mentor.
"Al het wetenschappelijk onderzoek bewijst tot op heden dat het materiaal
na implantatie in het lichaam geen ziekten veroorzaakt zoals kanker, immuun-ziekte,
bindweefsel-ziekte, chronisch moeheid-syndroom etc.
Het recht systeem in de USA verschilt wezenlijk van de onze Zo zelfs
dat het daar een vruchtbare voedingsbodem is voor allerlei financiële
genoegdoeningen en schikkingen Zonder te hoeven bewijzen dat iemands ziekte
iets te maken heeft met een silicone of andersoortig implantaat, kan men
geld verdienen De advocaten krijgen een percentage van het smartegeld Na
de fabrikanten van silicone borst-implantaten zijn nu fabrikanten van andere
implantaten aan de beurt om door advocaten te -worden "uitgekleed" Gelukkig
bestaat zo'n rechtssysteem niet bIj ons. De rechter zal bier altijjd afgaan
op wetenschappelijk bewijs dat eventuele klachten inderdaad het gevolg
zijn van een implantaat Buiten de USA zijn er slechts sporadisch rechtszaken
geweest over silicone borst-implantaten Tot op heden zijn er steeds meer
bewijzen, dat siliconen geen ziekten veroorzaken.
Aan de hulpvrager de vraag" Who's report are you going to believe ?
Aan de medische hulpverlener de vraag: Welke informatie geeft u ?
Sinds jaar en dag wordt op Curaçao het verbod op de zelfstandige uitoefening van de geneeskunst door onbevoegden op grote schaal oogluikend toegestaan, maar overtreden. De taak van de inspectie is om overtreding van het verbod op de uitoefening van de zelfstandige geneeskunst te signaleren en deze onder de aandacht te brengen van het openbaar ministerie. De ervaring leert dat het OM gezien de werkdruk niet erg geneigd is op te treden tegen het onbevoegd uitoefenen van de geneeskunst. Wel is bekend dat wanneer het onbevoegd uitoefenen van de geneeskunst gepaard gaat met verzwarende omstandigheden zoals verrichten van voorbehouden handelingen, het schade veroorzaken aan de gezondheid van de ander en kennelijk bedrog of misbruik van titel, de vervolging wordt ingezet. En de gemeenschap neemt daarvan dan kennis van via de media.
Ook in het regeer-akkoord van de huidige regering is duidelijk aangeven
dat partijen voorstander zijn van regulering van de alternatieve geneeswijze.
De ham-vraag is: Wat zijn de grenzen van de alternatieve geneeswijze
?
Volgens de encyclopedische definitie vallen onder alternatieve geneeswijzen
alle vormen van diagnostiek en therapie, die niet op de medische faculteit
worden onderwezen. De meest bekende zijn: acupunctuur, homeopathie, manuele
therapie, iriscopie, paranormale geneeskunde en moermantherapie (een vorm
van voedingstherapie).
Indien we de maatschappelijke en internationale trends ivm de gezondheidszorg
volgen zoals die hierboven zijn beschreven in termen van mondige patiënten,
liberalisering van de geneeskundige informatie en toelating van alternatieve
geneeswijze, dan pleit die ontwikkeling voor actie waardoor de "coëxistentie
tussen mondige patiënten, alternatieve genezers en traditionele geneeskunde
beroepsbeoefenaren" mogelijk wordt.
Ik pleit derhalve voor de opheffing van de monopolie op de geneeskunde
dus liberalisering van de geneeskunde en over te gaan tot titel-bescherming
in plaats van beroepsbescherming.
De Surinaamse oud-directeur van Centrale opleidingen Verpleegkundigen
en aanverwante Beroepen (COVAB) mevr. Willy Vinckwolk-Leeflang poneerde
in haar in 1998 gepresenteerde voordracht ter gelegenheid van de Nurses'
Week de stelling: Het verleden is onze erfenis; het heden onze verantwoordelijkheid
en de toekomst onze uitdaging.
Wij dragen vandaag de verantwoordelijkheid voor de modernisering van
de geneeskunst om de uitdaging van de toekomst aan te kunnen.
Een dode vis beweegt zich ook in een stroomversnelling. Wij kunnen
nu kiezen om een dode vis te zijn in de geneeskundige stroomversnelling
door vast te houden aan oude wetten die slechts papieren tijgers zijn of
een actieve rol te spelen in de stroomversnelling en de uitdaging van liberalisering
van de geneeskunde vandaag krachtdadig ter hand te nemen.
We kunnen ook stil blijven zitten en lijdzaam toezien hoe de chaos
zich ontpopt totdat we te maken krijgen met knoflook-taferelen.
Tenslotte kunnen we ook hopen dat het tij het schip keert doordat juristen geïnspireerd raken door hun Amerikaanse groepsgenoten en allerlei wilde pogingen gaan wagen opzoek naar mogelijkheden om Cura-Amerikaanse medische law suits hier te kunnen uitvoeren.
Wanneer we echter bereid zijn o m onze verantwoordelijkheid te dragen en de uitdaging van de New era for action aan te gaan, hoeven we het wiel niet uit te vinden.
In Nederland is de wetgever ons al voorgegaan en heeft op basis van
dezelfde uitdagingen van de moderne maatschappij middels de BIG-wet gezorgd
voor "coëxistentie tussen mondige patiënten, alternatieve genezers
en traditionele geneeskunde heroepsbeoefenaars."
Het is de langst behandelde wet geweest in de parlementaire geschiedenis
van Nederland.
In 1981 presenteerde de regering een voorontwerp, die in 1993 werd
gepubliceerd en fasegewijze werd ingevoerd vanaf 1995 te beginnen met de
verpleegkundigen.
De voornaamste toegevoegde waarde van de BIG-wet is dat ie ree? geneeskundige
handelingen mag uitvoeren met uitzondering van de in de BIG-wet genoemde
voorbehouden handelingen. De restrictie op voorbehouden handelingen houdt
in de wet genoemde geneeskundige handelingen slechts door bevoegde beroepsbeoefenaren
mogen worden uitgevoerd. Deze bevoegde beroepsbeoefenaren zijn ondergebracht
in artikel-3 van de BIG-wet. De artikel-3 beroepen zijn: Arts, tandarts,
apotheker, klinisch psycholoog, psychotherapeut, fysiotherapeut, verloskundige
en verpleegkundige. Iedere persoon die een van deze beroepen uitoefent
dient zich tegenwoordig dan ook te registreren, waardoor men bevoegd is
om voorbehouden handelingen uit te voeren en bevoegd is om de geneeskunst
uit te oefenen.
Zoals ik ergens hierboven al zei is de overheid verantwoordelijk voor
de gezondheidstoestand van de gehele bevolking.
De vraag is of de liberalisering van de geneeskunde zoals de BIG-wet
dat doet door toe te staan, dat iedereen geneeskundige handelingen mag
uitvoeren met uitzondering van de in de BIG-wet genoemde voorbehouden handelingen,
voldoende bescherming biedt aan patiënten.
Het Nederlands Parlement vond dat blijkbaar wel en er zijn ook heel
duidelijke beschermingen te noemen in de BIG-wet.
1. Titel-bescherming.
Een hulpvrager kan uit de titel die iemand voert opmaken of hij te
maken heeft met een beroepsbeoefenaar die volgens de wettelijke eisen is
opgeleid en dus door de wet is erkend als deskundige. De titel bescherming
stelt de hulpvrager dus in staat om een keuze te maken tussen de verschillende
categorieën van beroepsbeoefenaren.
2. Voorbehouden handelingen.
Volgens de BIG-wet mogen niet alle geneeskundige handelingen zo maar
door iedereen worden verricht. Voor handelingen waaraan voor de patiënt
grote risico?s Zijn verbonden, geldt een speciale regeling. Volgens die
regeling mogen risicovolle handelingen uitsluitend worden verricht door
of onder verantwoordelijkheid van beroepsbeoefenaren die ter zake voldoende
bekwaam zijn.
3. Straf-maatregelen.
Iemand die volgens de wet niet deskundig is en toch een handeling uitvoert
aan strafrechtelijk worden vervolgd wanneer z'n handelswijze schade aan
de patiënt veroorzaakt.
4. Tuchtrecht.
Behalve voor artsen en verloskundigen Is het voor de andere artikel
3 beroepen nieuw dat ze onder de tuchtrecht vallen. Dat betekent dat indien
deze beroepsbeoefenaren niet de zorg verlenen die van een goed beroepsbeoefenaar
mag worden verwacht, de tuchtrechter hen ter verantwoording kan roepen
en hen tuchtmaatregelen kan opleggen.
Ik heb u lang bezig gehouden met mijn pleidooi over de noodzaak van
liberalisering van de geneeskunde om zo een coëxistentie tussen mondige
patiënten, alternatieve genezers en traditionele geneeskundige beroepsbeoefenaren
te kunnen bereiken.
We hebben daarbij gekeken naar uitersten zowel op het gebied van de
erkenning van alternatieve geneeswijzen, het Knoflook model en het grensloze
patiënten-recht, dat ontaard in het Goudmijn-model van de Amerikaanse
law suits. Tenslotte hebben we in vogelvlucht gekeken naar het Nederlands
model van liberalisering van de geneeskunst met de BIG-wet.
We hebben gezien dat de BIG-wet een evenwicht schept tussen beroepsvrijheid
en bescherming van de hulpvrager.
De Nederlandse BIG-wet is een omvangrijke wet en werd zelfs in Nederland
in fasen ingevoerd. Ik pleit daarom ook niet voor de complete invoering
van de Nederlandse BIG-wet. Wel pleit ik voor een Antilliaanse BIG-wet-versie,
waarin de elementen:
1. Titel bescherming en registratie
2. Voorbehouden handelingen
3. Tuchtrecht
4. Strafmaatregelen
5. Behandelingsovereenkomst tussen hulpvrager en beroepsbeoefenaar
zijn opgenomen.
In de "New Era for Action" kunnen we kiezen tussen bewegen als een dode
vis in de geneeskundige stroomversnelling of zwemmen als een levende vis.
Ik ben ervan overtuigd dat u zult kiezen voor actie. Ik hoop door dit pleidooi
voor liberalisatie van de geneeskunde op weg naar "coëxistentie tussen
mondige patiënten, alternatieve genezers en traditionele geneeskundige
beroepsbeoefenaren" daartoe iets te hebben kunnen bijdragen.
Ik dank u voor uw aandacht.
Pleidooi voor coëxistentie tussen mondige patiënten, alternatieve
genezers en traditionele geneeskundige heroepsbeoefenaars.
Auteur: Omayra Leeflang
eMail address: [email protected]