|
|
Population:
Population:
30,122,350
(July 2000 est.)
Age structure: 0-14 years: 35%
(male
5,372,393; female
5,175,114)
15-64 years:
60% (male 9,021,259; female 9,163,548)
65 years and
over: 5%
(male 632,698;
female 757,338) (2000 est.)
Population
growth rate: 1.74% (2000 est.)
Birth rate:
24.6 births/1,000 population (2000 est.)
Death rate:
6.02 deaths/1,000 population (2000 est.)
Net migration
rate: -1.21 migrant(s)/1,000 population (2000 est.)
Sex ratio: at
birth: 1.05 male(s)/female
under 15
years: 1.04 male(s)/female
15-64 years:
0.98 male(s)/female
65 years and
over: 0.84 male(s)/female
total
population: 1 male(s)/female (2000 est.)
Infant
mortality rate: 49.72 deaths/1,000 live
births (2000
est.)
Life
expectancy at birth:
total
population: 69.13 years
male: 66.92
years
female: 71.44
years (2000 est.)
Total
fertility rate: 3.13 children born/woman (2000 est.)
Nationality: noun: Moroccan(s)
adjective:
Moroccan
Ethnic groups:
Arab-Berber 99.1%, other 0.7%, Jewish 0.2%
Religions:
Muslim 98.7%, Christian 1.1%, Jewish 0.2%
Languages:
Arabic (official), Berber dialects, French often the
language of business, government, and diplomacy
Literacy: definition: age 15 and over can
read and write
total
population: 43.7% male:
56.6% female:
31% (1995 est.)
|
|
Location:
Northern Africa, bordering the North Atlantic Ocean and the
Mediterranean Sea, between Algeria and Western Sahara
Geographic
coordinates: 32 00 N, 5 00 W
Map
references: Africa Area:
total:
446,550 sq km water:
250 sq km
Area -
comparative: slightly larger than California
Land
boundaries: total:
2,017.9 km
border
countries: Algeria 1,559 km, Western Sahara 443 km, Spain
(Ceuta) 6.3 km, Spain (Melilla) 9.6 km
Coastline:
1,835 km
Maritime
claims: contiguous
zone: 24 nm
continental
shelf: 200-m depth or to the depth of exploitation
exclusive
economic zone: 200 nm
territorial
sea: 12 nm
Climate:
Mediterranean, becoming more extreme in the interior
Terrain:
northern coast and interior are mountainous with large areas
of bordering plateaus, intermontane valleys, and rich coastal plains
Elevation
extremes: lowest
point: Sebkha Tah -55 m
highest point:
Jebel Toubkal 4,165 m
Natural
resources: phosphates, iron ore, manganese, lead, zinc, fish,
salt
Land use: arable land: 21%
permanent
crops: 1%
permanent
pastures: 47%
forests and
woodland: 20%
other: 11%
(1993 est.)
Irrigated
land: 12,580 sq km (1993 est.)
Natural
hazards: northern mountains geologically unstable and subject
to earthquakes; periodic droughts
Environment -
current issues: land degradation/desertification (soil
erosion resulting from farming of marginal areas, overgrazing,
destruction of vegetation); water supplies contaminated by raw sewage;
siltation of reservoirs; oil pollution of coastal waters
Environment -
international agreements:
party to:
Biodiversity, Climate Change, Desertification, Endangered
Species, Hazardous Wastes, Marine Dumping, Nuclear Test Ban, Ozone
Layer Protection, Ship Pollution, Wetlands
signed, but
not ratified: Environmental Modification, Law of the Sea
Geography -
note: strategic location along
Strait of Gibraltar
|
(officieel:
al-Mamlaka al-Maghribiya, oftewel: "het westelijke
koninkrijk") is een land met ongeveer 33 miljoen inwoners in het
uiterste noordwesten van Afrika.
De hoofdstad van Marokko is Rabat, en de huidige koning heet Mohammed
VI; hij volgde zijn vader Hassan II op na diens overlijden in 1999.
Marokko is een land met een boeiende geschiedenis en een rijke cultuur.
Met name de vier zogeheten "koningssteden" (de huidige en vroegere
hoofdsteden; naast Rabat zijn dat Fès, Marrakech en
Meknès) hebben
bezoekers veel te bieden.
De medersa (religieuze school) Bou Inania te Fes
De metropool Casablanca, met ruim drie miljoen inwoners de grootste
stad van Marokko, en de havenstad Tanger aan de Straat van Gibraltar
zijn eveneens het bezoeken waard, maar ook buiten de steden is Marokko
een interessante toeristische bestemming; zo kan men 's winters in het
Atlasgebergte terecht om te skiën en te langlaufen.
Toch speelt het toerisme in Marokko nog een relatief bescheiden rol,
vergeleken met veel andere landen aan de Middellandse Zee.
De belangrijkste bron van buitenlandse inkomsten vormen de in het
buitenland levende Marokkanen die regelmatig geld overmaken naar hun
familie in Marokko.
(Volgens tellingen van het CBS woonden er in 2002 een kleine 300.000
Marokkanen van de eerste en tweede generatie in Nederland.)
Deze site bevat informatie over o.a. volk en
cultuur, geschiedenis en
moderne politiek; daarnaast is aandacht besteed aan de belangrijkste
steden.
We hopen dat de site nuttig zal zijn bij het plannen van een vakantie
of een stedentrip, maar ook bijvoorbeeld bij het voorbereiden van een
opstel of spreekbeurt over Marokko |
|
Volk
en cultuur
Marokko heeft ongeveer 33 miljoen inwoners.
Het land heeft een heel jonge bevolking: meer dan de helft is jonger
dan 20 jaar.
De oorspronkelijke bewoners waren Berbers, een volk dat over heel
Noord-Afrika was verspreid.
Nog steeds vormen Berbers de grootste bevolkingsgroep.
Op de tweede plaats komen de Arabieren, die Marokko in de 7e en 8e eeuw
veroverden en de islam introduceerden.
Het onderscheid tussen Berbers en Arabieren is tegenwoordig soms
moeilijk te maken, omdat er veel gemengde huwelijken zijn.
De Berbers –met een eigen taal– zijn het
duidelijkst terug te vinden in het noordelijke Rifgebergte.
Die Berbertaal –het belangrijkste dialect heet
Tamazight– wordt alleen gesproken, er bestaat geen geschreven
versie van.
Daarom is het Arabisch de officiële taal van Marokko.
Door de vroegere Franse overheersing spreken veel Marokkanen ook
vloeiend Frans.
Vrouwen
In moderne steden als Rabat en Casablanca nemen vrouwen volop deel aan
het openbare leven, maar in traditionele gezinnen heeft de vrouw een
dienende rol.
Toch verandert er wel iets op dat gebied.
In februari 2004 nam Marokko een opvallende stap: het familierecht werd
ingrijpend gewijzigd.
De Marokkaanse vrouw werd bevrijd van haar ondergeschikte positie in
het huwelijk en ze kreeg meer rechten.
Zo is de plicht tot gehoorzaamheid aan de man vervallen.
Er is nu sprake van wederzijdse rechten en plichten.
Verder is de huwelijksleeftijd van meisjes verhoogd van 15 naar 18
jaar, al kan de rechter hierop uitzonderingen maken.
Het dagelijks leven in Marokko is doordrenkt van het geloof, de islam.
Vijf keer per dag roept de zogeheten muezzin de moslims op om te
bidden: net na zonsopgang, om 12 uur ’s middags, halverwege
de middag,
net na zonsondergang en later op de avond.
Marokkaanse mannen gaan dan naar de moskee om hun moslimplicht te
vervullen.
Marokkaanse moskee
De jaarlijkse vastenmaand Ramadan heeft grote
invloed op het openbare
leven.
Tussen zonsopgang en zonsondergang vasten de Marokkanen.
Jonge kinderen zijn daarvan vrijgesteld en uiteraard hoeven
niet-moslims zich ook niet aan de islamitische regels te houden.
Deze groepen mogen overdag wel eten, maar als iemand dat in het
openbaar doet, dan wordt dat beschouwd als een grove schending van de
Ramadan.
De zonsondergang tijdens Ramadan is een feestelijke gebeurtenis: dan
mag er eindelijk weer gegeten worden.
Traditioneel gebeurt dat met het eten van harira, een soep gemaakt van
kikkererwten, linzen en soms ook kip.
Koningssteden
Marokko heeft vier "koningssteden": Marrakech, Fès,
Meknès en Rabat.
Deze steden worden zo genoemd, omdat ze ooit door een sultan tot
hoofdstad werden uitgeroepen.
In deze steden zijn prachtige voorbeelden te zien van oude islamitische
bouwkunst, die vooral tot uiting komt in de vele moskeeën en
koranscholen.
Huis en decoratie
Traditionele huizen zijn altijd gebouwd rond een binnenplaats.
In kleinere huizen is dat een betegelde ruimte, bij grotere huizen vaak
een mooi aangelegde tuin.
Daaromheen liggen aparte vertrekken voor mannen en vrouwen.
Veel muren en deuren zijn mooi versierd.
Omdat de islam het afbeelden van levende wezens verbiedt, zie je overal
in Marokko prachtige geometrische figuren en kleurrijke
mozaïeken op
zuilen, wanden, vloeren, plafonds en fonteinen.
De maaltijden zijn belangrijke sociale momenten in het leven van
Marokkanen.
Ze eten vaak gezamenlijk rond een grote schaal die volgestapeld ligt
met voedsel.
Het eten wordt met de hand (de rechterhand!) van de schaal gepakt.
Mannen en vrouwen eten apart; de mannen eerst.
Tajine is een populair gerecht: een stoofschotel die wordt bereid in
een aardewerken pan met een vulkaanvormig deksel.
Couscous wordt in heel Noord-Afrika gegeten maar is van oorsprong
Marokkaans.
Meestal wordt het gerecht geserveerd op vrijdag —de heilige
dag.
Couscous wordt gemaakt van een graansoort die bestaat uit kleine
korreltjes.
Het wordt gestoomd en geserveerd met vlees en meestal zeven
verschillende groenten (zeven is een magisch getal).
Bij de bereiding worden kruidenmengsels gebruikt, die van moeder op
dochter worden overgebracht.
Zo kent iedere familie zijn eigen recept voor
couscous.
Kefta (gekruide gehaktballetjes aan een spies) en mechoui (geroosterd
lamsvlees) zijn andere hoogtepunten van de Marokkaanse keuken.
Marokko: het serveren van muntthee
En dan is er natuurlijk de muntthee, altijd bereid volgens een vast
ritueel.
De basis is groene thee, waaraan blaadjes munt worden toegevoegd.
Dan gaat er suiker in het theepotje, véél suiker.
De thee wordt geserveerd in kleine glaasjes.
Bij het inschenken wordt de theepot eerst heel hoog gehouden om dan met
een vloeiende beweging omlaag te worden gebracht.
De ervaren theeschenker morst geen druppeltje.
Na drie glaasjes is het tijd om weer op te stappen.
Dat wordt niet met zoveel woorden gezegd, maar iedere Marokkaan weet
het.
Handig om te weten als je als buitenlander uitgenodigd wordt voor de
thee!
|
Rabat is de vierde koningsstad en de tegenwoordige hoofdstad van
Marokko.
De stad telt ongeveer 560.000 inwoners en is daarmee (na Casablanca)
de op één na grootste van Marokko.
Hoewel de stad uiterst modern aandoet en een kleine medina heeft, is ze
een kleine 1000 jaar oud: Rabat werd rond 1150 gesticht door Abd
el-Moumen, de eerste heerser van de Almohaden-dynastie.
Lang daarvoor echter hadden de Romeinen op deze plaats al een
nederzetting, Sala Colonia geheten (in het Arabisch: Chellah).
In de 12e en 13e eeuw was Rabat de residentie, maar daarna werd de stad
minder belangrijk.
Pas in 1912 maakten de Fransen het weer de hoofdstad.
Koning Mohammed V ligt er begraven (in een indrukwekkend mausoleum dat
ook door niet-moslims bezocht kan worden), evenals zijn zoon Hassan II.
Opvallend in Rabat is de Hassantoren, die deel uitmaakt van de nooit
voltooide moskee van Almohadenvorst Yakoub el-Mansour.
De vuurtoren van Rabat
In het noorden van Rabat bevindt zich een ommuurde vesting, de
Oudaïa Kasba.
Deze werd gesticht door Moulai Ismaïl (zie ook:
Meknès) om de stad tegen vijanden
te beschermen.
In deze kasba bevinden zich onder andere de El-Atika moskee, het oudste
monument van Rabat; de Andalusische Tuin; en het Café Maure.
Ook het mausoleum van de Franse maarschalk Lyautey bevindt zich in
Rabat.
Hij werd in 1912 de eerste Franse gouverneur in Marokko, en spande zich
in om het land economisch te ontwikkelen.
Daarbij zorgde hij er echter steeds voor dat de bestaande
infrastructuur van Marokko en de koningssteden niet werd aangetast: hij
liet telkens buiten de bestaande medina een Ville Nouvelle ("Nieuwe
Stad") bouwen.
Casablanca is, met ruim drie miljoen inwoners, de grootste stad van
Marokko.
In het Arabisch heet de stad Dar el-Beïda, "het witte huis";
en in het Spaans is dat "casa blanca".
In de 7e eeuw n.Chr. was Casablanca nog een klein —maar
strategisch gelegen— Berberdorp.
In de eeuwen daarna groeide Casablanca uit tot een belangrijk
piratennest, en in 1468 werd de stad aangevallen door de Portugezen die
er de kapersvloot verwoestten.
Onder sultan Sidi Mohammed ben Abdallah (18e eeuw) nam het economisch
belang van Casablanca toe, vooral dankzij de haven.
Tijdens het Franse protectoraat groeide Casablanca uit tot
hèt
economisch centrum van Marokko, door toedoen van maarschalk Lyautey, de
gouverneur.
Hij ontwikkelde plannen om de stad en de haven ingrijpend te
moderniseren —een project dat bijna veertig jaar duurde.
Ook nadat Marokko onafhankelijk was geworden, ging de uitbreiding en
modernisering door.
Interieur van de Hassan II-moskee te Casablanca
Zo werd in 1993 de bouw van de grote
Hassan II-moskee voltooid —de grootste ter wereld na die van
Mekka.
De gebedshal, met afmetingen van 200 bij 100 meter, biedt plaats aan
25.000 gelovigen. Het moskee-complex heeft een totale oppervlakte van 9
hectare en is direct aan zee gelegen.
De meeste nieuwbouw vindt men echter in de
Ville Nouvelle ("Nieuwe
Stad").
In dit stadsdeel liggen het Plein van de Verenigde Naties en het
Mohammed V-plein, en de belangrijkste hotels, banken en winkelcentra
zijn hier gevestigd.
Iets meer naar het noorden ligt de oude medina, nog steeds voor een
groot deel omgeven door stadsmuren.
Niet ver ten westen van Fès ligt Meknès. De stad
was maar korte tijd
hoofdstad (van 1675 tot 1728), maar er zijn veel paleizen gebouwd.
Dat gaf Meknès de bijnaam "het Versailles van Marokko".
Meknès telt ongeveer 400.000 inwoners, en is daarmee de
vijfde stad van Marokko.
In Meknès zijn drie stadsdelen te onderscheiden: de medina,
de kasba en de Ville Nouvelle.
Bab Masour el-Aleuj, een van de toegangspoorten tot Meknès
De medina, gelegen in het noordwesten van Meknès, is de oude
stad.
Zij wordt omgeven door een stadsmuur met verschillende, vaak fraai
versierde toegangspoorten.
De bekendste stadspoort is wel de Bab Mansour el-Aleuj uit de 18de
eeuw, te zien op de afbeelding hierboven.
De kasba in het zuiden is de "koninklijke stad", eveneens omgeven door
muren.
Hier bevinden zich paleizen als Dar el-Machzen (gebouwd in de 17de en
18de eeuw), het "waterhuis" Dar el-Ma, en het mausoleum van Moulai
Ismaïl, de grote sultan die
regeerde van 1672 tot 1727.
Hij maakte
Meknès tot zijn residentie en was verantwoordelijk voor
diverse grote
bouwprojecten die de Meknès veranderden van een klein dorp
tot een
belangrijke stad.
Ook verdreef hij de Engelsen uit
Tanger.
De Ville Nouvelle ("Nieuwe Stad") tenslotte is gelegen in het
noordoosten van Meknès, op de rechteroever van de Wadi
(rivier)
Boufekrane.
Fès was hoofdstad, totdat de Fransen kwamen en Rabat
het bestuurscentrum maakten. Het is de oudste van de koningssteden.
De Karaouine-moskee te Fes
Er zijn talrijke monumenten, waaronder de universiteit en het heiligdom
van Moulai Idriss, die de stad heeft gesticht.
De Karaouine moskee uit 859 is een van de oudste en beroemdste
moskeeën in het westelijk deel van
de moslim-wereld.
Het is eeuwenlang een van de belangrijkste spirituele en intellectuele
centra van de Islam geweest, en de moslim-universiteit van
Fès is nog
steeds hier gevestigd.
De medina is een waar doolhof van straatjes en steegjes, waar je je
zonder moeite in de middeleeuwen waant.
Gemotoriseerd verkeer is verboden; ezels zorgen voor het vervoer van
zware spullen.
In het centrum van de medina liggen de leerlooierijen, waar nog op
traditionele manier huiden worden gelooid en geverfd.
Toeristen lopen er vaak rond met een takje mint tegen de neus geduwd,
tegen de stank.
Fes: leerlooierij
De kleur van de stad Fès is kobaltblauw. Dat is duidelijk te
zien aan een van de toegangspoorten tot de stad, de Bab Boujeloud.
De buitenkant heeft een helderblauwe kleur, de binnenkant is groen, de
kleur van de islam.
Fès heeft ook zijn naam gegeven aan een typisch rond en rood
hoofddeksel met een kwastje: de fez.
Fès produceerde de karmozijnrode kleurstof voor het hoedje.
Tanger (in het Arabisch: Tandzja) is een stad
met een kleine 200.000
inwoners, strategisch gelegen aan de Straat van Gibraltar in het
uiterste noorden van Marokko.
De stad Tanger, gezien vanaf de Middellandse Zee
In het jaar 146 v. Chr. werd Tanger (toen nog Tinge geheten) een
Romeinse stad.
Ruim acht eeuwen later (om precies te zijn: in 711) diende Tanger als
uitvalsbasis voor het leger van Arabieren en Berbers dat Spanje zou
gaan veroveren.
In 1471 werd de stad door de Portugezen veroverd.
Vervolgens werd Tanger bestuurd door de Spanjaarden (1578-1640) en
tenslotte door de Engelsen; deze laatsten werden uit de stad verdreven
door Moulai Ismaïl.
Tanger ontwikkelde zich aan het begin van de 20e eeuw tot een zeer
internationale stad, en het aldaar gevestigde corps diplomatique werd,
na ondertekening van de Akte van Algeciras (1906), verantwoordelijk
voor de politieke en economische aangelegenheden van Marokko.
In 1923 kreeg Tanger een internationaal statuut; de stad werd een
autonoom, neutraal en gedemilitariseerd gebied, bestuurd door een
internationale raad.
Pas in 1956 werd dit statuut opgeheven; daarna kwam Tanger weer onder
Marokkaans bestuur.
De naam Marokko is afgeleid van Marrakech (men
schrijft ook wel:
Marrakesh of Marrakesj), een stad in het zuiden van het land aan de
voet van het Atlas-gebergte.
De stad wordt ook wel "de rode" genoemd, omdat de stadsmuren en vele
huizen zijn opgetrokken uit rode leem.
Marrakech heeft de grootste medina (oude stad) van Marokko.
De medina wordt geheel omgeven door stadsmuren met een totale lengte
van 19 km.
De muren zijn op sommige plaatsen zo'n twee meter dik; ze hebben een
hoogte van maximaal negen meter.
Het hart van de medina is een groot plein, de Djema el-Fna, waar elke
avond een bonte kermis ontstaat van eetstalletjes, waarzeggers,
dansers, acrobaten, slangenbezweerders en verhalenvertellers.
Het plein oefent grote aantrekkingskracht uit op bezoekers, die hier
het traditionele Marokko komen bewonderen.
Vanwege zijn culturele belang is het plein door UNESCO uitgeroepen tot
Werelderfgoed.
De minaret van de Koutoubia-moskee in MarrakechBinnen de muren van de
medina bevindt zich ook de Koutoubia-moskee met haar karakteristieke
vierkante minaret.
Sultan Abd el-Moumen gaf rond 1162 opdracht tot de bouw van de moskee,
nadat zijn Almohaden-dynastie de dynastie der Almoraviden (de
oorspronkelijke stichters van Marrakech)
had overwonnen.
De 70 meter hoge minaret, die beschouwd kan worden als hèt
symbool van Marrakech, werd voltooid in 1196.
Zij diende als voorbeeld voor zowel de Giralda-toren in de Spaanse stad
Sevilla als de Hassantoren in Rabat.
Marrakech is, met Fès,
Meknès
en Rabat, een van de zogeheten "koningssteden"
van Marokko, en de stad is een van de residenties van de huidige koning. |
De Berbers vormen de oorspronkelijke bevolking van Marokko.
Het woord berber is afgeleid van het Griekse "barbaroi" en het latere
Romeinse "barbari", dat minachtend voor vreemdelingen werd gebruikt
("barbaren").
De Berbers hebben met vele vreemde machten te maken gehad.
Al voor onze jaartelling waren het de Feniciërs, die langs de
kust van de Middellandse Zee handelsposten stichtten.
Aan het eind van de 1e eeuw v. Chr. werd Marokko deel van het Romeinse
Rijk.
In de eeuwen daarna volgden de Vandalen en de Byzantijnen.
Aan het einde van de 7e eeuw rukten de Arabieren vanuit het oosten op.
Aanvankelijk konden de Berbers zich met succes verdedigen, maar
uiteindelijk werden ze onderworpen.
De Arabieren bekeerden hen tot de islam en namen de Berbers op in de
legers die Spanje veroverden.
In de 8e eeuw ontstond in Marokko de eerste islamitische staat onder
sultan Moulay Idriss.
Zijn zoon, Idriss II, stichtte de stad
Fès en maakte het
de hoofdstad van zijn rijk.
Daarna zou de hoofdstad —onder verschillende
dynastieën— nog vele malen wijzigen.
De Almoravieden maakten Marrakech
de hoofdstad, hun opvolgers (de
Almohaden) vonden Rabat
daarvoor beter geschikt. Daarna werd Fès opnieuw hoofdstad,
om die titel korte tijd af te staan aan het naburige Meknès.
De Fransen maakten in 1912 Rabat de hoofdstad van het protectoraat
Marokko.
Onder de Almohaden (1147-1258) breidde het
Marokkaanse rijk enorm uit:
behalve Marokko zelf omvatte het Algerije, Tunesië,
Libië en grote
delen van Spanje en Portugal.
Daarna raakte het rijk in verval, maar er brak een nieuwe bloeitijd aan
nadat de laatste islamieten uit Spanje waren verdreven (1492).
Marokko profiteerde van de toevloed van Moren en Joden die Spanje waren
ontvlucht.
Het rijk breidde naar het zuiden uit, maar het noorden viel ten prooi
aan de Portugezen en de Spanjaarden.
De onafhankelijkheid van Marokko kwam pas in gevaar nadat de Fransen in
1830 Algerije waren binnengevallen.
Marokko steunde het Algerijnse verzet en daarom voerde het Franse leger
een strafexpeditie uit tegen de Marokkanen.
In 1844 werd het Marokkaanse leger verslagen.
Intussen had Spanje de hele noordelijke kuststrook van Marokko bezet.
In 1904 werden Frankrijk en Spanje het eens over een verdeling van de
invloedssferen.
Behalve het noorden kreeg Spanje zeggenschap over een zuidelijk gebied
dat bekend werd als de Spaanse Sahara (nu: Westelijke Sahara).
De Marokkanen kwamen massaal in opstand tegen de Franse en Spaanse
overheersing.
Pas in 1934 had Frankrijk het gebied onder controle, maar het streven
naar onafhankelijkheid hebben de Marokkanen nooit opgegeven.
Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog raakte de kwestie van de
onafhankelijkheid tijdelijk op de achtergrond, maar al meteen na de
oorlog werd een politieke partij opgericht (de Istiqlal) die streefde
naar onafhankelijkheid.
De partij werd gesteund door sultan Mohammed V, die steeds vaker
weigerde Franse maatregelen te bekrachtigen.
Dat vond Frankrijk zo lastig, dat de sultan in 1953 werd afgezet en
verbannen.
Twee jaar later besloot Frankrijk af te zien van zijn aanspraken op
Marokko en mocht de sultan terugkeren.
Op 2 maart 1956 werd het land onafhankelijk.
Spanje weigerde twee noordelijke enclaves —Ceuta en
Melilla— en de Spaanse Sahara op te geven. |
Islamitisch Nieuwjaar
Vandaag is het de eerste dag van de eerste islamitische maand:
Muharram.
M.a.w. nieuwjaar voor de islamieten: Yeni Yil (Turks) of El Hidja
(Marokkaans).
De moslims hebben ons jaar 622 als uitgangspunt genomen en zijn vanaf
dit jaar opnieuw beginnen te tellen.
In het jaar 622 (onze tijdrekening) is de profeet Mohammed met ongeveer
70 man en hun gezinnen gevlucht van Mekka naar Medina, omdat het voor
Mohammed en zijn volgelingen niet mogelijk was om hun godsdienstige
activiteiten in Mekka voort te zetten.
Deze verhuizing, de Hidjra genoemd, werd het begin van de islamitische
tijdrekening.
Asjoera: Nieuwjaarsfeest
Vandaag is het de tiende dag van de eerste maand: Muharram.
Op deze dag vieren de moslims hun nieuwjaar: Ashoura (Marokkaans) of
Asure Günü (Turks).
Er wordt speciaal voedsel klaargemaakt.
In sommige streken van Turkije krijgen kinderen lekkernijen en
cadeautjes.
Er zijn moslims die op deze dag vasten.
Op veel plaatsen in Turkije is het ook gebruikelijk op deze dag de
graven van familieleden extra te verzorgen en er offers te brengen.
Geboortedag van
Mohammed
Vandaag is het de twaalfde dag van
de derde
islamitische maand: Rabi’l.
Op deze dag vieren de islamieten de geboortedag van de profeet
Mohammed: Peygamberimizin dogum günü (Turks) of
Maulud an nabi
(Marokkaans).
Mohammed werd geboren in ± 570 van onze jaarrekening.
Overal waar moslims zijn wordt deze dag gevierd.
Er wordt speciaal eten bereid en de gelovigen gaan 's avonds naar de
moskee.
Daar wordt dan gesproken over de profeet, over het islamitische geloof
en er wordt uit de Koran gelezen.
Nacht van Koran lezen en vergiffenis vragen
Deze gedenkdag valt op de veertiende dag van de
achtste maand Sja'ban: Berat Kandili (Turks) of Lailat al Barat
(Marokkaans).
De moslims geloven dat Allah deze nacht vaststelt wie zullen sterven en
geboren worden in het komende jaar.
Dit geloof gaat uit van overleveringen van de profeet Mohammed.
De overleveringen zijn naast de Koran de belangrijkste bron van hun
geloof.
Het zijn uitspraken van de profeet Mohammed die door zijn volgelingen
opgetekend zijn en doorverteld.
Veel gelovigen brengen deze nacht in gebed door vooral omdat wordt
aangenomen dat de profeet Mohammed deze nacht de gebedsrichting
veranderde van Jeruzalem naar Mekka.
Jeruzalem is voor de moslims ook een heilige
stad, maar Mohammed vond
dat voor de moslims Mekka een veel belangrijker plaats was.
Ramadan
Vandaag begint de negende maan-maand van het
islamitisch jaar: ramadan (Marokkaans) of ramazan (Turks).
Deze maand is de vastenmaand van de islamieten.
Dit betekent dat alle islamieten die gezond en sterk zijn, tussen
zonsopgang en zonsondergang niet mogen eten of drinken, niet mogen
roken en geen seksuele contacten mogen hebben.
Deze piicht, die één
van de vijf belangrijkste is, geldt niet voor kinderen (globaal genomen
tot en met de basisschoolleeftijd) of zieken.
In bijzondere omstandigheden, zoals op reis zijn en door arbeid, hoeft
men alleen te vasten als het enigszins mogelijk is.
Deze momenten waarop er niet gevast wordt, moeten wel in een andere
maand ingehaald worden.
Er wordt ook 'met de tong' gevast: ruzies worden bijgelegd, er wordt
gelet op het niet kwetsen of lasteren van anderen.
Daarnaast wordt er meer dan in andere maanden gedeeld met armen.
Na zonsondergang 'breken' de gelovigen de vasten door iets te eten.
Daarna wordt er gebeden en feestelijk met familie, vrienden en bekenden
gegeten.
Voor zonsopgang, als men een witte en een zwarte draad nog niet van
elkaar kan onderscheiden zonder kunstlicht, kan er opnieuw gegeten en
gedronken worden.
Er zijn enkele redenen waarom de islamieten op
een dergelijke intensieve manier vasten: om aan de maag rust te gunnen,
om het verschil tussen rijk en arm te beleven, om zich te leren
beheersen en om de ziel te zuiveren en de soevereiniteit van God te
erkennen.
Het begin van de ramadan valt volgens onze kalender eik jaar op een
andere datum.
Dit komt omdat de islamitische kalender opgebouwd is uit twaalf
maanmaanden.
Dit betekent dat de ramadan zowel in de winter als in de zomer kan
vallen, met het gevolg dat de ramadan in het laatste geval nog veel
zwaarder is.
Want een dag in de zomer kan wel 20 uren duren.
Naast het naar voren schuiven (volgens onze Nederlandse kalender) van
de ramadan is er ook elk jaar verwarring rond de start ervan.
Hiervoor zijn enkele redenen aan te geven.
Door de moderne astronomie is het gemakkelijk wetenschappelijk vast te
stellen wanneer de nieuwe maan feitelijk aan de hemel is.
Wie exact wil starten, kan dat ook doen, zelfs als de nieuwe maan nog
niet daadwerkelijk is gezien, bv. door bewolking.
Anderen willen echter pas beginnen met de vasten als ze de nieuwe maan
daadwerkelijk gezien hebben of van tenminste drie andere bekenden de
getuigenis krijgen dat ze de maan gezien hebben.
Daarbij komen nog de lokale tijdsverschillen.
Daardoor kan het zijn dat de landen van
herkomst al aan een nieuwe dag
begonnen zijn en het in Nederland pas middag is.
Om deze redenen kan er tot vier dagen verschil zitten tussen de eerste
en de laatste starters.
(De zevenentwintigste dag van de ramadan)
De zevenentwintigste dag van de ramadan heet
Lailat al Qadr (Marokkaans) of Leyletui Kadir (gece) (Turks).
Deze nacht is zeer speciaal en op een bijzondere wijze gezegend.
De Koran beschrijft dat deze ene nacht gezegender en spiritueler is dan
duizenden maanden en dat één gebed in deze nacht
telt voor vele gebeden
gedurende andere dagen en nachten.
Men herdenkt deze nacht dat de engel Gabriël toen aan Mohammed
Gods woorden overbracht.
Deze nacht krijgt extra aandacht en er wordt dan ook veel uit de Koran
gelezen.
Ook in Nederland brengen de gelovigen deze nacht op een bijzonder vrome
en godsdienstige wijze door.
Er wordt uit de Koran gelezen, vertelt over de profeet Mohammed en veel
gebeden.
Vooral degenen die om één of andere reden niet
kunnen vasten, doen hun
uiterste best om deze nacht op de voorgeschreven manier door te brengen.
Ied-al-Fitr: Suikerfeest
Vandaag begint de tiende islamitische maand: sjawwaal.
Op deze dag wordt de vastenmaand ramadan afgesloten met het suikerfeest
(Turks: Ramazan Bavrami) of het feest van het breken van de vasten
(Marokkaans: Eid oei fitr/Aid es seghir).
Dit uitbundige feest duurt vaak 3 dagen en is
één
van de grootste feesten van de moslims.
Op deze dag gaat men 's morgens naar de moskee of een vervangende
gebedsruimte.
Men bidt met elkaar en men wenst elkaar geluk.
Er wordt ook geld aan armen gegeven.
Na de gebedsdienst gaat men in hun beste kleren op bezoek bij elkaar om
gelukwensen uit te delen.
De huizen zijn reeds tevoren schoon gemaakt.
Voor dit feest worden zeer veel soorten koeken en gebak gemaakt.
De maaltijden zijn gedurende deze dagen extra feestelijk.
De kinderen krijgen koek, snoepjes en geld toegestopt.
Ook is deze dag het begin van de periode, waarin men kan beginnen aan
de pelgrimstocht naar Mekka.
Deze periode loopt tot de tiende dag van de twaalfde maand (de dag van
het offerfeest).
Deze pelgrimstocht is één van de vijf zuilen van
de islam, d.w.z. één van de eisen die de islam
stelt.
Offerfeest
Het offerfeest (Marokkaans: Aïd al
Kabir, Turks: Kurban Bayramio) viert
men op de tiende dag van de twaalfde islamitische maand dhoe-I-hidzja.
Het is het grootste islamitische feest en duurt verscheidene dagen.
Het offerfeest hangt nauw samen met de
pelgrimstocht naar Mekka.
Net zoals de pelgrims in Mekka wordt thuis door iedere familie die het
kan betalen een schaap, geit of rund geslacht.
Eén derde van het vlees wordt gegeven aan familie,
één derde aan armen
of aan wie financieel niet in staat is om zelf te slachten en
één derde
voor het gezin zelf.
Hieruit blijkt de diepere betekenis van het
feest: de gelovige is zich bewust van zijn eigen nietigheid en van Gods
almacht.
De mens moet zich dan ook ter beschikking stellen van God.
Op deze dag is er 's ochtends in de moskee een speciale gebedsdienst en
later op de dag wordt het derde deel van het offerdier door de familie
gegeten.
Het offerfeest vindt zijn oorsprong in het verhaal van Ibrahim (Abraham
voor de christenen), die zijn enige zoon lsmaël wilde offeren.
Het verhaal vertelt dat God Ibrahim wilde testen in zijn trouw en
geloof.
Daarom gaf God aan Ibrahim het bevel zijn enige zoon, van wie hij
zielsveel hield, te offeren.
Ibrahim was kapot van verdriet, maar gehoorzaamde aan God.
Op het kritieke moment hield de engel Gabriël Ibrahim tegen en
gaf hem een schaap om in de plaats van lsmaël te offeren.
Het offerdier moet vrij zijn van elke smet en volgens eigen regels
geslacht worden.
In Nederland is het slachten aan huis niet toegelaten.
De overheid heeft daartoe een aantal slachthuizen aangewezen, waar
islamieten onder toezicht van deskundigen volgens hun eigen regels
kunnen slachten.
(Feest voor de
kinderen)
Op 23 april 1920 kwam er na het
beëindigen van de
onafhankelijkheidsoorlog, geleid door Atatürk, die van Turkije
een
republiek maakte, het eerste nationale parlement bijeen in de nieuwe
hoofdstad Ankara.
De president Atatürk riep deze dag uit tot 'Dag van het kind'
ter
nagedachtenis van de vele kinderen die in de oorlog omgekomen waren.
Op deze dag zijn de kinderen baas.
Het is geen kinderfeest, maar een feest voor de scholen.
De dag ervoor, 22 april, stoppen de lessen vroeger zodat de nodige
voorbereidingen kunnen worden getroffen voor het feest van de volgende
dag.
Op 23 april zelf zijn de kinderen vrij van schoot.
Vanuit hun eigen school vertrekken de kinderen verkleed en met vlaggen
in optocht naar een centraal punt, bijv. een plein.
Daar worden activiteiten georganiseerd, zoals toespraken,
toneelstukjes, volksdansjes en worden gedichten voordragen.
Op deze dag mogen de kinderen ook zitten op de plaatsen van de
bestuurders van het land: in het parlement op de plaatsen van de
ministers, de president en de wethouders.
Dit betekent dat het kind op de plaats van de president ook de
eventuele nieuwe wetten mag ondertekenen.
Natuurlijk zijn er die dag (volwassen) raadsmannen bij de kinderen.
De aandacht voor dit feest en het op zijn kop zetten van het land heeft
een symbolische betekenis.
De kinderen krijgen veel aandacht omdat 'zij nu nog klein zijn, maar
morgen de bestuurders van het land zijn'.
De jeugd heeft de toekomst.
In sommige Nederlandse plaatsen wordt door Turkse verenigingen
activiteiten georganiseerd waarbij ook Nederlandse scholen en kinderen
uitgenodigd worden. |
Wat voor mannen worden de Marokkaanse jongens?
Er is veel aandacht voor de invloed die het ‘leven tussen
twee
culturen’ heeft op de identiteit van tweede generatie
Marokkaanse
jongens.
Relatief weinig aandacht gaat uit naar het specifieke belang van de
verschillen in het man-beeld in de Marokkaanse en Nederlandse sociale-
en culturele waardenstelsels en de rol die deze mogelijk spelen in de
identiteitsproblemen van jonge Marokkanen.
Een discussienotitie.
Maatschappelijk succes
Terwijl steeds meer jonge Marokkaanse vrouwen zich profileren als
zelfbewust en maatschappelijk succesvol, heeft een relatief groot
aantal van hun mannelijke tegenhangers ernstige moeilijkheden bij het
verwerven van een plaats in de samenleving.
Successtories zijn er zowel bij jonge Marokkaanse mannen als vrouwen te
vinden, en problemen met schooluitval, grensoverschrijdend gedrag,
werkloosheid en criminaliteit zijn niet voorbehouden aan
één (etnische)
groep.
Toch lijkt er voldoende aanleiding te zijn om te onderzoeken
of het onvermogen van een bepaalde groep Marokkaanse jongens om zich
persoonlijk en maatschappelijk succesvol te ontwikkelen verband houdt
met de verschillende posities die de man binnen de
Marokkaanse-Islamitische en binnen de Nederlandse cultuur inneemt.
Als een dergelijk verband valt aan te wijzen, werpt de vraag zich
natuurlijk op waarom veel jonge Marokkaanse Nederlanders er
wèl in
slagen zich een goede maatschappelijke
positie te verwerven en anderen
niet.
Zelfbeeld

Welke sociale, culturele en religieuze
invloeden bepalen het zelfbeeld
van jonge Marokkaanse Nederlanders?
Er zijn diverse factoren die de identiteitsvorming van Marokkaanse
jongeren beïnvloeden: aan de ene kant de Marokkaans-Arabische
cultuur,
waarbinnen de Amazigh (Berber-) tradities en de Islam factoren van
betekenis zijn, aan de andere kant de waarden, normen en opvattingen in
de Nederlands-westerse samenleving, die zich de laatste vijftig jaar in
een hoge versnelling hebben ontwikkeld.
Wat leren deze
verschillende systemen jongens over hun rol in de samenleving en over
sociale relaties in en buiten het gezin, in het bijzonder de relaties
tussen mannen en vrouwen?
Wie zijn de belangrijke identificatiepersonen voor Marokkaanse jongens?
De verschillen tussen de rollenpatronen in Marokkaanse gezinnen en die
welke sinds de vrouwenemancipatie in de Nederlandse samenleving gelden
zijn aanzienlijk.
In het Marokkaanse gezin is de man gezinshoofd: hij heeft gezag over
zijn vrouw en kinderen, de vrouw heeft een verzorgende rol en is
verantwoordelijk voor de opvoeding van de kinderen.
De
verantwoordelijkheden van de man zijn het onderhouden van het gezin en
het vervullen van maatschappelijke verplichtingen buitenshuis, zijn
betrokkenheid bij de opvoeding is vaak beperkt.
Waneer het
maatschappelijk succes van de vader door bijvoorbeeld werkloosheid of
arbeidsongeschiktheid achterblijft bij de verwachtingen, boet hij
aan
gezag in.
Machteloosheid over een gebrek aan maatschappelijke
erkenning wordt soms gecompenseerd met een overmatig autoritair
optreden, wat niet kan verhinderen dat het de zonen van deze vaders aan
een belangrijke positieve identificatiefiguur ontbreekt.
Daarom is
het voor met name jongens zo moeilijk een positief zelfbeeld te
ontwikkelen als hun vader maatschappelijk onsuccesvol en machteloos
is1. Meisjes hebben vaker een stabiel voorbeeld in de moeder, met wie
de vertrouwensrelatie vaak goed is.
Contact tussen de seksen
Contact tussen mannen en vrouwen die
geen familie van elkaar zijn is in de Marokkaanse cultuur beperkt
toegestaan, om de gelegenheid tot het aangaan van seksuele contacten
voor en buiten het huwelijk te minimaliseren.
Voor zowel jongens als meisjes gelden binnenshuis strenge
gedragsregels, maar buitenshuis heerst een dubbele moraal en hebben
jongens veel meer bewegingsvrijheid dan meisjes, vooral wat betreft het
aangaan van relaties.
Van meisjes wordt absoluut niet geaccepteerd
dat zij een relatie hebben, van jongens wordt dit vaak oogluikend
toegelaten, zolang ze binnenshuis de Marokkaanse normen respecteren.
Jongens groeien op in de wetenschap dat zij als man een bepaalde mate
van zeggenschap en macht over hun zusters, moeders en toekomstige
echtgenotes kunnen uitoefenen.
Van vrouwen verwachten zij, ongeacht hun eigen gedrag, dat deze zich
aan de Marokkaans-Islamitische gedragsregels inzake kuisheid en de
omgang tussen de seksen houden.
Meisjes die dit niet doen worden
als immoreel bestempeld, hun waarde als potentiële bruid daalt
en niet
zelden worden zij bij hun ouders verklikt.
Grenzen overschrijden
Marokkaanse jongens tasten de grenzen van de vrijheid die de
Nederlandse samenleving en de Marokkaanse cultuur hen geven af, en gaan
hierin vaak tot het uiterste.
Veel jongens slagen er in op bewonderenswaardige wijze te switchen
tussen de rollenpatronen die ‘thuis’ en die welke
‘buiten’ gelden.
Maar het grensoverschrijdend gedrag dat sommige jongens ten aanzien van
vrouwen vertonen doet vermoeden dat er een verband bestaat tussen hun
positie als man en de dubbele moraal ten aanzien van de vrijheid van de
seksen en hun (seksuele) uitspattingen.
Jongens die zich
grensoverschrijdend gedragen worden nauwelijks gecorrigeerd, omdat hun
moeders, die primair verantwoordelijk voor de opvoeding zijn, vaak
onvoldoende gezag hebben om hun zoons te disciplineren.
Het gezag
van de vader komt er vaak pas aan te pas als de situatie al uit de hand
gelopen is, zodat de jongens niet adequaat met grenzen leren omgaan.

De
ongelijkwaardigheid in
de opvoeding van jongens en meisjes veroorzaakt een kloof tussen
Marokkaanse meisjes en jongens.
Veel hoogopgeleide Marokkaanse meisjes zijn niet bereid zich te
onderwerpen aan het gezag van de echtgenoot en wijzen de dubbele moraal
af die jongens volop van hun seksuele vrijheid laat profiteren terwijl
meisjes zich kuis moeten gedragen.
De jongens – en hun families –
willen echter wel maagdelijke, gehoorzame echtgenotes, die in
toenemende mate uit Marokko geïmporteerd worden.
Naast de complexe seksuele moraal zijn er nog andere factoren die de
excessen van deze jongens mogelijk kunnen verklaren.
Het feit dat Marokkaanse jongens in vergelijking tot hun autochtone
leeftijdsgenoten en tot Marokkaanse meisjes relatief slecht scoren in
het onderwijs en op de arbeidsmarkt, leidt tot grote frustraties.
Frustratie en gebrek aan zelfvertrouwen komen vaak tot uiting in een
gebrek aan respect voor– met name autochtone- meisjes en
vrouwen.
Het is ook dit beperkte zelfvertrouwen over hun sociale vaardigheden en
maatschappelijk succes dat verklaart waarom deze jongens relatief
makkelijk afglijden naar criminele activiteiten, omdat die hen een
ander soort succes bieden en voorzien in een behoefte aan
‘status’.
Huwelijk en gelijkheid
De houding van veel moslims ten aanzien van de rechten van mannen en
vrouwen is nogal eens dubbelzinnig: enerzijds stelt men dat in de Islam
de vrouw en de man gelijkwaardig zijn en dat de Islam de rechten van de
vrouw beschermt.
Anderzijds valt niet te ontkomen aan het feit dat de man volgens de
Koran en het familierecht in veel Islamitische landen gehoorzaamheid
van zijn vrouw mag verlangen en haar
daartoe zelfs mag disciplineren.
De beperkingen aan de persoonlijke bewegingsvrijheid van de vrouw
worden soms gerechtvaardigd met als verklaring dat deze de bescherming
van de (fysieke en emotionele) kwetsbaarheid van de vrouw dienen.
De vrouw moet inperking van haar persoonlijke vrijheid aanvaarden
omwille van het welzijn en de eer van het gezin en de moraal van de
gemeenschap. Daarnaast gaat men er vanuit dat de vrouw zich van nature
prettiger voelt binnen de relatieve geborgenheid van het gezin dan in
het veeleisende klimaat van het openbare leven.
Afgezien van de eventuele voordelen die de bescherming van vrouwen
biedt voor henzelf en de samenleving, laten de verschillende eisen die
in de islam aan man en vrouw worden gesteld ruimte voor onrechtvaardige
verhoudingen.
De
verplichtingen van de vrouw binnen het huwelijk zijn nauwkeurig
omschreven in de Koran en de overleveringen van de profeet Mohammed,
terwijl de verplichtingen van de man ten aanzien van zijn echtgenote
veel minder expliciet zijn neergelegd.
De islam dringt aan op redelijkheid en vriendelijkheid van de man in de
omgang met zijn echtgenote.
Het wordt echter aan het oordeel van de individuele man overgelaten te
bepalen in hoeverre hij de persoonlijke wensen en behoeften van zijn
echtgenote moet respecteren.
Het enige waartoe de echtgenoot
expliciet verplicht is, is het voorzien in haar levensonderhoud en de
bevrediging van haar sexuele behoeften.
Hoe kan dan worden voorkomen dat een man misbruik maakt van zijn
relatief sterke positie ten opzichte van de vrouw?
Is
het voorbeeld van de profeet Mohammed, die liefdevolle relaties had met
zijn vrouwen, voldoende om vrouwen te behoeden voor de zwakte die ook
mannen – ondanks de redelijkheid die ze zichzelf graag
toedichten – tot
mensen maakt?
Allochtone vrouw moderner dan haar man

Terwijl veel
allochtone
vrouwen emanciperen, blijven de mannen vasthouden aan hun tradities.
Dat stelt de Nederlandse Gezinsraad (NGR) in twee publicaties die zij
maandag heeft overhandigd aan minister Verdonk voor Vreemdelingenzaken
en Integratie.
Vier van de tien moeders van de zogenaamde 'tweede generatie'
combineert de zorg voor het gezin met een baan buitenshuis.
Tweede generatie allochtonen zijn zij die in Nederland (geboren en)
getogen zijn.
Van de eerste generatie allochtone moeders, die pas op latere leeftijd
naar Nederland is gekomen, werkt van de Turken maar zo’n 22
procent,
van de Marokkanen slechts 13 procent.
Het landelijk gemidelde van werkende moeders ligt op zo'n 55 procent.
Jong moeder
Ook worden minder allochtone vrouwen jong moeder.
Van de eerste generatie Turkse vrouwen is 68 procent op 25-jarige
leeftijd al moeder, voor Marokkaanse vrouwen geldt dit voor 57 procent.
Van de tweede generatie is 42 procent van de Turkse vrouwen op
25-jarige leeftijd al moeder, voor Marokkaanse vrouwen geldt dit voor
33 procent.
De eerste generatie allochtonen zijn nu nog de grootste groep.
Maar zo’n tien procent van de allochtone gezinnen is in
Nederland geboren en/of getogen.
Die groep zal in korte tijd wel veel groter worden, volgens de NGR.
Hierdoor zal de positie van allochtone gezinnen beter worden.
De ‘eerste generatie’ ouders spreken meestal slecht
of weinig
Nederlands en kampen vaak met werkeloosheid: in een op de vier Turkse
en een op de drie Marokkaanse gezinnen ontbreekt inkomen uit arbeid.
Ouders van de tweede generatie hebben vaak een hoger opleidingsniveau,
en spreken veel vaker Nederlands met hun kinderen.
Spanningen in het gezin
Deze ontwikkelingen zullen echter wel voor
meer spanningen in het gezin
zorgen, volgens de NGR.
Terwijl zo'n negentig procent van de allochtone vrouwen vindt dat
vrouwen hun eigen inkomen moeten verdienen, ook als zij kinderen
hebben, hebben met name Turkse en Marokkaanse mannen overwegend
traditionele opvattingen over de emancipatie van vrouwen, de
gezagsverhoudingen binnen het gezin en de rol van de islam.
Zij
zijn dan ook de grootste groep die hun bruid uit het land van herkomst
haalt, meestal een vrouw met weinig opleiding en weinig
aansluitmogelijkheden met de Nederlandse maatschappij.
Ook Turkse en Marokkaanse vrouwen in Nederland vinden hun partner vaak
in het land van herkomst of hun ouders, maar willen dan wel een moderne
man.
Van de tweede generatie Marokkanen haalt nu zo’n 75 procent
een partner
uit het land van herkomst, volgens het Sociaal Cultureel Planbureau .
Een kleiner percentage zoekt een partner van Marokkaanse afkomst in
Nederland.
Slechts enkelen gaan een serieuze relatie aan met iemand van buiten de
eigen etnische groep, zoals een autochtone Nederlander.
Antillianen en Surinamers
Bij de Antillianen hebben alleen de nieuwkomers een lage
arbeidsdeelname en wordt er weinig Nederlands in het gezin gesproken.
Als Antillliaanse moeders en vaders geboren en getogen zijn in
Nederland, zijn er weinig verschillen met autochtone gezinnen.
Dat geldt ook voor Surinaamse gezinnen.
Wel is er -nog- een groot verschil in de gezinssamenstelling vergeleken
met autochtonen: Surinaamse en Antilliaanse kinderen groeien veel vaker
op met een ouder: 45 procent van de Surinaamse en 51 procent van de
Antilliaanse gezinnen is een eenoudergezin, tegen 16 procent van de
autochtone gezinnen. |
Holi-feest (27 en 28 maart)
Door elkaar met gekleurde poeders te bestrooien is op tal van plaatsen
in Nederland het hindoestaanse nieuwjaar gevierd.

Wereldwijd
vieren meer dan
een miljard hindoestanen het Holi Phagua, dat tot morgen duurt.
In Eindhoven is de Holi-viering onderdeel van het multiculturele
weekfestival 'Kleurrijke stad'.
Daar waren vrijdag tientallen mensen aanwezig bij de verbranding van de
Holika.
Kinderen renden in het rond en besmeurden iedereen met groen, geel en
rood gekleurde poeders, de reden dat het feest in de volksmond ook wel
poederfeest heet.
,,Door elkaar met gekleurd poeder te besmeuren kun je met een schone
lei het nieuwe jaar in'', aldus P. Chotkan. ,,
Daarom komen veel mensen ook in oude kleren naar het nieuwjaarsfeest.''
Voorafgaand aan het Holi-feest vindt een Holikaverbranding plaats.
De Holika is een rieten pop die het kwade symboliseert.
Door de Holika te verbranden worden alle frustraties achtergelaten en
kan een nieuw begin worden gemaakt.
Daarbij wordt rijst in het vuur gegooid, ten teken dat men zijn fouten
kwijt wil.
De viering van Holi duurt altijd tot en met de eerstkomende dinsdag.
Met de verbranding van de Holika luiden Hindoestanen het jaar 2061 uit
en verwelkomen 2062.
,,Wij werken met een maankalender.
Dit feest valt meestal in maart en nu toevallig tegelijk met Pasen'',
aldus Chotkan.
Nederland telt ongeveer 160.000 hindoestanen die voornamelijk uit
Suriname komen.
De meeste van hen wonen in Den Haag en Rotterdam.
In Rotterdam is een optocht gehouden en spuit de fontein op het
Hofplein een aantal dagen lang rood water, als symbool voor gelijkheid
en onderlinge solidariteit.
De gemeente Den Haag geeft subsidie om het hindoestische overwinnings-
en nieuwjaarfeest stadsbreed te vieren.
Het Holifeest is niet een zuiver godsdienstig feest.
Het feest heeft meer een sociaal –cultureel en folkloristisch
karakter
en is dus niet beperkt tot de belijders van een godsdienst.
Alle
Hindoes, zonder onderscheid van rangen en standen, vieren gezamenlijk
het Holifeest door zingend en tjauwtaal (muziek) spelend elkaar te
besprenkelen met kleurstoffen (rood en groen) en welriekende stoffen (
poeder en parfum).
Het Holi - Phaguafeest wordt jaarlijks
gevierd op de laatste dag van de maand Phagun, de laatste maand volgens
Hindoe jaartelling (meestal in de maand maart volgens de christelijke
jaartelling).
Het Hindoeisme kent een eigen jaartelling.
Omdat
de viering samenvalt met het begin van de jaartelling van de Hindoes,
wordt het Holifeest beschouwd als een nieuwjaarsfeest.
Het Holifeest staat in het teken van het begin van een nieuw
jaarsseizoen ( de lente), en daarom spreekt men ook wel van lentefeest
of oogstfeest (omdat het in India samenvalt
met de graanoogst).
Het Holifeest wordt ook beschouwd als een overwinningsfeest : de
overwinning van het goede op het kwade.
Aan de vooravond van het Holifeest wordt de Holika ( brandstapel van
hout of bamboe = het kwaad symboliserend) onder belangstelling van vele
Hindoes verbrand.
Daarbij wordt gezongen en muziek gemaakt.
Het Divalifeest(12 november) is meer een religieus
feest.
Het wordt gevierd in de nacht van de nieuwe maand Kartika
(oktober/november).
Divali is een feest ter ere van Laksmi.
Daarom
wordt er op die avond overal Maha Laksmi Puja gehouden, een
gebedsdienst ter ere van Laksmi, die de Vrouw, de Moeder der Aarde, het
licht en het geluk symboliseert.
In de huizen worden veel lichtjes
en lampjes aangemaakt ten teken van de overwinning van het licht op de
duisternis, van het goede op het kwade, van waarheid op onwaarheid, van
rijkdom op armoede.
Het is een lichtfeest, een bezinningsfeest door middel van meditatie en
gebed.
De mens tracht door te bidden in het goede en reine te komen.
Licht is een bestaansvoorwaarde voor de mens. Het Licht of Agni is de
machtige verschijning van God, het symbool voor kennis, bevrijding en
geestelijke verlichting.
Guru Purnima (2 juli) Op
deze dag wordt
de verbinding tussen leraar en leerling gevierd en bekrachtigd.
In
een feestelijke sfeer wordt de Guru gedankt voor haar niet aflatende
beschikbaarheid het licht in de mensen te doen ontwaken.
Guru purnima is een gebeurtenis die sinds onheuglijke tijden wereldwijd
in vele tradities gevierd wordt.
Raksha Bandhan (12 augustus) De laatste
tijd zien wij in Nederland Hindoes steeds vaker aandacht besteden aan
Raksha Bandhan.
Op deze dag wordt met enig ceremonieel een beschermingskoord gebonden
om de pols van degene op wiens bescherming men rekent.
Het is gebruikelijk dat de Raksha (koordje / Rakhi) door een zus wordt
gebonden om de rechterpols van aar broer.
De broer geeft daarbij een geschenk of iets zoets aan de zus.
|
Oud en Nieuw( 31-12-2005 en 01-01-2006)
Nieuwjaarsdag (01-01-2006)
Valentijnsdag (14-02-2004)
Carnaval (21 t/m 24-02-2004)
Goede
Vrijdag( 09 april 2004)
Op deze dag wordt de kruisiging van Jezus herdacht.
Op de berg Golgotha wordt Jezus, samen met twee moordenaars gekruisigd.
Wanneer hij sterft wordt het donker en beeft de aarde.
Toch is deze vrijdag een 'goede' vrijdag, omdat de dood van Jezus niet
zijn einde was.
Op Goede Vrijdag volgt immers de paasmorgen.
Pasen(27 en 28 maart)
Pasen is een Christelijk feest.
Christenen over de hele wereld vieren het.
Na carnaval vasten Christenen 40 dagen.
De eerste dag dat er gevast wordt heet Aswoensdag.
Alle Christenen kunnen naar de kerk gaan voor een askruisje.
Iemand van de kerk tekent met as een kruisje op zijn of haar voorhoofd.
Op deze manier laten Christenen zien dat ze spijt hebben van hun zonden.
De vastentijd duurt 40 dagen.
In deze tijd gaan de christenen zich voorbereiden op het paasfeest.
Sommige eten geen vlees of vet, anderen drinken geen wijn of eten geen
snoep.
Ze willen met vasten voelen hoe Jezus geleefd moet hebben.
Witte donderdag is de donderdag voor pasen.
Op die dag wordt Het Laatste Avondmaal herdacht.
Op die avond zat Jezus meer dan 2000 jaar geleden met zijn 12 apostelen
aan tafel.
Volgens het bijbelverhaal wist Jezus toen al dat hij vermoord zou
worden.
Die nacht werd Jezus verraden door Judas, één van
zijn leerlingen.
Zo wisten de Romeinen (de vijanden van Jezus) waar Jezus zat en ze
pakten hem op.
De dag na Witte Donderdag is Goede Vrijdag.
Op deze dag herdenken Christenen de kruisiging van Jezus.
Als mensen in die tijd werden opgepakt door Romeinen en ze moesten een
straf krijgen werden ze vaak aan een kruis gehangen.
Meestal met touw, maar in het geval van Jezus (zo staat in de bijbel)
werd hij vastgespijkerd (spijkers door zijn handen en voeten) aan het
kruis.
Stille zaterdag is de zaterdag voor Pasen.
Dan denkt men aan de tijd dat Christus dood lag in zijn graf.
Daarna is het Pasen.
Dan herdenken Christenen dat Jezus uit zijn graf is opgestaan.
Nadat Jezus gekruisigd was en overleden werd hij in een grot gelegd.
Drie dagen na zijn kruisiging was hij uit de grot verdwenen, staat in
de bijbel.
Met Pasen worden ook eitjes verstopt en de
paashaas komt voorbij.
Deze symbolen hebben waarschijnlijk niet veel te maken met de kerk.
Niemand weet het precies.
Het ei is bijna overal ter wereld wél het symbool voor nieuw
begin.
Jezus stond op uit zijn graf, dus begon ook opnieuw.
Ook valt Pasen rond het begin van de lente.
Hetzelfde geld voor de paashaas.
Hazen en konijnen staan er bekend om dat ze zich supersnel voortplanten.
Ze zijn daarom ook het symbool van vruchtbaarheid.
Vruchtbaar hoort ook bij een nieuw begin, een nieuw leven en de lente.
Het Paasfeest is zowel in de Oosterse als in de Westerse kerk het
grootste feest van het liturgische jaar.
Wij vieren met Pasen dat Jezus niet meer dood is maar leeft.
Hij heeft de dood overwonnen.
De Verrijzenis staat centraal in ons christelijke geloof.
De verrijzenis van Jezus is de hoogste waarheid van ons geloof in
Christus.
Koninginnedag (30 april)
Koninginnedag wordt gevierd op de geboortedag van koningin Juliana.
Het feest wordt op straat gevierd.
Daarom besloot koningin Beatrix dat koninginnedag beter op 30 april kan
worden gevierd dan op haar eigen verjaardag 31 januari.
Oranje is de achternaam van de koninklijke familie èn oranje
is de kleur van het feest.
Op koninginnedag wordt heel Nederland oranje.
Oranje kleding, hoeden en petten, vlaggen,
wimpels, slingers en
ballonnen.
Fonteinen spuiten oranje gekleurd water en alle gebakjes bij de bakker
zijn oranje.
Op koninginnedag bezoekt de koninklijke familie altijd
één of twee steden in Nederland.
Deze bezoeken zijn uitgebreid op televisie te volgen.
De ene helft van de Nederlanders volgt de feestvreugde op televisie,
terwijl de andere helft zich zelf in het feestgedruis stort.
Met spelletjes, veel muziek en lekkernijen vermaakt het volk zich.
Ook zijn er veel vrijmarkten waar mensen tweedehands spulletjes kopen
of verkopen.
Dodenherdenking (04-05)
Bevrijdingsdag(05-05)
Moederdag (09-05)
Hemelvaartsdag(20-05)
Voor christenen is deze dag meer dan alleen maar een welkome
vakantiedag midden in de week.
Het is 40 dagen na Pasen en omdat Pasen altijd op een zondag valt
betekent dit dat Hemelvaartsdag altijd op een donderdag valt.
Maar het betekent ook dat de datum altijd anders is, omdat ook de datum
van Pasen ieder jaar anders is.
Maar er is nog meer dat een christen op deze dag wil vieren.
Het is de 40ste dag na Pasen. Met Pasen is Jezus Christus, Zoon van
God, verrezen uit de doden.
Hij leeft, is niet meer dood.
Vervolgens verschijnt Hij vaak aan zijn leerlingen.
Zijn leerlingen herkennen Hem aan het "breken van het brood" (de
Eucharistie) en door wat Hij de leerlingen vertelt.
Pinksteren(15
en 16 mei)
De Heilige Geest daalt neer over de Apostelen,
het is de geboorte van de Kerk
Christus, de Zoon van God, die geleden heeft en aan het kruis is
gestorven, is met Pasen verrezen uit de doden.
Daarna verschijnt nog aan de leerlingen en met Hemelvaart vieren we dat
Hij definitief terug gaat naar God de Vader in de hemel.
We vieren het in 2005 op zondag 15 en maandag 16 mei, Eerste en Tweede
Pinksterdag, nadat we in de negen dagen daarvoor (vanaf Hemelvaartsdag)
hebben gebeden voor de komst van de Heilige Geest (de pinksternoveen),
dat er een goede voedingsbodem mag zijn, dat de mensen Hem accepteren,
naar Hem luisteren en door Hem naar de Vader worden gebracht voor het
eeuwige geluk.
Ook de Apostelen met Maria, de Moeder van
Jezus, wachtten zo op de
komst van de Heilige Geest.
Op de dag van Pinksteren (ook wel Pentecoste, dat is "de vijftigste
dag" na Pasen) gaan de Apostelen voor het eerst na Pasen verkondigend
naar buiten en spreken in allerlei talen de mensen toe.
Pas nu zijn zij in staat overtuigend en duidelijk te spreken van en
over hun geloof.
En met wat voor een overtuiging! Velen bekeren zich, laten zich dopen
en worden zo ook getuigen van Christus.
Men zegt wel dat met Pinksteren de Kerk, als gemeenschap van gelovigen,
is geboren.
Vaderdag (20-06)
Hondsdagen (20-07 t/m 20-08)
Halloween(31-10)
De laatste jaren is Halloween uitgegroeid tot een gezellig familiefeest.
En hierbij geldt: hoe griezeliger, hoe beter.
Kinderen gaan verkleed als spoken of griezels met pompoenen als
lantaarns langs de deuren waarbij ze vragen om een traktatie of dreigen
met een grap
Sint
Maarten(11-11)
Op 11 november wordt het feest van Sint Maarten gevierd.
Tussen ongeveer zes en acht uur 's avonds mogen kinderen met een
lampion in de hand langs de deuren lopen.
Na het aanbellen zingen ze liedjes ter ere van Sint Maarten en
verwachten daarvoor een traktatie, doorgaans bestaande uit snoep of
fruit.
Ook worden wel lampionoptochten georganiseerd door scholen en wijk- of
buurtverenigingen.
De kinderen hebben dan meestal tevoren zelf hun lampion vervaardigd, of
een pompoen uitgehold om daarin een waxinelichtje te kunnen plaatsen.
In sommige plaatsen rijdt de figuur van Sint-Maarten, als romeins
officier, aan het hoofd van de stoet.
Hoogtepunt van zo'n optocht is het moment waarop Sint Maartenmet een
zwaard zijn mantel in tweeën snijdt en de helft geeft aan de
figuur van
een verkleumde bedelaar.
Na afloop van de optocht worden de deelnemende kinderen vaak door het
organiserend comité getrakteerd.
Een tweede ritueel op Sint-Maartensdag is het ontsteken van een vuur.
Dit gebeurt vooral in Limburg (en het aangrenzende Duitse Rijnland),
maar ook in midden-Friesland.
In de voorafgaande dagen wordt daartoe brandbaar materiaal verzameld
door de wat oudere jeugd.
Sinterklaasfeest(5-12)
Ieder jaar is het weer zover.
Dan komt Sinterklaas helemaal uit Spanje naar Nederland.
Op zijn boot barst het altijd van de cadeautjes en zwarte pieten.
Een paar weken later is het zover.
Op 5 december zitten vele Nederlanders gezellig binnen bij de kachel.
Er wordt gezongen, cadeautjes uitgepakt en lekker veel snoep gegeten.
Het Sinterklaasfeest is al heel erg oud (net als de Sint trouwens).
Toch weet lang niet iedereen alles van de
goede Sint.
Wist jij bijvoorbeeld dat Sinterklaas eigenlijk helemaal niet uit
Spanje komt, maar uit Turkije? En dat de Sint en de Kerstman eigenlijk
dezelfde figuren zijn?
Een Turk
Nicolaas, zoals de Sint vroeger heette, is heel lang geleden geboren in
Patara.
In het jaar 280 na Christus om precies te zijn.
Patara is een plaatsje in Turkije.
Eigenlijk is de Sint dus een Turk en geen Spanjaard!
Later werd Nicolaas bisschop van de plaats Myra.
Na zijn dood vonden de mensen dat hij zulke goede dingen in zijn leven
had gedaan dat ze Nicolaas heilig verklaarden.
Sindsdien heet hij Sint (=heilige) Nicolaas.
Eeuwen geleden verhuisden veel Nederlanders naar Amerika.
Ze namen ook het Sinterklaasfeest mee.
Alleen veranderde dit feest nogal in de loop der jaren... .
Sinterklaas werd Santa Claus.
De sint ging er wat anders uitzien en ook werd de datum waarop de
cadeautjes worden gegeven verschoven.
Na verloop van tijd gebeurde dit niet meer op 5 december, maar met
Kerst.
Zo is een heel nieuwe figuur ontstaan: de kerstman.
In Nederland wordt dit feest de laatste jaren ook steeds meer gevierd.
Raar genoeg moet Sinterklaas in Nederland dus concurreren met....
zichzelf.
Kerstmis
(veelal zo
aangeduid door
rooms-katholieken) of kerstfeest (veelal zo aangeduid door
protestanten) is een belangrijk christelijk feest in het kerkelijk
jaar.
Met Kerstmis wordt de geboorte van Jezus Christus gevierd. De
evangeliën van Lukas en Mattheus beschrijven de geboorte van
Jezus.
Vooral Lukas geeft brede aandacht aan de geboorte van Jezus in
Bethlehem.
Het kerstfeest wordt in de christelijke wereld gevierd op 25 december,
maar in de oosters-orthodoxe kerken (zoals de Russisch-orthodoxe Kerk),
wordt de Juliaanse kalender gebruikt, zodat het daar twee weken later
valt. In veel streken zijn er tevens speciale vieringen op de avond
ervoor (kerstavond) en/of op de dag erna.
In Nederland en Vlaanderen / België wordt 25 december als 1e
Kerstdag
en 26 december als 2e Kerstdag beschouwd.
Het feest is in hoge mate geseculariseerd en veel elementen in de wijze
waarop men Kerstmis viert gaan terug op prechristelijke en Germaanse
tradities.
Hoewel Pasen theologisch gezien veel belangrijker is, wordt buiten de
Liturgie het Kerstfeest in het Westen veel uitbundiger gevierd. In het
christelijke Oosten is ook buiten de Kerk het Paasfeest belangrijker en
speelt daarnaast het feest van Epifanie een belangrijke rol. |
Een gesprek met Mohamed Achaboun over samen
herdenken en vrijheid vieren

Slechts weinig
Nederlanders
weten van de Marokkaanse
bijdrage aan de bevrijding van Europa, ondanks de instroom van
gastarbeiders in de jaren zestig en hun onafgebroken aanwezigheid in
Nederland. Zelf ontdekte ik pas in 1985, samen met een aantal
landgenoten, dat er in Zeeland Marokkanen waren begraven die in de
Tweede Wereldoorlog zijn gesneuveld”. Aan het woord is
Mohamed
Achaboun, sinds 1970 Nederlander van Marokkaanse afkomst en werkzaam
als opbouwwerker in Den Haag. Achaboun is de drijvende kracht achter de
Stichting Al-Amal (hoop). De stichting zet zich in voor de integratie
van gehandicapten van Marokkaanse afkomst en ijvert voor de verbetering
van de relatie tussen de Marokkaanse en de Nederlandse samenleving.
“Het beleven en herdenken van een gezamenlijke
oorlogsgeschiedenis op 4
mei, kan bijdragen tot de verdere integratie van Marokkanen in
Nederland. Dat is voor mij de diepste motivatie om me met de
geschiedenis van de Marokkanen in de Tweede Wereldoorlog bezig te
houden.”
Geschiedenisonderwijs
“Op
de middelbare
School in Marokko had ik wel over
de Tweede Wereldoorlog geleerd, maar niets over de rol van mijn
landgenoten die bijgedragen hebben tot de uiteindelijke bevrijding van
Europa. Ik hoorde in mijn dorp, in Taza, wel verhalen over mensen, die
sinds de oorlog tussen 1940 en 1945 vermist zijn. Ook zijn er verhalen
van mensen die de oorlog hebben overleefd.”
Het is een historisch feit dat Marokkanen hebben meegevochten voor de
bevrijding van Europa en ook voor de bevrijding van Nederland in 1945.
In de Nederlandse, Europese en Marokkaanse geschiedschrijving staat
weinig vermeld over het aandeel van de Marokkanen in de Tweede
Wereldoorlog. Daar zijn wel verklaringen voor te geven. De Leidse
wetenschapper Wim Klinkert stelt vast dat de geschiedschrijving van de
Tweede Wereldoorlog in Europa nadrukkelijk bepaald werd door de
Europeanen en de Amerikanen. Aan de andere kant stond de
geschiedschrijving van Marokko in het teken van de
onafhankelijkheidsstrijd tegen Frankrijk. Daardoor is de inzet van de
Marokkanen in Europa tussen wal en schip gevallen.
De Tweede
Wereldoorlog
heeft enorme gevolgen gehad,
ook nu nog in heel veel landen, families en gezinnen. Meer dan 57
miljoen mensen waren dodelijk slachtoffer en in bijna alle landen van
de wereld was het conflict voelbaar. Marokko had in de periode van de
Tweede Wereldoorlog een protectoraatverdrag met Frankrijk. Door dit
verdrag bleven de reguliere Marokkaanse strijdkrachten formeel onder
het bevel van Sultan Mohammed V. De generaalsrangen werden bekleed door
officieren met de Franse nationaliteit. De Marokkaanse eenheden vielen
onder Franse gezagsvoering en werden daardoor gezien als onderdeel van
het Franse leger. Dat laatste punt was de reden dat dr. L. de Jong, in
zijn aanvulling op de officiële geschiedschrijving van
Nederland in de
Tweede Wereldoorlog, geen aparte aandacht aan de lotgevallen van de
Marokkanen wilde besteden. Het waren Franse militairen in zijn ogen. Ik
heb dat wel betreurd, zeker gezien de verbondenheid van beide landen
die al dateert van 1605. Volgend jaar vieren beide landen dat zij 400
jaar diplomatieke betrekkingen onderhouden. Marokko was de eerste
buitenlandse mogendheid die de Staten van Holland erkende, uiteraard
omdat zij een gezamenlijke vijand hadden in Spanje maar toch, vanaf dat
moment zijn er altijd hartelijke relaties geweest.”

Incidenten
met jongeren
“Soms
zeggen
mensen me dat ik een idealist ben omdat
ik hoop dat interesse voor de geschiedenis van de Marokkanen tijdens de
Tweede Wereldoorlog een positieve invloed heeft op de integratie. Dat
is mijn ideaal want zonder idealen kom je nergens. Marokkanen zijn
bijna altijd negatief in het nieuws. Zeker na de incidenten met
jongeren in Amsterdam tijdens de dodenherdenking van 2003. Terwijl deze
incidenten plaatsvonden, waren wij met vierhonderd mensen, waaronder
heel veel Marokkaanse jongeren, aanwezig bij de dodenherdenking op de
begraafplaats van Kapelle. En dat bericht heeft de media nauwelijks
gehaald. Het land stond op zijn kop van deze incidenten zodat er geen
ruimte was voor het positieve nieuws. Ik wil niet ontkennen dat er in
de grote steden een probleem is met een aantal Marokkaanse jongeren. Ik
sta vooraan om daar openlijk over te praten. We moeten het probleem bij
de naam noemen en gelukkig wordt er op dit moment voortvarend aan
gewerkt, bijvoorbeeld door de Amsterdamse wethouder voor onderwijs en
integratie Aboutaleb. Dat kost ook tijd. De tragiek is dat zoveel
jongeren dagelijks de negatieve gevolgen ondervinden van het
hardnekkige vooroordeel dat alle Marokkaanse jongeren onbetrouwbaar en
crimineel zijn. Dat doet me verdriet omdat ik zie dat op die
manier
veel meer jongeren de aansluiting missen bij de Nederlandse
samenleving. En dat maakt de problemen alleen maar groter.”
Samen
vrijheid delen
”Wat
er moet
gebeuren? Ik vind dat we moeten
ophouden met het praten over Nederlanders en Marokkanen. Dat roept een
scheiding op die onnodig is. Laten we het hebben over Nederlanders van
Marokkaanse afkomst, want dan doen we hen recht. Meedoen met de
Nederlandse samenleving geeft rechten en plichten, dat beseft nagenoeg
iedereen omdat je anders geen samenleving hebt. De liefde moet wel van
twee kanten komen. Wie respecteert, mag ook verwachten gerespecteerd te
worden. Heel veel jongeren van Marokkaanse afkomst willen integreren en
zijn daar door werk en studie heel druk mee bezig. Het is mijn ideaal
dat mijn kleinkinderen, die hier geboren zijn, niet meer scheef worden
aangekeken in de supermarkt omdat ze van Marokkaanse afkomst zijn. Ik
zou willen dat ze zich welkom voelen als persoon en met hun ambities om
aan de Nederlandse samenleving bij te dragen. Het uitbrengen van
informatiemateriaal voor kinderen en jongeren over een stukje
gezamenlijke geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog, kan daar een
belangrijke rol in spelen. Eenderde van de geallieerde soldaten die in
Zuid Europa landden om de vrijheid te brengen, bestond uit Marokkanen.
Jongeren mogen trots zijn op hun Marokkaanse afkomst omdat zoveel
Marokkanen hebben gevochten voor de vrijheid van Europeanen.”

Informatiemonument
“Nadat
de
Stichting MO in Amsterdam een klein
informatieboekje had uitgegeven met steun van de Amsterdamse overheid,
waren enkele kamerleden verontwaardigd. ‘Nu hebben
Marokkaanse jongeren
de dodenherdenking verstoord en dan worden ze ook nog beloond voor hun
daden’, zeiden ze. Ik vind dat wel een heel eenzijdige kijk
op de
werkelijkheid. En het versterkt de voedingsbodem van vooroordelen en
haat. Niemand in Nederland wil wangedrag belonen. We delen samen een
geschiedenis en we delen de kostbare vrijheid in dit land. Het
informatiemateriaal dat we in voorbereiding hebben, is bedoeld voor
alle inwoners van Nederland, te beginnen bij de kinderen vanaf een jaar
of 10. Ik hoop ook dat politici er kennis van nemen en de media er over
willen berichten omdat er geweldige kansen liggen. Samen met enkele
instellingen heb ik geijverd voor een monument. Het zou ook een vorm
van erkenning zijn wanneer er een gedenkteken zou komen, ter
nagedachtenis aan de ouders, familieleden en landgenoten die sneuvelden
voor de vrijheid. De officiële instanties in Nederland voelen
daar nog
niet veel voor en het huidige klimaat is er wellicht ook niet zo
geschikt voor. Ik ben van mening dat het er wel eens van moet komen. Ik
hoop dat we met het informatiemateriaal een monument van kennis en
wederzijds begrip kunnen oprichten.” |
wie
kan er hoger dan de ijveltoren springen......????
iedereen, de ijveltoren kan niet springen
Wat staat er op het graf van een
begravenisondernemer??
Wie een kuil graaft voor een ander, valt er zelf in!!!
goed nieuw en slecht nieuws
een man ligt op zijn bed in het ziekenhuis wat rond te kijken. Plots
komt de dokter binnen en zegt: "ik heb goed nieuw en slecht nieuws" het
goede nieuws is dat je nog 12 uren te leven hebt. De man antwoord:
"oooh, bere goe! wat is dan het slechte nieuws? Antwoord de dokter: "
dat ik u dat gisteren al had moeten vertellen!"
twee limburgers gaan vissen in een rood bootje. zegt de eerste:'' er
zit een gat in de boot zegt de ander:''kom we maken er nog een gat bij
dan kan het water er langs daar weer uit |
Live Aid was a
multi-venue rock music concert held on July 13, 1985.
The event was organised byBob
Geldofand Midge Ure in order to raise funds for
famine relief in Ethiopia.
Billed as a "global jukebox", the main sites for the event were Wembley
Stadium, London, attended by 72,000 people, and JFK Stadium,
Philadelphia, attended by about 90,000 people, with some acts
performing at other venues such as Sydney and Moscow.
It was one of
the largest scale satellite link-ups and TV broadcasts of all time: an
estimated 1.5 billion viewers in 100 countries watched the live
broadcast.
Robert Frederick
Xenon Geldof, KBE (born
October 5, 1951 in Dún Laoghaire, County Dublin) is an Irish
singer,
songwriter, actor and political activist, known simply as Bob Geldof.
He is of Irish and Belgian extraction.
|
| Countries in Africa
Algeria
| Angola | Benin | Botswana | Burkina Faso | Burundi | Cameroon | Cape
Verde | Central African Republic | Chad | Comoros | Democratic Republic
of the Congo | Republic of the Congo | Côte d'Ivoire |
Djibouti | Egypt
| Equatorial Guinea | Eritrea | Ethiopia | Gabon | The Gambia | Ghana |
Guinea | Guinea-Bissau | Kenya | Lesotho | Liberia | Libya | Madagascar
| Malawi | Mali | Mauritania | Mauritius | Morocco | Mozambique |
Namibia | Niger | Nigeria | Rwanda | São Tomé and
Príncipe | Senegal |
Seychelles | Sierra Leone | Somalia/Somaliland | South Africa | Sudan |
Swaziland | Tanzania | Togo | Tunisia | Uganda | Western Sahara/SADR |
Zambia | Zimbabwe Dependencies: British
Indian
Ocean
Territory | Canary Islands |
Ceuta and Melilla | Madeira Islands | Mayotte | Réunion |
Saint Helena
and dependencies |
|
|
|
|
|