| De Elementen Deel 2 |
| WATER RIVIEREN : bron van het leven. In vroegere tijden symbool voor communicatie wegen. Ze vertegenwoordigen de grenzen tussen landen of tussen leven en dood. In het hindoeisme staan ze voor zuivering. STOOM : Noord Amerikaanse indianen geloofden dat stoom de zuiverende kracht van zowel vuur als water bevatte. Opstijgend water in de vorm van stoom symboliseerd de transformatie van het materi�le in het spirituele. REGEN : Zegening die leven mogelijk maakt. Altijd symbool geweest voor goddelijke gunsten en openbaringen. De toorn van de goden of het verlangen om de aarde van verdorvenheid te zuiveren. Regen kan echter een zondvloed veroorzaken waarbij de onschuldigen onder de schuldigen moeten lijden. |
| AARDE VALLEI : beschermd vrouwelijk symbool. Dat in verband word gebracht met vruchtbaarheid, landbouw en water. In Chinese en Christelijke tradities wordt een vallei geassocieerd met duisternis en het onbekende. BERG : Als punt van hemel en aarde elkaar raken symboliseren bergen mannelijkheid, eeuwigheid en het opklimmen van dierlijkheid naar spiritualiteit Bergtoppen worden traditioneel gezien als verblijfplaatsen van weergoden. DE GROT : Vrouwelijk symbool met uiteenlopende betekenissen Kan staan voor het centrum van de wereld, maar ook voor het onbewuste, de toegang tot de onderwereld , of voor initiatie of esoterische wijsheid. |
| LUCHT LUCHTGEEST : onstoffelijke luchtgeesten staan in contact met het goddelijke. PRANA : fundamentele energie die door het menselijk lichaam stroomt. WOLKEN : symboliseren geheimzinnigheid en het heilige, in vele culturen worden de goden en godinnen voorgeteld gehuld in een wolk. Chinezen geloven dat wolken onststonden uit de versmelting van Yin en Yang en daarom vrede symboliseerde. |
| Naar Tolkien |