| Vakantiedag |
| Het Centraal Station, Amsterdamse huizen en grachten, duizenden mensen, drukke steden, grote kale vlaktes met af en toe een stromend beekje erdoorheen, koeien, schapen, nog meer koeien, vele stations... Alles vloog voorbij door het raam. M'n huis lag inmiddels ver achter me en de trein naderde het station van mijn bestemming op de eerste dag van m'n vakantie. De zon begon de aarde al aardig op te warmen rond elven in de ochtend. Met een heerlijk briesje in de lucht en een lekker temperatuurtje liep ik in m'n hemdje en een luchtig jackje naar de bus, die zoals altijd - uitgezonderd de vele keren dat de trein vertraging heeft - al klaar stond. Na een paar haltes stapte ik uit en wandelde genietend van het mooie leven naar zijn huis. Hoe dichterbij ik kwam, hoe meer zin ik kreeg. Het zou de laatste keer zijn dat ik hem zou zien, waardoor ik toch ook een beetje zenuwachtig was. Ik zou nog een uurtje bij hem zijn. Ik zou hem vertellen hoe goed het wel met me ging, hoe gelukkig ik me wel voelde, hoeveel beter ik me wel voelde sinds ik met hem omging. De deur stond open, hij verwachtte me immers al. Ik klopte even en liep naar binnen, waar ik hem al uit de woonkamer zag komen met thee en bekertjes, klaar om naar buiten te gaan. Zelf had ik eerlijk gezegd verwacht dat we naar z'n kamer zouden gaan, maar naar buiten was natuurlijk ook wel goed. Het was mooi weer. We liepen langs de dijk en praatten over van alles. Heerlijk was het. Ik praatte gewoon tegen hem, over van alles en nog wat, over gewone dingen, maar ook over diepere gebeurtenissen. En dat terwijl ik me met praten zo slecht kan uiten. Blijkbaar had ik gewoon een enorm vertrouwen in hem. Ik voelde me altijd goed bij hem en durfde te praten en hij luisterde naar me. Het is gewoon dat ik in die tijd dat ik hem heb leren kennen me steeds vertrouwder bij hem ben gaan voelen. Toen we waren gaan zitten schonk hij thee voor me in en voor hemzelf. We zaten naast elkaar op het gras, keken uit op het zeer grote meer en luisterden naar vogels. Ik nam een slokje van de thee. Vreemd. Het was andere thee dan we normaal altijd dronken (rooibosthee). Dus vroeg ik het hem maar. Het was heksenthee zei hij, eigenlijk gewoon zwarte thee met verschillende kruiden erin. Ik vond het wel lekker. Had hij speciaal voor onze laatste keer andere thee gemaakt? Wat aardig van hem. Voor ik het door had lagen we daar op het gras, hij half op me. Alles ging ineens zo snel, eigenlijk heel langzaam, maar toch snel. Hij kuste me. Op m'n mond, en op allerlei andere plekken. Hij tongzoende me. Hij raakte me aan en streelde me. Walgelijk was het. Het enige wat ik op dat moment kon doen was me beseffen dat God bij me was. Ik duwde hem van me af en begon hem helemaal in elkaar te slaan. Daar lag hij dan na mijn grove actie als een hoopje as in het gras en ik lachte hem vierkant uit. Wie dacht hij wel wie hij was?! Het hoopje as waar ik zonet nog zo erg in vertrouwde strooide ik uit over het water van het meer en ik wenste hem met mijn hartelijkste groeten veel plezier in de hel. Helaas is dit natuurlijk niet echt gebeurd. Ik zou moeilijk een man van dertig jaar ouder dan ik in elkaar kunnen slaan, denk je ook niet? Was het maar waar. Wat vreemd toch ook dat ik me nu misschien wel honderd keer zo slecht voel als voordat ik bij hem in muziektherapie ging. De therapie was geweldig, geloof me, het had me erg veel geholpen. Alleen jammer dat door deze laatste keer alles in de soep gevallen is. Jammer dat m'n vertrouwen in wie dan ook nu verloren is. Maar mijn vakantie was in elk geval fantastisch! Op deze dag, en alle dagen die daarop volgden na dan... |