Angin
Surga
Terminal
Musik Indonesia
Overzicht van Ziektes en de Werking van de Geneeskrachtige Edelstenen
A / F 

Aambeien..................................heliotroop,
topaas.
Angezichtspijn...........................magnetiet,
unakiet.
Abcessen...................................aquamarijn,
pyriet, bergkristal
Achterhoofdpijn.......................
jade/nefriet, amazoniet.
Acne (jeugdpuistjes).................aventurijn,
bergkristal, amethyst.
Ademnood................................valkenoog,
kattenoog, tijgeroog.
Adervernauwing.......................pyriet,
rookkwarts.
Allergie.....................................aquamarijn,
sneeuwkwarts.
Alvleesklieraandoening............heliotroop,
magnetiet.
Angina Pectoris........................topaas,
granaat.
Amandelen (onst.)....................aquamarijn,
haematiet.
Angst........................................toermalijn,
valkenoog, sodaliet.
Arthritis....................................malachiet,
barnsteen, azuriet.
Arthrose....................................magnetiet,
unakiet.
Astma........................................barnsteen,
rutielkwarts, tijgeroog.
Bedplassen................................jade,
peridoot, toermalijnkwarts
Benen (open)............................topaas,
bloedkoraal, versteend hout.
Beroerte...................................lapis
lazuli, topaas, azuriet.
Bescheidenheid........................aquamarijn,
versteend hout.
Besmetting ( tegen)..................granaat,
labradoriet.
Bevalling (bevordert)................agaat,
heliotroop, smaragd, chrysopraas.
Bezetendheid.............................peridoot,
sneeuwkwarts.
Blaasontsteking.........................jade/nefriet,
jaspis.
Blaasstenen...............................heliotroop,
chalcedoon.
Blaasziekten..............................barnsteen,
heliotroop.
Bloedarmoede...........................carneool,
haematiet.
Bloedingen.................................bergkristal,
chalcedoon, haematiet.
Bloedzuiverend..........................amethyst,
magnesiet.
Bloedziekte................................amethyst,
sodaliet.
Bloedvergifteging.......................carneool,
onyx.
Bloeddruk (lage).........................labradoriet,
carneool.
Bloeddruk (hoge)........................heliotroop,
sodaliet, lapis lazuli, malachiet.
Bloedcirculatie............................carneool,
pyriet, azuriet.
Bloedvloeing...............................smaragd,
maansteen.
Bloedvatenvernauwing...............topaas,
mosagaat.
Blijmoedig (maakt).....................chalcedoon,
topaas.
Botversterkend............................azuriet,
granaat.
Brandwonden..............................amethyst,
citrien, amazoniet.
Bronchitis....................................aquamarijn,
rutielkwarts, unakiet.
Buikkramp...................................pyriet,
rosakwarts, haematiet.
Cara.............................................rutielkwarts,
barnsteen, toermalijn/kwarts
Concentrasie................................citrien,
granaat, azuriet, labradoriet.
Darmkrampen..............................heliotroop,
bergkristal.
Darmstoringen.............................Carneool,
mosagaat.
Dauwworm...................................aquamarijn,
rutielkwarts, magnesiet.
Denken (helder)...........................tijgeroog,
valkenoog, citrien.
Depressie......................................toermalijn,
lapis lazuli, sugiliet, chrysocolla.
Diaree...........................................bergkristal,
pyriet, unakiet.
Doofheid.......................................magnetiet,
sneeuwkwarts.
Doorzettingsvermogen..................granaat,
peridoot, robijn, azuriet.
Drift...............................................amethyst,
fluoriet, rookkwarts.
Dromen (nare)...............................toermalijn,
bloedkoraal.
Dronkenschap...............................amethyst,
sneeuwkwarts, robijn.
Drugsverslaving............................amethyst,
agaat, azuriet.
Duizeligheid..................................bergkristal,
toermalijn, robijn.
Eczeem..........................................amazoniet,
aventurijn, aquamarijn, fluoriet.
Emoties.........................................robijn,
ametyhst, labradoriet.
Energie (geeft)..............................granaat,
labradoriet, bergkristal, sneeuwkwarts, sugiliet.
Epilepsie........................................smaragd,
toermalijn, sodaliet.
Ettering..........................................onyx,
versteend hout.
Evenwichtigheid............................robijn,
citrien, onyx.
Evenwichtsstoornis........................toermalijn,
bergkristal, smaragd.
Examenvrees..................................haematiet,
carneool, citrien.
Fantasie (bevordert de)..................rhodoniet,
rhodochrosiet, rosakwarts.
Fobie..............................................toermalijn,
valkenoog, sodaliet.
Futloosheid....................................citrien,
tijgeroog
G
/ L