Al zit ik goed, al zit ik fout, ik weet toch dat hij echt van me houdt. Ze heerlijk duf, die lieve knuffel van mij. Al zeg ik nee, al zeg ik ja, hij loopt me gedwee als een schoothondje na. Zo heerlijk duf, die lieve knuffel van mij.
Z�n borst niet breed, bepaald geen atleet. En ook qua brein is ie klein. Nee, nee, deel voor deel doet hij me niet veel, dus dan moet het, denk ik, wel de optelsom zijn.
Je ziet meteen hoe het zit. Hoe hij me aanbidt! Stel nou dat ik �n moord heb begaan, dan roept ie meteen: Ik heb het gedaan.
Aandoenlijk braaf, maar veel zit er niet bij. Die duffe, muffe, suffe knuffel van mij!

Een man mag toch zeker wel z�n gezin en z�n huis beschermen?
Vanzelfsprekend.
Dus ik kom thuis van mijn werk, van de garage agent, ik zie �m zo door het raam naar binnen klimmen.
Aha.
Terwijl m�n vrouw Roxanne ligt te slapen als een roos.
Zo heerlijk duf.
Als een roos, agent.
Die lieve knuffel van mij.
Ik bedoel�eh. Hij had haar kunnen aanranden of zoiets. Snapt u waar ik naar toe wil�.aanranden?
Ik snap het.
Ja of zoiets. Daar moet je toch niet aan denken he? Maar goed dat ik op tijd van m�n werk thuiskwam. Ik bedoel maar. Ik bedoel maar.
Zo heerlijk duf, die lieve knuffel van mij.
Fred Casely.
Fred Casely? Maar dat is toch geen inbreker? M�n vrouw kent hem heel goed. Al onze meubeltjes komen van hem.
En ook qua brein is ie klein.
Dus ze loog tegen me. Ze zei dat het een inbreker was.
U bedoelt dat ie al thuis was toen u thuiskwam?
Er lag al een laken over �m heen en ze kwam met een vaag verhaal over een inbreker en ik moest zeggen dat ik het had gedaan, want mij konden ze niks maken, zei ze. Nou. Inbreker, m�n neus.
Nou hij heeft me verlinkt.
(En ik geloofde �r. De sloerie. Dus ze belazerde me, he?)
Die hele zaak stinkt!
(nou van mij mag ze hangen. Sta ik me daar een beetje veertien uur per dag uit te sloven in de garage terwijl mevrouw de hele dag op de bank ligt met d�r bonbons en d�r jazzplaten)
Geef hem een schop. In Jezusnaam stop! Hoor hoe ie lult als een kip zonder kop!
(maar nu is ze echt te ver gegaan, de sloerie! God wat ben ik stom geweest!)

God hij knoopt me op! En hij levert het touw erbij! Die oliedomme, stomme sufkont van mij!
Hosted by www.Geocities.ws

1