| Er valt een zwarte schaduw |
| De Dood: Tijd om met elkaar te spreken om het zwijgen te doorbreken je kent me, ja je kent me Ik zei jou als kleine jongen Rudolf, wees er van doordrongen dat ik steeds in de buurt ben Rudolf: Vriend, ik ben je nooit vergeten altijd zal ik om je roepen als de angsten aan mij vreten De Dood: Ik kom als jij dat wilt De Dood, Rudolf: Er valt een zwarte schaduw en geen mens die daar voor openstaat Men volgt de rattenvanger die zacht fluitend naar de afgrond gaat Er valt een zwarte schaduw het is vijf voor twaalf, het uur der waarheid slaat Rudolf: Zal de wereld exploderen kon ik maar het onheil keren maar ik mag niet reageren mijn handen zijn gebonden De Dood: Weten dat we aan de rand staan van de gapende ravijnen En dan machtloos aan de kant staan Rudolf: Die aanblik maakt me ziek! De Dood, Rudolf, koor: Er valt een zwarte schaduw en de liederen klinken koud en schril De duivelszang wordt luider maar men hoort slechts wat men horen wil Er valt een zwarte schaduw het is vijf voor twaalf, waarom wordt het nu stil? De Dood: Wat weerhoudt je nog dit is het ogenblik Grijp naar de macht, dit is je roeping! Rudolf: Roeping? De Dood, Rudolf, koor: Er valt een zwarte schaduw nu we langzaam naar de afgrond gaan De duivelszang wordt luider maar wie kan de wrede satan aan Er valt een zwarte schaduw keizer Rudolf zal de ondergang weerstaan |