FPÖ: geschiedenis, samenstelling en Belgische contacten
-Geschiedenis van de FPÖ
-Wie is wie in de FPÖ: (1) personen (2) organisaties
-De Oostenrijkse connecties van het Vlaams
Blok
Geschiedenis van het FPÖ
1. Eerste jaren
De geschiedenis van het FPÖ kent enkele vreemde wendingen. Vrij vlug na Wereldoorlog Twee waren er in Oostenrijk tal van organisaties die teruggaan op de traditie van het nazisme. Opvallend is dat in die organisaties een groot aantal professoren, dokters, advokaten,... actief is. De FPÖ baseert zich op die lagen om bij de oprichting in 1956 direct al een zuivering van de partij door te voeren waarbij de oude liberale vleugel van in de VdU, de stroming van Herbert Kraus, geliquideerd wordt. De eerste voorzitter van de FPÖ was Anton Reinthaller (1956-58). Reinthaller werd in 1938 minister en was lid van de nationale leiding van de NSDAP-Oostenrijk. Ook z’n opvolger als FPÖ-voorzitter, Friedrich Peter (1958-1978), had een nazi-verleden als SS-officier. Onder Peter verklaart de FPÖ dat het bereid is toegevingen te doen. De manier waarop dit aangekondigd wordt is veelzeggend: "We moeten ook met Joden en vrijmetselaars aan een zelfde tafel kunnen zitten" (Express, 9/10/1963). Een jaar later verklaarde hij dat de FPÖ moet openstaan voor zowel liberalen als "nationalen" (een term die veel gebruikt wordt om nationalisten te omschrijven, waarbij de link naar de "nationalen" als nationaal-socialisten nooit ver weg is).
2. Jaren ’70-1986: machtsstrijd en versterking van de liberale vleugel
Vanaf de jaren ’70 is er ook in Oostenrijk een verlinksing merkbaar in de maatschappij. Binnen de FPÖ komt dat tot z’n uiting in de versterking van de liberale vleugel, vooral onder de jongeren. De studentenorganisatie van de FPÖ, de "Ringes Freiheitlichen Studenten", valt in studentenverkiezingen terug van meer dan 30% voor de jaren ’70 tot 7% (1979) en in ’87 zelfs tot 2%. Het is overigens opvallend dat ze op studentenvlak nooit meer de oude positie hebben kunnen heroveren en zelfs midden jaren ’90 niet verder kwamen dan 3,5% in studentenverkiezingen (1993). De invloed van de liberale jongeren zorgt ervoor dat er tegen eind jaren ’80 een open machtsstrijd losbarst voor de voorzittersverkiezingen van 1980. De kandidaat van de rechtse vleugel is Harald Ofner (tegenwoordig FPÖ-parlementair). De tegenkandidaat is Norbert Steger, een liberaal. Steger haalt het waardoor de rechterzijde tot oppositie wordt gedwongen. Naast Ofner zijn de centrale figuren in die oppositie Otto Scrinzi en Jörg Haider. Het zwaartepunt van de oppositie ligt in Karinthië. Tegen eind jaren ’80 verliest Steger aan steun in de partij door verkiezingsnederlagen. Daarnaast begint de rechterzijde binnen de FPÖ zich beter te organiseren en een machtswissel voor te bereiden. De onvrede met de partijleiding van Steger en de sterkte van de Haider-aanhangers werd duidelijk in de stemoproep van de Karinthische FPÖ-afdeling in de presidentsverkiezingen van 1986 waar opgeroepen werd voor de scheurpartij van Otto Scrinzi, de National-Freiheitliche Aktion (NFA). Naar aanleiding van deze verkiezingen wordt Scrinzi uitgesloten uit de FPÖ (maar wordt later opnieuw opgenomen). Scrinzi genoot ook de steun van de National Demokratische Partei (NDP) van Norbert Burger, het Arbeitergemeinschaft für Politik (AFP), het tijdschrift Aula,... Scrinzi behaalde wel slechts 1,2% van de stemmen.
3. Het FPÖ-congres van Innsbrück in 1986
Een belangrijk keerpunt voor de FPÖ was het congres van Innsbrück in 1986. Hier loopt de discussie uit de hand, later wordt duidelijk dat dit voorbereid werd en georchestreerd door een groep die zich "Lorenzer Kreis" noemde en waar o.a. Haider toe behoorde. Op het congres wordt over de liberalen gesproken als "Joden" die beter "vergast" zouden worden... De groep rond Haider haalt nipt een meerderheid waardoor Haider voorzitter wordt. Hij haalt 263 stemmen (59,5%) tegenover 179 voor Steger (40,5%). De liberalen stappen niet direct allemaal uit de partij, pas begin jaren ’90 is er een volledige zuivering van de partij. Wellicht stond de tendens van Haider in 1986 nog niet sterk genoeg om de volledige machtswissel door te voeren en de liberalen buiten te krijgen. Daarnaast waren er een aantal liberalen die eieren voor hun geld kozen en vlug kant begonnen te kiezen voor Haider. Onder hen bevindt zich huidig FPÖ-parlementslid Helene Partik-Pablé. In 1986 zit de FPÖ in de coalitie maar toch trekt Haider naar de parlementsverkiezingen als oppositie-partij. Met een agressieve oppositie-campagne behaalt Haider vrij vlug, in 1986 nog, een verkiezingsoverwinning en groeit de FPÖ tot 9,7% van de stemmen. Vooral in Karinthië worden hoge scores gehaald. Haider wordt in Karinthië in 1989 zelfs kanselier door een coalitie van de FPÖ en de christen-democraten van de ÖVP. De basis voor deze verkiezingsoverwinningen was voornamelijk een imago van anti-corruptie en anti-establishment. Vanaf 1992-93 wordt ook het vreemdelingenthema boven gehaald, hierrond lanceerde de FPÖ in 1992 een petitie waarvoor een doelstelling van 1 miljoen handtekeningen werd naar voor gebracht (deze petitie strandde echter op 417.000 handtekeningen, de tegenbetoging van 23 januari 1993 op 250.000 deelnemers...).
4. De grote zuivering: 1991-93
In 1991-93 vindt een redelijk grote verandering plaats in de FPÖ. Er is sprake van een ‘Haiderisierung’ van de partij. Een overzicht van de uitsluitingen en al dan niet vrijwillige uittredingen is indrukwekkend: Walter Candussi (vice-burgemeester Klagenfurt, ex-vertrouweling van Haider met wie hij in 1982 een geheime schriftelijke overeenkomst maakte om wederzijdse hulp te bieden bij hun carrière in de partij, wegens "bedreiging" van Haider een functie-verbod opgelegd), Norbert Gugerbauer (parlementair, functieverbod opgelegd door de partij zonder duidelijke reden), Friedrich Peter (ex-voorzitter, verlaat de partij omdat hij niet akkoord is met de anti-Europese koers), Kriemhild Trattnig (parlementsvoorzitter in Karinthië, verlaat de partij in ’92 maar wordt opnieuw lid in ’93), een groep van een vijftal meer liberale parlementsleden onder leiding van FPÖ-presidentskandidaat Heide Schmidt, Norbert Steger (ex-voorzitter),... Het wordt duidelijk dat Haider hierin een cruciale rol speelde en elke mogelijke oppositie in de partij het zwijgen oplegde. Aangezien hij hierbij ook z’n dichtste medestanders, zoals Candussi, laat vallen, wordt angstig gereageerd binnen de partij. Ongeveer terzelfdertijd als de uitsluitingen, wordt een deel van de oude garde neo-nazi’s terug binnen gehaald. In 1987 was er al een eerste poging hiertoe. Op 4/7/87 was er een discussie tussen Haider en Trattnig van de FPÖ en Otto Scrinzi (NFA) en Norbert Burger (NDP). Over deze discussie in Moosburg is niets geweten qua inhoudelijke elementen, behalve dat het over samenwerking ging en dat later Scrinzi opnieuw in de FPÖ opgenomen werd. Wellicht werd er een evaluatie gemaakt van de presidentsverkiezingen van 1986 (kandidatuur Scrinzi), de voorzittersverkiezingen in de FPÖ van 1986 en de parlementsverkiezingen van 1986. Pas vanaf begin jaren ’90 wordt echter duidelijk dat een aantal neo-nazi’s figureren als FPÖ-kandidaten in de verkiezingen. In de Weense gemeenteraadsverkiezingen van 1991 zijn o.a. Dietmar Sulzberger (ex-NDP) en Elmar Dinrberger (ex-Aktion Neue Rechte) kandidaat. In de lokale parlementsverkiezingen in Niederösterreich op 16 mei 1993 zijn Barbara Rosenkranz (vrouw van de beruchte Horst Jakob Rosenkranz) en Hans Jörg Schimanek sr. kandidaat. Meer militante nazi’s blijven formeel buiten de FPÖ, al is die scheidingslijn niet altijd even duidelijk. Zo figureerde Gottfried Küssel (samen met Gerd Honsik het uithangbord van de skinheads in Oostenrijk en erbuiten) als FPÖ-kandidaat voor de gemeenteraadsverkiezingen in het dorpje Payerbach in 1993. Küssel is voorzitter van de Volkstreue Ausserparlementarische Opposition (VAPO) dat het blad "Sturmfahne" uitbrengt en contacten onderhoud met de VS-organisatie NSDAP-AO. De internationale contacten van de VAPO reiken ook tot bij ons. Zo onderhield Küssel minstens tot eind jaren ’80 (verdere info ontbreekt) goede contacten met Bert Erikkson, Roger Spinnewijn,... Er is ook contact tussen de VAPO en de Duitse terroristische Hoffman-groep (die bij een bomaanslag in München in 1980 een bloedbad met 14 doden aanrichten). In 1982 werd Paul Leroy, de rechterhand van Karl Heinz Hoffman, gearresteerd bij Roger Spinnewijn thuis in Brugge.
5. Electorale doorbraak van de FPÖ - Breuk met de liberale internationale
Vanaf het voorzitterschap van Haider is de FPÖ enorm gegroeid. Terwijl enerzijds de interne partijstructuur volledig veranderd is en de partij gezuiverd is, werd anderzijds ook de externe retoriek van de rechterzijde gewijzigd. Daar waar voor de jaren ’90 de neo-nazi’s voornamelijk bestonden uit goed opgeleide academici die elitair clubjes vormden, smijt Haider de boel open. Met z’n anti-establishment retoriek haalt hij vooral steun onder de armste lagen van de arbeidersklasse. In ’93 zijn 27% van de FPÖ-kiezers zijn arbeiders, wat ongeveer evenveel is als bij de SPÖ. Opvallend is dat onder studenten de FPÖ bij verkiezingen in ’93 slechts 3,5% haalt!
Eveneens na de zuivering van de partij, komt het tot een breuk met de liberale internationale. In 1986 werd al een onderzoekscommissie ingesteld, waarbij vooral kritiek geleverd werd op het Karintische partij-orgaan, het weekblad ‘Kärtner Nachrichten’, op dat ogenblik geleid door Andreas Mölzer die eveneens werkte voor het blad Aula. De kritiek van de liberale internationale was op dat ogenblik vooral gericht tegen de Karintische leiding van Mölzer, Kriemhild Trattnig en Haider. In 1993 splits het ‘Liberaal Forum’ van de FPÖ af (onder leiding van parlementslid Heide Schmidt). Op een internationaal congres van de liberale internationale wordt het lidmaatschap van de FPÖ opgezegd en het Liberaal Forum wordt erkend. De FPÖ en Haider zijn hierna redelijk voorzichtig wat hun internationale contacten betreft. Zo wordt afstand gehouden tegenover figuren als Jean-Marie Le Pen en Franz Schonhuber. De enigen met wie openlijk erg goede banden onderhouden wordt, is de Lega Nord van Umberto Bossi.
6. Partijprogramma van de FPÖ
Het officiële partijprogramma is nog steeds dit van 1985, opgemaakt onder het liberale bewind in de partij. Een aantal elementen worden nu wel sterker benadrukt. Een centraal begrip in het programma is dit van de "Volksgemeinschaft". Dit is overgenomen uit de nazi-traditie en wijst op een ‘volkseenheid’ dat iedere vorm van klassentegenstelling overstijgt. In feit gaat het hier om een omschrijving van het solidarisme. Een tweede centraal punt is de kritiek op de democratie, eigenlijk een anti-corruptie en anti-establishment imago. Dit wordt gekoppeld aan de idee van de "Derde Republiek", de nood aan een nieuw systeem dat zich afzet van de huidige traditionele politici. Ten derde komt het element van een sterke staat naar voor, gekoppeld aan een repressief veiligheidsbeleid zoals uitgetekend door Otto Scrinzi in het partijblad ‘Freie Argumente’ in 1994. Een ander prominent punt in het partijprogramma van de FPÖ is het Duits nationalisme. Zo stelt de FPÖ dat Oostenrijk een uitvinding van de communisten is. Momenteel wordt die stelling niet echt maatschappelijk aanvaard en speelt de FPÖ meer in op een gevoel van Oostenrijks nationalisme met de slogan ‘Österreich zuerst’.
7. Enkele conclusies
Een erg opvallend gegeven is wat er in de FPÖ gebeurd is begin jaren ’90. Terwijl de electorale groei bezig was, vond een ware transformatie van de partij plaats. Niet enkel de manier waarop de FPÖ naar buiten kwam veranderde (het vreemdelingenthema), maar vooral intern zijn de veranderingen opvallend. Als Haider zelfs z’n medestander Candussi laat vallen, ondanks een schriftelijke overeenkomst dat ze elkaar zouden helpen bij hun carrière-uitbouw in de partij (op zich is een dergelijk akkoord ook al bijzonder vreemd), kan hij gebruik maken van het angstklimaat in de partij om een reeks getrouwen de touwtjes in handen te laten nemen. De FPÖ wordt dan ook door verschillende krachten voorgesteld als een autoritaire "Führerpartei". De liquidatie van een deel van de rechtervleugel in 1991-93 doet vermoeden dat de bedoeling niet enkel was om minder radicale elementen weg te zuiveren, maar dat het Haider vooral te doen was om z’n eigen machtspositie te versterken.
Wie is wie in en rond het FPÖ - De link met nazi-bewegingen.
Er zijn in het extreem-rechtse milieu in Oostenrijk een aantal cruciale personen. Hieronder vind je een beperkt overzicht van de belangrijksten en hun connecties met neo-nazi’s:
-Norbert Burger: Burger is een prominente figuur in de Oostenrijkse rechterzijde. Hij is leider van de beruchte Nationaldemokratische Partei, die hij mee opricht in 1967 nadat Burger enkele jaren voordien brak met de FPÖ. Deze NDP nam in 1980 deel aan de verkiezingen, maar wil na de machtsovername van Haider in de FPÖ deze partij geen concurrentie bezorgen. Dat is wellicht een gevolg van de onderhandelingen tussen Burger, Scrinzi, Haider en Trattnig in 1987.
-Reinhart Gaugg: Gaugg is momenteel FPÖ-parlementair in de Nationalrat en woordvoerder voor de FPÖ voor het thema "arbeid". Deze Karinthische FPÖ’er verklaarde in 1993 in het dagblad ‘Kärtner Tageszeitung’ in een interview: "Wat betekent voor u het woord nazi? Gaugg: ‘Nazi? Aantrekkelijk, nieuw, doelbewust en rijk aan ideeën. Dit heeft met het verleden niets te maken.’ Meent u dat? Gaugg:’Ja""
-John Gudenus: Dit FPÖ-parlementslid in de Bundesrat is één van de huidige FPÖ-parlementairen met een uitgesproken rechtse mening. Z’n steun aan de zogenaamde "burgerinitiatieven voor de bescherming van de democratie" is veelzeggend. Deze initiatieven (begin jaren ’90) hadden vooral tot doel om een campagne te voeren tegen het verbod op bepaalde neo-nazi groepen. In het parlement verdedigde Gudenus deze initiatieven.
-Jörg Haider: In 1966 laat de toen 16-jarige Haider voor het eerst van zich horen met het artikel "Wie deutsch ist Österreich?" in het extreem-rechtse blad ‘Deutscher-National Zeitung’. Tot midden jaren ’70 neemt hij leidinggevende posities in binnen de jongeren- en studentenorganisaties van de FPÖ. In 1976 wordt hij partijsecretaris van de Karintische FPÖ-afdeling en in 1979 parlementair in de Nationalrat. Vanuit Karinthië bouwt hij aan de oppositie tegen de liberalen en wordt in 1986 voorzitter.
-Hilmar Kabas: Kabas zit momenteel in de leiding van de Weense FPÖ. Kabas zorgde ervoor dat de Weense FPÖ het voortouw nam op vlak van het vreemdelingenthema. Hierover gaf Kabas in 1991 een interview aan het neo-nazistisch blad ‘Fakten’ van Horst Jakob Rosenkranz.
-Gerhard Kurzmann: Kurzmann is momenteel FPÖ-parlementair in de Nationalrat en officiële woordvoerder van de FPÖ voor de thema’s "burgerinitiatieven" en "openbare diensten". Hij sprak in 1990 op een bijeenkomst van de AFP. Samen met Scrinzi werkt hij mee met de ‘Freundeskreis Südtirol’, een nationalistische groep die goede banden onderhoudt met de Belgische groep ‘Were Di’. Volgens de Freundeskreis Südtirol zijn liberalisme en communisme uitvindingen van de Joden.
-Gottfried Küssel: De erg bekende neo-nazi Gottfried Küssel was in 1993 kandidaat voor de gemeenteraadsverkiezingen in Payerbach. Harald Ofner zorgde ervoor dat Küssel kandidaat voor de FPÖ kon zijn. Ofner is op dit ogenblik parlementslid voor de FPÖ. Küssel wordt in 1993 tot 10 jaar cel veroordeeld wegens z’n nazi-activiteiten. Kussel leidt de VAPO en schrikt niet terug voor geweld. Er wordt een band vermoed met de bommencampagne in 1993, waar ook de link naar het Engelse Combat 18 veel vermeld wordt.
-Eduard Mainoni: Mainoni is momenteel FPÖ-parlementair in de Nationalrat. In 1994 kwam Mainoni in opspraak toen hij samen met een groep FPÖ-ers op gewelddadige wijze het lokale parlement in Salzburg verstoorde.
-Andreas Mölzer: Deze figuur stond jarenlang aan het hoofd van het tijdschrift ‘Aula’ dat geregeld revisionistische artikels publiceert of reclame maakt voor nazistische boeken. Mölzer werd door Jörg Haider in 1983 in de Karintische FPÖ binnen gehaald als hoofdredacteur van het lokale FPÖ-weekblad ‘Kärtner Nachrichten’. Dit FPÖ-orgaan wordt gekenmerkt door de radicale uitspraken en staat in 1986 al centraal in het onderzoek van de liberale internationale in verband met een mogelijke uitsluiting van de FPÖ uit die liberale internationale.
-Helene Partik-Pablé: In 1986 kiest de liberale Partik-Pablé de kant van Haider en laat ze de vroegere medestanders van rond Steger vallen. Als beloning voor de steun aan Haider zit ze momenteel nog steeds in het parlement en is ze de officiële partijwoordvoerdster voor het thema "Zekerheid".
-Harald Ofner: Ofner was in 1980 reeds de rechtse tegenkandidaat tegen Norbert Steger voor het voorzitterschap van de FPÖ. Ofner zorgde er in 1993 voor dat de militante nazi Gottfried Küssel van de VAPO kandidaat voor de FPÖ was in de gemeenteraadsverkiezingen in Payerbach. Op dit ogenblik is Ofner parlementslid voor de FPÖ in de Nationalrat. Hij is momenteel tevens FPÖ-woordvoerder voor de thema’s "Justitie", "Mensenrechten"(!!) en "Volksgroepen".
-Wolfgang Rauter: Rauter is momenteel lid van de leiding van de FPÖ in Burgenland. Rauter is een vertrouweling van Haider en profileerde zich als verdediger van de positieve uitspraken van Haider over het nationaal-socialisme. Hij verklaarde in het dagblad ‘Der Standard’ (20/6/91): "In een demokratie moet het mogelijk zijn om naast alle verwerpingen van het nationaal-socialisme, ook de positieve aspecten naar voor te brengen". Hij eiste bij het uitkomen van de film ‘Schindler’s List’ dat de deelstaat Burgenland de gratis tickets voor scholieren om deze "schandalige film" te zien, zou intrekken. In 1992 liep een gerechtelijke procedure tegen Rauter wegens z’n nationaal-socialistische opvattingen.
-Horst Jakob Rosenkranz: Deze NDP’er stelde zich in 1990 kandidaat in de verkiezingen voor de lijst "Nein zur Ausländerflut". Deze lijst werd echter de toegang tot de verkiezingen verboden wegens haar nationaal-socialistisch karakter. De echtgenote van Horst Jakob, Barbara Rosenkranz, werd begin jaren ’90 verkozen voor de FPÖ in het lokale parlement van Niederösterreich.
-Herbert Scheibner: Scheibner is momenteel defensieminister namens de FPÖ. Een vriend van hem, Walter Köhler, werd in 1992 veroordeeld wegens vandalisme tegen Joodse grafstenen. Haider distantieerde zich van Köhler, maar in het dagblad Kurier verscheen op 17/2/94 een foto van een kleine verkiezingsmeeting van de FPÖ in Simmering, waar naast Haider en Scheibner ook een groep skinheads aanwezig waren onder leiding van Köhler.
-Karl Schnell: Schnell is momenteel lid van de leiding van de FPÖ in Salzburg. In 1992 nam hij deel aan een meeting van een groep nazi’s (de "Wohlfahrtsvereinigung der glasenbacher").
-Otto Scrinzi: Scrinzi (geboren in 1918) geldt zowat als de eminence grise van de rechtse fascisten in Oostenrijk. Hij was er al vroeg bij als NSDAP’er en SA-leider. Na 1949 wordt hij verkozen in het Karinthische parlement voor de VdU (Verbund der Unabhängigen, voorloper van de FPÖ). Van 1966 tot 1979 zit hij voor de FPÖ in de Nationalrat (parlement). Hij onderhoudt goede contacten met de Duitse DVU. Begin jaren ’80 komt hij zwaar in aanvaring met de liberale FPÖ-leiding en Norbert Steger persoonlijk. Hij vormt de NFA, een oppositiegroep in de FPÖ, en is in 1986 presidentskandidaat (waarbij hij 1,2% van de stemmen haalt). Na 1986 en de machtsovername van Haider in de FPÖ wordt hij opnieuw in de partij opgenomen.
-Kriemhild Trattnig: Na de discussie in 1986 binnen de FPÖ gaat de carrière van Trattnig razendsnel vooruit, wegens haar rol in de ‘Lorenzer Kreis’ (de informele groep die de machtsovername binnen de FPÖ had voorbereid). Ze brengt het o.a. tot parlementsvoorzitter van het lokale parlement in Karinthië. In 1992 treedt ze kortstondig uit de FPÖ terug en komt eigenlijk niet meer terug op het centrale voorplan. Qua politieke opvattingen is Trattnig duidelijk als hardliner te catalogeren. In 1987 neemt Trattnig deel aan de geheime besprekingen voor een rechtse eenheid, een gesprek met Haider, Burger en Scrinzi. In 1993 sprak ze voor de Österreichische Landsmannschaft (ÖLM), dat naast artikels van mensen als Otto Scrinzi ook video’s over Hitler verspreid en in haar tijdschrift ‘Eckarbote’ in ’89 een lovend artikel schreef ter herdenking van de geboortedag van Hitler. Op de cultuurdagen van de Österreichische Kulturwerk - Landesgruppe Kärtnen, een organisatie geleid door Otto Scrinzi, is Trattnig ook een graag geziene gast.
Overzicht van organisaties:
-Alternative Sozialisten: Deze groep wordt geleid door Klaus Bernhard (ex-Sieg). Het houdt zich voornamelijk bezig met voorstellen rond "burgerinitiatieven" (daarin wordt het gesteund door FPÖ-parlementair John Gudenus) en neemt een sterk anti-vreemdelingenstandpunt in: volgens het tijdschrift Der Hobel betekenen multiculturele scholen hetzelfde als een vorm van brutaal geweld.
-Arbeitsgemeinschaft für Politik (AFP): Deze groep is in 1963 gesticht en is vooral bekend van z’n jaarlijkse academische zittingen. De voorzitter van de AFP is Horst Ludwig. In de publicaties staan vertalingen van mensen als Alain De Benoist ("nieuw-rechts’). Onder de sprekers op de jaarlijkse academische zitting vinden we geregeld Robert Jan Verbelen terug, dit is een ter dood veroordeelde Belgische collaborateur die indertijd samen met Cyriel Verschaeve naar Oostenrijk gevlucht was. Verbelen was leider van de SS-politie in Vlaanderen tijdens de tweede oorlog. Andere sprekers voor de AFP zijn: Otto Scrinzi, Andreas Mölzer, Kriemhild Trattnig, Robert Dürr,... In 1988 spreekt naast Verbelen ook Francis Van Den Eynde (Gentse Vlaams Blok-parlementair) op de ‘politieke academie’ van de AFP, onderwerp van z’n toespraak is "De Europese gedachte en de Vlaamse beweging." De AFP onderhoudt goede contacten met de FPÖ, maar ook met radicalere krachten. Dat blijkt o.a. uit het feit dat in 1992 de politie bij de Wehrsportgruppe Trenck wapens vindt en nazi-vlaggen. Dit werd echter gevonden in het lokaal van de AFP. Met verkiezingen lanceert de AFP telkens een oproep om Haider en de FPÖ te ondersteunen. In een AFP-brochure over linkse organisaties wordt het internationaal zomerkamp van Youth Against Racism in Europe (YRE) in ’94 omschreven als een "trainingskamp" waar "gevechtstechnieken" aangeleerd werden. Dit bericht werd overgenomen in het Vlaams Blok blad ‘Doorzicht’ (van Kosmos) in 1996, met vermelding van de AFP als bron.
Foto: De wapens die gevonden
werden in het lokaal van de AFP!
-Aula: Het tijdschrift Aula is een corporatistisch studentenblad, dat jarenlang geleid werd door Andreas Mölzer, auteur van een biografie van Haider dat eerder een bejubeling is dan een biografie. Het schrijft zich in in de "nieuw-rechtse" traditie van Alain De Benoist. In Aula staat reclame voor boeken van revisionisten als David Irving of boeken met titels als ‘Rudolph Hess: ein gescheiterter Friedensbote’. In 1991 ontvangt het blad felicitaties voor haar 40-jarig bestaan van o.a. Horst Ludwig en Jörg Haider. Aula wordt, via de persoon van Mölzer, beschouwd als de brug tussen de FPÖ en de neo-nazi’s.

-Bürgergeschutz Österreich (BSÖ): dit was in 1992 een scheurlijst bij de verkiezingen. Leider van deze groep is Peter Kurt Weiss (ex-FPÖ). Centrale programmapunten zijn het racisme, anti-EG standpunten en de ‘burgerinitiatieven ter bescherming van de democratie’ (tegen het verbod op bepaalde nazi-groepen). Binnen de extreem-rechtse scene bestond redelijk wat steun voor deze scheurlijst.
-tijdschrift ‘Halt’ (van de "Groep 9/11", een verwijzing naar 9 november, Kristallnacht) : Dit traditionele tijdschrift van neo-nazi’s wordt in 1994, na een verbod, omgevormd tot het tijdschrift ‘Albus‘. Begin jaren ’90 trekt het een nieuwe laag jongeren aan, skinheads en hooligans van voornamelijk Rapid Wien. Deze groep heeft contact met de NSDAP-groep in de VS. Er wordt een band vermoed tussen de groep rond ‘Albus’ en de briefbommencampagne die Oostenrijk teisterde in 1993. Dit vermoeden is o.a. gebaseerd op de publicatie van een handleiding hoe brandbommen kunnen gemaakt worden. In Albus wordt steun verleend aan de voorstellen tot ‘burgerinitiatieven’ van Klaus Bernhard en Horst Jakob Rosenkranz.
-Nationaldemokratische Partei (NDP): partij geleid door Norbert Burger. Dit is een radicale partij die in 1980 deelnam aan de verkiezingen en 3,2% behaalde. De NDP ligt aan de basis van de ‘Auslander Halt Bewegung’. Wegens gerechtelijke problemen wordt de NDP in 1988 de ‘Bürger Rechts Bewegung’. Burger nam in 1987 deel aan het overleg met Haider, Trattnig en Scrinzi voor de vorming van een rechtse eenheid. In 1987 schreef het NDP-blad: "Als we opnieuw een electorale partij zullen worden is niet in het minst afhankelijk van de FPÖ. Een echt nationale FPÖ zouden we natuurlijk geen concurrentie bezorgen". Nadien is de NDP of z’n opvolger nooit meer opgekomen met verkiezingen...
-National-Freiheitliche Aktion (NFA): Deze groep ontstond als oppositiegroep in de FPÖ tegen het liberale bewind van Norbert Steger en compagnie begin jaren ’80. Leider van deze oppositiegroep is de beruchte Otto Scrinzi. De tegenstelling met de liberale FPÖ-leiding is zodanig groot dat Scrinzi in 1986 zelf kandidaat is voor de presidentsverkiezingen en omwille daarvan uit de FPÖ wordt gezet. De campagne van Scrinzi in 1986 wordt gesteund door de AFP, NDP, Aula en wat meer opvallend is, ook door de Karinthische partij-afdeling van de FPÖ (geleid door Haider en Trattnig). Met dezelfde Haider en Trattnig en daarnaast ook met Norbert Burger van de NDP is er in 1987 overleg over een rechtse eenheid. Na 1986 wordt Scrinzi opnieuw in de FPÖ geïntegreerd, samen met de rest van de NFA. In 1993 brengt de FPÖ een brochure uit over Scrinzi naar aanleiding van z’n 75ste verjaardag.
-Notwehrgemeinschaft der Bauern: deze groep wordt geleid door Norbert Dürr, ex-gemeenteraadslid van de FPÖ in Nickelsdorf en ex-medewerker van het negationistische blad ‘Sieg’.
-(Schutzverein) Österreichische Landsgemannschaft (ÖLM): Deze organisatie is in 1952 gesticht, voorzitter is Helmut Kowarik. Het geeft het tijdschrift Eckarbote uit, "maandblad voor Duitse cultuur". Regelmatig worden ‘cultuurdagen’ georganiseerd, waarop o.a. FPÖ-kopstukken als Kriemhild Trattnig komen spreken. Onder de aanbiedingen zijn er video’s met titels als ‘De strijd om Zuid-Afrika’, ‘Leven en werk van Adolf Hitler’,... In 1989 verscheen een artikel in Eckarbote ter herdenking van de geboortedag van Hitler.
-Österreichischer Turnerbond (ÖTB): deze organisatie neemt een belangrijke plaats in voor de recrutering van jongeren voor extreem-rechts. De ÖTB organiseert o.a. jongerenvakanties om niet-politieke jongeren aan te trekken. De volledige extreem-rechtse scene in Oostenrijk werkt via de ÖTB.
-Ring der Volkstreuer Verbände (RVV): De RVV wordt geleid door Walter Sücher, tot begin jaren ’90 in de Weense partijleiding van de FPÖ. De RVV steunde ook de NDP van Norbert Burger, zo hield de RVV in 1979 een publieke huldiging van Burger wegens z’n 50ste verjaardag.
-tijdschrift ‘Sieg’: Dit is een tijdschrift dat zich voornamelijk met revisionisme bezig houdt. Het wordt gemaakt door een ouder publiek van nazi-academici.
-Verein Dichtersteun Offenhausen: een extreem-rechtse groep kunstenaars die elk jaar "cultuur-dagen" organiseren. Onder de sprekers in 1990 waren Scrinzi en Mölzer, die in 1985 sprak over "Der Kampf um die Deutsche Identität".
-Volkstreue Ausserparlementarische Opposition (VAPO): De VAPO wordt geleid door Gottfried Küssel, geeft het blad ‘Sturmfahne’ uit, onderhoudt contacten met de NSDAP-organisatie in de VS (NSDAP-AO, "Auslands- und Aufbauorganisation"). Belangrijkste programmapunt is de strijd voor een ‘Groot-Duitsland’. De VAPO neemt een belangrijke plaats in bij de internationale nazi-scene. Belgische contacten van de VAPO zijn: Bert Erikkson, VMO-Limburg wordt midden jaren ’80 ook vermeld net zoals ‘Staminee 1302’ in Oostende. Onder de vrienden van de VAPO vinden we ook Roger Spinnewijn (Vlaams Blok) terug.
-Wohlfahrtsvereinigung der glasenbacher: Dit is een groep oude nazi’s die sinds 1957 georganiseerd zijn en vooral tot doel heeft buitenlandse "slachtoffers" van de vervolging van collaborateurs te verdedigen. Deze organisatie bestaat dan ook quasi volledig uit ex-collaborateurs (waardoor het lidmaatschap geleidelijk aan het uitsterven is). Bekende FPÖ-politici als Karl Schnell nemen deel aan meetings van de Wohlfahrtsvereinigung.
-Ulrichsgemeinschaft: Dit is een organisatie van ex-collaborateurs die jaarlijks een feestrede organiseert voor de "gevallen soldaten". Onder de aanwezigen op deze jaarlijkse bijeenkomsten zijn er vooral veel SS’ers. Onder de sprekers vinden we in 1985 en 1990 ook Jörg Haider terug! In een toespraak erkende Haider de "opoffering van de soldaten van Duitsland die vrijheid gebracht hebben voor West-Europa". De Belgische contacten van de Ulrichsgemeinschaft verlopen via het St. Maartensfonds, de organisatie van oud-Oostfronters.
Oostenrijkse connecties van het Vlaams Blok
Het Blok stelde recent dat het de overwinning van de FPÖ en Jörg Haider toejuicht, Haider zelf daarentegen ontkent iedere band met het Vlaams Blok. In het verleden zijn verschillende Blokkers en FPÖ’ers elkaar echter wel tegengekomen. Hieronder staat een overzichtje van de wederzijdse connecties.
1. AFP: de link tussen Van den Eynde, de radikale neo-nazi’s en de FPÖ
Binnen de extreem-rechtse scene in Oostenrijk zelf neemt de Arbeitergemeinschaft für Politik (AFP) een belangrijke plaats in. De AFP slaagt erin om zowel extreme neo-nazi’s als FPÖ-kopstukken samen te brengen op haar jaarlijkse ‘politieke academie’. In 1988 spraken er twee Belgen op hun politieke academie. De eerste was Robert Jan Verbelen, tijdens WO 2 verantwoordelijk voor de SS-Vlaanderen en belast met het opsporen van Joden. Na de oorlog vluchtte hij naar Oostenrijk (hij werd hier bij verstek ter dood veroordeeld) waar hij een tijdlang werkte voor de Amerikaanse inlichtingendiensten. Hij schreef een aantal boeken, die hier kunnen verkregen worden via de boekendienst van Voorpost. Verbelen werkte ook mee aan het nazi-tijdschrift ‘Huttenbriefe’.
Een tweede Belgische spreker in 1988 was Francis Van den Eynde over "De Europese gedachte en de Vlaamse beweging". Er zijn relatief weinig buitenlandse sprekers op de bijeenkomsten van de AFP, waardoor de deelname van Van den Eynde wel opvallend is. Hij verkeert als spreker voor de AFP trouwens in "goed gezelschap", zowat de volledige leiding van de Oostenrijkse radicale rechterzijde kwam er ooit over de vloer: Scrinzi, Trattnig, Mölzer,...
Foto: het blad 'Huttenbriefe' waaraan
Robert Verbelen meewerkte...
Terwijl de AFP enerzijds oproept om voor de FPÖ te stemmen en duidelijk nauwe banden heeft met leidinggevende FPÖ-figuren, onderhouden ze ook goede contacten met meer gewelddadige groepen. Zo werden in 1992 in een lokaal van de AFP wapens gevonden.
Dat het Vlaams Blok ook na dit voorval banden onderhield, of toch minstens materiaal uitwisselt, blijkt uit een artikel dat in 1996 verschenen is in het blad ‘Doorzicht’ van Kosmos (Kring voor onderzoek naar socialistische en multiculturele ondermijning van de samenleving). In een artikel over een internationaal zomerkamp van de YRE (de Europese overkoepeling van Blokbuster) wordt alle "info" overgenomen uit ee brochure van de AFP over de linkerzijde. Hoe die aankijken tegenover de YRE zegt veel over hun eigen politieke strekking: het kamp zou een "trainingskamp" geweest zijn waar "gevechtstechnieken" aangeleerd werden...
2. VAPO: de link tussen NSDAP-AO, Roger Spinnewijn en de VMO
Als het op internationale contacten aan komt, wordt de ware aard van bepaalde organisaties soms wat duidelijker. Zo werd in de jaren ’70 al duidelijk dat de VMO banden had met de Ku Klux Klan en de terroristische Hoffman-groep in Duitsland. Het Oostenrijkse equivalent van de VMO wordt gevormd door de gewelddadige VAPO van Gottfried Küssel, in 1993 tot gevangenisstraf veroordeeld. In een interview met Küssel in ABC News (17/12/91) is die bijzonder expliciet over z’n politieke ideeën: "Adolf Hitler was één van de grootste figuren uit de Duitse geschiedenis, vooral in de geschiedenis van de jaren ’20. Hij heeft veel verandert in de wereld. Natuurlijk heeft hij wel verloren, en met hem hebben alle Duitsers de tweede wereldoorlog verloren, maar de ideologie was zeer goed. Er waren de concentratiekampen, maar er is nooit een georganiseerde moordpartij of vergassing geweest." In 1993 werd Küssel veroordeeld wegens z’n nazistische uitspraken. De VAPO meld tussen z’n buitenlandse contacten o.a. Bert Erikkson en Roger Spinnewijn van de VMO. Ook via de terroristen van de Hoffman-groep is er een link: enerzijds vermeld de VAPO als buitenlandse contacten de Hoffman-groep, naast de VMO en de NSDAP-AO. Anderzijds is er het feit dat de rechterhand van de Hoffman-groep bij Spinnewijn thuis in Brugge opgepakt werd. Küssel is ook populair in de huidige Odal-kringen, zo verscheen in het blad 'Weerstand' van het 'Wehrwolf-Verbond' een oproep om brieven te schrijven naar "NS-gevangenen" (Nationaal-Socialisten) waaronder Gottfried Küssel. In het blad Weerstand wordt reclame gemaakt voor CP'86 van Joop Glimmerveen.
3.De link tussen Haider en het St. Maartensfonds
Het St. Maartensfonds staat bij ons vooral bekend als een organisatie van Oostfronters. Het werd in 1953 opgericht door ex-Oostfronters en ex-SS’ers. Het gaf het maandblad ‘Berkenkruis’ uit en had verantwoordelijken zoals André Van Hecke. In 1980 kende het fonds een afsplitsing waarin Van Hecke meeging: de organisatie Hertog Jan Van Brabant, dat het tijdschrift ‘Periodiek Contact’ uitgeeft en naar eigen zeggen meer op een traditioneel nationaal-socialistische lijn staat. De Oostenrijkse tegenhanger van het St. Maartensfonds en co wordt gevormd door de ‘Ulrichsgemeinschaft’, dat jaarlijks een bijeenkomst van oud-SS’ers organiseert. Elk jaar is er een feestrede ter ere van de collabo’s. In 1985 en 1990 werd de feestrede gedaan door Jörg Haider. In een toespraak erkende Haider de "opoffering van de soldaten van Duitsland die vrijheid gebracht hebben voor West-Europa". In feestredes voor het St. Maartensfonds klinkt het gelijkaardig, Oswald Van Ooteghem hield eind jaren '80 een feestrede en verklaarde over de Oostfronters: "Zij gingen om te strijden voor Vlaanderen en zij streden voort om Europa te behouden voor een overrompeling van het bolsjewisme. Onze oostfrontstrijders hoeven zich niet te schamen… hun strijd maakt deel uit van de Vlaamse ontvoogdingsstrijd."
4.De Oostenrijkse vrienden van Were Di
Were Di is een organisatie die opkomt voor de ‘Grootnederlandse’ gedachte en publiceert het tijdschrift ‘Dietsland Europa’. Voor 1978 werd het geleid door Karel Dillen, Roeland Raes, Bert Van Boghout, Luc Vermeulen en Karel Lacroix. Internationale samenwerking nam steeds een belangrijke plaats in bij Were Di, zo vinden we tussen hun contacten de volgende groepen: De Schakel in Argentinië, de DVU, MSI,... Ook in Oostenrijk is Were Di erg zorvuldig in het uitkiezen van vrienden. Zo staan ze op goede voet met de ‘Freundeskreis Südtirol’ van Otto Scrinzi en FPÖ-parlementair Gerhard Kurzmann. De figuur van Scrinzi is niet onbesproken. Zo neemt hij een belangrijke plaats in bij tal van nazistische organisaties.
=> Conclusies:
Het is opvallend dat de oude garde Vlaams Blokkers in de jaren 70 en 80 vooral contacten onderhield met de meer militante vleugel van het extreem-rechtse milieu in Oostenrijk. Deze militante vleugel heeft zich sinds de machtsovername van de vleugel rond Haider in de FPÖ geïntegreerd en heeft het nu via de persoon van Haider voor het zeggen in die partij. Haider mag dan wel beweren geen contact te onderhouden met het Vlaams Blok, de achtergrond van waar hij komt alsook de achtergrond van een groot deel van de huidige partijleiding, toont duidelijk aan dat deze leiding aansluit bij de fascistische traditie van de oude kleine groupuscules en op populistische wijze aanpast aan de huidige situatie om een vlugge electorale groei te kunnen kennen. Juist met die kleine fascistische groepen onderhielden verschillende Vlaams Blokkers goede contacten. En net zoals bij Haider het geval is, komt ook de huidige Vlaams Blok leiding naar buiten als een anti-establishment partij die op deze basis electoraal vlug kan groeien. Al deze gelijkenissen zijn wellicht niet toevallig want ze zijn te gelijklopend.
Geert Cool, 18/03/2000