Leon Trotsky schreef eens dat een bourgeois in het kapitalistische systeem een danseres, een bordeel of een krant kan kopen. In aanloop naar het referendum hebben de media een storm losgelaten op de delegatie van Clabecq.
In het editoriaal van 15 juli verlaagt de zeer gedistingeerde Echo zich tot het niveau van de rioolpers. Roberto D'Orazio krijgt er het volgende te horen: "oubollige marxist", "denkt aan niets anders dan zijn eigen persoontje", "een totalitaire syndikalist, kampioen in onverdraagzaamheid, intimidatie, geweld en obscurantisme". De Morgen stapte in dezelfde lijn mee.
La Libre Belgique van 16 juli sprak met een sekretaris van de Italiaanse christelijke federatie van metaalarbeiders die vertelde dat "Duferco betrouwbaar is". (Betrouwbaar?! In '95 bedisselde Duferco een joint-venture met het Italiaanse openbare staalbedrijf Ilva. Ilva bracht 55% van het kapitaal in maar Duferco behield de meerderheid van de stemmen. Net voor de privatisering van Ilva heeft Duferco de aandelen van Ilva voor een appel en een ei overgekocht!)
De RTBF mocht de hoofdvogel afschieten: ze toonde interviews met woedende kleinburgers uit Tubeke die raasden tegen "de maffia van D'Orazio". Het scheelde niet veel of we waanden ons terug in de jaren '50 toen de racistische clichés over de "macaroni" de eerste Italiaanse mijnwerkers in Wallonië vernederden.
Uiteraard zijn de redakteurs niet geïnteresseerd om de betrokken personen een recht van antwoord te geven. De deontologie van deze journalisten is omgekeerd evenredig aan de ambitie voor hun eigen carrière...