Met de inname van Kisangani op 15 maart door de Alliantie (AFDL) o.l.v. Kabila is meer dan een vijfde van het Zaïrese grondgebied bevrijd van de repressie van het Mobutu-regime. Hiermee ontstaat een ernstige kans, de derde sinds de onafhankelijkheid in '60, om te breken met het neo-koloniale systeem.
door Geert Seynaeve
In oktober '96 grapten westerse journalisten nog dat Kabila "in een bar in Kigali" was opgevist om als Zaïrese stroman te dienen voor de zogenoemde invasie van Tutsi-troepen. Het lukte Brussel en Parijs toen niet om met een "humanitaire" interventie de restanten te redden van de Habyarimana-diktatuur. De racistische Hutu-militairen in Oost-Zaïre werden verslagen.
Kabila starttte een offensief dat, stap voor stap, de Zaïrese regeringstroepen alsook de inderhaast gestuurde Europese en Afrikaanse huurlingen op de vlucht dreef. Progressief "ontdekten" de massamedia dat Kabila niet "uit het niets" was opgedoken, maar een zekere kontinuïteit vertegenwoordigde in de historische strijd van Congo/Zaïre voor een echte nationale onafhankelijkheid en ontwikkeling.
Eind jaren '50 ontstond in het vroegere Belgisch Kongo een emancipatiebeweging die zo massaal was dat de Belgische koloniale trusts, de regering Eyskens en het Hof snel "kozen" om de onafhankelijkheid te "schenken". Door het "bestuur" aan de Kongolezen over te laten wilden ze hun kontrole over de ekonomie en rijkdommen redden.
Alle zwarte leiders die zich tot deze indirekte vorm van buitenlandse overheersing lieten verleiden, Tshombe, Kalonji, Kasa-Vubu, Adoula en Mobutu, werden westerse lakeien die de aspiraties van de Kongolese werkende klasse met geweld onderdrukten.
In '60-'61 probeerde een kleine nationalistische kern rond Patrice Lumumba de Kongolese bevolking ('60-'61) tegen dit neo-kolonialisme te organiseren. Hiertoe behoorde de jonge Kabila (zie verder pagina 8). Door de tussenkomst van Belgische en UNO-militairen kon Lumumba uitgeschakeld worden. Het neo-koloniaal regime werd geïnstalleerd.
Kabila kapituleerde niet. Ondanks alle nederlagen en in tegenstelling met andere "Lumumbisten" Kabila gaf niet op, noch voor de verlokkingen noch voor de repressie van het Mobutisme.
Als Kabila zijn militaire machtspositie niet enkel wil gebruiken als wisselmunt voor een machtsdeling met het Mobutistisch staatsapparaat en met het Westen, zijn de uitdagingen enorm. Er zijn militair-technische kwesties van discipline, logistiek en oorlogstaktiek in een reusachtig land en tegen een vijand die weliswaar gedesorganiseerd en gedemoraliseerd is, maar nog niet uitgeschakeld. Ermee verbonden zijn de problemen van een neokolonialisme in krisis, zoals Mobutu dit belichaamde.
Kabila’s Alliantie kan een revolutionaire dynamiek op gang brengen. Dit vereist bewuste aktie. Een historisch inzicht van de leiding om de fouten van de vroegere bevrijdingsbewegingen te vermijden, is nodig. Bepalend voor de evolutie van de huidige krachtsproef is de kwestie van het in een nationaal perspektief, in alle vrijheid en op basis van politieke overtuiging, mobiliseren en organiseren van de werkende bevolking voor hun konkrete belangen.