Bron: Algemeen Dagblad
door
Paul van den Bosch
Marianne
Timmer (27) verdedigt morgennacht haar Olympische titel op de 1000 meter.
Nagano 1998 is pas vier jaar geleden, maar in die periode gebeurde véél in het
leven van de Groningse. Ze werd publiek bezit. Op haar kansen op nieuw goud
wordt in Salt Lake City weinig geld ingezet. Misschien is het ook maar beter
dat het mirakel zich niet voltrekt.
Salt Lake
City - Ze droomt veel. Dat komt door de hoogte in Salt Lake City, zegt Marianne
Timmer. Al die meters boven de zeespiegel, die doen iets met je, daar ga je
onbewust veel en vreemd van dromen.
Het is heel verleidelijk om te vragen of ze dan droomt van een nieuwe gouden
medaille, een derde die ze liefdevol kan opbergen in een lade in haar huis in
Zuidlaren. Naast die andere twee uit Nagano, exact vier jaar terug veroverd. De
gouden medaille die haar man Peter Mueller in 1976 zelf won in Innsbruck ligt
er naast, maar de Amerikaan kijkt er nooit meer naar om.
Maar nee, daar droomt ze niet van. Haar dromen gaan niet over schaatsen, zegt
ze en ze lacht. Als Marianne Timmer lacht en er in die Groningse tongval bij
praat, heeft ze vaak weer dat ontwapenende, dat meisjesachtige. Ondeugend, dat
is waarschijnlijk de beste beschrijving. Die lach brengt je nog altijd even uit
je evenwicht.
Hoe kan het zijn dat over deze vrouw zo veel verhalen de ronde doen in de
schaatswereld? Dat oud-ploeggenoten haar omschrijven als een stoorzender, een
diva met wie niet valt samen te werken? Een nachtmerrie voor een coach. Keihard
en koppig. Dat kan toch niet zo zijn, vraag je jezelf dan af. Iemand met zó'n
glimlach. Blijkbaar kan het.
Maria Aaltje Timmer (27) blijft fascineren, zoals iedere gekwelde kampioen meer
tot de verbeelding spreekt en belangstelling opwekt dan een topsporter met een
rustig en uitgebalanceerd leven. Haar collega-sprintster Andrea Nuyt beklaagde
zich er dit seizoen over dat haar woorden nooit eens groot worden afgedrukt.
Waarom ging alle aandacht altijd naar Timmer? Dat komt niet alleen door de
gouden medailles van Nagano. Het is ook de tragiek in haar leven.
Marianne Timmer lacht niet veel meer, althans, niet in het openbaar. Laatst
nog, bij het wereldkampioenschap sprint in Hamar, stond ze buiten het
Vikingskipet met een diep treurig gezicht. Privéproblemen, zei ze. Die hadden
haar wederom uit haar evenwicht gebracht, niet voor het eerst in dit seizoen.
Hoe groot die problemen waren en door welke oorzaak, liet ze in het midden.
Ze heeft haar mond vergrendeld, over haar privéleven spreekt ze niet meer. Ze
heeft weinig vertrouwen meer in de buitenwereld. ,,Misschien dat het allemaal
nog eens in mijn memoires komt'', zei ze. Misschien. Misschien ook niet.
Die twee gouden medailles uit Nagano, op de 1000 en 1500 meter, hebben haar in
sommige opzichten veel voorspoed gebracht: bekendheid, adoratie, lucratieve
contracten bij Sanex én DSB én Spaar Select. Eeuwige roem omdat Olympisch
succes nu eenmaal hoger in de hiërarchie staat dan welke wereldtitel dan ook.
De meeste sporters dromen slechts van zo veel succes.
Maar de heldin van Nagano heeft een hoge prijs betaald. Misschien dat ze ooit,
in die memoires, zal opbiechten dat haar leven harmonieuzer was geweest zónder
die twee gouden middagen in Japan. Nu, op de Winterspelen van Salt Lake City,
zal ze dat ontkennen. Vorige week zei ze: ,,Hoe ik hier ook presteer, wel of
geen medailles, die twee gouden plakken pakken ze me nooit meer af.''
Nee, die niet. Maar de vraag is of het meisje met de verwondering in haar ogen,
zoals heel Nederland haar rond Nagano '98 leerde kennen, ook had plaatsgemaakt
voor het wantrouwende meisje met stil verdriet als ze géén Olympisch kampioen
was geworden. Haar leven had nooit zo nadrukkelijk onder een vergrootglas
gelegen als de afgelopen vier jaar.
Marianne Timmer is niet de enige sporter, of bekende Nederlander, die brak met
haar vader. Of die verliefd werd op haar coach. Of die uit onvrede vertrok bij
haar werkgever(s). Of die in een rechtszaal belandde omdat een andere partij
zich zakelijk benadeeld voelde. Maar zij maakte het allemáál mee, los van de
vraag of het haar eigen schuld is of niet. Het leven van Marianne Timmer, dat
zich voorheen vooral afspeelde in rustiek Sappemeer, is na Nagano op hol
geslagen. En waarschijnlijk raakte ze, ergens in de afgelopen vier jaar, de
controle over het stuur kwijt.
Ze heeft het gevoel gekregen dat iedereen wel iets van haar wilde. Ze weet dat
iedereen eerst met verwondering en later met schuine ogen naar haar huwelijk
met Peter Mueller keek. De trainer onder wie ze goud won, maar die ze in dat
jaar vervloekte, onder meer door zijn seksistische opmerkingen. Over wie ze nu
zegt dat hij zo goed bij haar past vanwege zijn karakter. Dat lijkt op het
hare. Compromisloos. Altijd willen winnen. Alles of niks.
Maar ze heeft, eigenlijk na de wereldtitel op de 1000 meter in 1999 in
Heerenveen, haar rivalen en critici nooit meer kunnen terechtwijzen met glanzende
prestaties. Wie Timmers prestatiecurve bekijkt, kan niet anders dan concluderen
dat er de afgelopen seizoen maar een paar uitschieters zijn geweest. Ze had op
die dagen het ultieme gevoel, de eenheid met ijzers en ijs, maar die was er ook
zo vaak niet.
Toch zeggen mensen die met haar werken dat het gevoel er zó, in een
handomdraai, weer kan zijn. Egbert van 't Oever, de eind vorig jaar overleden
vertrouwensman, zei altijd dat niemand Marianne Timmer mocht afschrijven. Op
een dag zou alles weer in elkaar grijpen: snelheid, vorm, gevoel. Bij haar kan
dat, omdat ze zo veel talent heeft. Echtgenoot en coach Peter Mueller beweert
hetzelfde in Salt Lake City. Niemand kan weten of het praatjes zijn om de moed
erin te houden, of de waarheid. Ook op het ijs blijft Timmer een raadsel.
Bij de Olympische ploegoverdracht, vorige maand op Papendal, bekeek ze een
filmpje met flitsende muziek over Nagano. Timmer zag zichzelf naar goud
snellen. Dat deed haar wel iets, sprak ze achteraf. ,,Ik kreeg meteen weer het
Olympische gevoel.'' En ook: ,,Laatst zaten we thuis ook naar de video van
Nagano te kijken. Peter, mijn moeder en ik. Ik vond het zo mooi. De tranen
schoten spontaan in mijn ogen.''
Vader Lucas was er niet, nee. Hij brak met zijn dochter. Lucas Timmer, schapenfokker
te Sappemeer, was de belangrijkste man in haar leven. Zelfs in tijden dat ze
een vriendje had. Hij regelde haar zaken, reed haar overal naar toe, waakte met
liefde over haar. Maar vorig jaar liep het mis. Het nieuwe Team Timmer,
waarvoor Lucas commerciële zaken moest regelen, kwam nooit van de grond. En
zijn dochter trouwde in het geheim met de twee decennia oudere Peter Mueller,
uitgerekend híj. Lucas Timmer is geen man die snel vergeeft.
Hij zal er morgen dan ook niet zijn, als Marianne haar titel op de 1000 meter
verdedigt. Hij bleef verbitterd achter op het Groningse platteland. Moeder Jans
zit wel op de tribune, samen met Guusje, de weduwe van Egbert van 't Oever.
Timmer had alles geregeld om de kleine coach, haar steun en toeverlaat bij Sanex
en DSB, naar Salt Lake City te laten reizen. Maar een ongeneeslijke ziekte
doorkruiste dat plan. Egbert van 't Oever en Lucas Timmer, twee belangrijke
mannen in haar leven, ontbreken in de Olympic Oval.
Hoe raar het ook klinkt: het is misschien beter dat Marianne Timmer daar
morgenavond het magische gevoel niet terugvindt. Dat ze haar Olympische titel
op de 1000 meter verliest aan, zeg, Catriona LeMay-Doan of Monique Garbrecht.
Dat zou geen schande zijn en eigenlijk rekent iedereen daar op. Het zou een wonder
zijn als Timmer haar goud op de kilometer - of woensdag op de 1500 meter - weet
te behouden.
Misschien dat ze dan als onttroonde kampioen minder onder het vergrootglas komt
te liggen, dat ze het stuur over haar leven weer in handen krijgt. Misschien.
Misschien ook niet. Dat zou pas echt tragiek zijn.