Uit de Twentsche Courant Tubantia van zaterdag 20 januari 2001,
door Johann Mast
NIET ZO MAAR EEN MEISJE (1)
MARIANNE TIMMER BIJZONDER KIND
Een bijzonder kind en dat is ze. Marianne Timmer, de schaatsdiva van Nederland, laat de wereld meestal raden naar wie zij werkelijk is. "Ik haat schijnheiligheid."
Marianne Timmer is omstreden. Aan de ene kant een diva, aan de andere kant een gewoon meisje dat graag de handen uit de mouwen steekt op de schapenfokkerij van haar vader. Voor sommigen een moeilijk mens waarmee niet te werken valt, voor anderen juist een warm persoon met een bijzondere sociale betrokkenheid. Vast staat dat de tweevoudig olympisch kampioene Neerlands meest getalenteerde schaatsster is, een raspaardje. En een gevoelsmens, die sterk hecht aan eerlijkheid en openheid. "Maar zo werkt het dus niet hé. " Voor Marianne Timmer die dit weekeinde haar vorig jaar behaalde derde plaats bij het WK sprint hoopt te verbeteren, geldt bij uitstek dat succes een mens niet aan komt waaien. Ze Iegde een lange weg met valkuilen af, voordat ze in februari 1998 tot koningin van de Olympische Winterspelen in Nagano werd gebombardeerd. En toen het goud op de 1000 en 1500 meter behaald was, betekende dat niet dat alles in haar verdere loopbaan ineens van een leien dakje ging. Nog steeds lijkt de sprintster zoekende naar perfectie. Ook al heeft ze na een zwerftocht langs Jong Oranje, de kernploeg allround van de KNSB, de opleidingsploeg sprint van Leen Pfrommer, de sprintkernploeg van Peter Mueller en het Sanex-team, dit seizoen haar plekje gevonden in het DSB-team van Dirk Scheringa.
Timmer heeft op haar 26e rust gevonden. Dat dankt ze voor een deel aan haar vertrouwensman Egbert van 't Oever. Timmer stond er op dat de 73-jarige 'regelneef' met haar overstapte van Sanex naar DSB. Met Van 't Oever heeft ze een band, zoals ze liefst met meer mensen zou hebben: op basis van respect, blindelings vertrouwen en het aanvoelen van elkaar. Timmer: "Egbert hoeft mij maar aan te kijken om te weten hoe laat het is. Ik hoef hem echt niet te vertellen wanneer ik moe ben. Zoiets lijkt al heel snel normaal, maar eigenlijk is het heel bijzonder. " En zeldzaam. Opgegroeid in de veilige armen van het dorpsleven vielen de beginjaren als lid van de kernploeg Timmer zwaar. Het klikte niet met haar coach Ab Krook en bovendien liep ze tegen omgangsvormen aan die de hare niet waren. Zij was, gewend aan het meehelpen op de schapenfokkerij van haar vader, opgevoed met het principe: 'met elkaar en voor elkaar'. En met 'eerlijkheid, openheid duidelijkheid'.
"Ik probeer altijd zo eerlijk mogelijk te zijn, maar ik heb gemerkt dat ik dat niet altijd terug krijg. Dat heeft wel eens tot frustraties geleid", zegt Timmer. Eerlijk en duidelijk wilde ze vorig jaar zijn, toen haar hematocrietwaarde (de waarde die de dikte van het bloed aangeeft en kan duiden op gebruik van het verboden preparaat EPO) bij het WK afstanden in Seoul na een eerste test hoger bleek dan toegestaan. De affaire liep uiteindelijk met een sisser af omdat er na een tweede controle niets aan de hand bleek te zijn, maar de argwaan was gewekt. Timmer gaf als enige van twaalf 'betrapte' schaatsers onmiddellijk openheid van zaken, omdat haar reputatie als 'anti-pillenmeisje' (Van 't Oever) op het spel stond.
Timmer: "Ik had nog nooit gehoord van hematocriet en me er ook nog nooit in verdiept. Ik dacht altijd: prik maar raak voor een knaak, want ik heb toch niks te verbergen. Ik heb als enige open kaart gespeeld omdat ik het niet in het geheimzinnige wilde trekken. Het gevolg was dat ik ook als enige van alles naar mijn hoofd geslingerd kreeg. Eerlijkheid en openheid, zo werkt het dus niet hé."
Die ervaring heeft haar toch ietwat bitter gestemd. "Er zal wel weereen reden voor zijn dat me dit overkomen is. Soms gebeuren er dingen in het leven die zo moeten zijn. Misschien ben ik hier wel sterker uit gekomen. In elk geval ben ik me er meer in gaan verdiepen. Ik geef toe dat ik voor dat incident ook over doping dacht: 'waar rook is, is vuur', maar ik heb dus te snel geoordeeld. Nu hadden de mensen hun mening klaar over mij, maar het is zo gemakkelijk om met een vinger naar anderen te wijzen zonder te weten hoe het precies zit. Dan denk ik: ga je eerst eens verdiepen in de materie en geef dan een mening."
Zelf leest Timmer graag boeken over teambuilding, communicatie, intermenselijk contact. Sinds de voor haar zo succesvolle Olympische Spelen van 1998 heeft ze contact met een ernstig zieke gehandicapte jongen, die in een rolstoel zit. Hij schreef de schaatsster een brief die zo veel indruk op haar maakte, dat ze hem op een avond opzocht. Sindsdien zijn ze bevriend. "Mensen zijn vaak geneigd om te zeggen: 'wat zielig'. Hij kan inderdaad heel veel dingen niet, maar ook heel veel dingen wel. Als je hem nou verder helpt met de dingen die hij wél kan, dan krijgt het leven van zo iemand een grotere waarde. Dat is toch geweldig? Ik heb een schilderij voor hem gemaakt en hij eentje voor mij. Hij kan zijn armen haast niet bewegen en is er heel lang mee bezig geweest, maar het schilderij is schitterend geworden. Ik heb in Nagano een prestatie geleverd, maar er zijn wel meer mensen die een grote prestatie leveren. Die van mij wordt door iedereen gezien en die van hem niet. Ik ben heel blij dat ik hem heb leren kennen."
KLIK HIER VOOR HET TWEEDE DEEL V/H INTERVIEW
|
|