
Dit interview is gehouden na de Wereldkampioenschappen afstanden '97, maar voor Olympische Winterspelen '98.
Na twee jaar er niet in geslaagd te zijn om zich te het kwalificeren voor een WK Sprint of een WK afstanden, lukte het Timmer vorig seizoen eindelijk. Ze werd meteen Wereldkampioen op de 1000 meter.
"Vorig jaar was het mooiste jaar wat ik ooit heb gehad", zegt Timmer die ook nog eens zesde op het WK sprint werd. "In 1995 was ik nog erg jong. Twee jaar geleden trainde ik te hard en reisde ik teveel." Tegenwoordig is ze beter in staat een goede balans te vinden tussen training en rusten, geïnspireerd door haar voormalige coach Leen Pfrommer, met wie ze samenwerkte gedurende de zomer van 1996, net als de nationale sprintcoach Peter Mueller, die het goud op de 1000m tijdens de Olympische Spelen van 1976 in Innsbruck won, en die de nu gestopte Dan Jansen heeft gecoacht."Ik heb mijn rust echt nodig"
, realiseert Timmer zich nu. "Ik weet niet echt precies waarom, maar ik raak erg gemakkelijk overtraind of uitgeput. Het balanceren van training en rust is erg belangrijk voor mij." Timmer zegt een deel van haar succes te danken te hebben aan de klapschaatsen, waar zij vorig seizoen in februari op is gaan schaatsen. "Ik had een beetje geluk doordat ik een van de eerste in de sprintwereld was die de overstap naar de klapschaats maakte", maakt Timmer duidelijk. "Het heeft me zeker geholpen door er vroeg mee te beginnen." Dat blijkt ook. Ze werd naast haar 1e plaats op de 1000 meter ook nog eens derde op de 1500 en vierde op de 500. Naderhand was er een grootse ontvangst bij de terugkomst. "Ik kwam terug op het vliegveld en er waren een heleboel mensen, misschien wel 30 of 40, die mijn naam schreeuwden. Toen gingen we allemaal in de bus naar Sappemeer en daar was een groot feest met een heleboel verrassingen. Dat was erg leuk. Ik was enigszins verbaasd; ik wist niet dat ze daartoe in staat waren."Ze heeft inmiddels ook meegeholpen bij het doorknippen van linten bij openingen van verschillende plaatselijke winkels. Haar faam bleek niet alleen binnen de Nederlandse grenzen te liggen.
"Ik kreeg honderden kaarten", legt Timmer uit, nog steeds in verbazing. "De mensen vroegen om mijn foto en handtekening vanuit Denemarken en Duitsland en overal. Dat was erg verrassend."Timmer verwacht haar opwaartse trend dit seizoen voort te zetten, ondanks de fantastische tijden die sprinters in de eerste races van dit seizoen hebben neergezet.
"Ik denk dat ik elk jaar beter ga worden", zegt Timmer. "Ik ben technisch gezien erg goed. Ik moet nog werken aan mijn bochten, want ik denk dat daar een groot deel van mijn snelheid vandaan komt. Ik ben niet erg goed in het krachthonk, maar je moet goed op het ijs zijn, niet in het krachthonk." De Nederlands pers is daar echter niet zo overtuigd van. Wibren Boer, die het Nederlands schaatsen weergeeft voor de Volkskrant, voorspelde: "Er zal dit seizoen een terugval plaatsvinden. Ik denk echt dat Marianne Timmer niet kan bijblijven aan de Amerikaanse en Canadese schaatsers. Die zijn gewoon te sterk." Toch ziet Timmer er naar uit tenminste op het vliegtuig naar de Olympische Spelen te zitten; iets wat ze verwacht had vier jaar geleden te hebben gedaan. "Eerst zeiden ze (het Nederlandse selectiecomité) als je een bepaalde tijd schaatst, dan mag je mee. Dat deed ik, maar toen zeiden ze "Nee je kan toch niet gaan". Ik heb het nooit helemaal begrepen."Vrouwelijke figuren hebben een belangrijke rol gespeeld in de basisvorming van Marianne's schaatsen. Haar grootmoeder introduceerde Marianne aan het schaatsen toen ze 4 jaar oud was. Ze schaatste toen op school en bij een lokale club, waar haar moeder haar opgedaan had. Marianne's moeder is kapper - ze heeft haar eigen bedrijfje thuis, maar zij knipt ook drie dagen in de week vrijwillig het haar van ouderen. Marianne's vader runt een schapenfokkerij.
"Afgelopen februari hadden we ongeveer 600 schapen", zegt Timmer. Marianne, die nu ongeveer 300 meter van haar ouders afwoont, hielp haar vader vroeger met het verzorgen van de lammeren. Maar ook nu nog, als ze de tijd heeft, helpt ze bijv. haar moeder met het vrijwillig knippen. Haar eerste World Cup seizoen was 1992-93, het seizoen nadat ze 3e was geworden op het Wereldkampioenschap voor junioren. Ze schaatste op de 1993 Wereldkampioenschappen sprint als een 18-jarige.
|
|
|
|