* De magische kracht van Kruiden *
De bijna mysterieuze geneeskundige kracht en pijnstillende werking van kruiden gaat terug tot het prille begin van de geschiedenis, toen vroege beschavingen instinctief met planten experimenteerden. Proefondervindelijk ontdekten ze in hun eigen leefomgeving planten waarmee ze doeltreffend hun kwalen konden behandelen, en die kennis werd mondeling en in de praktijk van generatie op generatie overgeleverd. Kunstvoorwerpen uit vele culturen  grafschilderingen, fresco's, bas-reli�fs, bronzen voorwerpen en spijkerschrifttabletten  getuigen van het belang van kruiden voor de vroege volkeren.

          Kruidengeneeskunde
Oude kruidboeken en medische verhandelingen beschreven al de geneeskundige eigenschappen van planten, en de overlevering en cultuur rond kruiden evolueerde mee met het gebruik ervan. In de Middeleeuwen groeiden kloosters uit tot centra voor kruidengeneeskunde. De monniken richtten ziekenhuizen op en hadden aparte medicinale tuinen waar ze een ruime vari�teit aan planten kweekten om de drankjes, oli�n en zalfjes te maken waarmee ze de zieken behandelden. In hagen en bossen vond de huisvrouw op het platteland de planten die ze nodig had voor haar eigen vorm van kruidengeneeskunde.
In de 16e en 17e eeuw werden veel beroemde kruidenboeken gepubliceerd om huisvrouwen te helpen bij het herkennen en gebruiken van kruiden. William Turner, een arts en priester die de vader van de Engelse plantkunde wordt genoemd, schreef A New Herball (Een nieuw Kruidboek) omstreeks 1551, en John Gerards werk The Herball (Het kruidboek) verscheen in 1597. John Parkinson, de apotheker van koning James I, schreef Paradisus in 1629. Deze vruchtbare periode eindigde rond 1653 met de invloedrijke bestseller The English Physician (De Engelse geneesheer) van Nicholas Culpeper.
Culpeper besteedde veel tijd aan de studie van de astrologie en de geneeskunde. Hij werkte als apotheker in Londen en de vele armen die naar hem toe kwamen voor medisch advies, behandelde hij gratis. Zijn nalatenschap aan toekomstige generaties bestaat uit een gigantische collectie kruidenremedies, waarvan sommige vandaag nog even nuttig blijken als 300 jaar geleden.


          Magische kruiden
Aan heel wat kruiden werden magische eigenschappen toegeschreven. De Angelsaksen kenden negen heilige kruiden, die ze gebruikten om zich te beschermen tegen allerlei boze invloeden en waarmee ze een magische wonderzalf bereidden. Kruiden droeg men in de hand of als amulet op het lichaam. Of men hing ze boven de deur, het raam of het bed als een tovermiddel tegen demonen, nachtmerries en ziekte. Andere kruiden werden gekookt om er een beschermend drankje van te trekken. Op midzomeravond (rond 23 juni) werd venkel als een gelukbrengende talisman opgehangen aan de daksparren en venkelzaadjes werden in de sleutelgaten van huizen gestopt om de boze krachten te verjagen. Tijm werd sterk geassocieerd met magie, hekserij en gewelddadige dood. Het vormde een bestanddeel van een magisch zalfje die er voor zorgde dat mensen fee�n konden zien. Sommige kruiden hadden hallucinogene eigenschappen. Men dacht dat heksen die kruiden gebruikten in hun magische brouwsels om hun 'klanten' ontvankelijker te maken. Zo zou absintalsem bijzonder geliefd zijn bij heksen, omdat mensen er dubbel van gingen zien.
Bezoekers:
Laatst bijgewerkt op:
9 april 2004
TERUG
Hosted by www.Geocities.ws

1