Verlegenheid

 

 

Oorzaken die door verlegen mensen worden aangehaald:

 

·        Aangeboren

·        Aangeleerd

·        Jeugd

·        Verhuizing

·        Nieuwe school of klas

·        Te veel ongewenste aandacht

·        Slechte leerkrachten

·        Slechte klas: luidruchtig, een aantal vervelende, dominante, bedreigende klasgenoten

·        Gepest worden

·        Scheiding

·        Nieuwe ouder

·        Enig kind

·        Temperament

·        In het middelpunt van de belangstelling staan

·        Door een groep beoordeeld worden

·        Niet aan bepaalde eisen of verwachtingen kunnen voldoen

·        Angst om een belabberd figuur te slaan, een domme vraag te stellen, uitgelachen te worden

·        Angst om te falen

·        Angst om beoordeeld of veroordeeld te worden, of nog dieper: angst voor afwijzing en angst om uitgestoten te worden.  Bovendien wordt, verkeerdelijk, beoordeling ic afkeuring of afwijzing van een gedrag gelijkgesteld aan afwijzing van de hele persoonlijkheid

·        Opvoedingsfouten: overbescherming, slaag krijgen, te hoge eisen of verwachtingen, vergelijkingen maken met broers of zussen, verwaarlozen van het verlegen kind omdat hij zo “stil en gemakkelijk” is

·        Negatief denken over je vermogens en je sociaal gedrag; dit haalt je eigenwaarde en zelfbeeld naar beneden

·        Angst voor overprikkeling

·        Een laag gevoel van eigenwaarde

 

Er bestaat discussie over het feit of verlegenheid aangeboren of aangeleerd is.  Verlegenheid blijkt in elk geval een samenspel van factoren te zijn.

Velegenheid komt bij  50% van de mensen regelmatig voor.

 

Voorbeelden van aanleidingen:

·        Een vraag stellen in de klas

·        Een vraag moeten beantwoorden in de klas

·        Een spreekbeurt houden

·        Een mondeling examen

·        Iemand iets willen vragen

·        Iemand vragen voor een afspraakje

·        Ontmoeten van een persoon of personen die je niet kent

·        Terecht komen in een grote massa onbekende mensen: feest, kermis, tentoonstelling, muzikale evenementen, een dagje op het strand, markt,...

 


Symptomen:

·        Blozen

·        Zweten

·        Droge mond

·        Beven

·        Een stem die overslaat

·        Stotteren

·        Onhandigheid

·        Buikpijn

·        Nachtmerries

·        Stress

·        Het moeilijk hebben om je mond open te doen

·        Hele dag gespannen zijn in de klas

·        Negatieve inwendige stem; negatief denken over je vaardigheden en gedrag, over jezelf; deze gebeuren automatisch en zo wordt je op termijn je eigen vijand

·        Hyperventilatie: hoofdpijn, ijlheid, koolzuurtekort, beven

·        Nervositeit

·        Zich isoleren in stilte en verdriet

·        Gefrustreerd en boos zijn op jezelf omdat je niet durft

·        Onzeker

·        Niet beantwoorden aan verwachtingen over sociaal gedrag

 

Als we de lichamelijke symptomen bekijken, dan valt het op dat we te maken hebben met een stressreactie.  We nemen instinctief iets waar dat gevaarlijk, bedreigend is, pijnlijk zou kunnen zijn (vooral het gevoel beoordeeld te worden) en de sympathicus schiet in gang om ofwel aan te vallen (toenaderen) of te vluchten (terugtrekken, dichtklappen).  Dit zullen we later het approach-avoidance conflict noemen.

 

Misvattingen:

·        Het verlegen kind groeit er wel overheen

·        Het etiket krijgen “hij of zij is gewoon verlegen”, dat is lief of schattig

·        Verlegenheid gebruiken als een excuus om iets niet te moeten doen; door niet mee te hoeven doen in feite beloond worden voor verlegenheid, hoewel dit wel de angst en stress vermindert

·        Zich identificeren met verlegenheid: ik “ben” verlegen; verlegenheid ben je niet, je voelt het soms, het is één van je vele karaktertrekken.  Beter: “ik heb soms last van verlegenheid”

·        Verlegenheid gelijk stellen aan een gebrek aan eigenwaarde of zelfvertrouwen

 

 

Doel:

·        Succesvol verlegen zijn: wel verlegen, niet geremd

·        Jezelf voorbereiden op een situatie en leren ermee omgaan

·        Ipv angstig weg te kruipen, even afstand nemen tot je je wat zekerder voelt

 

Methode:

Carducci ziet verlegenheid als een proces of kettingreactie, niet als een eigenschap.  Door zich van dit proces bewust te worden, het te herkennen, en er anders mee om te gaan, kan men het doorbreken.  Verlegen mensen reageren op een bepaalde manier waardoor dit proces leidt tot vermijding of terugtrekking.

 


Stappen van dit proces:

1.      Aanleiding (situatie): nieuwe, onvoorspelbare en waardevolle gebeurtenissen

2.      Approach-avoidance conflict: verlangen te naderen versus angst of vermijden: zou ik of zou ik niet?

3.      Langzaam ontdooien

4.      Smalle, starre veilige zone uitbreiden

 

Ad 1: kenmerken van een situatie die aanleiding geeft tot verlegenheid:

·        Iets nieuws

·        Onvoorspelbaar, kennelijk bedreigend

·        Waardebepalend, belangrijk

 

Ad 2: toenadering-vermijding

Strijd tussen emoties, gedachten, gevoelens.

Angst vs verlangen om mee te doen, initiatief te nemen.

Poging te vluchten naar een veilige plek of persoon.

Ouder of leerkracht hebben de neiging angst of vermijdingsgedrag te belonen of versterken vb door het kind op schoot te nemen

Tips:

·        Verlangen aanmoedigen door alle leuke dingen aan de situatie of personen te beschrijven, de voordelen en wat het kind mag verwachten

·        Voorbereiden door de situatie of aanwezige personen op voorhand te beschrijven of verkennen

Vb het kind moet naar een nieuwe school: naar de school gaan een week voor de eerste schooldag om het gebouw van buiten te bekijken en zo mogelijk ook van binnen; zo mogelijk de nieuwe leerkracht op voorhand ontmoeten

Vb jullie gaan naar een familiereünie; bekijk samen met het kind foto’s in het fotoalbum van mensen die er zullen zijn

Vb je tienerzoon durft een meisje uit zijn buurt niet te vragen voor een drankje; laat hem enkele mogelijke zinnen op een blad papier zetten en bespreek ze met hem

·        Vertrouwd persoon of voorwerp betrekken

Vb samen met de buurjongen of een ander vriendje naar de nieuwe school gaan

·        Langzame overgang

Vb vroeg komen als er nog weinig mensen zijn

·        Gevoelens erkennen en de aandacht vestigen op anderen die er precies ook last van hebben en vermelden van vroegere gelijkaardige ervaringen die ook goed zijn afgelopen

·        Andere benaming geven

Vb opwinding ipv zenuwachtigheid

·        Aandacht afleiden en focussen op 1 aspect

Vb de aanwezige bomen, planten, bloemen

·        Belonen van de vorderingen

 

Ad 3: ontdooitijd

Erken dit, geef de tijd maar blijf regelmatig aanmoedigen.  Lukt het niet eerste keer, dan de tweede of derde keer.  Het verlangen wordt stilaan groter dan de angst.

Niet straffen of kritiek geven.

 

Ad 4: de veilige zone is vertrouwd en voorspelbaar en bestaat uit bekende

1.      plaatsen

2.      mensen

3.      activiteiten

 

De veilige zone kan men uitbreiden door twee van de factoren te combineren met een nieuwe derde:

Vb met een vriendje altijd in de tuin spelen; ook eens in het park (plaats)

Vb tekenen thuis; eens het buurjongetje uitnodigen om samen thuis te tekenen (mensen); later kunnen ze misschien samen eens bij het buurjongetje tekenen (plaats), nog later samen een gezelschapspel spelen (activiteit) bij het buurjongetje thuis.

Men kan hierbij inspelen op een kennelijk talent.  Bvb als je kind graag alleen tekent, neem hem dan eens mee naar een tentoonstelling of museum, nodig een vriendje uit die graag tekent om samen te tekenen, laat hem tekenlessen volgen in de tekenschool

 

 

Mensen vertonen een dominante reactie in het vlucht of vecht mechanisme.  Ofwel gaan ze erop af en worden beschouwd als vlot, assertief, zelfs agressief.  Ofwel vermijden ze gevaren en worden beschouwd als introvert, passief, bangerikken enz.  Verlegen mensen vertonen als dominante reactie een sterk conflict tussen benaderen en vermijden, wat een langere ontdooitijd met zich meebrengt, om iets of wat polshoogte te nemen van de situatie, wat te bekomen van de stresssymptomen en een klein beetje moed en vertrouwen bij elkaar te harken. 

Het komt erop aan de ontdooitijd te gebruiken om te kiezen tussen benaderen en vermijden en liefst het instinct tot naderen te versterken.  Op lange termijn zal dan de dominante reactie met ieder succes geleidelijk aan veranderen.

 

 

Verdere tips:

 

Toon als ouder belangstelling voor de vriendjes van je kind, voor zijn talenten, de dingen die hij graag doet, voor de plaatsen of gelegenheden waar hij komt.  Dit helpt verlegenheid te verminderen, werkt aanmoedigend en belonend.  Hou in elk geval van je kind zoals het is, niet hoe vlot je hem zou willen hebben.

 

Het is belangrijk te praten met het kind na de angstige situatie, feedback te geven, zijn gevoelens te laten uiten, en het kind te belonen en waarderen voor zijn vorderingen.  Maak het kind ook duidelijk dat het niet perfect hoeft te zijn, fouten mag maken, mag leren, dat deelnemen belangrijker is dan winnen enz.  Een kleine hulp als een initiatief misloop, kan het besef zijn dat het niet zo belangrijk was hoe hij het deed, maar dàt hij het deed.

Neem regelmatig het kind mee naar nieuwe plaatsen en nieuwe mensen, biedt nieuwe activiteiten aan bvb tekenschool, dictie, muziekschool, sportclub en ontwikkel zijn sociale belangstelling.  Een grote hulp hierbij is het kind te leren welgemanierd, beleefd te zijn: ja graag, dank je wel meneer, graag gedaan mevrouw, alstublieft mevrouw, de deur openhouden, beleefd zijn tegen winkelpersoneel.

Hou rekening met de factor overprikkeling voor HG kinderen, en tracht tenminste thuis teveel achtergrondlawaai, rommel en drukte te vermijden.  Zorg ook voor structuur, orde en regels in het gezinsleven: regelmatige uren van maaltijden en tussendoortjes, bedtijd, uur van opstaan, maximum tijd voor TV of PC, kind leren zelf zijn kamer opruimen enz.

Toon dat je van je kind houdt, knuffel hem, ga even dollen of stoeien met hem en geef hem waardering en complimentjes.  Dit wordt al eens vergeten als je als ouder zelf problemen aan je hoofd hebt.  Een kind heeft liefde nodig om zijn zelfvertrouwen en een positief zelfbeeld te ontwikkelen.

 

 

Uit het onderzoek van Carducci blijkt dat verlegen kinderen moeilijkheden hebben met het oplossen van problemen.  Ze proberen altijd dezelfde aanpak en geven het dan op.  Gelukkig kan men leren om problemen op te lossen. 

Een probleem oplossen bestaat uit een aantal fasen:

1.      De aard van het conflict vaststellen en verder omschrijven

2.      Mogelijke oplossingen bedenken

3.      Bespreken van de mogelijke oplossingen

4.      Kiezen van de meest aanvaardbare oplossing

5.      De praktische uitvoering van de gekozen oplossing bespreken

6.      Na een tijdje nagaan of de oplossing werkt (evaluatie)

 

Deze fasen maken deel uit van de geen-verliesmethode of win-winsituatie bij het oplossen van problemen bij ouder en kind, en zijn ook toepasbaar voor de alledaagse kleine praktische probleempjes en problemen, o.a. bij huiswerk van eender welk vak.  Dit wordt besproken onder het stuk over geweldloze communicatie.

Problemen oplossen stimuleert de creativiteit en de intellectuele capaciteiten van het kind, en als er anderen bij betrokken zijn, stimuleert het ook de samenwerking, het vertrouwen in elkaar, de openheid in het uitdrukken van gevoelens.

 

In dit verband is het nuttig als ouder ervoor te zorgen dat het kind verschillende soorten spelen speelt en niet vervalt in één soort spel bvb computergames.  Spelen is leren en is nodig voor een goede cognitieve, sociale en emotionele ontwikkeling.  Ze kunnen bvb leren onderhandelen, delen, op hun beurt wachten, risico’s nemen, zich aan regels houden, omgaan met andere kinderen, samenwerken, initiatief nemen, communiceren, meeleven, verdraagzaam zijn, eerlijk zijn, plannen maken,...

Zo is er solitair spel, doelbewust of doelloos, fantasiespel, sociaal spel, georganiseerd of ongeorganiseerd.

 

Het is moeilijk als ouder om te zien dat je kind angstig, gefrustreerd is, huilt enz.  Toch schuilt hier een risico, nl dat als men steeds te hulp schiet, het kind leert dat zijn ouders altijd wel de oplossing weten.  Zo creëert men een afhankelijk, onzelfstandig, zelfs verwend kind.  Het is beter dat het kind zijn frustratie even leert te verdragen en zelf tracht een oplossing te zoeken.  Men noemt dit frustratietolerantie en dit is een belangrijke vaardigheid.  Het beheersen van impulsen en het kunnen uitstellen van bevrediging van bepaalde behoeftes en verlangens is noodzakelijk om in deze cultuur te kunnen meedraaien.  Ongeduld, impulsiviteit, alles moet direct gebeuren, onmiddellijke voldoening, is wel begrijpelijk als men het bekijkt vanuit een natuurlijk oogpunt, maar we leven nu eenmaal in een cultuur, niet in de jungle.

Hoe je je kind kan helpen om zijn eigen problemen op te lossen, vindt je in het stuk over geweldloze communicatie.

Hoe vroeger verlegenheid wordt aangepakt, hoe beter.  Het verlegen kind moet leren:

·        een stukje frustratietolerantie

·        oplossingen bedenken

·        terugdenken aan successen in gelijkaardige situaties

 

 

Carducci heeft ook vastgesteld dat verlegen mensen vaak een gebrek aan zelfkennis hebben en zich identificeren met verlegenheid ipv het te zien als één onderdeeltje van hun hele persoonlijkheid.  Het is daarom goed inzicht te krijgen in het proces van verlegenheid, bij uitbreiding in de eigenschap van hooggevoeligheid en ook aandacht te hebben voor de positieve eigenschappen die ieder van ons heeft ipv ons te focussen op onze angsten, onzekerheden, twijfels en problemen.

 

Als je als ouder zelf verlegen bent, kun je natuurlijk goed met je verlegen kind meevoelen, maar zul je zelf ook aan je verlegenheid moeten werken, want anders kun je je kind immers niet helpen.  Samen breiden jullie je veilige zone uit, nemen jullie je tijd om te ontdooien, proberen het toenaderen te laten primeren op de angst, enz.

 

De verlegen puber kan zich helemaal terugtrekken, zich overaanpassen, zich op de studie storten, de clown gaan uithangen, opstandig en uitdagend worden, of cynisch worden (een mengeling van verlegenheid, agressie, eenzaamheid en haat).  Als ouder tracht men te ontdekken waardoor hij verlegen wordt, het proces van verlegenheid bewust te maken, zijn veilige zone te bestuderen en uit te breiden.  Het is niet omdat tieners stilaan zelfstandig worden, dat ze aan hun lot moeten overgelaten worden, ze hebben regelmatig ondersteuning nodig.

Een onderschat lange termijnrisico voor verlegen kinderen, jongeren en jonge volwassenen die door hun verlegenheid ic vermijdingsgedrag “kansen” laten liggen, is later het gevoel te krijgen veel gemist te hebben in het leven bvb op vlak van job, partner, kinderen, uitgaan.  Dit kan gebeuren in de vorm van een midlifecrisis rond 35-45j met gevoelens als spijt, verdriet, zelfverwijt, kwaadheid.

Een ander typisch probleem bij een aantal verlegen en HG personen, is het risico bij bijeenkomsten van klas- of leeftijdsgenoten geconfronteerd te worden met wat zij allemaal al bereikt hebben in het leven, terwijl zij zelf jaren achteroplopen omdat in hun leven alles trager gaat en ze meer tijd nodig hebben om iets te durven en aan te vatten.  Dit gaat dan gepaard met gevoelens zoals schaamte, minderwaardigheid, geïsoleerd staan, enz

 

In het boek, dat ik ten zeerste kan aanbevelen, wordt ook uitvoerig aandacht besteed aan de eerste schooldag, de school, de verlegen scholier, de middelbare school, verlegenheid in de puberteit, wenken voor leerkrachten zoals bvb zorgen voor orde en stilte in de klas, leren doel- en oplossingsgericht werken, plaatsverdeling in de klas, vooraf aan de klas duidelijk maken dat uitlachen en ook pesten asociaal en intolerant zijn en ev zullen bestraft worden, als jongeren een spreekbeurt moeten houden vooraf duidelijk uitleggen hoe een spreekbeurt structureel in elkaar zit en te oefenen voor een vertrouwd iemand met een uurwerk erbij enz.

 

Geraadpleegde literatuur:

Carducci, B.J., De verlegenheid voorbij, MOM, Houten, 2003

 

 

Hooggevoeligen zijn vaak verlegen, maar verlegenheid en hooggevoeligheid zijn niet hetzelfde.  Ondanks het feit dat hooggevoeligen in principe uitstekende sociale vaardigheden kunnen hebben, kan verlegenheid een ernstige belemmering zijn.  Onder verlegenheid gaat vaak een angst voor afwijzing schuil of een angst om te falen als gevolg van lang geleden  pijnlijke mislukkingen, kritiek of afwijzing in sociale situaties.   Door deze angst voor herhaling is men meer geprikkeld, nog wat klungeliger en de self-fulfilling prophecy staat weer voor de deur.

Het zich ongemakkelijk voelen als de aandacht op je gericht is, is te wijten aan de hogere opmerkzaamheid als hooggevoelige.  We letten allemaal op elkaar, we doen niets liever; kijken en bekeken worden is een gewoonte in deze samenleving.  Niet-hooggevoeligen zijn zich gewoon minder bewust van de aandacht die aan hen geschonken wordt.

Verlegen personen zijn vaak veel te veel bezig met wat anderen van hun denken of zouden kunnen denken en met hoe ze zich lichamelijk en emotioneel voelen, hoe ze eruit zien, hoe ze klinken.  Hun aandacht is teveel op zichzelf gericht.  Het is beter zichzelf totaal te vergeten en zich volledig te concentreren op de anderen,  op wat er gezegd wordt, op hoe ze zich voelen.

Bedenk bovendien dat anderen je heel waarschijnlijk niet beoordelen naar dezelfde (te) hoge normen die je aan je zelf stelt.

 

Naast verlegenheid is er bij de HG de component overprikkeling.  Als je ervoor kiest om liever alleen te zijn of thuis te blijven of je wat afzijdig te houden om overprikkeling te vermijden, denken anderen dat je misschien verlegen bent.  Ze begrijpen niet dat in allerlei gelegenheden de harde en onaangename muziek, de sigarettenrook, de verlepte stank van bier, de lichteffecten, de tientallen mensen die door elkaar praten, al voor overprikkeling kan zorgen, los van verlegenheid of niet.  Deze achtergrondprikkeling is voor sommige HG al genoeg om gewoon niet uit te gaan.  Misschien denk je wel dat je verlegen bent in zo’n situatie, terwijl je eigenlijk alleen maar overprikkeld bent.

 

Er zit soms een denkfout schuil achter verlegenheid, nl. de onverantwoorde veralgemening.  Het is niet omdat men één keer afgewezen wordt, dat men altijd zal afgewezen worden.  In feite zijn er zeer weinig mensen die constant in alle subgroepen van de samenleving afgewezen worden.  Het kan bvb. zijn dat men afgewezen wordt omdat men goedkope flodderkleding draagt in een chique milieu, maar het is onwaarschijnlijk dat men om dezelfde reden zal afgewezen worden in het floddermilieu.   Zie ook het stuk over normaal en abnormaal, opgenomen in de tekst over eigenwaarde.

Het is ook niet omdat men één keer gefaald heeft, dat men dit altijd zal doen.  Als je bvb. een voordracht in de klas moet houden en je gaat af als een gieter, hoeft dit niet altijd zo te zijn; in een vriendelijkere, kleinere klas en met een onderwerp dat je beter beheerst, kan dit bvb. reuze meevallen.

 

Mensen zijn als groep onbewust erg gevoelig voor individuen die op één of andere manier afwijken van de vaak onuitgesproken groepsnormen, het kan bvb. gaan om kleding, haarstijl, fysieke conditie, voedingsgewoontes, ras, huidskleur, gespecialiseerde kennis, enz.   Dit zijn subtiele mechanismen die tot het biologisch instinct behoren, waarbij de groep tracht zichzelf te beschermen en te overleven door het afweren van “afwijkende” individuen.   Maar als men zich in de ene subgroep niet welkom voelt, zijn er altijd nog andere subgroepen te vinden waar je je wel goed voelt.  Ook kan men trachten zich aan te passen aan de groepsnorm.

Mensen zijn zich vaak niet bewust van de groepsnormen en krijgen hierdoor sociale  problemen, anderen lijken automatisch zich daaraan aan te passen zonder moeite.  Het kan gaan bvb om het werktempo, kleding, stelen “van den hoop”, op café gaan tijdens de werkuren, dingen verzwijgen die je ziet en die niet door de beugel kunnen, enz.

 

Beschouw verlegenheid als een charmante eigenschap.  Je kunt trouwens beter verlegen zijn dan arrogant.  Als je niet goed weet wat zeggen in een gezelschap, kun je als het uitkomt, dit ook gewoon zeggen, bvb. “Sorry, ik ben nogal verlegen, ik weet niet goed wat ik moet zeggen.”  Dit werkt meestal ontwapenend.  Als je niet goed weet wat te zeggen, kun je het over een andere boeg gooien en luisteren naar wat een gesprekspartner je vertelt en door vragen te stellen hem of haar aan het woord laten.

Een andere mogelijkheid is de sterkte van je gevoeligheid gebruiken.  Je voelt best aan wie er in de groep ook hooggevoelig is.  Probeer deze persoon aan te spreken met bovenstaand zinnetje en je hebt meteen een bondgenoot en een gesprekspartner.

Laten we elkaar niet voor de gek houden: het uiterlijk bepaalt inderdaad de eerste indruk die men van iemand krijgt.  Ook al hebben we allemaal al ervaren dat een eerste indruk verkeerd kan zijn en we naderhand verbaasd zijn dat iemand toch anders is dan we eerst dachten.  Verzorg dus goed je uiterlijk als je je onder de mensen begeeft.  Mensen die last hebben van ernstige minderwaardigheidsgevoelens, kunnen dit soms eens verwaarlozen, waardoor mensen meteen terughoudend zijn of zelfs afkerig.

 

Een mogelijk gevolg van verlegenheid en/of HG is het probleem voor mannen om een partner te vinden.  Hooggevoelige, verlegen mannen met angst voor afwijzing kunnen de grootste moeite hebben om iemand aan te spreken voor wie ze iets voelen.  Daar het spijtig genoeg nog steeds zo is dat mannen geacht worden het initiatief te nemen, kunnen ze wel eens op hun honger blijven zitten.  Daarbovenop wordt in deze cultuur, gelukkig steeds minder, gevoeligheid bij mannen als een teken van zwakte aangezien en verwachten veel vrouwen een bepaalde mate of uitstraling van zekerheid.  Als vrouw is het nuttig om te bedenken dat onder verlegen mannen een intense tederheid schuilgaat en veel aandacht voor jouw gevoelens…  Als je als vrouw iets voelt voor een verlegen man, hou er dan rekening mee dat jij misschien wel degene bent die het initiatief zal moeten nemen...

 

Een bijzonder probleem, vooral in de werkomgeving, is de interpretatie van niet-HG van jouw gedrag.   Vermits je misschien de neiging hebt je eerder af te zonderen, niet naar feestjes te gaan en een rustige omgeving voor jezelf te creëren, als het weer het toelaat buiten in het nabije park te gaan lunchen in plaats van in de kantine, kan het gebeuren dat je collega’s één en ander interpreteren als een vorm van afwijzing, arrogantie, superieur gedrag e.d.  Met als gevolg dat sommigen daar wel eens een hakje voor zullen steken; vergeet niet dat er in veel werksituaties allerlei machts-, roddel-, en relatiespelletjes worden gespeeld.  Als je daarin ten onrechte betrokken raakt, wordt het moeilijk.   Het is beter om dergelijke interpretaties te voorkomen door toch af en toe moeite te doen je wat “socialer” te gedragen, en ook wat uitleg te verschaffen bij je gedrag.

 

Eén van de vreselijkste dingen voor verlegen mensen is het spreken voor een groep, bvb. een klas.  Er zijn een aantal elementen die de angst kunnen verminderen. 

Ten eerste is het beter als je over een onderwerp kunt spreken waar je erg veel van kent en waardoor je gepassioneerd bent, zodat je met hart en ziel bij dat onderwerp betrokken bent.  Dit vermindert de kans dat je een vraag zult krijgen die je niet kunt beantwoorden. 

Als je toch zo’n vraag krijgt, kun je gewoon toegeven: “Dat is een interessante vraag maar ik het antwoord daarop schuldig blijven.  Ik zal het opschrijven en opzoeken en ik zal het je laten weten als ik het antwoord gevonden heb.”   Ooit bestond er nog een tijd dat men alles kon weten over iets, nu is dit onmogelijk geworden.  In feite hoef je dus geen angst te hebben dat je iets niet zult weten, het zal immers altijd zo zijn dat je iets niet zult weten…

Ten tweede is de aard van de groep van belang.   Gaat het om mensen die er gegarandeerd meer over weten dan jij, dan ziet het er niet goed uit.   Gaat het om een grote groep, dan is het ook moeilijker.   Ken je de mensen van haar noch pluimen, dat is ook een factor.   Als je graag in de toekomst bvb. voor je werk, over een bepaald onderwerp voor een publiek wil of moet spreken, kun je misschien best beginnen met een hele kleine groep waarvan je aantal mensen kent en vertrouwt.  En zeker voldoende informatie bij je hebben, waarin je ev. snel iets kunt opzoeken.  Vaak helpt het om gewoon eerlijk te zijn.  Zo kun je bvb. zeggen voor een groep “Ik ben het niet gewoon om voor zo’n grote groep te spreken, neem me niet kwalijk dat ik een beetje zenuwachtig ben, het zal dadelijk wel overgaan.”

Je kunt ook proberen de groep te betrekken bij het onderwerp, door hen vragen te stellen, in te spelen op thema’s die bij de groep blijken te leven, enz.  Dit maakt het aangenamer en minder bedreigend.  Sterk sfeerverbeterend is er af en toe een grapje tussensmijten, iets humoristisch bekijken.

Het is heel realistisch om er rekening mee te houden dat 10 à 20% van je voorbereiding zal mislukken of anders uitdraaien dan je gedacht had, ook al heb je het nog zo goed voorbereid.  Dit zorgt ervoor dat je dat ook accepteert en niet zo in paniek hoeft te raken, je wéét gewoon dat er dingen zijn die zullen mislukken of mislopen.

Hoe goed men zich voorbereidt, het blijft de eerste keren toch een zure appel waar men moet door bijten.

 

© [email protected]

www.geocities.com/lucasvo

 

Hosted by www.Geocities.ws

1