Sint-Janskruid
Sint-Janskruid kan helpen bij milde tot matige depressies, nerveuze onrust, angst, wisselende stemmingen, maar niet bij zware depressies.
Als inhoudsstoffen werden 0.05 tot 3% etherische olie gevonden, hyperine, kleurstoffen (o.a. hypericine), 10% looistof, pectine, choline, saponinen, antibacteriële verbindingen, xanthonderivaten, hyperforine, flavonoïden zoals rutine, quercitrine.
‘Sint Janskruid is niet enkel
een sedativum maar oefent eveneens een gunstig effect uit bij depressieve
toestanden. (…) Het is geen
fytotranquilizer maar heeft eerder een euforiserend effect op de stemming en
gemoed. Het bezit adstringerende en ontstekingswerende eigenschappen. (…) Het
is een fyto-antidepressivum. (…) Het
zwaartepunt van het toepassingsgebied van Sint-Janskruid is gelegen in de
behandeling van symptomatische, reactieve en neurotische depressies.’ schrijft
Van Hellemont (p.309-310)
Verder waarschuwt hij ook voor intense blootstelling aan zonlicht omdat het hypericine de huid lichtgevoelig maakt. Hij raadt ook aan het kruid langere tijd i.c. maanden te gebruiken; na 2 à 3 weken zijn de eerste gunstige effecten te verwachten.
Er wordt in de literatuur ook gewaarschuwd voor het gelijktijdige gebruik van Sint-Janskruid en bepaalde medicamenten. De reden hiervoor ligt in de versterking van de werking van het leverenzyme cytochroom P450, dat een aantal medicijnen sneller doet afbreken, zodat die minder gaan werken. Het gaat hier o.a. om medicijnen bij epilepsie, psoriasis, reumatoïde artritis, HIV, antidepressiva..
Dr. Wuyts vertelt ons dat de
meeste werking van het kruid wordt verklaard door het aanwezige hypericine,
hyperforine en flavonoïden. Er wordt
steeds meer aangetoond dat wellicht vooral het hyperforine de sterkste
antidepressieve werking heeft. Ik zet
samen met hem even enkele details op een rijtje (p.5)
Zo ziet men dus de waarde van een volledig kruid ten overstaan één enkele inhoudsstof zoals in een antidepressivum.
Dr. Wuyts vat samen (p.5)
‘Hypericum neemt bij ongeveer
75% van de depressieve patiënten de vermoeidheid weg. Daarenboven verbetert het het humeur, de onverschilligheid en de
ochtendlusteloosheid. Hypericum werkt
anxiolytisch, sederend en relaxerend.
Het vermindert bij gedeprimeerde patiënten de slapeloosheid met 80% en
hartproblemen met 60%. Er is ook
aangetoond bij mannelijke ratten dat Hypericum de agressiviteit
vermindert. (…) Volgens verschillende
wetenschappers is de antidepressieve werking van de SSRI’s sterker dan
Hypericum, maar ook de nevenwerkingen.
De combinatie van een SSRI met Hypericum zorgt voor een risico op het
serotoninerg syndroom wat zich uit in gastrointestinale problemen, tremor,
agitatie en hoofdpijn. Het beste is dus
om eerst met Hypericum te proberen en indien dit niet voldoende is om het te
substitueren en niet te associëren met een SSRI.’
Verder vermeldt Pahlow dat het kruid de klieren van het verteringskanaal en de galproductie prikkelt en de bloedsomloop versterkt en ook nog gebruikt wordt bij longkwalen, zenuwpijn en wondbehandeling.
Volgens Bratman bedraagt de gangbare dosis die men per dag dient in te nemen drie maal 300mg totaal extract, wat overeenkomt met 2,7 mg hypericine.
Naast o.a. looi- en bitterstoffen bevat dit kruid slechts 0.1% etherische olie (met o.a. citronellal, citral, linalool, geraniol), waaraan nochtans de geneeskrachtige werking van melisse wordt toegeschreven.
De etherische olie is een
antispasmodicum en sedativum en grijpt vooral in op het zenuwstelsel en het
spijsverteringsstelsel. Van Hellemont
verklaart (p.377)
‘Het aangrijpingspunt voor de
sedatieve werking situeert zich ter hoogte van het limbisch systeem. Melisse is een fytotranquilizer. Het kruid wordt nuttig aangewend bij
talrijke nerveuze klachten zoals hartkloppingen, maag- en darmklachten, braken,
tand-, oor-, en hoofdpijnen, slapeloosheid alsook bij melancholie en lichte
overspanning.
Melisse werkt krampstillend en
wordt nuttig toegepast bij nerveuze maag- en darmklachten. Het is een aromatisch maagmiddel (bitterstof
en vlugolie) en wordt aangewend als een carminativum en spasmolyticum bij
winderigheid en braken (zwangerschapsbraken).
Melisse bevordert de galsecretie.’
Verder vermeldt hij nog dat melisse een zweetafdrijvend en een zenuwversterkend middel is. Pahlow vermeldt het ook als mild slaapmiddel, hij raadt ook aan de verse bladeren te gebruiken en vindt tenslotte dat iedereen citroenmelisse in de tuin zou moeten hebben, waar ik het volmondig mee eens ben.
Ook Van Bortel vermeld in zin boek “Geneeskrachtige kruiden voor gezonden en zieken” citroenmelisse als remedie voor melancholie.
Bron:
Van Hellemont, J., Fytotherapeutisch compendium, Bohn Stafleu Van Loghum, Houten, 1994
Van Bortel, G., Geneeskrachtige kruiden voor gezonden en zieken, Passieflora, Deurne, 1981
Wuyts, D., Cytochroom P450 en interacties
met antidepressiva, Memo News, 25 april 2003