Als we met een zijden of wollen doek over een glazen of plastic staaf wrijven, dan worden er elektronen van het ene op het andere voorwerp overgebracht en krijgen ze een positieve of negatieve lading naargelang het voorwerp er elektronen bijkrijgt of verliest.
Als het gewreven voorwerp bestaat uit een isolerend
materiaal, dan kunnen de aangebrachte elektronen niet doorheen het materiaal
weglekken en blijven aan het oppervlak.
Ze blijven ter plekke of bewegen zich slechts over een heel kleine
afstand.
Zo’n geladen staaf kan voorwerpen aantrekken.
Daar
negatief geladen elektronen op een voorwerp elkaar onderling afstoten, zullen
ze makkelijk een ontsnappingsweg nemen als ze deze kans krijgen. Als u de staaf aanraakt, zullen ze door uw
lichaam naar de aarde wegvloeien en kunt u even een schok krijgen.
Soms kan de afstotingskracht tussen de opgehoopte
elektronen zo groot worden dat ze zelfs een afstand door de lucht kunnen
overbruggen naar een ander voorwerp en zo ontstaat dan een vonk. Een spectaculair voorbeeld is de bliksem,
waarbij elektrische lading overspringt van de ene wolk op de andere of van een
wolk naar de aarde.
De
eigenschap van een stof om op zijn oppervlak elektrische lading op te kunnen
slaan, noemt men de capaciteit.
Een praktische toepassing van statische
elektriciteit is de afstemcondensator in een radio waarmee we exact kunnen
afstemmen op één signaal in het oerwoud van zenders.
Statische
elektriciteit is een goed gekend probleem in de industrie. Het grote risico is nl. het ontstaan van
ontladingsvonken, die voldoende energie kunnen hebben om een gas-luchtmengsel
of een stofmengsel te doen ontvlammen of ontploffen.
De ladingen kunnen ook schrikreacties veroorzaken en
problemen opleveren bij computers zoals het verstoren van programma’s, met alle
gevolgen vandien.
“Het risico
van elektrostatische opladingen is reëel in een aantal veel voorkomende
gevallen, bvb. :
·
Het
stromen van goed geleidende vloeistoffen door een geïsoleerd opgestelde lading
·
Het
stromen van olie of water door een leiding naar een tank
·
Het
laden en lossen van poeder- en korrelvormige producten uit bulkauto’s
·
Pneumatisch
transport van poeders en korrels in mengers, doseersluizen van weegbunkers
·
Wrijving
door kleding over het menselijk organisme dat geïsoleerd staat opgesteld (bvb.
op rubberen schoenzolen)
·
Drijfriemen”
(Min. Vl. Gem., Afstandsonderwijs elektriciteit,
bundel 10, p.41)
Als deze
lading niet kan afvloeien naar de aarde, kan een vonkontlading optreden, indien
de elektrostatische veldsterkte te groot is.
Enkele voorbeelden van optredende spanningen in
specifieke omstandigheden :
Omstandigheid Optredende
spanning (V)
Persoon lopend op gummizolen 1000
Persoon lopende op gummizolen op een kunststof
tapijt 14000
Aandrijfriemen met een snelheid van 3 – 15 m/s 25 – 80000
Uitstromende benzine in vrije val 4000
Benzol met hoge snelheid in stalen buis 3000
Papierrol bij afrolsnelheid boven 10 m/s 150000
(Rose, p. 42)
De bestrijding ervan bestaat uit het voorkomen door
maatregelen in het productieproces.
Dit kan door het aarden van massa’s en door de equipotentiale verbinding bvb. het
overtappen van vloeistoffen, tankinstallaties en bij assemblage van
elektronische toestellen.
Andere maatregelen zijn het dragen van antistatisch
schoeisel, impregnatie of doordrenking van weefsels met een geleidend product,
verwerking van een zeker percentage metaalvezels in het product, verhoging van
de relatieve vochtigheid tot meer dan 65% waardoor rond voorwerpen een
geleidende vloeistoflaag ontstaat die als aardleiding dienstdoet.
Schadebeperking bij ontlading kan gebeuren door bvb. plaatselijke
afzuiging waardoor de hoeveelheid stof of brandbaar gas en damp minimaal wordt
gehouden. In de gevaarlijke ruimte kan
men ook een beschermgas brengen dat niet brandbaar is en dat de zuurstof verdringt.
Over het
belang van aarding vindt u hieronder enkele mooie voorbeelden :
(txt Paterson p.158-159 plakken)
(id. p.160)
(id. p.116)
(als laatste : id., p.157-158)
Een andere
toepassing van aarding is het aanbrengen van een strip aan uw auto die zorgt
voor geleiding van elektrische ladingen naar de aarde.
Hoewel het
zelden voorkomt, kan getroffen worden door de bliksem ernstige gevolgen hebben
: ‘brandwonden,
geheugenverlies, bewusteloosheid, verlamming, hartstilstand, stilvallen van de
ademhaling.’
(http://193.190.249.203/IRM-KMI/educ/lightning_nl.html)
Bij onweer zijn de veiligste plaatsen :
·
‘Gebouwen
deskundig beveiligd tegen de bliksem
·
Gebouwen
in gewapend beton met doorverbonden betonijzers
·
Gebouwen
met stalen geraamten
·
Auto’s
met metalen koetswerk en dak, waarvan alle metalen delen onderling
doorverbonden zijn’
(id., ibid.)
De gevaarlijkste plaatsen zijn :
A. ‘Buiten :
·
Omgeving
van hoge verticale structuren zoals : gebouwen, masten of alleenstaande bomen,
hijskranen
·
Bosranden
·
Houten
hutten met bijna geen metalen onderdelen of met metalen onderdelen geïsoleerd
van de aarde
·
Vijvers
en zwembaden
·
Boten
en tenten
·
Sportterreinen
·
Bergranden
·
Metalen
afsluitingen
B. Binnen :
·
Omgeving
van grote metalen voorwerpen zoals : radiatoren, kachels, metalen vensterramen,
badkuipen,…
·
Schouwen
·
Water-,
gas-, elektriciteitsleidingen
·
Radio
en televisie indien ze verbonden zijn met het net of de antenne
·
Telefoon
·
Zolders’
(id., ibid.)
Vermijd dus ook :
·
‘Paard
te rijden
·
Te
fietsen of motor te rijden
·
Een
open tractor of wagen te besturen
·
Dichtbij
een wagen te staan of erop te leunen
·
Te
vliegen met niet-gesloten of niet-metalen tuigen’
En :
·
‘Mensen
die in groep door een onweer verrast worden, zullen zich op tenminste twee
meter afstand van elkaar verspreiden.
·
Indien
men verplicht is zich te verplaatsen tijdens een onweer, is het beter te lopen
dan te wandelen : tijdens het lopen is slechts één voet in contact met de
grond.’
(id., ibid.)
De veiligheidshouding ziet er zo uit :
(illKMI p.6)
Hierbij zijn de voeten samengevoegd en mogen de handen de grond niet raken. Zodoende is er slechts één aanrakingspunt met de grond. Bij twee aanrakingspunten zou er een potentiaalverschil (spanning) kunnen ontstaan. Bovendien zit men gehurkt zodat men geen uitstekend punt vormt.
![]()
![]()