Net als ultraviolet kunnen we infrarood niet met het blote oog waarnemen. We kunnen de IR-stralen wel merken aan de warmte die ze afgeven en de IR-stralen dichtbij het rood kan men fotograferen.
De bestraalde voorwerpen worden warm omdat de elektronen, atomen en moleculen waaruit ze bestaan, gaan trillen.
Zoals alle EM golven bewegen deze stralen zich voort in rechte lijnen vanuit de bron. In tegenstelling tot warmte door convectiestromingen komt de warmte van IR slechts op één plaats terecht.
IR-stralen vinden industriële toepassingen in het drogen van verf, email, vernis en andere materialen; als warmtebron bij het destilleren van vloeistoffen en de infraroodgrill; in het herstellen van schoenen en het grootbrengen van kuikens onder een IR-lamp.
Verder zijn ze nuttig voor militaire doeleinden, bvb. bij de bepaling van de afstand van een doel, het geleiden van projectielen, het richten van wapens en bij nachtkijkers.
(ill)
Bouwbioloog Walter Kunnen over infrarood :
“In de eerste plaats moeten de
verkeerde isolatiematerialen het huis uit.
Die sluiten de zon systematisch buiten.
Door een verkeerde dakbekleding kan geen infrarood meer binnen. Goede baksteen of kalk hindert niet. Cement en beton daarentegen laten geen
infrarood door. In zo’n huizen wordt
niet gelachen. Daar kan geen euforie
meer zijn.
Kippenkwekers leggen kuikentjes
onder een infraroodlamp. Waarom krijgen
baby’s niet dezelfde behandeling ? Waarom leggen dokters prematuurtjes in
couveuses onder neonlampen, met volledige afwezigheid van infrarood ? (…)
Kijk naar onze voorouders. Zij zaten met hun voeten op de Leuvense stoof of voor het haardvuur. Geen betere therapie dan de voeten bestralen met infrarood. Dat laadt een mens op. Ik begeleid nogal wat terminale patiënten. Zij maken een moeizame aftakeling door, spiercontracties incluis. Dat lijden is vreselijk om te zien. Wanneer je infrarood licht op hun voetzolen plaatst, is dat voorbij. Zo’n mensen sterven met de glimlach op de lippen.”
(Dag Allemaal, jan.1999)