De grootste
bron van energie die de zon uitstraalt, zijn thermonucleaire reacties. De zon heeft een kern van waterstof en
binnenin bedraagt de temperatuur meer dan een miljoen graden. Als waterstofkernen botsen, ontstaat een
kernfusie, waarbij energie vrijkomt.
Deze energie verplaatst zich via golven over grote
afstanden. Ze hebben alle de snelheid
van het licht : zo’n 300.000km/s. Ze
verschillen van elkaar in golflengte en frequentie.
Het hele
spectrum van mogelijke stralen is veel breder dan alleen het met onze ogen
zichtbare licht.
Een kortere golflengte dan het zichtbare licht
hebben de ultraviolette stralen, de röntgenstralen en de gammastralen.
Een langere golflengte hebben de infraroodstralen en
de radiogolven, waarvan men de golflengte in meter uitdrukt.
(ill)
(ill Distelmans p.17)(ill p.70 Decat)
In en om de aarde bevindt zich een magnetisch veld
maar in vergelijking met een gewone magneet is dit veld relatief zwak. Dit veld zou het gevolg zijn van elektrische
stromen in het binnenste, niet-vaste deel van de aarde. Het ontstaan van deze stromingen is
onbekend.
De aarde is ook omgeven door een meetbaar elektrisch
veld van zo’n 100V/m net boven de aardkorst en in de hoogte afnemend.
Het
organisch leven op aarde kenmerkt zich door microgolven met een zeer hoge
frequentie (GHz). Deze verfijnde
bio-energie in levende wezens maakt deel uit van een groter energieveld rond
onze aarde, dat zelf weer deel uitmaakt van een kosmisch energetisch veld.
De mens eindigt niet bij zijn huid, maar is
verbonden met zijn omgeving en ondergaat ook op energetisch vlak dus veel
invloeden. Zoals we verder zullen zien,
vallen ook talrijke onverdachte technische energievelden van vele uitvindingen
voor het menselijk comfort hieronder.
(ill)
Energie
verplaatst zich via golven die een ritmische beweging maken, te vergelijken met
de golven van de zee; ze trillen of vibreren en ze hebben de snelheid van het
licht.
Golflengte :
Dit is de lengte van één cyclus van een golf,
uitgedrukt in mm tot km.
(ill)
Amplitude :
Dit is de hoogte van een golf, die tevens de
intensiteit of de sterkte ervan aanduidt. Het is de maximumwaarde en het houdt
verband met het vermogen.
Frequentie :
Dit is het aantal cycli of trillingen per seconde,
uitgedrukt in Herz (Hz).
Men berekent de frequentie als volgt :
F = c/l en l = c/f
c = lichtsnelheid = 300000000m/s
l = golflengte in m
f = frequentie in Hz
De
golflengte is omgekeerd evenredig met het aantal trillingen per seconde. Hoe langer een golf, hoe kleiner de
frequentie en v.v. De golflengte is ook
omgekeerd evenredig met de energie ervan.
Hoe korter een golf, hoe groter de energie ervan.
Om een hoge frequentie aan te duiden, gebruikt men
kHz (kiloHerz), MHz (MegaHerz), GHz
(GigaHerz)
(ill)
Polariteit :
Een straal kan om z’n eigen as draaien,
linksdraaiend of rechtsdraaiend.
(ill)
Periodetijd :
Dit is de tijd die een golf nodig heeft voor één
cyclus.
Bij een frequentie van 100Hz duurt een periode
0,01s. Periodetijd heeft het symbool T
:
T = l/f en f
= 1/T
Impuls :
Dit is de krachtstoot die de energie stimuleert en
die de frequentie, periodetijd en golflengte veroorzaakt.
Elektromagnetische (EM) golf :
Als de elektrische en de magnetische velden
periodisch veranderen, ontstaat er een energietransport waarbij de energie
tussen het elektrisch en magnetisch veld pendelt.
De elektrische en magnetische golven staan loodrecht
op elkaar :
(ill)
Daar golven
zich door de ruimte verplaatsen, kan bvb. een antenne of een radar ze
opvangen. In de natuur zien we dat de
kelk van een bloem zo gebouwd is, dat ze de golven van het zonlicht kan
opnemen. Insecten kunnen antennes
hebben waarmee ze bepaalde golven opvangen.