Biomagnetisme

 

 

  Magnetiseren is een methode die zowel in het Oosten als het Westen sedert vele eeuwen gebruikt wordt.  Door de ontwikkeling van de neurologie en de bio-energie is het thans mogelijk een verklaring te geven voor de werking van het magnetisme, waardoor de sluier van geheimzinnigheid wordt opgeheven.

  Het is een natuurlijke methode waarbij mensen met een goede energetische uitstraling een deel van hun eigen energie op anderen kunnen overbrengen of instralen.  Dit gebeurt hoofdzakelijk door de handen maar kan ook vanuit de ogen.  Het heeft een herstellende en normaliserende werking en is vooral geschikt voor klachten van nerveuze aard.

 

 De energiedoorstroming gebeurt vanuit de hersenen via de hersenstam en het ruggenmerg en komt in het nekcentrum en het armcentrum terecht en verplaatst zich via de bezenuwing van de schouders, armen en handen.   Dit betekent dat de beide handen energie uitstralen naar de ontvanger.

De ‘zender’ dringt in de aura van de ‘ontvanger’ om zo het energieveld te bereiken.  Het is uiteraard ook mogelijk om zichzelf te behandelen en zijn eigen energie op een bepaalde plaats van het lichaam in te stralen.

Bij het toepassen van biomagnetisme worden de organen steeds van buitenaf beïnvloed via het zenuwstelsel.  Men kan op een zenuwcentrum instralen.  Deze zijn bijzonder ontvankelijk en kunnen bij een verstoorde energiebalans erg verzwakt zijn.  Door in te stralen laden we deze verzwakte centra terug op.  Het gaat hier om het nek-, arm-, keel-, long-, hart-, maag-, lever-, pancreas-, darm-, nier-, onderbuik-, blaas-, geslachts-, bekken-, en stuitcentrum.

Door energie in te stralen beïnvloedt en versterkt men het autonoom zenuwstelsel, waarvan het sympatisch zenuwstelsel instaat voor de activering van functies en het parasympatisch zenuwstelsel voor het afremmen van functies.  Met biomagnetisme kan men dus zowel stimulerend als kalmerend werken.

 

  Naast de zenuwcentra zijn er de huidgebieden, die segmentaal opgebouwd zijn.  Alle organen zijn via het zenuwstelsel verbonden met deze segmenten.  De gevoeligste zones binnen deze segmenten worden ingestraald.  De invloed op de organen gebeurt reflectorisch, dwz indirect via het zenuwstelsel.  Er zijn 9 belangrijke huidgebieden die aan de voorzijde van het lichaam behandeld worden.  Het gaat hier om het middenrif, hart, slokdarm, maag, lever/gal, dunne darm, dikke darm, blaas, en de nieren.

 

  Met de handen kan men op een afstand het verschil tussen warm, koud, droog en vochtig aanvoelen, waardoor men een idee krijgt van ev. verstoringen van een bepaald gebied of bepaalde organen.

 

  De behandeling kan gepaard gaan met ondersteunende suggesties, die de overdracht van energie versterken, waardoor blokkades sneller worden opgeruimd. 

Een behandeling kan gebeuren in absolute stilte of met aangename achtergrondmuziek.

 

  Biomagnetisme leent zich uiterst goed voor globale behandelingen gericht op de verbetering van de algemene toestand.  Zonder aan een klacht te lijden, kan men iemand behandelen.  Een dergelijke behandeling geeft rust en zorgt voor een beter functioneren.  De vitaliteit neemt toe.  Biomagnetisme heeft als belangrijkste taak de algemene gezondheidstoestand van zijn medemensen te verbeteren.

  Daarnaast kan een behandeling gericht zijn dwz dat een orgaan of een stelsel behandeld wordt naar aanleiding van een bepaalde klacht.  Meestal gaat een globale behandeling de specifieke behandeling vooraf.   Eerst gaat men de algemene toestand verbeteren door de energiedoorstroming te stimuleren en daarna richt men zich op het zieke orgaan.  De behandeling wordt steeds met een globale strijktechniek afgerond.  Elke specifieke behandeling gebeurt door een of meerdere zenuwcentra te beïnvloeden.  Verder kan men ondersteunend werken door huidgebieden te beïnvloeden.  De organen worden niet rechtstreeks beïnvloed maar steeds via een zenuwcentrum of een reflexgebied op de huid.  Omdat over de huid enorm veel zenuwbanen lopen, kan de doorstroming van energie via de huid gestimuleerd worden.

De behandeling kan tijdelijke reacties uitlokken, die niet gevaarlijk zijn maar wel vervelend.  Soms treden zij op tijdens de behandeling, bvb. misselijkheid, braakneigingen, koude rillingen, duizeligheid, hoofdpijn, ijl gevoel in het hoofd, klappertanden of soms na de behandeling, bvb. moe en verward gevoel, oppervlakkige en onrustige slaap of zeer diepe nachtrust, extra veel dromen, etc.  Maar men kan zich ook opgewekt voelen, heel veel energie bezitten, enz.

 

 

Bron:

 

Dries, J., Biomagnetisme, Arinus, Genk, 1998

 

ã [email protected]

www.geocities.com/lucasvo

 

Hosted by www.Geocities.ws

1 1