| 1.4 Het RIZIV Het RIZIV bundelt haar criteria in de nomenclatuur (RIZIV 1999). Deze nomenclatuur bepaalt de strikte produkteisen per type rolstoel, de voorwaarden waaraan de rechthebbenden moeten voldoen en de procedurevoorwaarden. Om voor een financi�le tussenkomst in de aankoopprijs van een rolstoel en/of toebehoren in aanmerking te komen, moet aan alle criteria voldaan zijn. Hier worden vervolgens de producteisen, de voorwaarden aan de rechthebenden en de te volgen procedure nader uitgelegd. 1.4.1 Producteisen De rolstoelen worden globaal ingedeeld in 3 types: a) wagentjes zonder persoonlijke aandrijving b) wagentjes met persoonlijke aandrijving c) elektronische wagentjes Voor elk product in de nomenclatuur wordt vereist dat er een waarborg is van minimaal twee jaar, voor elektronische wagentjes moet die ��n jaar bedragen en voor de batterijen zes maanden. De minimale fabricagemaatstaven vereisen dat elk produkt in nieuwe staat wordt afgeleverd en voorzien is van een klever met typenummer, serienummer, fabricatiedatum en identificatiecode. Verder worden eisen gesteld aan het materiaal, de remmen, wielen, afmetingen, diameter van de buizen, bekleding, rug-, hoofd-, voet- en armsteunen. Elk type stoel en elk origineel toebehoren krijgt een nomenclatuurnummer dat gebruikt wordt om de terugbetalingsbedragen vast te leggen. Deze verschillen op hun beurt per categorie van aandoening van de gebruiker. Naast de nomenclatuur beschikt het RIZIV ook over een limitatieve lijst (RIZIV 2001), waar alle produkten worden opgesomd die voldoen aan de nomenclatuureisen en waarvoor dus overheidstussenkomst kan worden aangevraagd. Die 146 pagina�s tellende lijst wordt opgesteld en semestrieel bijgewerkt door het Comit� van de Verzekering voor Geneeskundige Verzorging, op voorstel van de Overeenkomstencommissie Bandagisten & Verzekeringsinstellingen. Het aanvraagdossier met de specifieke kenmerken van de rolstoel wordt door de fabrikant in de drie landstalen ingediend en wordt binnen het half jaar ge�valueerd. Er worden eisen gesteld inzake prijs, kwaliteit en dienstverlening. De rolstoel moet voldoen aan de nodige fabricagemaatstaven, offici�le homologaties en waarmerken. Daarnaast moet gewaarborgd worden dat de onderdelen minimaal zes jaar beschikbaar zijn en dat alle relevante Europese richtlijnen werden toegepast. 1.4.2 Rechthebbenden van het RIZIV Het RIZIV kent 3 categorie�n van rechthebbenden die opgesomd worden in de nomenclatuur (RIZIV 1999): 1) Rechthebbenden met volledig verlies van de motorische functie van de onderste ledematen. 2) Rechthebbenden met een ernstige vermindering van de motorische functie van de onderste ledematen ten gevolge van gespecificeerde aandoeningen of amputaties. 3) Rechthebbenden met een ernstige vermindering van de motorische functie van de onderste ledematen. Een aantal personen met specifieke aandoeningen worden expliciet uitgesloten uit de no-menclatuur. Dat zijn bijvoorbeeld personen met een stoornis van arterieel-, veneus of lymfvatenstelsel, een evenwichtsstoornis, zwaarlijvigheid, aandoeningen van het hart, het ademhalingstelsel of de nieren. Ook personen met andere aandoeningen en trauma�s waarvan het herstel korter is dan de hernieuwingstermijn van een rolstoel, en personen die verblijven in een erkende verpleeginrichting kunnen nooit aanspraak maken op een tussenkomst van overheidswege. Deze consumenten vallen dus buiten het bestek van dit werk, ongeacht of zij hun rolstoel kopen bij dezelfde verstrekker of buiten het terugbetalingscircuit. Voor elke categorie van rechthebbenden wordt een rechtvaardiging van de geneesheer vereist dat de aanvrager een rolstoel nodig heeft, dat zijn aandoening definitief is in de tijd en dat hij de rolstoel volledig autonoom kan gebruiken. Een bijkomende voorwaarde is dat het gebruik van een rolstoel de deelname aan het sociaal-, gemeenschaps- of gezinsleven mogelijk maakt of verbetert. Als aan alle voorwaarden voldaan is, kunnen categorie 1 en 2 van de rechthebbenden een volledige tussenkomst bekomen voor rolstoelen van type a en b. Enkel rechthebbenden uit categorie 1 maken aanspraak op vergoeding van een electronische rolstoel. Rechthebbenden uit categorie 2 kunnen hiervoor echter wel aanspraak maken op een tussenkomst ten belope van het basisbedrag van een gewone lichtgewicht vouwrolstoel als hun lichaams-gewicht lager is dan 85 kilogram. Voor specifieke subtypes gelden afzonderlijk bijkomende criteria. Zo stelt de nomenclatuur van het RIZIV bijvoorbeeld dat voor lichtgewicht vouwbare of vastframe rolstoelen het nodig is dat de geneesheer bevestigt dat de motorische functie van beide bovenste ledematen en romp volledig intact is, dat de gebruiker een normale evenwichtszin en co�rdinatie heeft en dat hij jonger is dan 60 jaar. Een ander voorbeeld van een specifiek subtype is de multipositiewagen. Om hiervoor terugbetaling te bekomen wordt vereist dat de voorschrijvende geneesheer bevestigt dat de gebruiker volledig bed- en rolstoelafhankelijk is, voor zijn dagelijkse verzorging volledig afhankelijk is van derden en door permanent ernstig gestoorde zithouding dient te worden gepositioneerd. Ook voor de terugbetaling van originele toebehoren als antidecubituskussens, hoofd-, been-, en voetsteunen gelden expliciete criteria. |