MiZ: Hoofdstuk 10 – ... Daar is WoutDoor: Hestia ([email protected]) |
|
|
|
Hij liep door de lange gang en hoorde zijn voetstappen tegen de wanden echoën. Perth had buiten een rondje gelopen om zijn surveillance taak niet te verwaarlozen, maar er was niets om te observeren. Het was stil buiten, het was stil in de gang, alles gebeurde in de feestzaal, en daar moest hij ook maar weer naar toe. Hij bleef even bij het gordijn staan en tuurde de zaal in. Hij zag Martje meteen, ze stond bij een groepje mensen en leek het erg naar haar zin te hebben. Perth slikte moeizaam en keek weg. Het was moeilijker dan hij dacht. Hij had zichzelf niet eerder zo beschouwd, maar hij vond zijn taak moreel onverantwoord. “Erin of eruit?” hoorde hij een zware stem achter zich. Perth keek op en zag dat bouncer guy achter hem stond, zijn armen over elkaar en een strenge blik op zijn gezicht. Dat veranderde echter plotsklaps. “Oh, sorry man. Ik zag niet dat jij het was,” verontschuldigde hij zich. “Wat sta je hier te doen?” “Even wat afstand nemen, weet je wel. Altijd eerst wat afstand nemen voordat je een beslissing neemt,” mompelde Perth meer voor zichzelf, dan als antwoord. Hij grinnikte toen hij merkte dat hij onbewust wel Nederlands had gesproken. “Afstand nemen?” De jongen keek hem afwachtend aan. “Waarvan?” Perth merkte de oplettendheid van de jongen meteen op en glimlachte toegeeflijk. “Ik hoop niet dat je verkeerde dingen van me denkt, maar Merijn heeft me verboden om er over te praten.” De jongen grinnikte en schudde zijn hoofd. “Ik vraag verder wel niets meer, ook al snap ik er nog geen zak van. Maar euhm...” hij twijfelde en keek Perth fronsend aan, “je lijkt het zelf ook niet helemaal te snappen.” Perth zuchtte en wierp nog eenmaal een blik langs het gordijn. “Ik weet het inderdaad niet.” “Wat zou het makkelijkste zijn?” “Doen wat Merijn heeft gevraagd.” “Maar?” “Al die gevoelens maken het zo moeilijk...” De jongen knikte begrijpelijk en ging op de rand van de tafel zitten. “Ik weet nog steeds niet waar het echt over gaat, maar er zijn vast vrouwen bij betrokken.” “Precies!” zei Perth fel en hij keek de jongen aan. “Sorry, hoe heet je ook alweer?” “Javier.” “Javier, zou jij iets kunnen doen waar je niet met je hele hart achterstaat?” Javier haalde zijn schouders op. “Ligt eraan wat er voor mij persoonlijk in zit.” Perth liet de woorden in zich doordringen terwijl hij het steenpatroon van de muur tegenover hem bestudeerde. “Mag ik jou ook iets vragen?” vroeg Javier na enige ogenblikken stilte. “Sure.” “Wat doe je als je iemand na een hele poos weer terugziet, en je komt er ineens achter dat je haar gemist hebt en dat je haar voorlopig niet meer kwijt wil?” Perth keek Javier aan en voelde wat puzzelstukjes in zijn hoofd in elkaar schuiven. Hij had geen idee waar die jongen op doelde, maar het had hem genoeg in laten zien. “Dan vraag je haar mee op vakantie. Bedankt man,” zei hij snel en hij haalde opgelucht adem terwijl hij het gordijn optilde en de zaal in liep. ***** De avond verliep voorspoedig en Martje vermaakte zich prima terwijl ze met haar klasgenoten danste, bewonderend naar Willem keek en luisterde, en stiekem lachte om Merijns steelse blikken richting de pianist. Tijdens één van de pauzes liep ze naar de bar om te vragen of de bardienst goed verliep, en ze trof Terra aan bij Jing-mei en Janna. “Hé Martje, goed feest hoor,” zei Terra goedkeurend. “Leuke mensen ook,” ging ze verder terwijl ze haar blik over de zaal liet gaan. “Martje, kan ik je even spreken?” Ze draaide zich om en zag Willem achter zich staan. “Ja, natuurlijk,” zei ze vrolijk, in de hoop dat zijn bezorgde blik snel zou verdwijnen. Ze wees naar een rustiger plekje en liep er met Willem heen, hem ondertussen complimenterend met zijn optreden. “Dank je,” zei hij bescheiden terwijl hij naar de vloer keek. “Je bent dus niet boos op me?” Martje schudde lachend haar hoofd, maar voelde zich ook verward. “Je leek gisteravond wel boos,” zei Willem terwijl hij opkeek. Martje sloeg snel beschaamd haar ogen neer. “Maar dat was voor ik me realiseerde wat je eigenlijk had gezegd.” “Wat heb ik eigenlijk precies gezegd? Het kwam er als een stortvloed uit, toen ik eenmaal had besloten dat jij moest weten dat jij nooit mijn vriendinnetje zou kunnen zijn.” Martje keek weer op en probeerde de brok in haar keel weg te slikken. De waarheid deed pijn, zelfs nu ze wist dat Willem veel meer van haar hield dan hij anders zou doen. “Kun je mij niet officieel adopteren als zusje?” probeerde ze te grappen, in de hoop dat het nare gevoel in haar buik zou verdwijnen. Willem glimlachte en Martje zag sterretjes in zijn groene ogen verschijnen. “Je bent een lief meisje, Martje. Jij verdient zoveel meer dan ik. Het spijt me van dit alles.” Martje voelde een traan opwellen in haar ooghoek, en ze probeerde hem uit alle macht weg te knipperen. “Jij kan hier ook niets aan doen,” zei ze zachtjes, hopend dat haar stem niet zou breken. “Jij was nog niet eens geboren toen Sigrid stierf. Jij kan er niets aan doen dat je een ander zusjesfiguur zocht.” Martje kon het niet helpen dat ze steeds zachter ging praten en dat haar kin naar haar borst zakte. “Hé, doe dat nou niet,” zei Willem zachtjes. Hij legde zijn hand op haar wang en veegde de traan uit haar ooghoek. Martje slikte haar tranen weg en probeerde tot rust te komen. Ze wist niet of ze nu van hem weg moest lopen, of haar pijn moest verbijten. Ze stonden stil tegenover elkaar, terwijl Martje haar gedachten probeerde te ordenen en de lijnen op de zaalvloer volgde met haar ogen. Rechtlijnig, waarom liep niets op een rechte lijn. “Ik heb je avond toch niet verpest?” fluisterde Willem. Martje keek weer op en probeerde te glimlachen. “Nee, zoiets mag mijn avond niet vergallen.” “Gelukkig maar. Al ga ik er nu toch weer alles aan doen om je beter te laten voelen, met een beetje hulp van je vrienden.” Martjes hart maakte een sprongetje en ze keek even over haar schouder richting Merijn. “Hoe bedoel je?” “Oeps, iets te veel gezegd,” zei Willem plotseling nonchalant. Hij stak zijn handen in zijn zakken en floot een melodietje terwijl hij naar het plafond keek. “Wat?” “Laat je niet gek maken, Mart. Door niemand,” zei hij geheimzinnig. “Hè?” Martje keek hem verward aan, terwijl ze nadacht over de mogelijke betekenissen van Willems onthulling. “Maar laat je vooral verrassen, zoals je mij ook verrast.” Hij glimlachte weer even en trok haar toen stevig tegen zich aan, en Martje voelde zich warm worden van binnen. Maar niet op de manier zoals de laatste weken over Willem had gedacht. “Oh, Olivier kijkt...” zei Willem echter plotseling en hij liet haar los. “Geniet van de avond, mademoiselle.” Martje bloosde toen Willem een klein buiginkje voor haar maakte, waarna hij wegliep. Terwijl ze naar Olivier en Merijn toeliep, overdacht ze haar relatie met Olivier. Eigenlijk moest ze blij zijn dat ze twee grote broers had, terwijl Willem zijn zus nooit had gekend. Ze had het nooit gezien, of misschien had ze het niet willen zien, maar nu ze wist dat Willems zijn nooit gekende zus miste, verklaarde dat een heleboel. Zelfs zijn naam. Dat was het enige dat Willem van zijn zus had gekregen Ze zuchtte haar overpeinzingen weg en liet haar blik over de zaal vallen. Ook al had ze het nog steeds moeilijk met het feit dat ze Willem nooit zou krijgen, ze moest er maar mee leren leven. Maar dat zou zoveel makkelijker zijn als er een andere jongen was die haar hart zou kunnen stelen. Helaas zag ze niemand van haar gading. Op iedereen was wel iets aan te merken, en wat erger was, iedereen leek wel iets op haar aan te merken hebben. Maar daar had ze zich overheen kunnen zetten, en met vrolijke tred kwam ze bij de tafel van Merijn en Olivier staan. “Die sluwe Willem heeft een plannetje en hij wil me niet vertellen wat het is!” riep ze buiten adem. “Oh?” reageerden Merijn en Olivier verrast, waarna Olivier zich ineens iets leek te realiseren. Martje keek hem smekend aan en hoopte dat het hart van haar grote broer zou breken als ze hem pruilend aan bleef kijken. In de twee uur sinds haar woede uitbarsting bij het buffet moest hij haar allang vergeven hebben. “Wat?” “N-niets... ik moet even naar de wc,” zei hij echter aarzelend, en hij stond vlug op. Martje streek haar rokje glad en plofte op zijn stoel neer. “Afgezien van Oliviers ietwat rare maniertjes heb ik een hele leuke avond. Al wil ik nu wel graag weten waar Willem zich mee bezig houdt. “Muziek maken,” zei Merijn lachend. “En jou het hof maken,” voegde ze daar aan toe. Martje schudde echter resoluut. “Willem en ik zitten op een ander level, kennelijk. Al ben ik daar nog niet zo heel blij mee.” Merijn keek haar verbaasd aan. “Is hij homo?” Martje kon een giechel niet onderdrukken, maar kreeg de kans niet om te antwoorden, want de zaallichten gingen heel plotseling uit, en er klonk luidere muziek dan enkele seconden eerder. “Wat is dit?” Martje greep Merijn bij haar arm, en voelde dat Merijn op stond en haar omhoog trok. “Wat gebeurt er?” vroeg ze bezorgd. “Verrassing,” fluisterde Merijn terwijl ze Martje bij haar schouders pakte en haar richting de tribune draaide. Midden in het felle licht van een volgspot stond Wout te playbacken op een nummer van een boyband waar Martje thuis nog wat cd’s van had liggen. Er steeg een gegil op uit het publiek, en Wout sprong lenig over de banken heen terwijl hij meezong. Hij zong mee. Nee, hij zong niet mee, hij zong zelf. “Wat?” riep Martje boven de muziek uit terwijl ze om zich heen keek om Merijn om verduidelijking te vragen. “Wat doet Wout, vind jij dit goed?” Merijn pakte haar slechts bij haar arm en trok haar mee naar de rand van de dansvloer. Martje hield haar ogen op Wout gericht, en schrok toen er van dichtbij nog meer zangstemmen klonken. Er gingen meer lichten aan, en in het midden van de dansvloer stonden Willem, Perry, Efren en Robert, die een interessant dansje uitvoerden toen Wout zich bij hen voegde. Martje wierp een korte blik om zich heen en waande zich midden in een popconcert. Zelfs Merijn kon een paar gilletjes en wat sprongetjes in de lucht niet onderdrukken, en uiteindelijk greep ze Martje vast en bleven ze samen lachend naar het vijftal kijken. Willem bespeelde het publiek magnificaal door verschillende meisjes intens aan te kijken, en op een gegeven moment zelfs op zijn knieën te vallen terwijl hij zong. Wout hield zich iets rustiger, en zag er geheel ontspannen uit tijdens alle dansroutines. Martje zag hem ineens met heel andere ogen en alles leek ineens in slowmotion plaats te vinden. Willem en de anderen werden geheel naar de achtergrond van haar blikveld verdrongen zodra Wout langs danste, en het gegil van het vrouwelijke deel van het publiek verstomde in Martjes beleving. Er was alleen Wout. Met een schok kwam Martje terug in de realiteit toen het nummer eindigde. Er barstte een enorm applaus los en Martje en Merijn gilden mee. “Waarom?” gilde Martje boven het lawaai uit, terwijl ze aan Merijns arm trok. “Willem zei me eens dat als de meiden een leuke avond hebben, de jongens dat ook hebben. En hoe kun je meiden van achttien nu beter behagen dan door ze een zingende en dansende Wout te geven?” grijnsde ze. “Maar waarom had je het mij niet verteld?” “Je moet altijd iets achter de hand houden.” ***** Nadat Wout nog een sprankelend optreden had verzorgd, en Merijn met moeite al zijn nieuwe fans had opgedragen een beetje rustig te blijven, richtte ze haar aandacht op Olivier. “Jij gaat even met mij dansen, dan kan Perth zijn gang gaan met Martje,” fluisterde ze in Oliviers oor toen ze haar ene hand op zijn rug legde, en haar rechterhand in zijn hand wurmde. “Oh ja...” Olivier keek nog wat afgeleid door de zaal, maar Merijn draaide veel rond en weigerde hem toe te staan lang naar het podium te kunnen kijken. Op die manier hield ze zichzelf ook tegen om langer dan nodig was naar de band te kijken. Samen met Olivier zwierde ze over de dansvloer, maar echt plezierig was het niet. Af en toe stond zij op zijn voet, of draaide hij haar arm bijna uit de kom. Merijn zag Perth en Martje langs walsen en glimlachte even tevreden. Dat leek in ieder geval wel ergens heen te gaan. Om hen heen dansten veel stelletjes, en ze hoopte dat de romantische sfeer Perth zou helpen. In de tussentijd zat Merijn opgescheept met Olivier, die totaal niet met zijn gedachten bij haar was, dus zij liet haar gedachten ook wegdwalen. Over Oliviers schouder wierp ze af en toe een blik naar Efren, maar elke keer schoven Martje en Perth door haar beeld, waardoor ze haar gedachten niet helder kreeg. Toen Olivier haar opeens losliet, besefte ze pas dat de muziek opgehouden was. Ze richtte zich op het podium en zag dat er wat krukken op het podium werden gezet. Efren stond bij het drumstel, pakte zijn gitaar op en ging tussen Perry en Willem op een van de krukken zitten. Merijns maag maakte een rare tuimeling, en ze maakte een onwillekeurige beweging om Oliviers hand vast te pakken. Olivier was echter verdwenen, en haar hand greep in de lege ruimte. “Bedankt dat jullie zo enthousiast zijn,” zei Efren vanaf het podium, en hij kreeg een stortvloed van applaus als antwoord. “Dat bedoel ik, ja...” zei hij schuchter terwijl hij wat op zijn kruk schoof en de microfoon verzette. Voor het podium begonnen wat meiden te gillen, en Merijn werd getroffen door een steek van jaloezie, recht in haar maag. “Wat zeg je?” vroeg Efren inmiddels aan een van de meisjes voor het podium, en zij herhaalde haar vraag luid. “Nee, ik heb geen vriendin, en we zullen nog wel zien of ik vanavond met je mee ga.” Merijn slikte moeizaam en draaide zich teleurgesteld om. Ze had zin in bier. Efren praatte intussen gewoon door. “Dit volgende nummer is weer van onszelf.” “Van hemzelf,” voegde Willem voorzichtig toe. Efren sloeg zijn gitaar aan en zijn stem klonk door de zaal tot hij Merijn bereikte. Ze wilde zich dolgraag omdraaien, maar moest nu toch afstand nemen. “Wat is er?” Martje kwam naast haar zitten en keek haar onderzoekend aan. “Efren...” zei Merijn zwak. “Hij is goed hè,” straalde Martje. “Ze zijn een succes.” Merijn reageerde niet, maar slikte alleen de brok in haar keel weg. “Oh, je bedoelt Efren!” zei Martje mysterieus, waarna ze lachte. “Ik wist het wel. Ik wist het! Je vindt hem echt nog wel leuk!” Merijn wist dat het waar was en keek naar de vloer. De Efren die nu op het podium stond had haar van haar sokken geblazen, als ze sokken aan had gehad. “Maar waarom dan zo verdrietig? Dat gedoe met die meiden die bij het podium stonden is maar show,” zei ze geruststellend. Merijn reageerde niet, ze probeerde uit alle macht Efren nog uit haar gedachten te bannen, maar zijn stem drong steeds dieper tot haar door. “Heeft Perth er misschien iets mee te maken?” vroeg Martje zachtjes. “Misschien wel,” zei Merijn zonder dat ze het wilde bekennen. “Het loopt allemaal zo door elkaar, Efren, Perth... Efren...” “Waarom probeer je niet eens met hem te praten?” Merijn haalde haar schouders op. De hele avond had ze Efren succesvol ontweken, en nu duwde Martje haar precies in zijn richting. “Probeer het maar gewoon, het verheldert vast een heleboel.” Merijn knikte bedenkelijk, en stond op toen Martje haar stoel naar achteren schoof. “Kom op, laten we dat lekkere ding eens beter gaan bekijken. Daar voel je je vast al beter door.” Martje had in dat opzicht gelijk. Efren had een rustgevende werking op Merijns oververhitte brein, en Merijn werd geraakt door de tekst die Efren zong. “Mooi liedje...” zei ze met een hese stem. “Over wie zou dat gaan?” Ze hoefde niet lang te wachten, want zodra de laatste klanken weggestorven waren, kondigde Efren zelf het liedje af. “Dat was Song for Sigrid.” Merijn voelde het bloed naar haar wangen stijgen en haar hart maakte overuren. Een vriendin, hij had wel een vriendin. Niemand kon zo’n liedje schrijven voor gewoon maar iemand. “Wat mooi...” fluisterde Martje moeizaam. “Dat is echt lief.” Merijn kon echter niet antwoorden, en keek radeloos om zich heen, op zoek naar Perth. “Ik begrijp Willem nu helemaal.” Merijn keek Martje aan. “Willem? Maar Efren had dit liedje toch geschreven? Wacht...” ze haalde even diep adem en kneep haar ogen dicht. “Wie is Sigrid?” “Sigrid is Willems zus.” Merijns mond viel open. “Heeft Willem een zus?” Martje knikte enthousiast, maar juist toen ze een verklaring wilde geven, werd haar blik naar het podium getrokken. “Nog een verrassing?” vroeg ze onzeker. Merijn volgde haar blik en zag dat Olivier een microfoon in handen had gekregen. “Lieve mensen,” begon hij. “Ik denk dat het tijd wordt om mijn zusje eens grondig te bedanken. Martje, kom eens naar voren!” Martje keek Merijn angstig aan. “Hoort dit erbij?” Merijn haalde verward haar schouders op. “Geen idee, maar iedereen kijkt al naar je, dus je kan maar beter naar voren gaan zodat ze niet zo hoeven te turen.” Ze gaf Martje een duwtje en bleef aan de zijkant van de dansvloer staan, haar armen voor zich gekruist terwijl ze van Martje naar Olivier, en tenslotte naar Efren keek. “Dit is mijn kleine zusje, Martje!” joelde Olivier, terwijl Martje beduusd het podium op stapte, knipperend tegen de felle lampen. Olivier sloeg zijn arm om haar heen en keek haar trots aan. “Martje is het beste zusje dat ik me maar kan wensen, ze heeft me zelfs uitgenodigd op haar examenfeest.” Merijn zag dat Martje haar broer in zijn zij porde en hem een ernstige blik toewierp. “Ok, toegegeven, ik ben hier ook voor andere dingen...” Merijn vermoedde waar Olivier heen wilde en schudde uitdrukkelijk haar hoofd. Ze rende langs de dansvloer richting het podium en begon tegen hem te sissen tot hij haar zag. “Maar daar gaat het nu niet over!” riep Olivier enthousiast uit. Hij klikte de microfoon los uit de standaard en staarde even naar de grond. “Nee,” vervolgde hij serieuzer. “Zo’n eindexamen laat je wel nadenken over je schoolleven, of niet. Je vrienden-” Olivier keek over zijn schouder naar Willem, die al even verbaasd om zich heen keek als Martje, “je vaste tafel in de kantine, de gymzaal, het fietsenhok...” Olivier zuchtte diep. “Maar ook de minder leuke dingen komen terug. De pesterijen, het geroddel, huilend op de wc...” Merijn hoorde hoe het langzaam muisstil werd in de zaal, waardoor haar hartslag honderd keer harder klonk dan gebruikelijk. Martje keek haar broer onbegrijpend aan, en ze zei wat dingen die Merijn niet kon verstaan. Olivier hield haar nog steeds stevig vast, en had een vastberaden trek op zijn gezicht. “Ooit moeten jullie de waarheid te weten komen, en ik heb liever dat jullie vannacht niet zullen slapen, dan dat jullie over tien jaar pas spijt krijgen. Spijt van alles wat jullie mijn zusje aan hebben gedaan. Ze is geen freak, ze is nooit een freak geweest. Ze is gewoon Martje. Een pracht van een Martje, en zonder haar zou dit feest er niet zijn geweest. Zo, en nu ik dat gezegd heb, laten we weer gaan feesten!” Hij wachtte tot het publiek zou gaan klappen en joelen, maar dat gebeurde niet. Iedereen keek hem verward aan, en Merijns aandacht ging meteen naar Martje toe. Ze zag er geschokt uit, strompelde naar achteren terwijl ze toekeek hoe Olivier de microfoon weer in de standaard klikte, haar gezicht verwrongen tussen een verontschuldigende grijns en een wanhopige poging niet te huilen. “Drums please!” riep Olivier blij uit, maar toen er nog steeds geen reactie kwam, keek hij verbaasd om zich heen. “Kom op zeg, vergeven en vergeten.” Martje liep achterwaarts van hem weg en schudde verward haar hoofd. Toen ze bij de rand van het podium was gekomen, sprong ze er onhandig af en rende half struikelend door het publiek naar de uitgang. Alle mensen op de dansvloer sprongen aan de kant om plaats voor haar te maken, terwijl ze haar nastaarden. Met een kort knikje naar Perth maakte Merijn hem duidelijk dat hij achter haar aan moest gaan. Zelf rende ze naar Olivier toe die ook van het podium was gesprongen om Martje te volgen. Met haar volle lichaamsgewicht ging ze aan zijn arm hangen en trok hem van de dansvloer af. “Wat is er met jou?” siste ze in Oliviers oor. Ze probeerde te ontdekken of hij een alcoholkegel had, en dat hij daardoor misschien wat agressief was, maar hij rook slechts naar aftershave en zweet. Hij draaide zich naar haar toe en richtte zijn blik op de vloer. “Sorry Merijn, sommige dingen moeten nu eenmaal uitgesproken worden. En ik wil de sfeer er nu echt weer inbrengen hoor... Het wordt echt een leuke avond.” Merijn liet zijn woorden even tot zich doordringen. “Voor jezelf of voor iedereen?” “Ik dacht dat Willem mij ook wel een mopje wilde laten zingen, net als Wout. Dat zou toch leuk zijn?” Hij keek hoopvol op, maar Merijn keek afkeurend langs hem heen. “En toen hij mij inderdaad de microfoon gaf, en ik al die hypocriete verachtelijke klasgenoten van Martje zag staan, ja, toen moest ik toch iets zeggen. Merijn schudde haar hoofd, haar woede beheersend. “Dit is niet jouw feest, Ollie. Misschien kun je maar beter naar huis gaan.” ***** Hij deed nauwelijks moeite om haar te vinden, maar op dit moment wilde hij geen misbruik van haar maken. Dat verdiende ze niet. Merijn zou het nu misschien niet begrijpen, maar over een paar weken, als ze veel tijd samen door hadden gebracht, dan zou ze het vast wel waarderen. Maar eerst moest deze avond maar eens voorbij. Toen de band weer begon te spelen en de rust terugkeerde, sloop Perth de zaal in en bewoog over de dansvloer alsof hij een geboren danser was. Na enkele ogenblikken zat hij zo in de muziek, dat hij geen notie meer had wie er om hem heen stonden, en wat die personen allemaal deden. Toen hij eventjes zijn ogen opendeed zag hij Merijn, en hij bewoog meteen in haar richting. Hij sloot zijn ogen weer, maakte gepassioneerde danspassen en wilde juist een poging doen om zijn armen om haar heen te slaan, toen de muziek stopte en er gegil losbarste. Geschrokken opende hij zijn ogen en knipperde enkele keren om uit zijn danstrance te raken. Maar veel zag hij niet, want het was pikkedonker. Hij voelde wel dat hij heel dicht tegen iemand aanstond, en hij legde zijn arm om het kleine tengere figuurtje. Het voelde goed, het moest Merijn zijn. “Gaat het goed?” fluisterde hij zachtjes. “Niet geschrokken?” Hij boog voorover om in haar ogen te kijken en haar te kalmeren als ze in paniek was, maar hij werd ruw verstoord toen er iemand tegen hem aan botste. Verdwaasd zag hij toe hoe Olivier tegen hem begon te praten, maar hij schrok pas echt toen hij meer aan het duister wende en zag wie de persoon tegenover hem was. Hij zette wat stapjes achteruit en stamelde wat. Condom guy was leuk om naar te kijken, maar dat was nog geen reden om een moment met hem te delen. ***** Martje staarde woedend voor zich uit en klemde haar handen om het stuur tot haar knokkels wit werden en de pezen door haar vel bolden. Ze zette haar voeten op de pedalen en duwde ze naar beneden. Ze had al een paar rijlessen gehad, maar eigenlijk had ze die niet nodig om Oliviers auto in de prak te rijden. Er werd op het raam geklopt en Martje keek geschrokken op. Haar ogen schoten van het voorraam naar de deursluiting en ze zag tot haar opluchting dat ze nog steeds binnengesloten was. Toen richtte ze haar ogen op de persoon achter het glas, die niet naar binnen keek maar fronsend om zich heen keek. Martje opende het raam een beetje en boog zich naar Wout toe. “Wat moet je?” Wout tilde verbaasd een wenkbrauw op. “Ik kan nu wel Oliviers kant kiezen, hoor.” Martje draaide het raampje weer dicht en staarde weer door de voorruit. “Hé, grapje!” riep Wout terwijl hij langs de motorkap liep. “Kom op, niemand bij z’n volle verstand kiest Oliviers kant. Ik sta geheel achter jou.” Hij haalde zijn schouders op en bewoog zijn handen mee. “Of ik sta geheel voor je...” voegde hij daar aan toe terwijl hij op zijn achterhoofd krabde. Martje waardeerde zijn opgewektheid niet en speelde met het gaspedaal. Bij gebrek aan Olivier zou het ook wel opluchten om Wout van zijn sokken te rijden. Wout wilde kennelijk niet haar slachtoffer zijn, en liep verder naar de passagiersdeur. “Alsjeblieft? Laat je me hier in de kou staan?” Hij zakte door zijn hurken en keek over het randje van het portierraam. Martje zuchtte diep. Ze wilde alleen zijn, ze moest nadenken. Ze wilde voorkomen dat ze weer een heel eind weg ging lullen terwijl er iemand naast haar zat die een van de beste vrienden van haar broer was. Ze schudde resoluut haar hoofd en sloeg haar armen over elkaar. Zolang ze Wout geen aandacht zou geven, zou hij vanzelf wel weggaan. Het was net als met Poema, die kon haar uren aanstaren, waar wanneer zij hem negeerde ging hij uiteindelijk wel iemand anders aanstaren. En Wout had genoeg andere mensen om zich heen om naar te staren. “Ik krijg het best koud, jij ook?” Martje keek op en zag een rookkringetje in de lucht zweven. Van Wout zag ze niets meer, maar ze vermoedde dat hij op de stoeprand was gaan zitten. Ze zei echter niets, en vouwde haar armen strakker om zich heen. Ze had het misschien wel koud, maar daar kon Wout toch niets aan doen. Ze stak de sleutel in het contact en liet de motor starten. “Ga je de auto in de prak rijden? Moment, dan zoek ik even dekking.” Martje legde haar handen weer op het stuur en zocht in de omgeving naar een goede crashmogelijkheid. Maar ze voelde plotseling warme lucht over haar armen stromen en ze keek boos naar de passagiersdeur, bang dat Wout zich naar binnen had geforceerd en de warme avondlucht mee naar binnen nam. De stoel was echter leeg en Martje hoorde dat de airco van de auto zachtjes suisde. Wout stond gewoon op een veilige afstand van de auto en zwaaide even vriendelijk. “Rot op!” gilde ze tot ze buiten adem was. Met horten en stoten haalde ze daarna adem, en ze begon te snikken waarna de tranen ineens over haar wangen stroomden. Ze balde haar handen tot vuisten en timmerde op het stuur tot ze geen kracht meer in haar armen had en haar voorhoofd op het stuur liet vallen. “Olivier verdient dit niet, Mart. Dat weet je best,” zei Wout zachtjes terwijl hij op de passagiersstoel plaats nam. “Jij moet je niet kut voelen, hij moet zich doodschamen tot z’n broek ervan afzakt.” “Maar Olivier leert het gewoon niet! Elke keer weer denk ik dat ie inmiddels doorheeft dat ik niet meer z’n kleine zusje ben, maar keer op keer duwt hij me achterbaks de modder in om zelf weer de held uit te gaan hangen.” “Hij heeft het nu wel door,” zei Wout zachtjes. “Iedereen die hem kent kan hem er wel aan herinneren.” Martje wierp een betraande blik naar Wout en zag dat hij zijn vingernagels bestudeerde. Hij straalde een engelachtige rust uit, die onmiddellijk effect had op haar. Haar ademhaling werd weer rustiger en ze voelde hoe haar wangen langzaam vuurrood werden. Ook al keek Wout haar niet aan, hij had haar nu al twee keer in twee dagen huilend aangetroffen. Ze wendde haar blik weer af en probeerde haar ogen onopvallend te drogen. “Hoe ben je hier nu binnengekomen?” “Dit autoportier was niet op slot. Had het zelf opengelaten eerder vanavond. Alsof ik wist dat ik deze auto in moest...” Martje glimlachte, maar weigerde Wout aan te kijken. Ze pakte haar tasje en zocht naar een zakdoekje. Ze stuitte echter op iets anders. “Oh ja, ik heb nog iets voor je.” Ze gaf hem een pakje en pakte daarna een tissue om haar ogen te drogen. “Wat?” Wout keek verbouwereerd naar het pakje. “Sigaretten? Maar jij bent altijd degene die blijft herhalen dat ik moet stoppen.” Martje snoot haar neus en veegde de zwarte mascara onder haar ogen vandaan. “Kijk nou eens verder,” drong ze aan. Wout bestudeerde het pakje en trok zijn wenkbrauw even op. “Ik ken het merk niet, waar heb je deze vandaan?” “Open het nou gewoon.” Wout keek haar fronsend aan, waarna hij met trillende vingers het pakje opende. “Ah, ik snap het al. Ik moet deze allemaal oproken met de ramen en deuren dicht, zodat er een ondoordringbare walm ontstaat waardoor Olivier verongelukt.” Martje schudde glimlachend haar hoofd. Wout haalde toen een sigaret uit het pakje en stak hem tussen zijn lippen. Hij bracht zijn aansteker naar het uiteinde maar stak hem niet aan. Hij smakte wat met zijn lippen en keek Martje lachend aan. “Chocoladesigaretten!” grinnikte ze. “Hier,” Wout stak er ook een tussen haar lippen en hield de aansteker bij. Martjes hart miste een slag en ze sloeg haar ogen neer waardoor ze de versnellingspook opmerkte. “Wacht.” Martje ging boven de versnellingspook leunen en knikte hem toe. “Steek maar aan... Dit zal Olivier leren.” De chocola werd snel warm en droop over de versnellingspook. Martje grinnikte weer terwijl ze Wout aankeek. “Wel een beetje kinderachtig, hè?” “Nou en?” Wout trok het papier van een handjevol chocoladesigaretten en schoot propjes door de auto. Toen ze alle chocola door de auto uitgesmeerd hadden, zuchtte Martje opgelucht. “Dat was stap één, maar ik heb nog een lange weg te gaan.” “Hoe bedoel je?” “Ik heb echt genoeg van Olivier, maar ja, hij is m’n broer. Ik woon in één huis met ‘m.” “Aha...” Wout fronste even en keek haar toen aan. “Als je wil kan je wel een tijdje in m’n appartement wonen. Ik bedoel, ik voel me niet echt thuis in Amsterdam en...” hij wende zijn blik af en schudde zijn hoofd. Martje keek hem verbijsterd aan en probeerde haar hart te bedaren. Hij bedoelde vast niet wat ze hoopte dat hij zei. Ze keek hem aan vanuit haar ooghoek en beet op haar lip. Misschien was ze gefrustreerd doordat ze een blauwtje had gelopen bij Willem, maar misschien had ze vanavond ook pas gerealiseerd wat ze de afgelopen jaren niet had gezien. “Wout,” begon ze, maar op dat moment wilde hij zijn voorstel juist afmaken. “Ik denk dat ik de zomer toch bij m’n moeder zit, dus mijn appartement staat leeg. Je kan er gewoon in, om alvast op zoek te gaan naar een kamer. Je gaat toch in Amsterdam studeren?” Martje knikte bedachtzaam en liet Wouts voorstel op zich inwerken. Het zou een goeie basis zijn, en het zou haar wat rust geven. Ze keek opzij en knikte weer, maar nu glimlachte ze erbij. “Dank je wel, Wout. Dat waardeer ik heel erg. Maar ik wil best huur betalen hoor.” “Nee,” Wout schudde resoluut zijn hoofd. “Beschouw het maar een vriendendienst. We zijn immers vrienden, toch?” Martjes mond voelde droog aan en haar hart bonsde irritant tegen haar lege maag aan. “Ja, vrienden...” mompelde ze. Eventjes had ze gedacht dat ze een moment hadden gehad toen hij haar chocoladesigaret aanstak, maar ze moest nu concluderen dat ze zichzelf weer gek had laten maken. “Weet je,” zei Wout nadat het even stil was gebleven. “Ik besefte pas dat jij de laatste tijd eigenlijk een betere vriendin voor me was dan Olivier. Volgens mij zijn we een beetje uit elkaar gegroeid.” “Jij en Olivier?” vroeg Martje beleefd. Wout had nu al een paar dagen naar haar gezeur geluisterd, dus nu moest ze hem ook een luisterend oor bieden, al wilde ze liever naar huis rennen en in bed duiken. “Uhu, het lijkt wel alsof we uit elkaar zijn gegroeid...” “Maar dat is logisch, denk ik. Alle vriendschappen groeien uit elkaar, uiteindelijk.” “Dat is wel wat pessimistisch.” Martje haalde haar schouders op. “Zo denk ik er in ieder geval over.” Wout reageerde niet en staarde door de voorruit. “Mag ik jou iets heel persoonlijks vertellen, en reken me er alsjeblieft niet meteen op af.” “Ja hoor,” zei Martje terwijl ze haar armen weer om zich heen sloeg. Ze begon weer te rillen nu de warmte uit de auto plaats maakte voor de koelere avondlucht die door de ventilatieroosters naar binnen stroomde. Ze vroeg zich af wat Wout haar te vertellen had, maar het zou vast weer iets met Olivier te maken hebben. Olivier domineerde haar leven, alsof hij de bijl in de guillotine van Marie Antoinette was. “Hier,” Wout legde zijn colbertje over haar schouders, en ze keek hem dankbaar aan terwijl ze het joelende stemmetje in haar achterhoofd negeerde. Hij leek even te slikken en kuchte daarna. “Wat wilde je zeggen?” Martje stak haar armen in de mouwen en trok het jasje dicht om haar lijf. Wouts geur steeg op uit de zachte stof en ze keek snel naar buiten om het te negeren. “Ik denk dat Olivier het me nooit heeft vergeven dat ik...” Wout kuchte weer even en wende zijn blik af. “Natuurlijk, Olivier...” mompelde ze zachtjes. “Nee, dit gaat eigenlijk niet over Olivier. Dit gaat over jou. Ik weet dat het heel stom is, maar toen ik een tijdje terug dat sms’je van je kreeg, wat natuurlijk gewoon een stom sms’je was, je was vast dronken, of zat met vriendinnen te grappen, maar waar het om gaat is...” Martje keek hem verwonderd aan, zichzelf afvragend waar dit geratel heen ging. Ze had Wout waarschijnlijk nog nooit zo veel zien zeggen in één adem, afgezien van wat hem opgedragen was door schrijvers en regisseurs op televisie. “In elk geval, ik denk dat Olivier het me nooit vergeven heeft dat ik soort van verliefd op je was, de afgelopen jaren.” Hij keek haar fronsend aan en Martje vroeg zich af waarom hij haar zo verontschuldigend aan keek. “Maar de laatste tijd veranderde dat ineens. Misschien is het waar dat dingen inderdaad overgaan na verloop van tijd, maar ik zag je ineens vooral als vriendin, en niet meer als het zusje van Olivier.” “Wat?” “Misschien was het in eerste instantie niet eens een verliefdheid, maar een crush, of zat ik te wachten tot jij iets duidelijker werd na dat sms’je. Toen dat gewoon...” “Welk sms’je?” produceerde ze uiteindelijk na verschillende pogingen om of in lachen of huilen uit te barsten. Hoe ironisch kon haar leven zijn. Wout keek haar teleurgesteld aan. “Weet je dat niet meer? Wacht...” Wout klopte op zijn zakken en reikte toen naar het borstzakje van zijn colbertje. “Oh, sorry... zou jij misschien...” hij wees naar zijn binnenzak en Martjes hand verdween automatisch in de zak. Ze pakte zijn telefoon eruit en gaf hem aan, waarbij ze zowel zijn blik als zijn aanraking ontweek. Ze snapte er nu helemaal niets meer van. “Hier, lees maar” Martjes mond viel open toen ze de tekst las. “Het spijt me zeer, Wout. Dit heb ik niet verzonden. Het was een irritante klasgenoot die me wilde gebruiken. Het kwam niet van mij.” “Oh,” reageerde Wout kil toen hij de telefoon uit haar hand griste. Hij leek niet meer teleurgesteld, maar gewoonweg verdrietig. “Sorry...” fluisterde Martje nogmaals, zich realiserend hoe hij zich moest voelen. Ze waren wel een stelletje miskleunen bij elkaar, zoals ze zich lieten leiden door valse voorwendselen of ongrijpbare dromen. “Maar we kunnen nog wel vrienden zijn? Want daar heb ik wel behoefte aan...” Wout keek haar vragend aan, en een hoopvol lachje speelde om zijn mond. Zijn blauw ogen waren blauwer dan het Delfts Blauwe servies goed van haar oma, en zijn trademark eau-de-cologne vermengde zich met de chocoladelucht in de auto. Martje wilde knikken, ook al schreeuwde er ver weg in haar achterhoofd iets of iemand nee. De stem werd luider en luider, en leek ineens op die van Merijn. Martje fronste even en Wout leek haar twijfeling op te merken. “Niet?” Martje wist niet hoe het zat met het benutten van kansen, maar ze wist wel dat ze eens wat risico moest nemen. Aan Wout had ze een goeie, hij had haar gevraagd om hem niet af te rekenen op zijn ontboezeming, dus hij zou het haar vast niet kwalijk nemen. Martje slikte moeizaam en vroeg zich af hoe dit nu moest. Ze sloot haar ogen en concentreerde zich op de stem van Merijn in haar achterhoofd. “Alles goed, Martje? Je gaat toch niet kotsen ofzo?” “Nee, alles is goed,” zei ze terwijl ze haar ogen weer opende. Ze zette al haar twijfel opzij en zuchtte eens diep. “Ik weet niet of ik vrienden wil blijven Wout.” “Oh?” Wout keek haar verdrietig aan en beet op zijn lip. Martje vroeg zich af of dat haar niet in de weg zou staan, maar ze schudde al haar bedenkingen van zich af. Eens moest de eerste keer zijn. “Nee...” zei ze terwijl ze haar hoofd schudde. “Niet tot ik iets anders heb geprobeerd.” Ze boog zich naar hem toe en legde haar hand op zijn wang, die zacht aanvoelde, afgezien van de enkele stoppels. Daarna gaf ze hem haar eerste zoen. ***** Merijn wreef vermoeid over haar voorhoofd terwijl ze de laatste mensen de deur uit veegde. Als ze maar eenmaal uit het gebouw waren, waren haar zorgen voorbij. Ze hoefde nu alleen nog maar op te ruimen, maar gelukkig was er nog een ploegje om haar te helpen. Ze liep terug naar de gymzaal en hoorde pianomuziek waardoor ze al iets meer zin kreeg in de laatste taak. Het liet haar echter ook herinneren dat ze de band nog moest betalen. Eigenlijk zou Martje dat allemaal afhandelen, maar Merijn had geen idee waar Martje nu was. Terwijl ze het geldkistje onder de bar vandaan haalde en het meenam naar de tafel zodat ze er even bij kon gaan zitten, wierp ze steeds steelse blikken naar het podium. Efren was geheel verzonken in zijn muziek en leefde helemaal in zijn eigen wereldje. Merijn liet zich ook meeslepen door de melodie en voelde plotseling een grote drang om naar Efren toe te rennen en zich aan zijn voeten te werpen. Alsof Efren haar gedachten had gelezen en daar zijn afkeuring voor wilde tonen, hield hij ineens op met spelen. Merijn keek geschrokken op en keek zoekend om zich heen, hopend dat niemand naar haar had zitten kijken. Haar blik vestigde zich toen op Efren, die iets zei wat ze niet kon verstaan. Ze haalde vragend haar schouders op en herinnerde zich plotseling Martjes advies. Ze moest met Efren gaan praten, maar ze had op het moment geen idee waarover en hoe ze moest beginnen. Efren was inmiddels naar het drumstel gelopen en maakte aanstalten om het te ontmantelen. Merijn zag hoe voorzichtig hij ermee omging, en besefte dat het misschien wel zijn meest kostbare bezit was, ook al had hij het van zijn vader gekregen. Gerard; hij was niet langsgekomen. Merijn voelde zich verplicht om er iets over te zeggen. Efren had immers ook aan haar gevraagd of ze hem binnen wilde laten. Ze rende snel naar het podium en probeerde er gracieus op te klimmen “Sorry,” zei ze buiten adem terwijl ze – niet erg stijlvol – haar been op het podium legde. Efren keek op en Merijn hoopte dat hij geen aandacht besteedde aan haar benarde positie. Hij liep met grote passen naar haar toe en reikte haar een hand toe om haar omhoog te trekken. Merijn voelde een rare tuimeling in haar buik toen hij haar omhoog hees, en ze wist niet of het door de vlotte beweging kwam, of door Efrens aanraking. “Ik dacht dat er niemand meer luisterde, daarom hield ik zo ineens op,” zei hij verontschuldigend. Merijn was nog druk bezig om haar rokje glad te strijken en keek hem even aan, zich afvragend wat ze ook alweer had willen zeggen. “Oh, zo... Nee, ik had het over je vader. Sorry dat hij niet is geweest.” Efren stak zijn handen in zijn broekzakken en haalde zijn schouders op. “Tja... niet alles zit mee.” Merijn bespeurde een teleurgestelde toon, en besloot dat ze dan maar over iets anders moest gaan praten. “Dat is vanavond wel bewezen.” Merijn ging op de pianokruk zitten en voelde plotseling dat haar voeten erg pijnlijk waren. Ze stapte uit haar schoenen en wreef ze over elkaar heen. “Wat een eikel is Olivier toch. Ik schaam me zelfs voor hem.” Zuchtend wilde ze achterover leunen, maar Efren pakte haar bij haar bovenarmen vast en voorkwam zo dat ze op de toetsen van de vleugel leunde. “Pas op.” “Oh, ja...” zei ze terwijl ze zich iets draaide om de pianotoetsen te ontzien. Efren plofte naast haar op de kruk en ademde diep uit. “Wat ben ik moe...” zuchtte Merijn. “Als hier een bed had gestaan, was ik er meteen in gedoken.” Ze wreef door haar ogen en legde haar ellebogen op haar knieën. “Ja, dan zou ik er ook meteen bij in springen, om drie dagen te gaan slapen,” zei hij hakkelend. Merijn lachte hem toe, maar ontweek zijn blik. “Je was goed, vanavond.” Ze voelde echter dat Efren haar stralend aankeek en vroeg zich af waarom ze hem niet aan durfde te kijken. “Ik vond het ook erg leuk om op te treden,” zei hij. “Ga je ermee door?” Merijn verzamelde alle moed die ze in zich had en toen Efren fel reageerde op haar vraag, draaide ze zich naar hem toe en keek ze hem onderzoekend aan. Efren verstopte zich vlug achter zijn pet, maar daar liet Merijn zich niet door tegenhouden. “Vraag jij je wel eens af hoe het zou zijn als alles anders was gegaan?” Ze probeerde zich met alle macht te concentreren op wat ze nog meer zou kunnen zeggen, maar voelde dat haar ogen vochtig werden en dat haar keel begon te prikken. Ze was maar een paar centimeter verwijderd van een poging om het weer goed te maken met Efren. Efrens arm maakte een rare schijnbeweging in haar richting, maar in plaats van haar te bereiken, legde Efren zijn vingers op de pianotoetsen en begon hij een nummer te spelen dat Merijn eerder op de avond ook had gehoord. “Als ik jou niet had ontmoet, had ik hier niet gezeten. Geen Cherries, geen examenfeest, waarschijnlijk geen ruzie tussen Martje en Olivier.” Merijn keek hem fronsend aan. “Nou, als je het zo stelt dan ben ik voor erg veel dingen verantwoordelijk... Dan kan ik maar betere meteen uit iedereens leven verdwijnen.” “Nee!” riep Efren uit. Hij keek haar nu wel aan, al schoten zijn ogen heen en weer. “Je hebt ook veel goeds gebracht,” zei hij toen, waarna hij weer naar zijn vingers keek. “Oh ja?” Merijn tilde haar linkerbeen ook over de pianokruk zodat ze recht naast hem zat. Ze bestudeerde zijn handen ook en zag dat er een pleister om zijn wijsvinger zat. “Ik heb die wond vast ook veroorzaakt,” zei ze beteuterd. Efren keek haar heel kort aan en fronste even. Toen schudde hij zijn hoofd. “Dit liedje, bijvoorbeeld.” Merijn bleef stil en luisterde naar de melodie. Ze herkende het vaag, maar toen speelde Efren het op een gitaar. “Maar dit ging toch over Sigrid?” Efren knikte. “Zo heeft Willem het genoemd, ter ere van zijn zusje. Maar ik heb het geschreven nadat jij het uit had gemaakt,” zijn stem zakte in volume en hij kroop een beetje in elkaar. Merijn liet zijn woorden tot zich doordringen en luisterde gespannen. Toen tuimelden er echter ineens een heleboel woorden over haar lippen. “Maar Willem heeft geen zusje... Wie is Sigrid? Je mag me best vertellen dat je verliefd bent op iemand anders.” “Ik ben niet verliefd op iemand anders,” snauwde Efren. “Oh...” Merijn schoof iets van hem weg en dacht koortsachtig na hoe ze hem weer kon kalmeren. Uiteindelijk kwam ze niet verder dan: “Ik vond je wel erg goed vanavond.” “Dank je wel,” zei hij kort. “Ik bedoel,” begon Merijn weer nadat ze na had gedacht over wat ze oorspronkelijk ook alweer had willen zeggen, “dat ik nu bij wijze van spreke ook in Berlijn had kunnen zitten. Misschien was ik dan wel dakloos geweest, maar Berlijn is wel wat anders dan Zeist,” zei ze glimlachend. “Er is nog tijd zat om iets van de wereld te zien,” reageerde Efren. “Hoe bedoel je?” Merijn keek hem met opgetrokken wenkbrauwen aan en vroeg zich af of hij al van iemand anders had gehoord dat zij op reis ging. “Nou, m’n vader zou het liefste zien dat ik een enorme wereldreis ga maken, om daarna de wereld te kunnen verbeteren terwijl ik rechten of diplomatie ga studeren.” “Aha,” Efren wist het dus nog niet, ze moest het hem dus zelf gaan vertellen. Maar hij had haar een uitstelmoment gegeven. Ze kuchte even en keek hem toen vragend aan. “En wat wil jij gaan doen?” Efren zwaaide even met zijn bepleisterde wijsvinger en speelde met negen vingers door. “Ik ga m’n pianocarrière op het spel zetten op de koksschool.” Merijn was oprecht verrast en zocht naar woorden om haar verbazing te kunnen uiten. “Dat had ik niet verwacht,” mompelde ze toen zachtjes. “En jij?” Merijn sloeg haar ogen neer en beet even op haar liep. Waarom durfde ze nou niet gewoon tegen hem te zeggen dat ze met Perth mee ging? “Twijfel je soms?” Efren keek haar nieuwsgierig aan. Merijn schudde voorzichtig haar hoofd. Ze twijfelde niet. Ze wilde niet twijfelen. “Ik ga een tijdje weg,” zei ze toen. “Op reis?” vroeg Efren, waarna Merijn bevestigend knikte. Hij keek haar glimlachend aan. “Dat ik geen zin heb om een wereldreis te gaan maken betekent nog niet dat jij geen enthousiasme mag tonen.” Merijn keek hem fronsend aan. “Waarom denk je dat ik niet enthousiast ben?” Ze had absoluut zin om een tijdje de wereld te gaan verkennen, op het strand te liggen en niets te hoeven doen. Maar op dit moment vond ze het ook prima om hier gewoon naast Efren te zitten en naar zijn muziek te luisteren. “Oh, gewoon... een gevoel,” stamelde hij zachtjes. “Ga je alleen of met wat vriendinnen?” vroeg hij iets luider. “Met Perth,” zei ze zachtjes en plotseling realiseerde ze dat het haar
speet dat ze met Perth mee ging en niet hier bleef met Efren. Efren sloeg een verkeerde toets aan, wat Merijn toeschreef aan haar bekentenis. Maar hij herstelde zich snel en leek zijn schouders berustend op te halen. “Hoelang ga je weg?” vroeg hij toen zakelijk. Merijn realiseerde zich toen dat ze dit niet tot het allerlaatste moment uit had moeten stellen, en ze begon zich vlot te verontschuldigen voor haar stomme gedrag. “Hoe bedoel je?” zei Efren knorrig. Merijn keek even wanhopig rond, ze had hem ook niet boos willen maken. “Ik wilde alleen nog maar...” ze aarzelde even en keek de zaal door. Hoe zou ze kunnen verwoorden wat ze dacht, zonder hem nog meer te kwetsen. “Wat is er, Merijn? Wees nou gewoon eens eerlijk.” Merijn zuchtte en legde zich bij de waarheid neer. “Ik wilde nadat ik het uit had gemaakt alleen nog maar je slechte kanten zien, ik wilde niet meer denken aan al die leuke dingen die je hebt gedaan. Maar jij bent niet alleen maar verlegen en onzeker en...” ze wilde nog veel meer zeggen over hoe hij haar had laten voelen toen ze terug kwam uit Berlijn, maar ze kon de woorden niet vinden. Ze wilde hem alleen maar duidelijk maken dat ze haar oneerlijkheid berouwde, en dat ze hoopte dat Efren haar dat wilde vergeven. “Tja, je krijgt niet altijd wat je wil,” mompelde Efren, terwijl hij strak naar de piano staarde. Merijn werd getroffen door zijn desinteresse en irriteerde zich dat Efren niet goed naar haar luisterde. “Ik weet ook niet wat ik wil,” zei ze daarom wat geprikkeld, “ik weet wel dat ik er spijt van heb dat ik je geen kans heb gegeven.” “Misschien is dat maar beter ook.” Efrens stem had zo’n kracht dat Merijn er van schrok “Efren, kom op. Zo bedoelde ik het niet.” Efren stond echter op van de piano en liep naar het drumstel. Merijn volgde zijn bewegingen nauwkeurig, smachtend naar een glimp van een gewillige Efren. Die kreeg ze echter niet te zien. “Denk jij ooit wel eens aan de gevoelens van anderen? Besef je wel wat de gevolgen van jouw woorden zijn?” Ze dacht absoluut aan wat anderen van haar dachten, maar dat was niet wat haar gedachten de laatste tijd had gedomineerd. “Ik heb de laatste tijd veel aan jou gedacht...” zei ze eerlijk. “Nee! Weet je, jij wil altijd alles op jouw manier doen. En als het niet op jouw manier gaat, dan laat je het gewoon vallen en zoek je iets anders op. Nee, ik wil dit niet.” Efren had zich razendsnel omgedraaid en keek haar beschuldigend aan. “Efren, alsjeblieft...” “Ga jij maar gewoon met Perth weg, dan zien we daarna wel hoe het er voor staat.” Merijn haalde hortend en stotend adem en probeerde zich te beheersen, maar kreeg het niet voor elkaar. Langzaam welden de tranen zich op in haar ogen terwijl ze toegaf aan zijn beschuldiging. Als het over iemand anders was gezegd, had Merijn de ironie er wel van in gezien, maar haar eigen situatie was te pijnlijk. Nu Perth haar dolgraag mee wilde hebben op vakantie, moest zij ineens inzien dat ze Efren miste. Ze had haar ogen gesloten om de tranen tegen te houden, maar ze hoorde dat Efren zachtjes aan kwam lopen en voelde de pianokruk bewegen toen hij naast haar kwam zitten. “Hé, je hoeft niet te huilen,” zei hij zachtjes terwijl hij zijn arm om haar schouder sloeg. Alle vijandigheid was weer uit zijn stem verdwenen en Merijn kalmeerde iets. “Ik moet alleen even... we moeten gewoon even niet bij elkaar in de buurt zijn, denk ik. Ga jij maar gewoon lekker vakantie vieren, dan ga ik leren koken.” Merijn probeerde de snikken binnen te houden en knikte bevestigend. Als hij dat graag wilde, dan moest ze zich daar maar bij neerleggen. Ze moest nu eindelijk maar eens iets op de harde manier leren. Maar zolang Efren nog naast haar zat, moest ze er maar van genieten. “Wil je nog één liedje voor me spelen?” Ze keek op en zocht zijn blauwe ogen op. Ze hoopte dat er geen hoop of andere wensen uit haar gezicht sprak. Efrens geruststellende lach deed haar in ieder geval denken dat ze er alleen maar erg verdrietig uit zag. “Als je weer terug bent, kook ik lasagne voor je,” zei hij zachtjes. Merijn snoof en lachte daarna hoopvol, terwijl ze toekeek hoe Efren een liedje begon te spelen. Zachtjes neuriede hij er een melodie op en Merijn legde voorzichtig haar hoofd tegen hem aan. Ze sloot haar ogen en ontkende voor het moment dat ze Efren nu een hele tijd niet zou zien. Uiteindelijk zou het vast wel weer goed komen, al vroeg ze zich af of ze wel bij Efren wilde zijn als ze alleen maar moest huilen wanneer ze praatten. Merijn hoorde dat er andere mensen de zaal binnen kwamen, en ze hoorde Perth tegen iemand fluisteren. Het feit dat hij Merijn nu met Efren zag, deed haar niets. Perth was een goeie vriend, maar zou nooit voor haar betekenen wat Efren wel was. Merijn opende haar ogen en keek de zaal rond in de hoop Martje te zien. Ze was er echter niet, en nog voor Merijn weer genoeg bij zinnen kwam om over een zoekactie na te kunnen denken, deed Olivier haar iets realiseren. “Waar is Wout eigenlijk?” vroeg hij verbaasd. Merijn ging rechtop zitten en keek de zaal nog eens rond. Olivier had gelijk, Wout was er ook niet. Merijn probeerde zich alles te herinneren van die avond, en plotseling zag ze Martje voor zich met een dromerige blik op haar gezicht, sullig lachend terwijl ze naar Wout keek. Merijn lachte trots en keek Efren even aan. “Alles is weer goed.” |