MAN: Hoofdstuk 2 – Van Nijmegen naar NijverdalDoor: Hestia ([email protected]) |
|
|
|
“Willem, schiet op!” Olivier zette zijn woorden kracht bij door langs Javier heen te reiken en bij elke lettergreep op de claxon te drukken. Toet-toet toet toooooet. “Ik denk niet dat ‘ie je gehoord heeft,” zei Javier terwijl hij het raampje opende met een druk op een knopje en zijn hoofd eruit stak. “Willem Jongeneel, als je nu niet komt vertrekken we zonder jou!” Olivier tuurde langs Javier naar Willems huis, waar alles donker en stil leek. “Hij wist toch wel dat we vandaag weg zouden gaan?” Javier knikte en drukte ook nog eens op de claxon. “Ik ga hem halen, kom zo terug.” Olivier stapte uit de auto, rende naar de voordeur en wilde juist op de bel drukken toen hij zag dat de voordeur niet dicht zat. Hij duwde de deur een klein stukje open en was op zijn hoede voor wat hij kon vinden. “Willem?” riep hij voorzichtig. “Ben je thuis?” Olivier stapte de gang in en bleef onder aan de trap wachten. Het was donker in de gang, en Olivier keek over zijn schouder naar de kapstok, waar hij beweging dacht te zien. “Van onderen!” klonk het van de bovenverdieping en Olivier nam een grote pas naar achteren, recht de jassen in. “Wim, wat is er, waar ben je?” riep Olivier uit terwijl hij op de onderste trede ging staan. “Kan je m’n kussen en slaapzak opvangen? Dan zoek ik nog ff m’n plectrum.” Willem gooide meteen twee vuilniszakken naar beneden en Olivier ving ze met moeite op. “Hoorde je ons niet?” riep hij naar boven. “We staan al bijna een kwartier voor je huis te toeteren.” “Ach, ik dacht dat jullie wel zouden wachten. Ah, ik heb m’n plectrum gevonden, vang jij deze tas ook nog even op, dan neem ik mijn gitaar mee naar beneden en dan kunnen we gaan.” Olivier ging met gestrekte armen onder de trap staan en wachtte tot er een tas zou komen. “Javier is nu al doodmoe, die is vanochtend al heel vroeg uit Nijmegen vertrokken,” riep hij naar boven, maar er kwam geen reactie van boven. Er viel ook niks naar beneden en Olivier stak zijn hoofd naar voren om te kijken waar de tas zou blijven. Hij zag zelfs Willem niet boven aan de trap staan en hij zuchtte diep. “Willem, waar blijf je nou?” “Ja, hier komt ‘ie! Moest nog even sokken inpakken.” Olivier ging weer in een vanghouding staan, maar hoefde de tas niet op te vangen. Hij rolde langzaam de treden af, voortgeduwd door Willem die met een gitaarkoffer op zijn rug op zijn gemak de trap af liep. “Hčhč, bent u zover?” zei Olivier cynisch terwijl hij de twee vuilniszakken van de grond opraapte en de voordeur uitliep. Hij had de vuilniszakken al lang in de achterbak gezet toen Willem nog in de gang voor de kapstok stond. Olivier liep naar de voorkant van de auto en ging op de motorkap zitten. “Ollie, niet doen!” Javier had zijn hoofd uit het raampje gestoken en keek hem boos aan. Olivier stond meteen op, want hij wist dat Javier niet wilde dat hij op de motorkap zat. Javier was nogal voorzichtig met zijn spullen en was doodsbang dat er een deuk in de enorme stationwagon van zijn vader zou komen. Hij hield zich daarom ook altijd precies aan de maximumsnelheid en reed heel voorzichtig, dingen waaraan Olivier zich nogal kon ergeren. Terwijl hij dit bedacht en naar Willem stond te kijken die de keuken in- en uitliep en af en toe ook nog de woonkamer in verdween, zag hij een oude buurvrouw van Willem aan komen lopen. Zolang Willem nog niet buiten was kon hij zijn tijd wel beter gebruiken. “Zal ik uw boodschappen even dragen,” zei Olivier terwijl hij naast de vrouw ging lopen. De vrouw keek hem even wantrouwend aan, maar ze leek hem ineens weer te herinneren. “Jij bent toch dat vriendje van Willem?” vroeg ze terwijl ze een paar tassen aan hem overdroeg. Olivier lachte beschaamd. “Gewoon een vriend hoor. Vriendje klinkt zo raar,” zei hij enigszins zuur. De vrouw opende de deur en liep voor Olivier de keuken in. “Dus jullie zijn geen homo’s? Ik dacht dat dat tegenwoordig wel mocht?” Olivier zette de boodschappentassen op het aanrecht en keek de vrouw aan. “Het mag misschien wel, maar ik ga toch liever voor een meisje, en Willem ook, geloof ik.” “Mij best hoor,” zei de vrouw terwijl ze een trommel pakte en Olivier een koekje aanbood. “Biskwietje?” “Nee, dank u. Ik moet er weer vandoor. We gaan op vakantie, ziet u?” Hij draaide zich weer om en liep de keuken uit voor de vrouw hem nog meer rare vragen ging stellen. “Dag mevrouw!” riep hij nog even voor hij de voordeur dichttrok en breed lachend naar de auto toe liep. “Wim, ik weet niet wat jij in je vrije tijd doet, maar je buurvrouw denkt dat je homo bent.” Willem keek Olivier grijnzend aan. “Ok, dan moet Wout maar niet meer zo veel bij mij komen. Ik denk niet dat het goed is voor zijn carričre als mijn buren de roddels gaan verspreiden dat we een relatie hebben.” Willem trok een sip gezicht. “Shit, nu kunnen Wout en ik onze relatie niet meer voor jullie verborgen houden. Stomme buurvrouw...” Olivier gierde het inmiddels uit van het lachen en moest zich vasthouden aan de zijspiegel van de auto om niet om te vallen. “Stap nu maar in Ollie, dan gaan we naar Wout,” zei Javier terwijl hij de auto startte. Olivier strompelde naar de open deur en liet zich op de achterbank vallen, waarbij de deur zachtjes achter hem dichtviel. Hij bleef even glimlachend liggen en keek naar het plafond van de auto. Een hele week met z’n vrienden in een vakantiehuisje; hij hoopte dat Javier een beetje door zou rijden. Toen Olivier weer rechtop ging zitten om te kijken of ze al bij Wout waren, kon hij meteen commentaar leveren op Javiers rijstijl. “Je moet hier al links!” riep hij door de auto terwijl hij naar links wees. “Niet,” zei Javier koel terwijl hij met gemak een rotonde nam. “Wel, hier links, dan meteen rechts, nog eens rechts, dan weer links en nog een keer links en dan sta je voor z’n huis,” zei Olivier triomfantelijk terwijl hij met zijn armen aangaf in welke richting ze moesten rijden. “Dus keer maar weer om bij de volgende rotonde!” Olivier zag vanuit zijn ooghoek dat Willem met open mond van Olivier naar Javier keek, alsof hij bij een spannende tenniswedstrijd zat. “Het is wel duidelijk dat jij nooit met de auto naar Wout gaat,” reageerde Javier terwijl hij via de achteruitkijkspiegel naar Olivier keek. “Bij die tweede keer rechts rijd je namelijk een eenrichtingsweg in. Ik ga bij de volgende rotonde links, dan de eerste straat links, en dan staan we ook voor Wouts huis!” Terwijl Olivier nog nadacht over de route die Javier nu reed zag hij in de verte het rijtjeshuis van Wout al opdoemen. Olivier kneep zijn ogen samen en tuurde door de voorruit. “Kijk Wim, dat heet nou klaarstaan,” articuleerde Olivier terwijl hij naar Wout wees. Wout stond naast een zwarte reistas en een kartonnen doos naar de lucht te kijken, waarbij hij zijn linkerarm gebogen hield, met de hand ter hoogte van zijn oor. “Wat staat ‘ie te doen? Poses oefenen?” opperde Willem. “Volgens mij staat hij te bellen,” suggereerde Javier terwijl hij de auto met een ruime bocht voor Wout neer zette. Olivier opende de deur en sprong naar buiten. “Hey mate, alles flex?” Wout lachte even maar gebaarde naar de telefoon en draaide zich om naar het tuinhekje. Willem proestte het uit en Olivier keek achterom. “Wat?” “Niks,” hikte Willem in een adempauze. “Helemaal nihie-,” en hij begon weer te lachen. Javier was inmiddels uit de auto gestapt en zeulde Wouts tas naar de kofferbak. Olivier draaide zich weer naar Wout toe en zag hoe Wout zijn telefoon juist wegstopte. “M’n agent, ze wilde even melden dat ik weer in een glossy sta en daarom audities kan verwachten,” meldde Wout tussen neus en lippen door. Olivier was er inmiddels wel aan gewend dat Wout steeds vaker in televisiereclames of in tijdschriften te zien was, hij kon alleen niet wennen aan de gillende meiden die hen lastig vielen op straat. En alsof de duivel ermee speelde ging er achter Wout een dakraam open en begon er een meisje te schreeuwen. “Wout, Wout!” snerpte ze. “Kom, we gaan snel,” fluisterde Olivier, en hij pakte Wout bij zijn elleboog en duwde hem naar de auto. “Wacht even man, da’s m’n zusje,” zei Wout en hij zwaaide even naar boven. “Neem je een cadeautje voor me mee?” riep Hannah. Olivier zag haar uit het dakraam hangen en hij kneep zijn ogen samen om haar beter te kunnen bekijken. Hij wist niet wat het was met zusjes; die van hemzelf waren over het algemeen strontvervelend, maar Wout’s zusje zag er elke keer dat hij haar zag leuker uit. “Ik ga niet naar New York zeg,” riep Wout terwijl hij zijn arm nonchalant op de deur legde maar hem meteen daarna beschermend voor zijn gezicht hield. “Hee, stop eens met dat bekogelen!” Hij ging op zijn hurken zitten en raapte snel wat dingen op van de grond die hij vervolgens in de binnenzak van zijn jasje stopte. “Ik denk dat we Javier weer los moeten laten als Wout-guard,” Willem hing achterstevoren over zijn stoel en keek langs Wout naar buiten. “Dat bekogelen neemt dramatische vormen aan, straks hebben wij allemaal slipjes in ons haar hangen als we met Wout door de stad lopen.” Olivier lachte gelukzalig bij die gedachte en keek toe hoe Javier weer plaats nam achter het stuur. Olivier klom ook in de auto en Wout schoof naast Olivier op de achterbank. “Zijn we zover?” vroeg Javier. “Oh, wacht, m’n sleutels!” Wout sprong weer uit de auto en rende naar de voordeur waar de sleutels nog uit het slot staken. Wout rende terug en plofte weer naast Olivier op de zandkleurige lederen bekleding. “Let’s go.” Javier startte de auto, draaide moeizaam en reed de wijk uit. Het bleef akelig stil in de auto en Olivier begon een deuntje te fluiten. Willem floot er een ander wijsje doorheen en Wout neuriede mee, maar kennelijk was Javier niet onder de indruk van hun muzikale kunsten want hij zette de radio aan. “Wat gooide je zusje nu eigenlijk naar je?” vroeg Olivier aan Wout. Wout graaide in de binnenzak van zijn corduroyjasje en pakte er een stapel foto’s en een benzinestift uit. “Ik moet foto’s signeren,” zuchtte hij. “Kennelijk heeft ze ook nog een hele stapel in m’n bagage gestopt...” “Aaaah, leuk! Ik wil dat wel doen,” riep Willem uit terwijl hij een greep deed naar de foto’s. “Je fans willen vast wel foto’s van jou met stoppelbaard, grote snor of piratenooglapje.” “Zullen we de regels even doornemen?” stelde Javier voor toen het gelach na Willems opmerking was weggestorven. “Regels?” riep Olivier uit. “Ik dacht dat dit een week zonder ouders, zusjes, regels of verplichtingen was!” “Het zijn maar kleine regels, Ollie,” verdedigde Javier zichzelf. “Ik wil ten eerste niet dat Wout binnen rookt.” “Daarbij sluit ik me aan. Ik krijg echt gedonder als alle synthetische stoffen in dat oude boerderijtje vlam vatten,” zei Willem. Het huis waar ze vakantie zouden vieren was van de opa en oma van Willem geweest, en Olivier vermoedde dat het niet meer opgeknapt was sinds opa en oma Bartelds naar het verzorgingstehuis waren verhuisd. “Ok,” zuchtte Wout. “Misschien moet ik in het algemeen maar stoppen met roken, dit is een slecht voorbeeld voor al die jonge fans...” “Tweede regel,” ging Javier verder, “let op Ollie, jij mag niet koken. Ik wil nog langer leven dan deze week.” “Hear hear!” riep Willem. “En wederom de opmerking over ongewenste fik in synthetische stoffen,” voegde hij er met een knipoog naar Olivier aan toe. Olivier haalde onverschillig zijn schouders op. Het kon hem niet schelen dat zijn vrienden zijn kookkunsten niet waardeerden. Nu hoefde hij in ieder geval niet te koken, deze regel was alleen maar mooi meegenomen. “En daarnaast zou het ook fijn zijn als je even nadenkt voor je iets doet...” zei Javier streng. “Je hebt niet voor niets hersens,” voegde hij er lachend aan toe. Olivier wist dat Javier erg op zijn veiligheid gesteld was, waardoor hij niet altijd kon begrijpen dat Olivier zich zonder na te denken in dingen kon storten. Of uit dingen kon storten, zoals uit vliegtuigjes aan een parachute of uit hoogwerkers met een elastiek aan z’n enkels. Voor Javier moest alles goed doordacht zijn, maar dat betekende niet dat hij een saaie piet was. Olivier had al vaak avonden lang met Javier over de meest uiteenlopende zaken geouwehoerd. En als Javier goed geďnformeerd was over veiligheidsvoorschriften konden Olivier en de anderen hem toch vaak overhalen om ook eens uit de band te springen. Javier was inmiddels al bij de volgende regel aangekomen. “En de laatste regel wat mij betreft: Willem moet z’n zooi achter zich opruimen.” Willem bleef stil en keek beschaamd uit het raam. “Ik zal m’n best doen...” “En jij dan?” riep Olivier meteen uit. Het leek hem wel zo eerlijk dat Javier ook iets zou laten deze week. “Ik zal het niet over Christin hebben, ok?” “Gráág!” riepen Olivier, Wout en Willem in koor. Zij hadden het nooit echt goed met Christin, Javiers vriendin, kunnen vinden. Olivier vond haar maar een hypocriete trut die Javier niets toestond, terwijl ze zelf heel vrij met hun relatie omging. “Hebben jullie nog opmerkingen?” Javier hield zich aan zijn belofte en veranderde meteen van onderwerp. “Ja,” zei Wout terwijl hij een hand door zijn korte donkere haar haalde. “Ik wil me vast verontschuldigen voor groupietaferelen die plaats kunnen vinden. Ik heb m’n zonnebril en incognitohoed meegenomen voor als het te erg wordt.” “Zoals we al zeiden,” stelde Willem hem gerust. “We have the Wout-guard,” zei hij met een galmende lage stem terwijl hij fladderende bewegingen met zijn handen bij Javiers gezicht maakte. “Ik heb ook nog een mededeling: ik heb geen mededelingen.” “En ik heb er zin in!” riep Olivier snel uit. ******** “Dun dun dundun, dun dun dundun,” neuriede Jing-mei vanaf de achterbank van Bram Apple’s auto. “Mei, hou daar eens mee op, wil je?” zuchtte Janna. Ze wreef door haar gezicht en zuchtte nog eens. “Waarom moesten we ook alweer zo vroeg weg?” vroeg ze aan niemand in het bijzonder. Het viel Merijn op dat Phillipa geďnteresseerd naar haar en Jing-mei keek. “Wat neuriede je nou eigenlijk Mei? De wedding-march?” Merijn zat op de stoel naast de bestuurder en keek even naar haar vader, die ook zachtjes begon te neuriën en bijgevallen werd door Jing-mei. Janna ging snel rechtop zitten en keek Merijn blij aan. “Ohja, hoe was het gisteravond?” Merijn draaide zich weer om en staarde door de voorruit naar de weg. Ze waren nog niet eens de Waalbrug over of het gesprek was al op David uitgelopen. “Aah, zeg nou Merijn!” riep Phillipa uit. “Als je nu niets vertelt dan blijven we je de hele week pesten hoor!” “Kan me niet schelen,” zei Merijn glimlachend. “Ik heb toch niks te vertellen.” Jing-mei giechelde even en hield haar hand voor haar mond. “Waarom weet Mei het dan wel?” vroeg Janna beschuldigend en Jing-mei giechelde meteen weer en draaide haar hoofd weg. Merijn haalde haar schouders op. “Mei zit gewoon te stoken. Ik heb haar ook nog niet verteld dat het gisteravond niet zoveel voorstelde. Ook al had David z’n haar gewassen,” voegde ze daar nog snel aan toe. “Ja ja,” zei Phillipa zachtjes. “Weet je, Merijn durft gewoon niks te zeggen omdat haar vader erbij is.” “Nee hoor,” zei Bram, Merijns vader, met luide stem. “Merijn is altijd heel eerlijk. Ook al is ze misschien niet zo spraakzaam, ze laat wel goed merken wat ze bedoelt.” Hij keek Merijn aan en ze lachte hem dankbaar toe. “Dus er is niks gebeurd?” zei Janna teleurgesteld. “Maar waar moeten we het dan over hebben in die lange rit?” Ze liet zich terugvallen op de achterbank en zuchtte nog eens. “Nee, er is niks gebeurd... David was veel te veel bezig met z’n basgitaar denk ik,” zei Merijn terwijl ze via de achteruitkijkspiegel naar haar vriendinnen keek. “Hoe bedoel je, ‘denk je’? Je bent toch wel geweest?” zei Phillipa meteen. Ze richtte zich tot Merijns vader en ging verder. “Bram, ze is toch wel geweest?” “Ja hoor, ik moest haar gisteravond bij een of ander duister café ophalen, als je daar op doelt.” Merijn lachte even en haalde een consumptiemuntje van de Banaan uit haar broekzak. “Is dit genoeg bewijs?” vroeg ze terwijl ze het aan Phillipa gaf. “Maar ik doelde meer op de haperende geluidsinstallatie. Ik heb geen noot gehoord van wat ze hebben gespeeld!” Phillipa’s gezichtuitdrukking veranderde in een brede lach en ook Janna en Jing-mei barstten in lachen uit. Bram grinnikte even mee en zuchtte toen diep. Merijn keek hem even aan en beet op haar lip. “Wat is er pap?” vroeg ze zachtjes. “Ik snap jullie niet zo heel goed, ik denk dat het opvoeden van een dochter nog moeilijker is dan een operatie uitvoeren...” Merijn klopte even op zijn arm om hem gerust te stellen. “Maak je maar geen zorgen pap, ik snap er vaak ook niks van.” Phillipa en Janna waren kennelijk blij met de uitleg die Merijn had gegeven, want ze vermaakten zich een tijdje prima met het ondervragen van Jing-mei om er achter te komen welke acteur het best bij haar zou passen. Merijn zette haar elleboog tegen het raampje van het portier en legde haar hoofd op haar hand. Ze moest even tot rust komen na de drukte van afgelopen avond en ochtend. Ze had bijna twee uur aan tafel gezeten met haar ouders, waarna ze zich razendsnel had moeten omkleden voor het optreden van Davids bandje. Daar was ze maar een uurtje gebleven, voornamelijk vanwege het slechte geluid, maar ook omdat haar ouders haar weer op zouden halen. Ze had David nog even gesproken toen de band een korte pauze hield, maar hij stond haar alleen maar verlegen aan te kijken, waarop Merijn niet wist wat zij moest doen. Ze had uiteindelijk maar een biertje voor hen beiden gehaald, die ze stilzwijgend op hadden gedronken. Daarom was Merijn blij geweest toen ze weer thuis was. David was geen succes geworden, ook al had ze wel zin om weer eens verliefd te worden. Het was te lang geleden. Na lang woelen was ze eindelijk wel in slaap gevallen, maar het had ertoe geleid dat ze als een zak aardappelen op het softbalveld had gestaan vanochtend. Omdat het de laatste training van het seizoen was geweest had ze toch haar beste beentje voor willen zetten, enkel om te laten zien dat ze erg vooruit was gegaan. Maar de slechte nacht had haar opgebroken en ze had amper ballen gevangen of goed geraakt. Terwijl ze in de behaaglijke auto terugdacht aan die koude morgen op het natte gras van de softbalvereniging voelde ze zich langzaam wegglijden in een diepe slaap. Merijn werd wakker van een indringende benzinelucht die haar luchtwegen prikkelde. Ze hoestte en opende gedesoriënteerd haar ogen. Ze zat in een lege auto bij een verlaten benzinepomp en de regen dreunde op het dak van de auto. Ze keek om zich heen en zag haar vader bij de deur van het winkeltje staan, waar hij een jas over zijn hoofd trok en naar de auto rende. “Wil jij nog iets,” schreeuwde hij boven het lawaai van de regen uit. Merijn schudde haar hoofd en Bram stapte in de auto. “We zijn er al bijna, maar ik moest toch even tanken.” “Waar zijn de meiden?” vroeg Merijn terwijl ze in haar ogen wreef en zich even uitrekte. Bram knikte naar het winkeltje bij de benzinepomp. “Die kopen alvast een lading snoep.” Merijn volgde zijn blik en zag Phillipa en Jing-mei voor een gigantisch rek snoepgoed staan. Jing-mei draaide zich om en wenkte Janna naar hen toe te komen, maar Janna liep net met een stapeltje tijdschriften onder haar arm naar de kassa. Daarop volgden Jing-mei en Phillipa haar om al het snoep wat ze in hun handen hielden af te rekenen. Een paar minuutjes later was de regen opgehouden en reed Bram de weg weer op. Het was rustig, vooral voor een zaterdagmiddag, en met de aanwijzingen van Janna wist Bram de weg naar het huis van Janna’s tante te vinden. Zij had de sleutel van het huisje, en zou hen frisse lakens en handdoeken meegeven. Janna’s tante stond al in de deuropening toen Bram de oprit van haar huis op reed. Janna sprong de auto uit en omhelsde haar tante, waardoor Merijn voor een kort ogenblik even niet meer wist welke armen bij welk persoon hoorden, zoveel leek Janna op haar tante. Merijn opende het portier en stapte uit de auto, net als haar vader en haar vriendinnen, om zich voor te stellen. “Hoi, ik ben Els,” zei Janna’s tante, en ze gaf Merijn een stevige handdruk. “Willen jullie allemaal even een tas of boodschappenkratje uit de gang halen,” vroeg ze terwijl ze over haar schouder naar de open voordeur wees, “dan kunnen we meteen weg.” Els stapte naar Bram toe om een praatje te maken en Merijn liep achter Janna aan naar binnen. Er stonden twee boodschappenkratjes met beddengoed en handdoeken onder de trap, en daar stond een boodschappentas naast. Merijn pakte samen met Phillipa een kratje en ze waggelden de gang uit. “Wie maken er eigenlijk nog meer gebruik van jullie vakantiehuisje?” vroeg Phillipa aan Janna. Janna zette haar boodschappenkrat even op de stoep en wreef in haar handen. “In het naseizoen eigenlijk alleen mijn familie en het gezin van Els. Mijn moeder en Els waren de enige kinderen van mijn opa en oma, en toen zij hun boerderij niet voort konden zetten hebben ze de boerderij en het land doorverkocht aan Els. Els verhuurt het boerderijtje nu aan gezinnen die hier op vakantie willen. Veel van het land is verkocht aan omringende boerderijen.” Janna had een dromerige blik in haar ogen en staarde in de verte. “Ik ging vroeger bijna elk weekend bij m’n opa en oma logeren. Ik mis het wel.” Phillipa keek even naar Merijn en ze duwden het krat dat ze nog steeds tussen hen in hielden achter in Bram’s auto. Daarna draaide Phillipa zich om naar Janna en legde haar arm over Janna’s schouders. “En wij gaan er nu voor zorgen dat je hele andere leuke herinneringen aan het oude huis van je opa en oma overhoudt.” Janna glimlachte en tilde toen samen met Phillipa het boodschappenkrat weer op. Ze zetten het in het autootje van Els en bleven er wat onwennig naast staan. “Euh, zullen wij met Els meerijden? Dan kunnen jullie achter ons aanrijden,” zei Janna. “Prima idee, Janna. Dat hadden Merijn’s vader en ik ook net bedacht.” Els knikte even naar Bram en liep naar haar auto. “Ik zal jullie alles even uitleggen in het huisje. Ik ben er vanochtend al even geweest om de ramen open te zetten en te controleren of de verwarming het nog deed. En het was maar goed ook dat ik langsreed,” vervolgde ze, met een licht walgende uitdrukking op haar gezicht. “Er lag een doodgereden kat op de oprit naar het huis, het zou niet echt welkom staan als we die pas zometeen tegen zouden komen...” Merijn keek Jing-mei aan met een van afkeer vertrokken gezicht. Doodgereden beesten zagen er inderdaad niet prettig uit. “Ik heb het kattenlijk netjes begraven, en ik hoop dat de andere katten in de buurt niet aan z’n grafje gaan graven. We willen hem wel een vredige laatste rustplaats bieden, toch?” Merijn schoof naast Jing-mei op de achterbank van Bram’s auto en lachte. “Ze is net zo’n dierenvriendin als Janna.” Bram reed achter Els de woonwijk uit en na een paar minuten waren ze op een smal weggetje tussen de weilanden belandt. In de weilanden stonden wat eenzame koeien te grazen en in de lucht cirkelden een paar vogels. Die vielen ook Jing-mei op, want ze stootte Merijn aan en lachte even. “Zou Phil de verrekijker nog mee hebben genomen om die vogels te kunnen bestuderen?” Merijn grijnsde en keek weer naar de vogels. “Ik zou met verrekijker ook niet kunnen zien wat voor vogels dat zijn. Misschien wel als ik er ook een vogelhandboek bij krijg.” “Hee, zou het daar zijn?” Jing-mei was naar de linkerkant van de auto geschoven en wees uit het raam. “Daar staat een boerderijtje!” “En er staat er nog een naast,” mengde Bram zich in het gesprek. “Ik denk dat het de tweede is.” “Waarom denk je dat?” vroeg Jing-mei terwijl ze met haar neus tegen het raam naar de boerderijtjes keek. Merijn volgde de blik van haar vader en zag wat hij bedoelde. “Omdat Els nu pas afslaat terwijl we het eerste boerderijtje al voorbij zijn gereden,” legde Bram kalm uit. “Oh, hahaha,” Jing-mei trok haar neus weer van het glas en keek Merijn stralend aan. “Deze week gaat echt geweldig worden.” Merijn knikte enthousiast terwijl ze de deur opende en uit de auto sprong, al had Bram de auto nog niet eens geparkeerd. Ze had behoefte aan frisse lucht en wat lichaamsbeweging, en liep een rondje over het geasfalteerde parkeerplaatsje voor ze het boerderijtje wat beter ging bekijken. Het boerderijtje was opgetrokken uit rode stenen en had rode dakpannen. Het houtwerk van de bovenverdieping was steenrood geverfd, en de kozijnen en dakranden waren wit. “Wat schattig! Mogen wij hier de komende week logeren?” riep Jing-mei uit terwijl ze naast Merijn kwam staan. “Let maar niet op hun Els... Zij zijn twee stadse meiden die niet meer van de wereld hebben gezien dan het beton van hun huis,” lachte Phillipa en ze kwam ook naast Merijn staan. “Het is wel mooi opgeknapt sinds de vorige keer,” zei ze terwijl ze ook naar de boerderij keek. “Wel jammer dat de grote deel nu weg is.” Merijn staarde met open mond naar Phillipa. “Hoe vaak ben je hier dan al geweest? En wat is een deel?” “De deel is het echte werkgedeelte van een boerderij, waar aan de zijkanten ook ruimte was om de koeien te stallen,” legde Janna uit. Ze wees naar het gedeelte van de boerderij dat ongeveer een meter van het hoofdgebouw uitstak en waarin op de begane grond een deur en twee glazen terrasdeuren in waren gesitueerd. “Dat was vroeger veel langer, en liep tot iets voorbij het einde van het terras,” ze maakte een zwaaiende beweging met haar arm om aan te geven tot waar de deel ongeveer liep. “Maar toen m’n opa en oma verhuisden was het niet meer rendabel om dat gedeelte erbij aan te houden, dus het is gesloopt. Een klein stukje van de oude deel is bij de keuken en de woonkamer getrokken om het allemaal iets groter te maken. En de bovenverdieping is nu geen hooizolder meer maar hoort bij de slaapkamer en badkamer.” “Kunnen we niet gewoon naar binnen gaan om te kijken?” vroeg Jing-mei. “Drinkt u nog een kopje thee mee?” vroeg Els aan Bram terwijl ze de sleutel in de rood-wit geverfde deur stak. "Maar natuurlijk!" riep Bram enthousiast. Hij opende juist de achterklep van de auto om alle tassen van de meiden uit te laden. "Ik heb gemiddeld tien kopjes thee per dag nodig om mijn Englishness niet kwijt te raken." Els liet de meiden naar binnen en Merijn en Jing-mei begonnen meteen aan een uitgebreide verkenningsronde. De keuken waarin ze binnen kwamen was netjes wit en had een ouderwetse plavuizenvloer. Vanuit de keuken liep Merijn de woonkamer in, die eenvoudig maar wel gezellig in was gericht met twee comfortabele banken, een kleine televisie en prenten van de boerderij aan de muren. Merijn hoorde boven zich voetstappen en keek onbewust even naar boven. Zo’n oude boerderij was kennelijk erg gehorig, maar daar hoefde ze geen last van te hebben als ze allemaal tegelijk naar bed gingen. Merijn verdween ook naar boven om samen met Jing-mei de bedden te testen en kwam pas weer beneden toen Els koffie en thee had gezet. Janna was begonnen met het schrijven van een boodschappenbriefje en Phillipa noemde dingen op die ze nodig hadden. “Lief, ik ga er zo weer vandoor,” fluisterde Bram zachtjes toen de conversatie over chocoladevlokken hem niet meer kon interesseren. “Maar ik dacht dat jij de boodschappen met ons zou halen?” reageerde Merijn, ietwat teleurgesteld. “Els wilde graag met jullie mee. Kon ze meteen haar eigen boodschappen doen.” Merijn knikte en dronk snel haar thee op. Ze had erop gerekend dat ze nog wat tijd met haar vader door kon brengen voor hij haar voor het eerst in haar leven op een vakantieadres achter zou laten. Al haar andere vakanties in verre landen had ze doorgebracht met haar vader en moeder, en nu was ze nog geen anderhalf uur van haar ouderlijk huis verwijderd en voelde ze al heimwee op komen terwijl haar vader nog naast haar zat. “Alles goed, Merijn?” vroeg Jing-mei terwijl ze Merijn zachtjes aanstootte. “Oh, ik was even in gedachten verzonken,” verontschuldigde Merijn zich met een glimlachje. “Ben je nu weer terug op aarde? Zullen we dan maar boodschappen gaan doen?” Phillipa had haar jas alweer aangetrokken en stond met een enorme lijst en een portemonnee in haar handen. “Ja,” Merijn stond ook op en pakte haar jas. Ze liep achter Bram aan naar zijn auto en gaf hem een stevige knuffel. “Pas je goed op mama?” vroeg ze terwijl ze uit alle macht probeerde om de brok in haar keel weg te slikken. “Ik weet dat je je zorgen maakt over je moeder, maar ze weet heel goed wat haar te doen staat. Ze is net als jij, Merijn,” antwoordde Bram terwijl hij Merijn op haar wangen zoende. “En nou laat je mij los, je bent niet meer zo’n lief klein aapje dat zich overal aan vast klauwt zoals vroeger.” Merijn lachte en liet haar vader los. Ze wurmde zich naast Phillipa op de achterbank van Els’ auto en voelde zich meteen weer vrolijker. Een hele week met haar beste vriendinnen op een afgelegen boerderij zag er niet zo eng uit nu ze de boerderij eenmaal had gezien. Els reed het parkeerplaatsje af en zette de autoradio aan. “Zo, dit wordt een gezellige winkelmiddag, meiden!” ******** “Woohoo!” Olivier drumde op zijn knieën het liedje dat uit de radio schalde mee terwijl Willem uit zijn dak ging op zijn luchtgitaar. “Ja, Wout, nu komt jouw solo!” riep Willem boven de muziek uit en Wout begon meteen luid mee te zingen met het refrein van het liedje. Javier toeterde mee op de maat van de muziek, en slingerde tot Oliviers verbazing wild over het smalle landweggetje. “Pas op! Tegenliggers,” riep hij snel uit en hij wees naar de twee auto’s die hen tegemoet kwamen. Javier moest afremmen en ging in de berm rijden om de auto’s te kunnen passeren, waardoor Olivier goed zicht had op de inzittenden van de auto. “Wauw, een heel klein autootje volgeladen met allemaal meisjes. Keer de auto en follow that car, Javier!” |