MAN – Hoofdstuk 1: Ik ga op vakantie en neem mee...Door: Hestia ([email protected])
|
|
|
|
“Zorg goed voor jezelf hè,” Olivier gaf zijn zusje een stevige knuffel en keek haar daarna streng aan. “Geniet van je vakantie, en maak je vooral geen zorgen over mij, pap en mam, Stan, Soapie en Lucky, opa of oma. Ok?” “Ja, ik snap je punt,” zei ze terwijl ze haar bruine ogen neersloeg. Toen ze weer opkeek zag ze er bezorgd uit. “Kan ik niet mee? Dan kan ik voor jullie koken en misschien een beetje opruimen en-” “Oh nee,” zei Olivier resoluut om haar te onderbreken. “Ik laat jou niet in hetzelfde huisje als mijn vrienden vakantie vieren! En trouwens,” probeerde hij zijn felle opmerking wat af te zwakken, “dit is een male-bondings proces. Dat is niks voor meisjes zoals jij.” Olivier zag hoe het gezicht van zijn zusje vertrok. “Wat bedoel je? Gaan jullie met z’n allen naakt douchen en stoppen jullie om de vijf minuten voor een grouphug? Gatver! Dat had ik nou nooit achter die vrienden van jou gezocht!” riep ze terwijl ze achteruit de keuken uit liep, haar stem van afkeer vervuld. Olivier bleef alleen achter in de keuken en dacht na over wat zijn zusje had gezegd. “Wacht, wat zei je nou? Had je dat van mijn vrienden gedacht… maar wel van mij dan? Hee, kom terug!” riep hij uit, maar hij hoorde de voetstappen van zijn zusje wegsterven op de trap en boven sloeg een kamerdeur dicht. “En bedankt… van je zusje moet je het hebben,” mopperde hij terwijl hij op het aanrecht ging zitten en een kop koffie inschonk. Hij schoot uit en een plasje zwarte koffie belandde op het lichthouten aanrechtblad. Olivier trok het donkerblauwe kastdeurtje onder zich open en viste er met zijn linkervoet een vaatdoekje uit, waarmee hij het plasje opveegde. Olivier dronk rustig zijn koffie op terwijl hij aan zijn zusje dacht. Normaal zag hij haar ’s ochtends, ’s middags en ’s avonds en kon hij goed in de gaten blijven houden of ze zich niet te druk maakte. Ze had de gewoonte om zich zo op een project te storten dat ze de belangrijke dingen in het leven leek te vergeten. Maar hij vond het wel moeilijk om haar alleen te laten nu ze voor een proefwerkweek stond. Hij was bang dat niemand op haar zou passen zoals hij altijd deed. Toch kon hij haar niet meenemen op vakantie. Olivier kon het niet toestaan dat zijn zusje verliefd zou worden op een van zijn vrienden, de onverantwoordelijke zakken die ze waren… Hij zette zijn mok neer en zijn oog viel op de klok boven de deur naar de eetkamer. Van schrik viel hij van het aanrecht en terwijl hij wild met zijn been zwaaide om zijn evenwicht te bewaren, verloor hij een schoen. De schoen vloog met een boogje door de deuropening en kwam onder de eettafel terecht. Olivier kroop er op zijn knieën naar toe, en trok zijn schoen weer aan terwijl hij opstond en hinkelde vervolgens door de keuken naar de gang. Scheren en tandenpoetsen zat er vandaag niet in, hij moest de bus halen. In de gang bleef hij even voor de spiegel staan om te kijken of hij er niet te belabberd uitzag. Hij veegde de lok geblondeerd haar die over zijn voorhoofd hing achter zijn rechteroor en probeerde de pieken op zijn kruin en achterhoofd omhoog te duwen. Soapie had hem inderdaad een excentriek kapsel aangemeten, maar het was wel moeilijk om in model te brengen als hij weinig tijd had. Olivier rende terug naar de keuken, greep zijn rugzak en griste een appel van de fruitschaal. Daarna sjeesde hij door de bijkeuken naar buiten, trok zijn fiets uit de garage en racete er op weg. ******** Kort daarna maakte Merijn zich klaar voor school. Vrijdag was niet haar favoriete dag, ze had van half negen tot drie uur les, maar als ze dan uiteindelijk thuis kwam na school had ze wel een echt weekendgevoel. “Doei!” riep ze naar niemand in het bijzonder terwijl ze de kille, lege keuken uitliep en haar fiets uit het schuurtje haalde. Ze stapte bijna in een pot verf zonder deksel en gooide haar fiets even tegen de muur om het deksel erop te doen. Haar moeder had het wel op decoreren, maar niet op het opruimen van haar troep. Toen Merijn het deksel stevig op het blik verf timmerde met een hamer die ze tussen de oude kranten had gevonden, ging de schuurdeur open. Merijn knipperde tegen het felle ochtendlicht en zag Ida binnenkomen met haar handen vol tassen. “Goeiemorgen, Ida!” zei ze vrolijk en ze sprong meteen op om een van de tassen van de huishoudster aan te nemen en naar binnen te dragen. “Wat ga je hier allemaal mee doen?” Ida zuchtte terwijl ze alles op de eettafel deponeerde. “Je moeder had gevraagd of ik dit op wilde halen bij de decoratiewinkel. Ik heb geen idee wat ze ermee wil doen…” Merijn neusde in een tas en viste er een rol behang uit. “Behangen, denk ik!” “Ja, maar wat?” vroeg Ida en haar stem klonk licht hysterisch. Merijn ging op een stoel zitten en zette haar ellebogen op de mahoniehouten tafel. “Denk jij dat mam plannen heeft om een nieuw huis te kopen en te verbouwen?” Merijn zette een nagel in een kier tussen twee planken en pulkte wat stof eruit. Ze wilde helemaal niet verhuizen, ze was net gesetteld in Nijmegen en ze had geen zin om opnieuw te beginnen. “Ik weet het niet, en ik wil er niet over nadenken of praten. Ik heb trouwens genoeg te doen. Heb jij je vuile was op de badkamer gelegd?” Merijn knikte afwezig terwijl ze haar nagel dieper in de kier tussen de tafelplanken stak. Als haar moeder nu alweer plannen had om te verhuizen, had Merijns hele vakantiebesteding geen zin gehad! Ze had de zes weken die ze met haar vader en moeder door Australië had getoerd beter kunnen besteden dan haar ouders hun verhuisplannen uit hun hoofd te praten. Dat was uiteindelijk wel gelukt; Sammie had geen makelaar meer bezocht sinds ze half augustus uit Australië terug waren gekomen en had zich gestort op het opnieuw inrichten van hun huis. Zelfs Merijn had haar zolderkamer opnieuw mogen verven. Maar als het haar in de vakantie was gelukt om te voorkomen dat ze weer zouden gaan verhuizen, zou het haar nu ook gaan lukken. Ze wilde nu wel eens langer dan een jaar ergens wonen. Merijn zuchtte en wreef met haar hand door haar gezicht. Ze had veel te veel zorgen voor iemand van zestien. “Dat Japanse vriendinnetje van je staat te wachten,” klonk Ida’s stem kortaf vanuit de keuken. Merijn boog zich een beetje over de tafel en keek door de woonkamer naar buiten. Jing-mei, haar buurmeisje en beste vriendin, stond op de stoep en wierp net een blik op haar horloge. “Maak je niet zo’n zorgen Ida,” zei Merijn terwijl ze opstond en de stoel aanschoof. Ze liep weer door de keuken naar het schuurtje en wierp een blik over haar schouder naar Ida. De smetteloos witte keuken leek er niet gezelliger op te worden nu Ida erin stond. Merijn duwde de keukendeur nog even open. “En Jing-mei is Chinees,” zei ze bits. Hoe ze het ook probeerde, met Ida was geen normaal sociaal gesprek te voeren. ******** De dag vloog om, en voor Merijn het doorhad zat ze met haar kin in haar linkerhand door een leeg schrift te bladeren. Ze kon niet geloven dat ze nog niks op had geschreven tijdens de Engelse les in de zeven weken die ze alweer op school door had gebracht. Ze sloot het schrift snel toen de leraar aan kwam lopen en ze boog zich over de tekst die ze moest lezen. De leraar passeerde zonder aandacht aan haar te schenken en Merijn keek opzij naar Jing-mei. Haar vriendin beet op een pen en had blosjes op haar lichtbruine wangen van de concentratie. In tegenstelling tot het gemak waarmee Merijn Engels haalde, moest Jing-mei zich behoorlijk inspannen. “Gaat het?” fluisterde Merijn terwijl ze zich naar Jing-mei toe boog. Jing-mei knikte even en hield haar vinger bij een dik onderstreept woord. “Dit betekent toch ‘onweerstaanbaar’?” vroeg ze terwijl ze naar haar woordenboek greep. Merijn knikte en pakte de tekst ook weer voor zich. Jing-mei ging verder met lezen en Merijn las de inleiding en de conclusie nog eens. Zij had in tien minuten het hele krantenartikel gelezen en de kernzinnen van alle alinea’s onderstreept. Nu moest ze wachten tot de leraar zei dat ze het konden gaan bespreken. Ze legde haar kin weer in haar handpalm en bestudeerde de blauwe vloerbedekking. Merijn had van haar vierde tot haar tiende in Engeland gewoond en was tweetalig opgevoed. Haar vader kwam oorspronkelijk uit Engeland en had de kans om terug te gaan naar zijn studiestad met twee handen aangegrepen toen hij een baan aangeboden had gekregen in Cambridge. Merijn werd uit haar gedachten verlost doordat haar leraar hard in zijn handen klapte. “Ladies and gentlemen, you may start your
group discussion.” Merijn zuchtte opgelucht. Stilzitten in een muisstil lokaal was niks voor haar; ze kletste het liefst zo vaak en zo lang mogelijk. “Wat nemen jullie allemaal mee?” vroeg Janna terwijl ze zich omdraaide naar Merijn en Jing-mei. “Moet ik m’n zwempak meenemen?” Phillipa schoof haar tafeltje tegen dat van Jing-mei aan en draaide haar stoel bij. Janna en Phillipa doelden op de vakantie die morgen zou beginnen: Merijn zou met Janna, Jing-mei en Phillipa naar het oude boerderijtje van Janna’s opa en oma gaan. Janna draaide haar tafeltje ook
en haalde haar schouders op. “Er is wel een zwembad in de buurt, daar kunnen
we wel heen als we ons vervelen.” Merijn knikte en opende haar schrift weer. Ze had eindelijk een functie voor de lege pagina’s gevonden. “Zwempak,” mompelde ze terwijl ze een lijstje maakte met dingen die ze niet moest vergeten. “Rubberlaarzen zijn ook erg handig op het platteland,” opperde Janna terwijl ze in Merijns schrift keek. “Ah, goed idee!” Phillipa scheurde voorzichtig een blaadje uit haar multomap en begon ook aan een lijstje. “Ik heb geen rubberlaarzen,” zei Merijn terwijl ze op keek. “Heb jij laarzen?” vroeg ze aan Jing-mei, maar zij haalde enkel haar schouders op. “Phil, neem jij laarzen mee? Ja? Jan, kan ik dan een paar van jou lenen?” Janna gooide lachend haar hoofd in haar nek en Merijn keek Jing-mei fronsend aan. Jing-mei boog zich echter weer over de tekst en haar woordenboek. “Zullen we eerst even die opdracht maken, dan kunnen we daarna wel verder met plannen maken,” zei ze voorzichtig. “Goed plan,” beaamde Phillipa. “Meneer Freriks zit al erg suspicious onze kant op te kijken. “Waarom moest je nou lachen, tijdens Engels?” vroeg Merijn toen ze een half uurtje later naast Janna ging zitten. “Oh,” grinnikte Janna, “die vraag van jou of je laarzen van mij kon lenen.” Merijn keek Janna niet begrijpend aan. “Wat is daar grappig aan dan?” “Jouw reactie! Je deed net alsof de wereld zou vergaan zonder rubberlaarzen.” “Kan ik dan een paar van jou lenen?” vroeg Merijn, lichtelijk beschaamd. “Ik denk niet dat de laarzen van mijn broer jou passen…” antwoordde Janna terwijl ze onder de tafel dook om Merijns schoenmaat in te schatten. “Koop maar gewoon een goedkoop stel bij de Hema, die zijn goed genoeg.” “If you say so,” lachte Merijn voorzichtig terwijl ze haar tas op tafel legde en op zoek ging naar haar lijstje met dingen die ze mee moest nemen. “Neemt er al iemand een verrekijker mee?” Phillipa’s hoofd verscheen tussen Merijn en Janna omdat ze over haar tafeltje hing. “Misschien kunnen we de vogeltrek in Nijverdal in beeld brengen tijdens de saaie momenten!” zei ze enthousiast. “Ja, Phil, neem jij maar een verrekijker mee om vreemde vogels te bestuderen,” lachte Janna. “Ik besteed mijn tijd liever aan andere dingen.” “Mooi, dan kan je ook alle universiteitsfolders die ik meeneem proeflezen. Jij kent mij inmiddels zo goed dat jij wel kan bepalen welke studies geschikt zijn voor mij en welke niet.” “Ach, iedereen weet al wat jij gaat studeren, dokter Bernard. Waarom zou ik m’n schaarse tijd aan jou toekomstplanning spenderen?” mopperde Janna terwijl ze een glossy uit haar tas haalde en er in begon te bladeren. Af en toe las ze een berichtje of keek ze naar een foto terwijl ze bleef discussiëren met Phillipa. Phillipa leunde nog steeds over haar tafeltje terwijl ze voorzichtig aan Janna’s blonde krullen trok en er daarna vlechtjes in begon te draaien. Merijn zat geanimeerd naar het gesprek tussen Janna en Phillipa te kijken. Zij kenden elkaar al hun hele leven, en ook al waren hun gesprekken soms verveeld of leken ze uit te lopen op ruzie, toch wisten Janna en Phil kennelijk precies hoe ver ze konden gaan als ze met elkaar discussieerden. Ze keek ook even over haar schouder naar Jing-mei, die echter zo verdiept was in een gedichtenbundel, dat ze in het geheel niet doorhad dat Merijn eigenlijk zat te wachten op een gesprek zoals Janna en Phillipa voerden. “Hey, hebben jullie nog niet gehoord dat Laagman ziek is!” riep iemand door het lokaal en Merijn draaide zich naar de deur toe. Een slungelige jongen met donker haar dat rommelig voor zijn ogen hing stond in de deuropening naar hen te kijken, een lach om zijn mond. “We mogen naar huis!” Merijn boog zich even naar Janna toe, onzeker over de vraag die ze moest stellen. “Dat is David, toch?” Janna knikte bevestigend en Merijn stond meteen op, zodat ze niet uit hoefde te leggen dat ze zich nog steeds niet alle namen van haar klasgenoten kende. Terwijl ze haar tas dichtdeed besefte ze dat ze blij was dat de lange vrijdag zo plotseling tot een eind was gekomen. Dit was een goed begin van de vakantie. “Hij vindt je leuk, Merijn,” fluisterde Janna toen ze opstond en zich een beetje naar Merijn toeboog. “Ach, zeur niet,” giechelde Merijn, maar ze keek toch even naar David over Janna’s schouder. “Mei, we mogen naar huis, meid!” Janna leunde over Phillipa’s tafel naar Jing-mei en schudde haar aan. Merijn liep al samen met Phillipa naar de gang, afwachtend of David nog wat tegen haar zou zeggen. “Hoi,” kuchte hij terwijl hij zijn handen in zijn broekzakken stak. “Ik ga wel vast naar beneden,” riep Phillipa in het algemeen, maar ze wierp Merijn een knipoogje toe. “Fijn man, een uurtje eerder vrij. Eindelijk vakantie!” zei Merijn enthousiast toen ze naast David naar beneden liep. Ze keek hem van opzij aan en wachtte af wat hij zou doen. Toen hij stil bleef ging Merijn verder. “Wat zijn jouw plannen voor volgende week? Leren voor de proefwerkweek?” “Nee,” zei David, en hij schudde zijn hoofd. “Hee, Merijn, luister eens.” Hij bleef stilstaan midden op de trap en Merijn hoorde Janna en Jing-mei boven in de gang lachen. “Heb je vanavond al iets te doen? Ik euh- m’n bandje treedt vanavond op in de Banaan, heb je zin om te komen?” “Vanavond?” Merijn beet op haar lip en probeerde Davids ogen te ontwijken. “Ik heb morgenochtend vroeg softbaltraining, en daarna ga ik weg met Phillipa, Janna en Jing-mei, dus ik denk niet dat het slim is als ik vanavond uitga.” “Oh,” David liep de laatste treden van de trap af en liet Merijn verbaasd achter. Kennelijk kon hij niet goed met tegenslagen omgaan en Merijn vroeg zich af of hij dan wel op zijn plek zat in een beginnend bandje. Maar ze voelde ook wel medelijden voor hem. Merijn had wel wat verhalen gehoord over Davids bandje; David zou onder zijn niveau spelen en had zijn bandleden nu eindelijk zo ver gekregen om te gaan optreden. “David, wacht!” riep Merijn en ze holde de trap af. “Hoe laat spelen jullie? Ik moet toch nog even de stad in, dus ik kom wel even kijken. Vind je het erg als ik m’n moeder meeneem?” David lachte voorzichtig en zijn blauwe ogen stonden minder zorgelijk. “Hoe meer zielen, hoe meer vreugd. We beginnen om negen uur, als de anderen dan nog durven…” Merijn lachte terug en gaf hem een vriendschappelijke stoot tegen zijn buik. “Dan zie ik je om negen uur.” Ze zwaaide hem na en bleef onder aan de trap wachten tot Janna en Jing-mei naar beneden kwamen. “Ik heb een date, vanavond,” straalde ze toen ze twee paar voeten zag verschijnen. “Met die vetkop?” Phillipa kwam het trappenhuis binnen lopen en gooide Merijn haar jas toe. “Ik ben zo vrij geweest om jullie jassen uit hun kluisjes te halen.” “Phil, wat bedoelde je met ‘vetkop’?” Janna stond op de onderste trede en torende boven haar vriendinnen uit. Phillipa begon te blozen en gaf Jing-mei en Janna ook hun jassen. “Nou, hij mag z’n haar wel eens wassen, dat bedoel ik.” “Merijn, trek het je niet aan. Phil heeft geen verstand van rockbands,” zei Janna verontschuldigend. “Ik eigenlijk ook niet, maar ik neem aan dat Davids uiterlijk onderdeel is van zijn rockstar-image.” Merijn lachte en keek toe hoe Janna en Phillipa de hal door liepen naar de deur. “Wat doe je aan?” vroeg Jing-mei terwijl ze naast Merijn kwam staan. “Ik heb geen idee, kan ik niet iets van jou lenen?” vroeg Merijn terwijl ze naar Jing-mei’s kleding keek. “Ik denk dat jouw zwarte driekwart rokje een erg leuke minirok voor mij is, met wat veiligheidsspelden door m’n oren en een kapotgescheurd bloesje pas ik zo in het publiek van de Banaan.” Merijn was een kop groter dan Jing-mei, en zou met geen mogelijkheid in Jing-mei’s kleren passen, en ze maakten er graag grappen over. Jing-mei lachte en trok haar jas aan. “Volgens mij heb je Davids dag helemaal goed gemaakt. Je moet je niets aantrekken van Phil, ze is waarschijnlijk gewoon jaloers, net als toen met-…” Jing-mei hield abrupt op en bleef even stilstaan. “Ohnee, daar was je niet bij,” vervolgde ze iets zachter terwijl ze haar weg naar de deur vervolgde. “Wat?” vroeg Merijn terwijl ze in de hal stil bleef staan en haar rugtas op de grindtegels zette. Ze had geen idee waar Jing-mei naar verwees, maar was toch wel benieuwd. Terwijl ze op een antwoord wachtte viste ze haar sjaal uit de linkermouw van haar jas en wikkelde die om. Vervolgens deed ze haar jack aan en ritste de rits tot aan haar kin dicht. Ze keek weer op en zag Jing-mei naar de grond staan kijken met een lach om haar gezicht. “Vertel nou!” drong ze aan terwijl ze samen naar buiten liepen. “Nou ja, het is een nogal lang verhaal, en ik denk niet dat je het snapt,” Jing-mei begon een verhaal over Phil en Janna die jarenlang op dezelfde jongen verliefd waren geweest, maar Merijn was na een minuut de draad al kwijt en schopte tegen een kastanje die op de stoep lag. “Hou maar op Mei, ik snap er inderdaad niks van,” zei Merijn uiteindelijk toen ze bij hun fietsen aankwamen. Ze haalde haar fiets van het slot, reed hem achteruit het fietsenrek uit en ging tussen Janna en Phillipa staan. “Sorry Merijn, ik hoop dat je het vanavond gezellig hebt met David,” zei Phillipa toen ze Merijn opmerkte. “En we willen er morgen alles over horen!” “Uhu!” beaamde Janna haar, “zodra we onderweg zijn kun je alles vertellen!” Merijn lachte bescheiden en keek over haar schouder naar Jing-mei. “Kunnen we?” Jing-mei knikte en Merijn fietste het schoolplein af. “Hee, nu moet je niet wegvluchten!” riep Janna haar na. “Morgenochtend in de auto willen we alles weten!” “Ik ga jullie echt niks vertellen als m’n vader erbij zit hoor,” riep Merijn terug. “En trouwens, je moet er nooit vanuit gaan dat er ‘iets’ gaat gebeuren, dan straal je alleen maar wanhoop uit!” “Dat is diep, Merijn,” lachte Jing-mei terwijl ze het fietspad op koerste. “Maar als ik jou was zou ik er wel van uitgaan dat David iets gaat proberen.” ******** Een kwartiertje later zwaaide Merijn naar Jing-mei terwijl ze het smalle tuinpad op fietste, waarna ze er lenig afsprong en haar fiets het schuurtje in manoeuvreerde. Ze stapte over de verfblikken en opende de keukendeur. Er hing een sterke geur die Merijns neus prikkelde en ze niesde. “Goeiemiddag!” Sammie, Merijns moeder, had een oude overal aan en stond bij de eettafel tussen een hoop rollen behang. “Hee mam!” Merijn liep voorzichtig langs de glimmende keukenkastjes en dumpte haar schooltas en jas op de bank in de woonkamer. “Lekker creatief bezig?” “Jup,” zei Sammie terwijl ze een lok krullend bruin haar uit haar gezicht veegde. “Wil jij Ida even roepen? Ze zou me helpen om het behang op de keukenkastjes te plakken.” Merijn opende de deur naar de gang maar draaide zich om naar haar moeder. “Behang op de keukenkastjes?” “Ja, wat vind je van het motief?” Sammie rolde een vel uit en hield de bedrukte kant naar Merijn toe. “Ah, dat brengt wel wat kleur in de keuken!” riep Merijn enthousiast toen ze het rood-wit gestreepte behang zag. Ze draaide zich weer terug naar de gang en liep naar de trap, “Ida?” Merijn bleef even wachten maar kreeg geen antwoord. Ze liep een paar treden op en riep weer. Toen Ida nog steeds niet reageerde rende Merijn de trap op en opende de deur van de rommelkamer. Daar vond ze Ida, gebogen over de strijkplank, haar brede schouders schokkend. “Ida?” De gordijnen waren dicht, dus Merijn zag niets anders dan de contouren van Ida’s schokkende lichaam. Ze zette voorzichtig een stap in de kamer, bang om te struikelen over een verloren sok, een stapel boeken of een tennisracket en hoorde een zacht gesnik. “Ida, wat is er? Waarom moet je huilen? Is er iemand overleden?” Merijn slikte moeizaam, ze had niet zoveel ervaring met huilende mensen. “Oh, Merijn, het is niks,” zei Ida terwijl ze haar hand naar haar gezicht bracht. “Je moeder moet je iets vertellen, ik kom zometeen wel naar beneden om te helpen met het behangen.” Ida snoof en haalde een zakdoek uit haar broekzak. “Welke kleren wil jij gestreken hebben voor morgen?” Merijn stond stokstil met haar hand op de deurklink, niet wetend wat te doen. “Nou?” Ida’s stem had z’n scherpte terug, maar Ida keek Merijn nog niet aan. “Euh, ik heb alles al klaar liggen,” stamelde Merijn terwijl ze achterstevoren de rommelkamer uitliep. Ze sloot de deur en rende de trap af, de woonkamer in. “Mam,” riep ze buiten adem terwijl ze tegen de woonkamerdeur ging staan. “Ida, ze…” “Komt ze er zo aan? Mooi, dan kan ik eerst wat met jou bespreken.” Sammie liep de keuken in en morrelde met haar elleboog aan de kraan. “Lief, wil jij even de kraan opendraaien?” Merijn slikte en liep de keuken in om haar moeder te helpen. “Ida stond te huilen!” “Oh?” Sammie wreef haar handen in met zeep en spoelde ze grondig af, op de manier die Merijn kende van de ziekenhuisprogramma’s op televisie. “Ik denk dat Ida een beetje van slag is van het nieuws wat ik jou wil vertellen. Wil jij wat theeglazen en de koekjestrommel pakken?” Merijn opende voorzichtig een plakkerig keukenkastje en pakte de koekjestrommel. Het gedrag van Ida en haar moeder maakten haar ronduit bang, ze had geen idee wat er aan de hand was, maar ze verwachtte het ergste. Sammie had al een oud kleed over de bank gedrapeerd en was erop gaan zitten, Merijn zette de theeglazen en de koekjestrommel op de salontafel en ging in haar favoriete stoel voor het raam zitten. Als ze naar links keek zag ze door het zijraam het huis van Jing-mei, en ze had liever gewild dat ze nu daar zat dan aan de thee met haar moeder. “Merijn, ik ga weer aan het werk, over twee weken mag ik naar Burkina Faso.” Sammie zat doodstil op de bank en keek Merijn strak aan. Merijn zuchtte diep. Ze had dit gesprek gemiddeld vier keer per jaar, maar het bleef vervelend om te horen dat haar moeder naar een oorlogsgebied zou gaan om medische hulp te verlenen. “Ok,” zei ze na een paar minuten. “Dus-” Merijn slikte weer even. Als zij nu een week weg zou gaan met haar vriendinnen, had ze daarna nog maar een week voordat Sammie weg zou gaan. “Hoelang wist je dit al?” vroeg ze toen, geïrriteerd. Vaak wist Sammie wel langer van tevoren dat ze uitgezonden zou worden door Artsen Zonder Grenzen. Vaak moest Sammie al drie weken voor vertrek haar injecties halen. “Ik ben gisteravond gebeld, toen jij al sliep. Ik vervang iemand die zwanger is.” Sammie schonk thee in en pakte een kaneelbiscuitje uit de koekjestrommel. Merijn zat opgevouwen in de grote leren stoel en tuurde uit het raam, denkend over wat ze moest zeggen. “We weten allebei wel dat het tijd werd dat ik weer aan het werk ging. Ik was rusteloos, heb zelfs de badkamer opnieuw betegeld… Als ik nu weg ga hoef jij in ieder geval niet bang te zijn dat we voor het eind van het jaar weer gaan verhuizen.” Sammie stond op, pakte de oude deken van de bank en liep naar Merijn toe. Voordat ze Merijn een knuffel gaf wikkelde ze haar in met de deken, om te voorkomen dat er behangplaksel op Merijns kleren en de stoel zou komen. “Doe je wel weer voorzichtig?” snikte Merijn zachtjes. Ze had een brok in haar keel terwijl ze dacht aan het gevaarlijke werk wat haar moeder te wachten stond. Sammie gaf Merijn een kus op haar kruin en veegde Merijns wangen droog. “Ik hoef niet in een oorlogssituatie te werken. Deze keer ga ik in een kliniek les geven aan jonge mensen en moet ik vaccinatiecampagnes organiseren.” Merijn werd iets gerustgesteld. Wanneer haar moeder aan het werk was leefde ze van nieuwsbulletin naar journaal, bang om te horen dat het kamp waar haar moeder zat aangevallen werd door rebellen of getroffen was door een nare ziekte. “Weet je wat het beste is,” zei Sammie terwijl ze op de armleuning van de stoel ging zitten. “Papa heeft de hele kerstvakantie vrij, dus jullie kunnen me komen bezoeken!” Merijn knikte en wreef met haar handen over de stoelleuningen. “Ja, ok. Dit is jouw werk nu eenmaal,” zuchtte ze. “Zullen we het nu maar over iets leukers hebben?” zei Sammie terwijl ze opstond en naar het raam liep. “Ga je zo mee naar het tuincentrum? Of moet je nog huiswerk maken?” Merijn pakte haar glas en dronk het leeg. “Nee,” zei ze daarna. “Oh, ik heb trouwens nog wat dingen nodig voor volgende week, dan kunnen we die meteen kopen.” Sammie lachte en wreef in haar handen. “Ok, maar dan moet ik toch eerst die keuken afbehangen.” Merijn stond op en trok haar broek recht. “Ik zal Ida wel weer roepen als ik naar boven ga. Wel maf hoor, dat ze stond te huilen…” Sammie draaide zich om. “Ik denk dat Ida ook bang is voor mijn veiligheid, ze is best zorgzaam. Ik ben wel blij dat we haar hebben gevonden. Jij en papa zouden alles in het honderd laten lopen als ik er niet ben.” Merijn glimlachte even. Dat zou misschien wel gebeuren, maar ze had toch liever haar moeder in huis dan een huishoudster waar ze niet mee kon praten. Ze liep naar boven, klopte op de deur van de rommelkamer en ging op de zoldertrap zitten. Op deze manier kon ze Ida wel horen, maar zou Ida haar niet zien. Ze hoorde de deur open en dicht gaan en Ida zuchtte diep voor ze de trap af liep. Merijn draaide zich om en sloop de zoldertrap op om haar tas in te pakken. Waarschijnlijk zou ze Ida nooit begrijpen. Een half uur later rende Merijn de trap weer af. Op de eerste verdieping hoorde ze de douche kletteren en Sammie een liedje zingen. Ze liep verder naar beneden en trof Ida aan in de woonkamer, waar ze was aan het opvouwen was. “Ik heb alle kleren die je nog in de wasmand had zitten gewassen en gestreken,” zei ze enthousiast. Er was niks meer van haar huilbui te zien, sterker nog, ze leek juist extreem vrolijk. “Zal ik vanavond voor jullie koken?” Merijn schudde haar hoofd terwijl ze de kamer afzocht naar haar schoenen. Ze vond ze onder de bank en ging op de houten vloer zitten om ze aan te trekken. “Ik denk dat Bram vanavond wil koken,” zei ze tegen Ida. “Dat doet hij meestal op vrijdag als hij geen nacht- of weekenddienst in gaat.” Merijns vader werkte als neuroloog in het universitair medisch centrum en had als enige hobby koken. Daarin hoefde hij niet zo precies te zijn met het snijwerk. Merijn bleef met haar rug tegen de muur zitten en keek toe hoe Ida haar was netjes opvouwde. Meestal moest Merijn zelf haar was opvouwen, Sammie haalde de was nooit uit de droger, en Ida besefte dat ook. “Je moeder vouwt nooit was op, toch? Dan zal je wel blij zijn dat ik nu de rotklusjes voor je moeder doe.” Merijn haalde onverschillig haar schouders op en voelde haar telefoon trillen. Ze viste hem uit haar broekzak en zag dat ze een smsje van Phillipa had, die haar nogmaals veel plezier wenste voor de avond. Merijn was al bijna vergeten dat ze die avond naar een optreden van Davids band zou gaan, en ze wist eigenlijk niet of ze er nog wel zin in had. Maar ze had David beloofd dat ze zou komen, dus er zat niks anders op dan toch te gaan. Sammie kwam in een wolk van damp de woonkamer in. “Ik ben nog niet helemaal droog achter m’n oren, maar we moeten nu maar snel naar de woonboulevard voor de winkels dicht gaan!” Merijn stond op, greep haar jas en tas van de kapstok in de gang en verdween door de voordeur het huis uit. Ze bleef bij het Eendje van Sammie wachten op haar moeder, en door het woonkamerraam zag ze haar moeder en Ida door de kamer lopen. Ze trokken laatjes en deuren open en Sammie haalde de kussens van de bank. Uiteindelijk zag Merijn dat Ida iets onder een stapel boeken vandaan haalde en het naar Sammie toegooide. Sammie rende daarop de woonkamer uit en de gang in. Ze trok de voordeur achter zich dicht en zwaaide met haar sleutelbos. “Ik was m’n sleutels kwijt! Goddank heeft Ida ze gevonden!” ******** Toen Merijn en Sammie die avond terugkwamen na gewinkeld te hebben bij het tuincentrum en de woonboulevard, rook de keuken naar gebraden vlees. Merijn tuurde in de oven en zag een grote rollade. “Heeft papa gekookt?” vroeg ze terwijl ze haar moeder aankeek. “Volgens mij is hij nog niet eens thuis, hij zou tot zeven uur werken,” zei Sammie terwijl ze de nieuwe keukenklok uit zijn doos haalde. Merijn draaide zich om en zag een briefje op het aanrecht liggen. Ze las het snel door en verfrommelde het. “Ida heeft de rollade gemaakt. Er staan ook aardappels en boontjes in de magnetron.” “Weet je wat,” zei Sammie terwijl ze een keukenstoel naar de muur sleepte om de klok op te hangen. “Wij gaan zelf eens koken voor papa. Heb je zin in lasagne?” “Jup!” Merijn haalde meteen de rollade uit de oven en zette hem op het aanrecht om af te koelen, en dook in de keukenkastjes om naar ingrediënten te zoeken. Ze had nog wel tijd om met haar moeder te koken en daarna naar de Banaan te fietsen om even naar Davids bandje te kijken. Ze wist niet of ze daar wel echt zin in had, ze wilde nu zoveel mogelijk bij haar moeder zijn voor Sammie enkele maanden weg was. Hoe ouder Merijn werd, hoe moeilijker ze het vond om de baan van haar moeder te accepteren. Maar ze had zich er al bij neergelegd, haar moeder was te rusteloos om een burgerlijk leven te leiden. Af en toe moest ze er uit om niet dol te draaien. Merijn zuchtte even en keek over haar schouder naar haar moeder, die met een mes in haar hand bij een plank uien en tomaten stond. Sammie sneed echter niet, ze stond stil voor zich uit te kijken tot ze Merijns blik voelde. “Dit is de laatste keer Merijn. Ik word er te oud voor...” |