| Jij gaf mij dat schrijven/ mijn leven is van mij (reprise) |
| Franz-Joseph: Jij gaf mij dat schrijven Ik ga op je voorstel in. Laat ons samenblijven, want anders heeft niets meer zin. Ik buig nu, omdat ik van je hou. Voortaan is het jouw taak, hoe Rudolf wordt opgevoed. Mama zal niet langer beslissen hoe alles moet. Zij staat niet meer tussen man en vrouw. Mijn leven is van jou. Ik heers hier als Keizer met zeer harde hand en koel ga ik af op mijn doel. Maar als ik aan jou denk, dan wijkt mijn verstand en volg ik alleen mijn gevoel. Elisabeth: Voor jou wil ik mooi zijn, maar ik eis ook respect van jou. Wil niet in een kooi zijn. Ik vecht voor mijn recht als vrouw. Geen mens die mij bindt ja zelfs niet jij. Mijn leven is van mij. Elisabeth:Voor jou wil ik mooi zijn De Dood: Wat nu je ogen zien, Elisabeth: Maar ik eis ook respect van jou De Dood: is morgen al verleden tijd Elisabeth: Wil niet in een kooi zijn De Dood: en volgens oud stramien Elisabeth: Ik vecht voor mijn recht als vrouw. De Dood: Is aan mijn kant, de eeruwigheid. Elisabeth: Maar vraag niet mijn leven. Dat kan ik jou niet geven. Mijn leven is.. De Dood: Jouw leven is... Elisabeth en de Dood: van mij Franz-Joseph: Elisabeth! Elisabeth: Ja ik ben vrij! |