Vlaamse Diabetes Verenigeng
SUIKERZIEKTE MAAKTE JAN BERVOETS HALFBLIND
Dag Allemaal 20 Augustus 2002
'Ik betaal nu de prijs voor mijn uitbundige studentenleven' Jan Bervoets (29) lijdt sinds zijn tiende aan diabetes. De ziekte eiste een hoge tol: door zijn linkeroog ziet Jan niets meer. Zijn rechteroog kon nog net op tijd worden gered. Ondanks het troebele zicht leidt Jan een doodnormaal leven. Sinds de dag dat hij aan ��n oog blind werd, volgt Jan de diabetesrichtlijnen veel nauwgezetter. Om zijn lichaam continu van de levensnoodzakelijke insuline te voorzien, heeft hij een insulinepomp. Ook de voedingsadviezen volgt hij. 'Alles moet in balans blijven: de insuline-inname, de voeding en de in- en ontspanning van mijn lichaam.' Hoe oud was je toen diabetes bij jou werd vastgesteld? Ik was tien. Voordien had ik de typische symptomen van een jonge diabeet: ik vermagerde sterk, was altijd moe en had ontzettend veel dorst. Omdat ik per dag makkelijk drie tot vier liter water dronk, dacht men dat drinken een zenuwtrek was. Maar ik had �cht dorst. Omdat ik zoveel dronk, begon ik te bedwateren. Als een kind van tien dat doet, is er meer aan de hand. De huisdokter nam bloed af. Enkele uren later lag ik al in het ziekenhuis. Was de toestand zo ernstig? Hij zou ernstig kunnen worden. Een diabeet van wie het suikergehalte in het bloed extreem daalt of stijgt, kan op korte termijn in coma vallen. De eerste dag hebben de artsen geprobeerd de suikerspiegel met speciale tabletjes te regelen. Dat lukte niet, omdat mijn pancreas niet meer werkte, moest ik insuline inspuiten. Wat heeft diabetes veroorzaakt? Jeugddiabetes overkomt je. Mijn grootmoeder was ook diabeet, dus is er ook een erfelijke kant aan. Hoe reageerde jij op de diagnose? Hoewel ik niet echt begreep wat de ziekte precies inhield en welke consequenties ze kon hebben, vond ik het heel erg. Als kind is het echt niet makkelijk plots een streng dieet te moeten volgen. Zeker wanneer je niet begrijpt waar�m het moet. De voedingsadviezen waren vroeger ook veel strenger dan nu. En mijn moeder volgde ze strikt en paste haar kookgewoonten aan. Als kind kreeg ik twee insulinespuiten per dag. Halverwege de dag werd ik soms doodmoe. Wanneer het glucosetekort te groot was, viel ik in slaap of in een soort van coma. Op een keer viel ik in de klas in slaap. Mijn buurjongen waarschuwde de leraar. Die antwoordde dat ik waarschijnlijk te weinig had geslapen. Gelukkig herinnerde een ander kind de leraar eraan dat ik diabetes had. Ik had een hypo, een te laag glucosegehalte in het bloed. Alles werd zwart voor mijn ogen. Ik verloor het bewustzijn. De situatie kon niet meer worden opgelost door suikerrijke voeding. Ik moest naar het ziekenhuis worden afgevoerd. Wanneer je een zware hypo hebt, kan je niet zelf ingrijpen. Dan ben je aangewezen op anderen. Zij moeten je suiker toedienen of een arts verwittigen. Werd jij thuis extra verwend omdat je ziek was? Ik mocht meer dan mijn oudere zus en broer. Maar mijn ouders waren ook heel bezorgd. Dat zijn ze nog steeds. Maar ze weten intussen dat ik samen met mijn vrouw Griet mijn plan trek Heeft de ziekte je ooit gehinderd iets te verwezenlijken? Nee. Als tiener vroeg ik me wel eens af hoe ik als diabeet ooit aan een lief zou geraken. Toen het toch lukte en nadien uit raakte, was ik ervan overtuigd dat de ziekte de oorzaak van de breuk was. Meestal ging ik er echter van uit dat ik minstens evenveel kon als een gezonde mens. Ik vind dat alle suikerzieken hun dromen zouden moeten nastreven. Ze moeten geloven dat ze evenveel kunnen als anderen, maar ze mogen hun gezondheid niet uit het oog verliezen. Ben je in opstand gekomen tegen de ziekte? Als puber heb ik wel eens met het idee gespeeld de insuline-inspuitingen achterwege te laten. Maar ik heb de therapie nooit onderbroken, omdat ik duidelijk merkte dat mijn lichaam ze nodig had. Toen ik aan de universiteit studeerde, heb ik geleefd alsof ik me alles kon permitteren. Af en toe een glas bier drinken, kan geen kwaad als je suikerziek bent. Maar ik was preses van de studentenvereniging van kinesisten, was een flamboyante student. Ik lette onvoldoende op het suikergehalte van mijn bloed, studeerde hard en organiseerde een heleboel activiteiten. Ik holde mezelf voorbij. Daarvoor betaal ik nu de tol. Wat is er fout gelopen? Drie jaar geleden werd mijn zicht steeds waziger. Mijn ogen traanden voortdurend. Het leek alsof ik een aanval van hooikoorts had, zonder dat ik moest niezen of een lopende neus had. Omdat het wazige zicht bleef, heb ik me in het ziekenhuis waar ik toen als kinesist werkte, laten testen. Mijn ogen waren ernstig aangetast. Met een laserbehandeling probeerde men dit recht te trekken. Bij mijn rechteroog lukte dat. Het heeft er even heel slecht uitgezien, maar nu houdt het netvlies goed stand. Bij mijn linkeroog is de behandeling mislukt. Na de laserbehandeling werd mijn oog geopereerd. Men wilde het netvlies operatief aanhechten, maar dat mislukte omdat het bij het minste contact verpulverde. Wat zie je nog? Met mijn rechteroog kan ik redelijk goed dichtbij zien. Een van mijn hobby's is modelvliegtuigen in elkaar knutselen. Dat kan ik nog steeds zonder vergrootglas. Mijn vertezicht is echter minder. Wanneer een bekende op meer dan vijf meter van me staat, herken ik hem soms niet. Dieptezicht heb ik ook niet meer en ik heb ernstige nachtblindheid. Toen ik onlangs met mijn vrouw in de wagen meereed, stak er iemand in het schemerdonker de straat over. Griet remde onmiddellijk. Ik wist niet waarom, ik had niets gezien. Wanneer ik mijn zonnebril draag, zie ik iets beter omdat het de scherpste lichtinvallen filtert. Te veel of te weinig licht schakelt mijn gezichtsvermogen uit. Toen ik mijn bril nog niet had, struikelde ik regelmatig over kabels. De eerste keer werd onze manager bij de organisator van het optreden geroepen. Hij zei dat hij geen dronken artiesten op zijn podium duldde. Als ik met mijn vrouw over straat loop, waarschuwt zij mij voor kleine struikelblokken. Een put, een dorpel, ongelijke straatstenen. Ze doet dat nu ook al bij mensen die helemaal geen oogproblemen hebben. Ben je bang dat je rechteroog het alsnog laat afweten? Ja. Die dreiging is er voortdurend. Daarom ben ik elke ochtend blij dat ik nog zie. Sta jij erbij stil dat je gedrag de handicap mee in de hand heeft gewerkt? In plaats van te treuren om wat ik heb verloren, ben ik blij met wat ik nog heb. Als ik dit zicht mag behouden, ben ik een gelukkige mens. Ik probeer de suikerziekte dan ook zo goed mogelijk te controleren. Ik heb nu een insulinepomp. Deze zorgt er dag en nacht voor dat ik een constante hoeveelheid insuline krijg. Ik kende het mechanisme al langer, maar het leek me verschrikkelijk dat er altijd een kastje naast me zou hangen. Het zou me altijd hinderen. Dat is niet zo. Onlangs maakte ik een zeiltocht. Enthousiast dook ik van de achtersteven van de boot het water in. In mijn duik realiseerde ik me dat ik de insulinebox meedroeg. Ik vreesde dat hij stuk zou gaan. Maar de box heeft de test heel goed doorstaan. De pomp werkt nog steeds perfect. Na een vorig artikel over diabetes kregen we een lezersbrief van een vrouw die zegt dat de ziekte wel erg is, maar dat er veel ergere dingen bestaan. Als kinesist heb ik geleerd dat iedereen zijn eigen leed altijd het ergste vindt. Diabetes wordt onderschat, omdat je niet ziet dat iemand eraan lijdt. Men denkt dat je alleen enkele voedingsadviezen moet opvolgen: een beetje vervelend, niet meer. Maar de gevolgen van diabetes kunnen erg zijn. Ook als je ze goed controleert, krijg je ooit complicaties. Heb jij je ziekte aanvaard? Nee. Dat zal ik nooit doen. Maar ik heb ermee leren omgaan. Is diabetes erfelijk? Hoe groot is de kans dat een kind van jou ook diabeet zou zijn? Het is niet bewezen dat de ziekte van de ene op de andere generatie overgaat, maar het gevaar bestaat. Op dit ogenblik voel ik me nog niet klaar voor een kind. Eerst wil ik de diabetes nog beter ondercontrole krijgen. Dat is een verantwoordelijkheid die ik moet nemen voor ik die andere, nog grotere verantwoordelijkheid aanga. Daarbij komt dat het niet altijd evident is kinderen te krijgen als je op jonge leeftijd diabeet werd. Is een bestaan als muzikant wel aan te raden voor een diabeet? Het is niet ideaal. Een diabeet leidt best een regelmatig leven. Dat kan ik niet. De insulinepomp regelt gelukkig veel. Sinds ik die heb, voel ik me veel beter. Ik heb veel meer energie. Sinds enkele maanden sport ik zelfs opnieuw. Niet alleen fysiek, maar ook psychisch voel ik me goed. Vroeger be�nvloedde de suikerspiegel mij veel meer.
HILDE ENGELE