| Nikolai Andrejevitsj Rimski-Korsakov stamde uit een aristocratische familie in het Russische Novgorod, waar hij in 1844 geboren werd. Al vlug bleek dat hij muzikaal erg begaafd was, maar muzikant was in die tijd in Rusland nog geen beroep, en hij werd marine-officier. Intussen leerde hij wel in het geheim cello spelen, en zo kwam hij terecht bij wat men later het 'machtige hoopje' (in het Russisch: Mogoetsjaja Koetsjka) zou noemen, samen met Modest Moessorgski, Alexander Borodin, Cesar Cui en Milii Balakirev. Zonder ooit van contrapunt of harmonieleer gehoord te hebben, schreef Rimski-Korsakov de eerste symfonie van Rusland. Pas toen hij compositieleraar werd in het nieuwe conservatorium van Sint Petersburg begon hij boeken van Cherubini en Tsjaikovski te bestuderen. Naast grotere werken, waaronder de symfonische suite Sheherazade, schreef Rimski-Korsakov heel wat kleinere nummers voor solo-instrument en piano, zoals het bekend en aartsmoeilijke Vlucht van de hommel. Het Klarinet Concerto dat we nu zullen spelen is minder bekend, maar bijna even moeilijk, zeker voor de klarinettisten op de tweede rij. Eddy Graf verzamelde een aantal Jiddische volksmelodie�n, die toch wel hun plaats gevonden hebben in het hedendaags muziekrepertoire. Hij smolt ze samen tot een afwisselend geheel van tempo en melodie, nu eens introvert, dan weer extrovert, en met aandacht voor alle registers in het orkest. Luisteren wij nu naar Klezmer (in ons dorp beter bekend als 'klets mer': sla maar). |
||