11 april 2009
Het eerste Brevet van 2009.
Het aantal voorinschrijvingen
valt met 3 stuks wat tegen, maar diversen hebben aangegeven te willen komen en
ik verwacht een man of 15 in te kunnen schrijven. Het worden er 16.
11 met de racefiets, 3 Questen
en 2 gewone liggers.
Ze komen overal vandaan: uit
Limburg, Friesland, Zuid Holland en Twente om maar iets te noemen.
Jan-Willem ten Beitel is de
jongste met 22 jaar en de oudsten, twee Friezen zijn in de 70.
Jan-Willem, studiegenoot van mijn
zoon Rick, komt al op de avond tevoren en we gaan samen naar de start. Ineke
zal helpen bij de inschrijving en Rick zet routeborden en maakt foto’s.
De eerste deelnemers komen al
snel en Peter de Rond en Tom Hospes komen na een fietstocht van rond 80 km met
de Quest. Het druppelt lekker door met fietsers, maar de beheerder van de
sporthal laat op zich wachten. We zullen hem niet zien.
Het is mooi weer (droog en een
graad of 10) en ik begin vast met de inschrijving op de neus van de Quest.
Ineke probeert de beheerder te bellen, maar dat lukt niet. Wel regelt ze bij de
Fordgarage aan de overkant dat daar koffie is voor de deelnemers. Hulde voor
die mensen.
Na de briefing vertrekken we
als groep door Zwolle, om de Veluwe op te zoeken. Daar gaan we de naam van de
tocht: “bos’n, bult’n en ’n diek” eer aan doen door over diverse heuvels en door
vele bossen te gaan. In de laatste 40 km komt dan nog de dijk.
De “klim” de IJsselbrug op is
een eerste opwarmer en na een volgend laag heuveltje tussen Hattem en Wezep
volgt een golvend gedeelte met onder andere de Nieuwe Zuidweg (De Dellen). Ik
raak al snel achterop, maar kan in de afdalingen weer inlopen en zelfs voor de
groep komen om een aantal foto’s te maken.
Bij de klim na Gortel raak ik
weer achterop en ga verder met Björn Willemsen naar de eerste controle bij “Het
Vergulde Hert” in Elspeet. Hier smaakt de koffie met zelf gemaakt appelgebak
prima. Paul Talens gaat al snel weer weg en we zien hem vandaag niet meer fietsend
terug. Ook de Questen vertrekken en de rest gaat gezamenlijk richting
Aardhuisberg, met 100 meter hoogte het dak van de rit. Ook hier raak ik weer
achterop, maar in het gedeelte naar Assel weet ik voor de groep te komen en zal
dat ook blijven.
Dat wij niet de enige club zijn
met een toertocht is duidelijk. In het eerste deel zien we steeds de rood-witte
routebordjes van een toerclub uit Putten en later gele van ETT uit Twello.
Beide volgen ongeveer het parcours dat wij ook volgen. Tussen Hoenderloo en
Otterlo zie ik een grote groep Swollanders langs de kant van de weg met een
lekke band. In eerste instantie denk ik “ha leuk, bekenden, zeker de
samen-uit-samen-thuis-club”, ook zie ik nog een tweede groepje Swollanders.
Later vraag ik me af waarom ze bij een andere vereniging gaan fietsen, terwijl
de eigen club een rit organiseert over nagenoeg hetzelfde parcours. Goed, het
Brevet telt meer kilometers (200 om 125), maar als rond 20 maart 19 Swollanders
een Prestatietocht van 155 km kunnen voorrijden, dan kan een groot gedeelte
daarvan zeker 3 weken later wel 200 kilometer fietsen. Aan de totale tijd zal
het niet liggen, heen en terug naar Twello vergt ook tijd.
Feit is dat buiten de
organisator geen enkele Swollander heeft mee gedaan aan het Brevet.
Ik arriveer bij de 2e
Controle, aan de zuidkant van het Nationale Park “De Hoge Veluwe” als daar net
Tom en Peter wegfietsen. Een kleine 10 minuten nadat
ik aankwam volgt een eerste groepje met fietsers. Net als ik weer wil vertrekken
komt Peter terug met de vraag of ik een buitenband heb (achter) voor Tom die
een klapband heeft gehad. Ik denk van wel, maar kan deze niet zo snel wat
vinden. Samen fietsen we naar Tom. Hij is na de klapband van de weg geraakt en
in de berm beland. Een kras van 10 cm lengte siert zijn onderarm. Mijn
(vouw)achterband blijkt echter een voorband. Tom’s band heeft een lange scheur
net naast de hieldraad. We kunnen deze provisorisch herstellen door een stuk
plastic om de binnenband te wikkelen en deze daarna fietsbaar, tot een bar of
4, op te pompen.
De dichtstbijzijnde plaats waar
we een fietsenzaak kunnen verwachten is Hoederloo op een km of 10 afstand. Ik
ben er als eerste en kijk in de winkel en zie dat ze een ruime voorraad 26-inch
banden hebben. Dat moet goed komen.
Inmiddels zijn al diverse
deelnemers langs gekomen en als ik weer vertrek komt net weer Björn langs en
met hem fiets ik het stuk naar “De Woeste Hoeve”. In de afdaling naar
Beekbergen moet hij weer lossen. Na Beekbergen moet de “Controle Secreet”
volgen. Deze geheime controle wordt bemand door neef Wim. Ik heb in de
afgelopen week al diverse spullen bij hem afgeleverd. Bij de controle is nog
een stuk of 7 fietsers aanwezig die al vrij snel weer vertrekken. De
temperatuur is inmiddels rond 20 graden en ik krijg
wat drinken, eet een Marsje en na een babbel met Wim en zijn vrouwe Ineke, die
ook even langs kwam, vertrek ik naar de laatste controle bij Deventer.
In Deventer zie ik de groep bij
de controle zich klaar maken voor vertrek. Ik moet lang wachten voor de
verkeerslichten en de groep vertrekt net als ik arriveer. Ik stempel en koop
wat drinken. 5 minuten later vertrek ik ook weer. Op de dijk langs de IJssel
moet ik die 5 minuten zeker voor ze halverwege zijn weer in kunnen halen.
Als ik bij Terwolde ben zie ik
in mijn spiegel een grote groep fietsers achter mij. Ze lopen geleidelijk in en
ik vermoed dat het een trainende groep wielrenners is. Ik verhoog het tempo
zodanig dat de afstand gelijk blijft, maar zij hebben dit in de gaten en gaan
weer sneller fietsen. Dat kan ik ook en zo gaat het tempo richting 45. Ik blijf
voor, maar een fietser weet als sprintend in mijn wiel te komen, waarna hij
zich laat terugzakken in de groep. Een tweede renner weet dit ook te doen en
kan naast mijn komen. Hij mompelt dat ik knap bezig ben en laat zich ook weer
terugvallen in de groep, die hierna vrij snel uit het zicht van mijn spiegel
verdwijnt.
Inmiddels heb ik mijn
mede-Brevet-genoten al in het zicht en even later kan ik achteraan in de groep
aansluiten. Jos Odijk fietst achteraan en ziet er niet al te fris meer uit. Ik
vraag hem hoe het gaat en hij zegt dat hij moeite begint te krijgen om het
tempo te volgen. Het duurt ook niet lang of hij laat een gat vallen met zijn
voorganger. De groep heeft dit niet meteen in de gaten, maar even later laten 2
anderen zich afzakken en gedrieën gaan ze door.
Jan Willem zit er nog
behoorlijk fris bij. Hij heeft een paar weken geleden zijn langste afstand tot
nu toe neergezet met 160 km en nu dus 200. Tot nu toe probleemloos.
Ik blijf bij de voorste vier
J’s (Jan W, Jan van O, Jan Willem en Jörg). Ik maak nog wat actie foto’s van de
4 en een paar minuten over 5 zijn we weer terug bij de ZBC-hal.
Hier zitten Ineke en Rick
lekker buiten in het zonnetje. Paul is al 20 minuten binnen en na 10 minuten
komen ook Jos O, Hans en Jos V aangefietst. De sporthal is inmiddels geopend
door de vervanger van de beheerder die zelf in Spanje blijkt te zitten.
Kennelijk is de overdracht niet volledig geweest.
Na een kwartiertje komen Tom en
Peter aangefietst en even later ook Björn.
Even na 6 uur komen de laatste
4 deelnemers aangefietst.
Al met al een geslaagde rit. De
deelnemers waren erg te spreken over de omgeving en de route. Het weer werkte
goed mee. Alleen in het eerste deel wat gesputter, maar verder met weinig wind
en een aangename temperatuur, prima fietsweer.
Thuis staat de teller op 215
km.