4e
brevet 2003
Het 24 mei en
vandaag moet het gebeuren. Het vierde en laatste brevet om te kwalificeren voor
Parijs-Brest-Parijs staat te beginnen.
Zoals
gebruikelijk ben ik met Cor Vahl naar Lonneker gereden.
De
weersvooruitzichten zijn niet best, maar je moet het weer nemen zo het komt.
Bij vertrek naar Lonneker uit Zwolle is het droog, maar geleidelijk aan begint
het te regenen.
1e
etappe Lonneker – Mehren 92.5 km
Wanneer we uit
Lonneker met een goede 70 man vertrekken regent het licht en het zal de eerste
4 uur ook niet droog worden.
De stemming
zit er goed in, maar iedereen weet dat de eerste kilometers peanuts zijn met
wat we nog krijgen.
John Omlo
heeft de route van de 600 aangepast en ik had vooraf de kaart van Duitsland er
eens bijgehaald en geconstateerd dat er ruim 200 kilometer in Sauerland af te
leggen waren. Daarbij lange, maar ook steile beklimmingen. Het zal een
vermoeiende rit worden, zwaarder dan de brevetten die ik tot nu toe had
meegemaakt.
Een grote
groep formeert zich meteen na het begin. De 3 Questen stuiven er al snel
vandoor. De meeste andere ligfietsers blijven in het peloton.
Bij Rekken
(Eibergen) gaan we de grens over. Deze etappe is nagenoeg vlak, maar aan het
eind zitten al een paar heuveltjes van de “Hohe Mark”. Hier breekt de groep. We
rijden een paar keer even verkeerd, gewoon doordat de mensen op de kop niet
voldoende op de routebeschrijving kijken.
Uiteindelijk
arriveren we na ruim 3 uur in Mehren, waar we zelf moeten zoeken naar een
stempelplaats. We kloppen vergeefs aan bij de supermarkt en de bakker, maar bij
de kapper is het raak. Een mooi stempel.
De eerste
boterhammen gaan er aan en vrij snel stappen we weer op de fiets.
2e etappe Mehren – Bremen (Sauerland) 93.4 km
Een paar
kilometer na Mehren sluit Cor weer bij onze groep aan. Hij had een restaurantje
gevonden waar hij zijn stempel en een bak koffie gekregen had.
We gaan verder
met een groep van ongeveer 20 a 25 man. Er volgt een wat saai gebied aan de
noordkant van het Ruhr-gebied.
Na een flink
stuk door grotere plaatsen als Hamm en Werl komen we in een wat golvend terrein
terecht. Inmiddels is het al een tijdje droog en al fietsend trek ik de
overschoenen en de armstukken uit. De regenjas had ik al uitgedaan op de
controle.
Af en toe komt
het zonnetje er zelfs door.
Rond een uur
of 3 zijn we bij het benzinestation in Bremen, waar de beheerder ons gastvrij
verwelkomt. De shop biedt eten en drinken voor velen. Bidons worden weer gevuld
en ik neem een bak koffie met een rol koeken. De eerste koeken peuzel ik op en
de rest gaat mee voor later.
Deze eerste
echte pauze wordt door velen benut om van kledij te wisselen. De temperatuur is
al aangenaam en de korte broeken verschijnen. Het moet een merkwaardig gezicht
zijn geweest voor mensen die benzine kwamen tanken. Zo’n horde met fietsers die
soms schaamteloos de ene broek voor een andere verwisselen.
3e
etappe Bremen – Schmallenberg 94.7 km
Na de pauze
gaan we richting Möhnesee.
Wanneer we er aankomen is het erg mooi weer geworden. De zon schijnt volop en
de terrasjes zitten vol. Op het meer varen honderden zeilbootjes en het is rond
de 25 graden. Wat een verschil met het regenachtige koele weer dat we een paar
uur eerder hadden.
We fietsen een
heel stuk langs de oevers en maken 2 maal gebruik van een brug om het meer over
te steken. Daarna komt het echte Sauerland.
Een lange klim
volgt, waarna we over een grote brede weg afdalen naar Meschede.
Zo’n
kilometerslange afdaling over een brede weg vraagt om een test hoe hard het
kan. Ik ga de meesten voorbij en samen met Rob van den Tol stuif ik naar
beneden. Ik kom tot maximaal 73 km/uur. Misschien dat het nog sneller had
gekund, maar bij het eerste aanzetten hoorde ik het bekende geluid van een
brekende spaak in het achterwiel, dus ik durfde niet meer voluit aan te zetten.
Ook het kleine
beetje tegenwind stond een nog hogere snelheid in de weg.
Na Meschede
volgt een klim, met een paar korte afdalingen, van bijna 20 kilometer naar
Altenfeld. Daarna een korte klim en afdaling naar Siedlunghausen en vandaar uit
nog een stevige klim van een paar km. Daarna is het 15 kilometer afdalen naar
Winkhausen en nog een paar kilometer later zijn we rond 19.00 uur in
Schmallenberg.
Het fietsen
gaat nog steeds prima. Klimmen is gewoonte getrouw erg matig maar de tijd die
ik verlies maak ik in afdalingen steeds weer goed.
Het
tankstation waar we moeten stempelen is snel gevonden en vervolgens overleggen
we wat we verder gaan doen.
De meesten van
de groep, nog een man of 14, voelen er sterk voor om een restaurant te zoeken
en een warme maaltijd te nemen, maar we vinden het eigenlijk nog te vroeg.
We besluiten
om naar de volgende grote plaats te gaan. Dat is Bad Berleburg en het is circa
28 km. Er zit een stevige klim tussen, maar we vermoeden daar rond 20.15 uur te
kunnen zijn.
4e
etappe Schmallenberg – Korbach 100.5 km
We vertrekken
weer en via een binnenweg gaan we naar Fleckenberg. Als we het dorp vanaf een
helling binnenrijden komt er een auto midden in de groep. Wat achterblijvers,
waaronder ik, liggen iets achter op de eersten en we passeren rechts, maar ook
links de auto. Dit gaat goed, maar als ik er aan de linkerkant voorbij ga,
slaat de auto plotseling links af. Hij had geen richting aangegeven en ik ga
vol in de remmen.
Het lukt mij
wel om vaart te minderen, maar stilstaan lukt niet.
Je ziet
aankomen dat het mis gaat en allerlei gedachten vliegen door je hoofd. In
eerste instantie zie je je droom, om aan PBP deel te nemen, vervliegen. Fiets
kapot, gebroken ledematen etc. etc.
Ik raak de
auto ter hoogte van het portier en val van de fiets op de motorkap en voor ik
vervolgens nog over iets kan nadenken lig ik al op straat.
Ik sta meteen
op en loop naar de fiets. De anderen hebben de klap ook gehoord en komen
verschrikt terug. Ik zeg dat ik oké ben, maar zie dat de fiets er vreemd bij
ligt. Er ligt glas en kapot plastic op de weg.
De auto stond
ook vrijwel meteen stil. De bestuurder komt er uit en we spreken even met
elkaar. Hij zegt mij niet gezien te hebben ik spreek hem aan over het feit dat
hij geen richting aangegeven heeft. Hij lacht hierna wat schamel. De zijspiegel
van de auto is kapot en er zijn wat deuken aan de zijkant en de motorkap.
Overigens zaten er al verscheidene deuken in deze wat oude auto.
Ik inspecteer
mijn fiets en zie dat een van de twee koplampen ontbreekt en de van de andere
is het lampje kapot. Verder kan ik geen noemenswaardige schade ontdekken.
Het zadel
staat scheef en de ketting is er af, maar alles rouleert nog.
Verderop op de
kruising zie ik de koplamp liggen en probeer deze weer te bevestigen. Dat lukt
en ik zie ook het lampje op straat liggen. Wanneer ik dat er weer in monteer
geeft die zowaar nog licht ook.
Ik inspecteer
mijn kledij maar alles is heel. Ik heb een paar kleine schaafwondjes van een
paar vierkante centimeters en een beurs plekje op mijn heup waar ik de spiegel
geraakt heb, maar niets staat een voortzetting van de route wat mij in de weg.
Ik overleg met
de bestuurder over het vervolg en stel voor om het te laten wat het is. Hij
gaat hiermee accoord en we schudden elkaar de hand. Ik zet het zadel recht en
stap weer op de fiets. Mijn fietsmaten hadden op mij gewacht en waren al bang
dat een eventueel politie- of verzekeringsrapport een paar uur zou kunnen gaan
duren. Nu was het binnen 5 minuten allemaal geregeld.
We fietsen het
dorp weer uit en meteen volgt de zwaarste beklimming van het brevet. Een klim
naar de kam van het Rothaar-gebergte van Fleckenberg naar Jagdhaus.
Het is maar 5
kilometer, maar loodzwaar.
Het eerste
stuk is het steilst. Een kleine kilometer tussen de 12 en 15%, daarna een kort
vlak stuk en tot slot ongeveer 3 kilometer lang 8 – 10%.
Het is voor
mij even te veel en ik moet een paar keer een stop maken. Rob krijgt last van
hevige kramp en ook Joop moet even later aan de kant met kramp. Ook ik voel kramp
opkomen, maar kan dit net voorkomen.
De groep valt
geheel uiteen en ik klim samen met Joop naar boven. Kort onder de top moet ik
nogmaals stoppen en rust een paar minuten uit. Wanneer ik net over de top ben
passeer ik Joop weer die net van kleding verandert.
Een heerlijke
afdaling volgt en ik suis naar beneden. Helaas niet voluit door de kapotte
spaak. Na de afdaling is het nog een kilometer of tien vlak naar Bad Berleburg,
waar ik een aantal anderen aan tref in een restaurant (een fiets aan de kant van
de weg zegt voldoende). Even later komt ook Joop binnen. We bestellen allemaal
een soep met Wienerschnitzel en patat en doen ons te goed aan de cola.
Wanneer we aan
de soep zijn komt Rob binnen. Hij bestelt ook zijn maaltijd maar zal niet
gelijk met ons klaar zijn. We wachten tot ook hij klaar is en 2 uur later
vertrekken we weer. Het duurde allemaal wat langer dan gepland, maar
uiteindelijk hebben we tijd zat. We gaan weer met 9 man op weg.
De andere 5
(onder andere Teun) die in onze groep zaten hebben een andere locatie gevonden
voor de maaltijd en zijn na een goed uur daar al weer vertrokken. We hebben ze
de rest van de route niet meer gezien.
Er volgt
vrijwel meteen weer een lange klim, terug over het Rothaar-gebergte en we
pikken een solo-rijdende Duitser op. Nu volgen nog verscheidene kortere
klimmetjes en afdalingen tot aan Korbach. We zijn in Medebach vermoedelijk
verkeerd gereden en kwamen via een omleiding en restanten van een afgelopen Schützenfest wel op de weg naar Korbach
terecht, maar de plaatsen die op de routebeschrijving stonden niet.
Na bestudering
van de route en overleg in de groep leek terug gaan om de juiste afslag te
vinden niet echt zinvol. Het was per slot van rekening al middernacht geweest.
We besloten om rechtstreeks naar Korbach te gaan om daar proberen de route weer
op te pikken. Dat lukte vrij eenvoudig, maar het punt waar de controle was
hebben we gemist. Een McDonalds was nog wel open en we hebben daar ons
controlestempel gehaald. Een grote bak koffie gaat er dan ook heel goed in.
5e
etappe Korbach – Oelde 111.1 km
Rond 2 uur
vertrekken we weer uit Korbach.
Een lange maar
niet al te moeilijke klim van 18 kilometer naar Willingen volgt. Vrijwel meteen
voelen we de eerste regendruppels vallen en even later begint het echt te
regenen. Snel gaan de regenjasjes weer aan, maar de regen is intens en
uiteindelijk wordt alles nat. Tijdens het klimmen is regen geen probleem, maar
in de 10 kilometer afdaling die daarna volgen krijgen we het koud. Doorweekt en
koud komen we aan in Brilon. De zwaarste heuvels hebben we gehad. Regelmatig
komen er nog wel kortere en soms steile klimmetjes, maar het ergste leed is
geleden.
Alleen de kou
nog.
Henk Kamphuis
is moe en wil even slapen. Wanneer wij onderweg weer eens een plaats passeren
ziet hij een gelegenheid in een bushokje en hij verlaat de groep voor een
dutje.
Ook ik ben moe
en denk aan al die kilometers die nog volgen. Even wat eten, wat drinken en
proberen de gedachten te verzetten. Een dipje krijg je altijd wel.
Nog maar een
controlepost en de laatste etappe naar de finish volgt.
In het tweede
deel van deze etappe rijden we door een onduidelijkheid in de routebeschrijving
weer verkeerd, maar kunnen al vrij snel de juiste route weer oppikken. Door het
afwijken van de route in deze en de vorige etappe hebben wij een paar kilometer
minder gereden dan opgegeven.
Uiteindelijk
komen we, terwijl nog steeds de regendruppels vallen, rond 6.30 uur aan bij de
ons bekende “Westfalen-Tankstelle” in Oelde.
Het was een
erg lange etappe in de regen en als we weer vertrekken staat vrijwel iedereen
nog te klappertanden
6e
etappe Oelde – Lonneker 120.2 km
De laatste en
tevens langste etappe.
Vol goede moed
stappen we weer op. Het regent niet meer hard en na een uurtje wordt het zelfs
droog. Het vooruitzicht dat de volgende stop de laatste is, geeft menigeen weer
nieuwe energie. Het landschap blijft glooiend en af en toe moeten we nog even
uit het zadel. In Münster
moeten we over spoorrails en onze ligfietser gaat onderuit. Er is op dat moment
geen ander verkeer in de buurt en hij kan gewoon weer opstappen en verder
rijden.
Omdat in
Enschede deze dag de Marathon wordt gehouden en deze ook “ons parcours”
gebruikt is de route aangepast en komen wij met een extra lusje via Overdinkel
weer Nederland binnen.
Nog een
tiental kilometers en we zijn weer terug in Lonneker.
We bedanken
elkaar voor het gezelschap en de steun onderweg en feliciteren elkaar met het
behalen van de kwalificatie.
Om kwart voor
12 laten we de stempelkaart voor de laatste maal aftekenen. We zijn een kleine
28 uur onderweg geweest.
In “De
Sprakel” zien we Teun weer die rond half 11 al terug was. Hans Wessels en nog 2
ligfietsers zijn ook al terug. Even later komt nog een drietal Duitsers binnen.
We hadden hen onderweg al een paar maal ontmoet. Samen met ons groepje zijn nu
16 deelnemers terug van de ruim 70 die van start zijn gegaan.
Cor, ik en de
meeste andere fietsers uit ons groepje gaan dan douchen.
Wanneer we
opgefrist zijn nemen Cor en ik een soft-ijs en vertrekken weer naar huis.
Wat
statistieken:
De 600 km (volgens
de teller 595) in 23u02min,
gemiddeld
25.8,
rusttijd:
4u42min,
totaal
27u44min.
Hoogste snelheid 73.0,
Zaterdag 15 - 25
graden,
Zondag 10 - 18
graden,
Wind: zaterdag
niet van betekenis, zondag eerst licht mee, later tegen.
Gerrit