2e
brevet 2003
Het is 19
april 2003 en om 3.50 uur gaat de wekker. Eigenlijk veel te vroeg voor een
fatsoenlijke nachtrust.
Als je zomaar op een doordeweekse zaterdag in april 300 kilometer wilt fietsen
en daarvoor ook nog eerst een uur in de auto moet zitten, ben je dan nog
normaal? Ik zal de vraag maar niet beantwoorden. Als ik beneden de woonkamer in
stap kwispelt de hond en wil uitgelaten worden. Dit gebeurt op de automatische
piloot en thuisgekomen duikt de hond weer in een coma. Ik moet eten klaarmaken
en ook nog een deel al opeten.
Om 4.25 uur staat Cor Vahl voor de deur. We zullen samen naar Lonneker gaan.
Een goed uur later komen we aan bij de Sprakel, waar vele anderen al voor ons
gearriveerd zijn. Velen herken ik en ik weet dat de meesten er zijn om in
augustus Parijs-Brest-Parijs te kunnen rijden.
Om 6.00 is het nog wat schemerig als John Omlo ons het startsein geeft. Het
belooft een pittige tocht te worden bij frisse temperaturen en een stevige
Noord-ooster. Bij vertrek is het net 3 graden en bewolkt, maar de wind schuin
achter. Met 90 man en vrouw vertrekken we. Een bont gezelschap uit vrijwel heel
Nederland en een flink deel van het westen van Duitsland.
Ik maak al snel kennis met Pierre uit Apeldoorn, die ik al van het internet
kende, begroet diverse makkers van vroegere brevetten als Marius, Bram, Gerard,
John en Sybren, maar ook nieuwelingen als Teun, Hans en Gert. De rit gaat in
een strakke lijn richting Friesland en terug. De eerste plaats die we passeren
is Deurningen en als we er goed en wel voorbij zijn knalt de band van Pierre
kapot. Ik heb begrepen dat John Omlo het een en ander heeft kunnen beredderen
zodat Pierre, zij het met geruime vertraging, toch het brevet heeft kunnen
voortzetten.
We gaan door richting Almelo. Langs het kanaal Almelo-Nordhorn moeten we over
een smal fietspad. Met een groep van 90 man ben je al gauw een halve kilometer
lang en daarna breekt de groep ook in 2 grote delen.
Ik zit in de eerste groep en laat me lekker meevoeren in de luwte. Werken kan
altijd nog en de ervaring leert dat de laatste loodjes vaak het zwaarst zijn.
Bij Almelo over de Mooie Vrouwenweg, maar al het moois was weg. Via landelijke
routes naar Vriezenveen en Den Ham. Daar volgt een bosrijk stuk door Junne.
Vlak nadat wij de tunnel onder de N34 door zijn, rij ik door een spleet in het
wegdek en de achterband loopt snel leeg.
Ik wissel een binnenband. De groep verdwijnt in de verte, gevolgd door diverse
individuen waaronder een aantal ligfietsers. De tweede groep volgt een paar
minuten later en wanneer ik klaar ben met het oppompen van de binnenband zie
dit tweede peloton nog in de verte verdwijnen. Ik schat dat ze een kleine
kilometer voor liggen en geef gas. Het gereserveerde rijden in de voorgaande 50
kilometer komt nu goed van pas en ik sluit na een kilometer of 10 in
Dedemsvaart aan achterin deze groep, die net aan het uiteenvallen is. Na even
op adem gekomen te zijn rij ik naar de kop toe en maak op het laatste stukje
tot de eerste controle nog even vaart in de hoop de eerste groep daar nog te
bereiken.
Bij de controle staat een enorme file te wachten op een stempel en de eersten
vertrekken al weer. John had bij vertrek aangegeven dat er circa 5 kilometer na
de eerste controle een café zou zijn waar we koffie zouden krijgen. Ik wil dan
ook meteen weer door. Het stempelen duurt echter lang en als ik eindelijk weer
verder kan is er geen groepje meer te vinden. Bij het café aangekomen is het er
eveneens weer druk. Ik krijg de beloofde koffie en neem er een appelpunt bij.
Het is daar een komen en gaan van fietsers en het is voor mij onduidelijk
hoeveel er al weer vertrokken zijn. Ik eet de appelpunt rustig op en vertrek.
Voor mij zie ik diverse fietsers en wanneer we na een kilometer of 10 bij De
Wijk zijn formeert zich een groep van een tiental fietsers, waaronder Marius
Legtenberg, Joop van Beek en zijn maat uit Elburg en een groot aantal Duitsers.
Gezamenlijk gaan we verder, Drenthe in richting Nijeveen, waar de Nazca
ligfietsen-bouwer zijn zaak open heeft. Ik ben hier rond de jaarwisseling een
paar maal geweest in verband met een door mij georganiseerde ligfiets-tocht en
ik wil Henk wel weer eens de hand schudden. Zover komt het echter niet.
Na Ruinerwold (rond km 98) zien wij een afslag over het hoofd en we komen veel
te ver naar het noorden uit. Niemand kan zeggen welk punt op de
routebeschrijving het laatste goede was. Ik weet globaal waar we zijn en
raadpleeg de verdere aanwijzingen. Dit gedeelte gaat via vele binnenwegen van
Nijeveen over Giethoorn en Scheerwolde naar Ossenzijl, maar het is voor mij,
zonder kaart, niet duidelijk langs welke wegen. Pas bij Ossenzijl zie ik een
bekend aanknopingspunt. Ik vermoed dat ik de groep wel naar dat punt kan
brengen zonder al te veel omwegen.
De groep (met name de Duitsers) heeft vertrouwen in mijn kennis van de omgeving
en wanneer we eerst Darp en daarna Havelterberg passeren, weet ik voldoende.
Een paar fietsers ziet onderweg Nijeveen op een paddestoel staan en gaat terug
om daar de route te zoeken.
Wij, een man of 10, gaan via Steenwijk, Witte Paarden, Paaslo en Oldemarkt naar
Ossenzijl. Lekker met de wind in de rug en we kunnen de route vandaar richting
Friesland oppakken.
In Ossenzijl blijkt dat we vrijwel niet omgereden hebben want de meesten hebben
een fractie meer op de teller staan dan de aangegeven 125.
Via allerlei dijkwegen en kleine plaatsjes bereiken we rond de middag St.
Nicolaasga, of zoals de Friezen het noemen St. Nyk. Vlak voor de controle staat
een brug open en worden we bijgehaald door een groep waar onder andere Cor in
zit. Hij had sinds mijn lekke band steeds voor mij gereden, maar in de buurt
van Kuinre ergens met zijn groep verkeerd gereden, zodat hij uiteindelijk
achter ons aan kwam.
In St. Nyk hebben we bij de eerste de beste benzinepomp gestempeld en even
verderop in het dorp koffie gedronken in een café. De eerste boterhammen gaan
er nu aan.
Na de pauze vertrekken we rustig over een smal fietspad richting Heerenveen. We
moeten nu regelmatig recht tegen de wind in en een aantal fietsers probeert een
roulatiesysteem op te zetten om de pijn te verdelen. Dit werkt maar ten dele.
Randonneurs zijn niet zo gewend om tempowisselingen door te voeren en
uiteindelijk wordt de actie gestaakt. We blijven tegenwind houden als we
Vledder, Diever en Lhee passeren. Uiteindelijk komt Pesse in zicht waar we de
volgende controle hebben. Geleidelijk aan is de groep weer uitgedund en we
blijven met een man of 8 over.
In Pesse is de controle in een soort cafetaria annex buurthuis of zo en je kunt
er eten. John Omlo is er inmiddels ook gearriveerd en zit samen met de
begeleider van de Duitse deelnemers achter een bord eten. Dat vraagt om
navolging en de meesten van ons (en zij die daarna binnendruppelen) nemen iets
van soep en een uitsmijter. Ook ik laat het me lekker smaken.
Na de controle stappen Cor en ik samen op en we rijden richting Noordseschut.
Voor ons rijden twee Amsterdammers en er komt ons ook nog iemand achterop,
zodat we met 5 man verder gaan.
Het beste is er bij de anderen al snel af en de laatste etappe doe ik vrijwel
uitsluitend het kopwerk.
We passeren het Ponypark in Slagharen, dat net haar poorten weer geopend heeft
en rijden door Lutten. Bij Hardenberg de oostelijke rondweg over en nu is het
een kwestie van deze weg volgen tot Oldenzaal. Bij Bergentheim even van de
hoofdweg af omdat daar geen fietspad is. Een stukje van het 200km-brevet van
drie weken geleden tussen Kloosterhaar en Langeveen. In Tubbergen dwars door
het centrum. Vlak voor Fleringen passeren we de Kroeze-boom, volgens
overlevering de oudste boom van Nederland. In Weerselo van de linkerkant van de
weg naar de rechterkant en weer terug naar links. Dat moest achteraf gezien dus
niet want even later komen we er achter dat we de afslag richting Deurningen
hebben gemist (net zoals een jaar geleden).
Dan maar weer door Oldenzaal. Het begint net voor Oldenzaal nog flink te
regenen waardoor de wegen glad worden. Dat is oppassen met die klinkertjes in
het centrum.
Zonder problemen vinden we de weg naar Lonneker en rond 18.20 uur stempel ik
weer af in De Sprakel.
De andere vier druppelen even later binnen (ik had het laatste stukje nog even
gas gegeven).
Cor en ik nemen een colaatje en gaan douchen in de nabijgelegen school. Rond
19.00 uur zit alles weer in en op de auto en om 20.00 uur ben ik weer terug in
Zwolle.
Een door de wind en temperatuur pittige tocht. Het bleef lang koud. Ik merk
echter dat ik vrijwel geen problemen kende en goed op schema ben voor de
volgende, nog langere tochten.
Wat statistieken:
308 km in
10u52min,
gemiddeld 28.3
rusttijd:
1u30min,
totaal 12u20.
Hoogste snelheid 46.8
Ochtend 3 – 8
graden;
Middag 10 – 15
graden
Wind NO 4.