Epiloog

september 2003

 

Terugblik

Het is nu voor de tweede keer geweest dat ik Parijs-Brest-Parijs gereden heb.

De eerste keer in 1999 was alles voor mij nieuw. Een brevet had ik voor 1999 nog niet gereden. Hoogstens een paar langere tochten, maar boven de 400km was ik nog nooit geweest.

 

Informatie was maar schaars beschikbaar, andere deelnemers (veteranen) waren nauwelijks georganiseerd en mijn ervaring deed ik op tijdens de kwalificatie brevetten.

Ik ging dan ook redelijk blanco naar Parijs. Ik kende maar een paar andere deelnemers. Ik had geen plan van aanpak of verwachtingen over een eindtijd. Op tijd finishen is het belangrijkst.

Het enige doel dat ik me stelde was om de sluitingstijden van de controles in de gaten te houden en daar een voorsprong op te nemen, zodat ik in het tweede deel voldoende marge zou hebben om het rustiger aan te doen en eventueel een tijd te slapen.

 

Ik startte in de 84-uurs groep omdat ik liever eerst nog een nachtrust wilde hebben voor ik van start ging. De eerste etappe naar Mortagne kon ik goed voorin blijven, maar kreeg het in de eerste heuvels van de Perche wel moeilijk.

 

Bij de korte pauze in Mortagne ontmoette ik Rikus Sunderman, die al ik van de brevetten in Lonneker kende. Wij besloten samen verder te gaan richting Brest en daar te zien hoe het verder kon. Op de vlakkere stukken hadden we elkaars gezelschap. Op de steilere klimmen moest ik hem even laten gaan, maar in de afdalingen kwam ik steeds weer terug.

Dit werkte prettig voor mij.

 

In Brest besloot hij te gaan slapen en ik ging door. Prompt kreeg ik een inzinking en de etappe naar Carhaix duurde erg lang en kende verscheidene stops. De wetenschap dat ik op de terugweg was en een flinke voorsprong had op het sluitingsschema zorgde er voor dat ik deze inzinking te boven kwam. Vaak reed ik verder alleen, soms in een groepje, maar ik vorderde gestaag. Uiteindelijk was ik in een kleine 65 uur over.

 

2003.

Plannen maken. Verwachtingen hebben. Het gaat vanzelf.

Eindelijk zijn de 4 jaar om en is er weer een PBP. Ik heb in de tussenliggende jaren vele brevetten gereden en me voor PBP gekwalificeerd. De conditie is goed. Misschien is door efficiënter te zijn op de controleposten wel een scherpere tijd mogelijk. Misschien wel onder de 60 uur. Samen met Cor Vahl ga ik vol goede moed richting Parijs.

 

Misschien dus… Hoe anders kan het gaan.

Waar ik 4 jaar geleden in de grote groep nog in Mortagne aankwam, werd ik ook nu op de heuveltjes gelost maar kon niet meer terugkomen bij de grote groep.

Vond ik in 99 Rikus en gingen we samen verder. Nu ben ik alleen naar Villaines gegaan.

Mijn moraal zakte met de kilometer. Het idee om solo naar Brest te rijden, tegen de wind in maakte me bij voorbaat al moe.In Villaines had ik het helemaal gehad.

Mijn ambitie om een snellere tijd te zetten dan 4 jaar geleden was binnen een dag verdwenen.

 

Na Villaines begon de lucht te klaren. Ik merkte dat iemand in mijn wiel bleef hangen tijdens het klimmen en dat ik dus niet alleen meer was EN dat ik niet de traagste was.

Toen deze persoon (Melanie) vroeg of ze aan mijn wiel mocht blijven, vond ik dat prima. Toen we even naast elkaar gingen fietsen vertelde ze dat ze last had de spijsvertering en daardoor te weinig kracht had. Ik kon haar nu uit de wind houden en zij gaf mij aanleiding om over iets anders na te denken.

Onze beider plannen lagen in duigen en we hoopten beiden te overleven.

 

In het begin had ik nog niet het idee dat we samen volledig verder zouden gaan. Kort overleg leerde dat zij in Carhaix wat wilde slapen/pauzeren en onderweg ook al hotels had gereserveerd. Ik wilde door tot Brest en dan zien hoe het ging.

 

De eerstvolgende controlepost in Fougeres gingen we onze eigen weg, maar spraken af om over 45 minuten weer samen te vertrekken. Ook bij de daaropvolgende controle in Tinteniac spraken we weer een tijd af (na een uur).

Toen we vervolgens aankwamen in Loudeac was het al diep in de nacht en beiden hadden we wat slaap. We zetten de wekker weer en gingen een half uur rusten. Ik vond een hoek van de eetzaal en zij een tafel. Ik sliep circa 10 minuten.

 

We vertrokken weer en zouden nu in elk geval samen naar Brest rijden.

De volgende etappe naar Carhaix verliep redelijk relaxed. We konden wat aansluiting vinden bij het tempo van anderen en reden regelmatig in een groep mee. In de groep bleven we bij elkaar in de buurt, waarbij Melanie steevast mijn wiel koos. Soms reden we naast elkaar.

In de beklimmingen hield ik het tempo net onder mijn kunnen en dat was voor Melanie voldoende om te blijven volgen. In de afdalingen liep ik, zonder bij te trappen, altijd uit. Ik wachtte daarna tot ze weer bij was.

Om de een of andere reden was ik me verantwoordelijk voor ons gaan voelen. We reden nu al een dag samen en misschien ook wel omdat zij aangaf dat ik de baas was en de beslissingen moest nemen.

 

Ik hield steeds onze voorsprong op het sluitingsschema van de controleposten in de gaten en zag dat deze terugliep van ruim 6 uur naar een uur of 4 in Brest.

Deels kwam dit door ons wat te trage tempo, deels ook door lange pauzes en enkele stops onderweg. Toch maakte ik mij weinig zorgen omdat voor de terugweg meer tijd mogelijk was dan heen (47 tegen 37 uur).

Vlak voor Brest hebben we op de brug nog de tijd genomen om van het uitzicht over de baai te genieten en wat foto’s te maken.

 

Brest en de terugweg van Brest naar Carhaix was wat mij betreft niet alleen letterlijk maar ook qua beleving het keerpunt. Waar ik wist dat het in 99 hier moeilijk begon te worden, merkte ik dat ik met het klimmen met de gemiddelde deelnemer mee kon gaan. Ook Melanie kon mij vrij probleemloos volgen.

Op het stuk na de top van de Roc konden we lekker doorrijden en begonnen zelfs andere deelnemers in te halen.

Voor mijn gevoel begon nu PBP pas echt.

 

De etappe van Carhaix naar Loudeac werd ‘s avonds verreden en we kwamen rond middernacht aan. Het werd fris en de temperatuur zakte tot een graad of 10.

Omdat we beiden weer behoefte hadden aan wat slaap, zijn we weer een half uurtje in de “Self” gaan rusten.

Midden in de nacht vertrokken we naar Tinteniac. Het was koud, maar net te doen.

We verkeerden in de veronderstelling dat het een korte etappe van 58 km zou zijn, maar het was juist een lange van 88 km. Toen we het in de gaten kregen was het niet eens zo’n grote teleurstelling en gelaten zetten we koers richting de zendmast, die al vanaf enkele tientallen kilometers afstand te zien was. Na deze mast volgde de een lange afdaling naar Tinteniac. Het begon inmiddels licht te worden en onze stemming steeg, zeker nu er wel een korte etappe zou volgen en daarna al weer halverwege de terugweg zouden zijn.

 

Inmiddels waren we zo vertrouwd met elkaar, dat het voor mij duidelijk was dat we samen naar Parijs terug zouden gaan.

 

In Tinteniac wilden we eens iets anders dan een ontbijt in de “Self”. We zijn doorgereden en hebben na een km of 10 in een klein plaatsje een ontbijt gekocht en in het zonnetje voor een kerk dit ontbijt genuttigd. Hier heb ik ook de twee pijlborden geritseld (van de heen-route natuurlijk).

Na het ontbijt begon het lekker weer te worden en op een gegeven moment nam Melanie de kop over en begon tempo te rijden. Voor mij het tweede keerpunt van de trip. Enerzijds was zij voldoende opgeknapt om volwaardig mee te rijden (hoewel ze bij voorkeur toch meestal in het wiel bleef), ook begonnen we beiden lol te beleven aan de trip.

We konden een dusdanig tempo maken dat we steeds meer andere deelnemers achterop kwamen. Zelfs op de heuveltjes konden we met de besten mee omhoog.

Een enkeling kon aanhaken, maar uiteindelijk moest iedereen lossen. Na een aantal kilometers nam ik het tempo maken weer over, tot kort voor Fougeres.

 

Rond de middag vertrokken we naar Villaines. Het werd weer warm en we hebben gereserveerd gereden. Veel heuveltjes en een pauze halverwege in een boomgaard.

In Villaines weer niet in de Self gegeten, maar lekker “gedineerd” in de MacDonalds.

 

In de avond gereden naar Mortagne. Vermoedelijk rustig aangedaan. Ik kan me hier niets meer van herinneren. Vermoedelijk is dit de etappe waar we in de eerste helft ergens een ijsje aan de rand van de weg hebben gegeten. Een km of 6 voor het eind van de rit wordt het weer tijd voor een dutje. De temperatuur is nog redelijk en we vinden en plek langs de kant van de weg. Na een klein half uur worden we toch koud en stappen weer op.

 

Na Mortagne de voorlaatste etappe naar Nogent. Het zal volledig nachtwerk worden. We worden weer moe en proberen elkaar door vraag en antwoord wakker te houden. We letten weinig op de weg en andere deelnemers en die hebben dan soms ook moeite om ons te passeren. Het tempo is er nu volledig uit en we kunnen in de beklimmingen niet voldoende warm worden. In de afdalingen koelen we sterk af. Op de vlakke stukken gaan we niet sneller dan een km of 15. De slaap slaat snel weer toe en we hebben de volledige weg nodig om geen brokken te maken. Dit gaat niet goed.

 

We moeten nu echt slapen. Melanie heeft een dunne foliedeken en waar we de vorige stop op afstand van elkaar ieder een plek hebben gezocht, beseffen we nu beide, zonder woorden, dat we elkaars warmte nodig hebben. We kunnen, dicht tegen elkaar aan, de zijkanten net over ons heen krijgen en hoewel de benen bloot blijven, slapen toch beiden een half uur of zo.

 

Nadat we weer opstaan is het erg koud. Mijn thermometer op de fiets geeft 5.5 graden aan en er hangt grondmist. We rijden kleumend weg. De spieren zijn sterk afgekoeld en we wachten op de opkomst van de zon. Als we door een dorp komen waar bij een café een aantal fietsen staan, stappen wij ook af en gaan naar binnen voor een kop koffie.

 

Na de koffie hebben we weer extra energie, we zijn redelijk uitgerust en de opkomende zon doet de rest. We krijgen er zin in en gaan steeds sneller rijden. De weg golft door gemaaide korenvelden en gaat per saldo steeds iets meer naar zeeniveau. Heuveltjes worden op de macht genomen en alles wat voor ons rijdt moet er aan geloven. Dat we in het begin van PBP niet al te veel kracht hebben verspeeld is nu in ons voordeel. We genieten van de rit. Het tempo komt regelmatig boven de 40 en we halen weer veel tijd in die we eerder hebben verloren.

 

We houden het tempowerk vol tot de rand van Nogent en nemen daarna nog een flinke pauze op de controle. De stemming zit er goed in. De finish nadert en we zijn niet meer moe. Het is alsof we een trainingsritje doen. We zijn inmiddels volledig op elkaar ingespeeld en Melanie kan moeiteloos aan mijn wiel blijven.

De laatste etappe naar StQuentin is ook genieten. We doen waar we zin in hebben, voelen geen vermoeidheid of slaap en rijden als de beste tegen de laatste heuvels op.

In de voorsteden wordt het rustig aangedaan en in de laatste meters kunnen we nog een sprintje trekken.

 

Het zit er op. 1000 km lang zijn we bij elkaar geweest, 3 volle dagen.

We zijn vrienden geworden, weten heel veel over elkaar, maar weten tevens dat het afscheid nadert. Ik wil het moment zolang mogelijk uitstellen en in ieder geval persoonlijk van haar afscheid nemen. Henk Kamphuis die op de laatste etappe grotendeels met ons meegereden is, wordt eigenlijk een beetje abrupt gedag gezegd, zodat wij nog even samen kunnen rijden tot onze wegen zich splitsen.

Ik ben inmiddels zeer aan Melanie gehecht. Zowel qua persoon als qua fietsmaat ligt zij mij erg goed. Ik realiseer me dat we elkaar wellicht nooit meer zien, maar hoop dat het er wel van komt.

Ik ben enigszins geemotioneerd als we elkaar een laatste knuffel geven.

Zij gaat naar het hotel om zondags terug te vliegen naar Florida, ik ga naar de camping en vertrek de volgende dag (Zaterdag) met Cor naar Nederland.

 

Weer thuis, leef ik nog een paar dagen in een roes. Af en toe slaap ik slecht en ben dan de dingen van PBP aan het verwerken.

Dit gevoel ken ik nog van 99, maar denk dat het nu sterker is.

Tot op heden (medio september) mailen we regelmatig en wisselen allerlei zaken uit, waarbij het niet alleen bij fietsen blijft.

 

Lichamelijk ben ik sneller hersteld dan in 99. Toen heb ik een dag of 10 niet kunnen fietsen vanwege zitvlak problemen. Nu ging ik de vijfde dag na PBP alweer op de fiets naar het werk.

Het geestelijk herstel duurt langer. Deze PBP heeft een diepe indruk gemaakt in mijn belevingswereld. Beide keren heb ik ups en downs gekend, maar de pieken waren dit jaar veel extremer. Uiteindelijk heb ik nu veel meer genoten en plezier gehad van de rit.

 

Gerrit

16 sept 2003

Hosted by www.Geocities.ws

1