~ 1916-1924 : vierde existentiële crisis
Een hele reeks sterfgevallen in de omgeving van Freud zullen hem zwaar tekenen, nl. de dood van zijn halfbroer Emmanuël, zijn dochter Sophie, zijn kleinzoon Heinele, zijn schoonbroer, neef en nicht. Ook werden er enkele mensen in zijn omgeving getroffen door kanker, oa : Von Freund (analysant en vriend)... die op één letter na dezelfde naam draagt als Freud !
In deze periode klaagt Freud van een pijnlijke zwelling aan zijn verhemelte, evenals hartkloppingen,... doch hij voelt zich beter na het roken van een sigaar. Hij wil geen aandacht schenken aan dit symptoom.
Hij heeft nood aan deze "rook", kunstmatige lucht die hem helpt te leven zonder in een depressie terecht te komen. We hebben in de psychosomatiek nl. vaak te maken met iets dat van de orde van de behoeften is in plaats van verlangen (5), ook bij Freud heeft zijn sigaar niet meer te maken met een verlangen, maar met een behoefte, hij ziet het als "noodzakelijke lucht", hij functioneert niet goed indien hij probeert te stoppen met roken.
Buiten de reële rouw die hem overvalt bij alle overlijdens in zijn omgeving, begint hij ook aan het rouwproces van de vele illusies die hem hebben geholpen in het leven. Hij ontkent dat de sterfgevallen de oorzaak zijn van zijn depressie maar beweert, uit angst er niet meer bovenop te raken (?), dat er geen verband tussen beiden is.
Op vijfenzestigjarige leeftijd schrijft hij aan Ferenczi dat de de gedachte aan de dood hem niet meer loslaat, en dat zeven (magisch getal ?) van zijn inwendige organen vechten om de eer een einde te maken aan zijn leven.
In februari 1923 heeft hij veel last van pijnen aan zijn verhemelte, doch het duurt meer dan twee maand eer hij een specialist raadpleegt,.. en dan nog de verkeerde. Hij besluit zich te laten opereren in dezelfde maand waarin zijn boek "het Ik en het Es" verschijnt, dat o.a. handelt over de doodsdriften.
Zijn operatie verloopt heel slecht door een nalatigheid van de arts, wat tot ernstige bloedingen leidt. Hier ziet men de herhaling van de operatie door Fliess van E. Eckstein, en de droom Irma's injectie. De herinnering aan Fliess komt terug : "als je nu nog pijn hebt, is het dan niet je eigen fout ?" Ook het verbod van spreken, in zijn droom opgelegd aan Irma, komt nu terug, dit maal niet in een droom, maar in werkelijkheid. De psychosomatische structuren bevinden zich in het Reële, waardoor we het psychosomatisch kunnen onderscheiden van de hysterische conversie.(6)
Ook de dood van zijn kleinzoon is een belangrijk gegeven, deze sterft nl. door een meningitis na een operatie aan zijn amandelen. Zijn kleinzoon heeft dus pijn gehad, op dezelfde plaats als waar Freud veel pijn leed. Bij de dood van dit kind, geeft Freud een eerste maal zijn verdriet toe, maar hij weigert echter erover te praten,... zijn vrienden durven niet te praten over zijn kanker,... dus Freud is hier werkelijk alleen,... we kunnen ons de vraag stellen of dit hem fataal wordt.
In november worden er "rebelse" weefsels weggenomen door Pichler.
In totaal ondergaat Freud zo'n vierendertig operaties, hij rebelleert werkelijk tegen de dood.
Op een gegeven moment heeft hij een prothese nodig (tussen mond en neus) die nodig is om te kunnen eten, drinken, praten en... roken !
In zijn boek "aan gene zijde van het lustprincipe" (1921) schrijft hij dat kankercellen als narcistisch gedefinieerd kunnen worden, de kiemen zijn verworven en hebben embryonaire eigenschappen. Freud begint veel nadruk te leggen op agressie en dood, misschien wel als reactie op zijn verdriet tijdens deze jaren ?
In 1928 belooft M. Schur, analyticus, hem niet onnodig te laten lijden en begrijpt tevens Freuds noodzaak om te blijven roken.
Op vijfennegentigjarige leeftijd sterft Freuds moeder,... vanaf dit ogenblik pas wil Freud de dood in zijn leven toelaten,... hij vond namelijk dat hij niet het recht had te sterven tijdens het leven van zijn moeder, hij wou niet dat zij zo'n verdriet nog moest meemaken. Misschien vindt men hier een onbewuste wens om zijn moeder te doden,... een aspect dat naar voor komt in alle analyse van ernstige psychosomatische ziekten. (7)" Ik denk dat in al die kuren de agressiviteit tegenover de moeder de wanhopige zoektocht van het subject weerspiegelt om in de taal van de moeder iets te ontdekken dat de vadermetafoor zou doen verschijnen.
Men kan het ook zo stellen dat het psychosomatisch fenomeen iets is dat opdoemt in het lichaam van het subject op de plaats van één van de Namen-van-de-Vader, die niet geïntroduceerd, maar zelfs afgesloten, gedwarsboomd wordt door de moeder"(Guir p.111).
In 1933 wordt Freud getroffen door een coronaire trombose die hij overleeft.
~ Aanbreken van de tweede wereldoorlog : laatste existentiële crisis.
Freud wordt verplicht Wenen te verlaten, daar het te gevaarlijk wordt tijdens deze oorlogsjaren.
In 1937 breekt hij zijn prothese door deze te laten vallen,... zijn hand "verwerpt" het "monster", en op dat moment breekt er iets in zijn vitale veerkracht.
De kankerweefsels blijven groeien... en op vierentachtigjarige leeftijd overlijdt Freud.
--> We zien meerdere gelijkenissen bij Freud en Jeanine L. nl. : het niet toelaten van verdriet, het verwarren van generaties, schuldgevoelens, behoefte aan schrijven, creativiteit...
Net zoals de psychoticus, komt de kankerpatiënt naar de analyticus met veel agressie, hij heeft namelijk de destructie in zich, hij heeft een beeld van zijn lichaam als kapot gemaakt door zichzelf.
Heel vaak zal een kankerpatiënt de behoefte hebben om te schrijven (cfr. Freud, Fritz Zorn,...) en op deze manier zoeken zij zo het geheime cijfer neer te schrijven van hun lot, zoals een onleesbaar hiëroglief up to date gebracht door het verschijnen van de ziekte. In het schrijven ziet men ook de trage duidelijk wordende transparantie van verborgen verlangens. Is er hier een onzichtbare aanwezigheid van een andere kanker , die in stilte werkt, kanker van de ziel of van het hart, waar men niet moet van weglopen maar wel deze herkennen door heel diep op zoek te gaan naar zichzelf. Woorden proberen haar angst uit te schreeuwen, die angst die misschien al de kracht tot overleven verlamt.
Volgens Lacan (8) is in in de psychosomatiek geen forclusie is van de betekenaar S1, deze is ook niet verdrongen, maar is wel degelijk aanwezig. Maar het interne verband tussen S en S2 is verbroken, daardoor kan er geen afanisis plaatsvinden. Het "subjet" wordt wel door een betekenaar voorgesteld, maar voor een andere betekenaar. De zieke zit vast wat betreft de betekenis van zijn ziekte, ofwel wat betreft de betekenis van het "ziek zijn". De patiënt is meestal ongevoelig voor een symbolische interpretatie.
Lacan (9) vermeldt ook dat wat het subject bindt aan de Ander, het verlangen is, de eerste Ander is de moederlijke Ander. Wat indien de moeder niet verlangt ? Als de moeder tussen S1 en S2 geen verlangen, geen gemis doet verschijnen , zal er een tekortschieten zijn van de vaderlijke metafoor. Er zal een forclusie optreden van de "Naam van de Vader", wat in de psychosomatiek vaak voorkomt.
om verder te gaan :
copyright hilde freud/lacan 2002
Yahoo! GeoCities