|
Dit is het eerste deel in wat uiteindelijk een zesdelige serie zou worden over de student bosbouw Rob Staalman, diens dikke broer Hein Staalman, die van lekker eten houdt, en hun twee vrienden, de Vlaming Marcel Boeynants, die het ambt van journalist ambieert, en de adellijke rechtenstudent Rik (Diederik) graaf van Rechteren R�ling.
De vier jongens ontmoeten elkaar tijdens een vakantie op een camping in Frankrijk, wanneer Hein en de wat arrogant overkomende Rik met elkaar in gevecht raken over iets onbenulligs (een boek van Kapitein Rob). Er wordt al snel vrede gesloten en de voorbij komende Marcel Boeynants, om wiens taalgebruik de jongens hartelijk moeten lachen, voegt zich bij de groep. Bij een wandeling in de bergen een dag later ontdekken Rob en Hein Staalman een grot, waarin zij drie Italiaanse mannen met iets verdachts bezig zien. De jongens besluiten later nog eens naar de grot te gaan om te kijken waar de Italianen mee bezig waren. Ze ontdekken nieuw geschilderde �prehistorische� muurschilderingen. Kennelijk willen de Italianen met deze vervalsing een nieuwe toeristische trekpleister cre�ren. In de buurt wordt door de eigenaar van de grot ook een restaurant gebouwd. Terwijl de jongens in de grot zijn worden ze betrapt door de Italianen. De jongens slagen er met moeite in om te ontsnappen, maar Hein, die op wacht stond en daarbij in slaap is gevallen, wordt door de Italianen overmeesterd en meegenomen. De Italianen laten via een briefje weten een ontmoeting te willen hebben met Rob, Marcel en Rik. De jongens en de moeder van Rik staan vervolgens voor een lastig pakket: hoe kunnen ze Hein bevrijden en de Italianen overmeesteren. Er ontstaat een plan om ��n van de Italianen, de schilder, te ontvoeren en hem voor Hein te ruilen. Maar de werkelijkheid is anders dan gepland.
Aardig jongensboek, met name omdat de vier helden van de serie elkaar in dit verhaal voor het eerst ontmoeten. Het verhaal spreekt iets minder tot de verbeelding dan de latere verhalen uit de serie. Een paar Italianen die een prehistorische grotschildering proberen te vervalsen, hetgeen sowieso geen succesvolle operatie lijkt te kunnen worden, spreekt nu eenmaal minder aan dan bijvoorbeeld oorlogsmisdadigers, een ontvoering of een goudroof. Ook bij dit verhaal zal de volwassen lezer zich waarschijnlijk afvragen waarom de politie er niet eerder bij gehaald wordt. In het verhaal wordt daarover door de Franse politie ook geklaagd. Het antwoord van Rob Staalman c.s. is dat er eerder onvoldoende bewijs was, maar die stelling ging in elk geval na de ontvoering van Hein niet meer op. Ook hadden de jongens na het ontdekken van de vermoedelijke verblijfplaats van de twee overblijvende Italianen de politie kunnen waarschuwen. De lezer had dan wel een spannende achtervolging moeten missen. |
|