| Phantom of the Opera |
| Andrew Lloyd Webber arr Johan de Meij |
| Het verhaal |
| Deel 1 |
| De proloog van The Phantom of the Opera brengt ons naar Parijs, 1905. We bevinden ons in de zaal van de Opera Populaire. Een poster van de oude "Hannibal" produktie, een aantal menselijke schedels, een muziekdoos en een houten pistool uit "Robert le Diable", worden geveild. Een zeventigjarige man in een rolstoel, Raoul, toont opmerkelijk veel interesse voor de stukken. Als laatste wordt een grote luster, die een mysterieuze rol zou hebben gespeeld in een ongeval tijdens een voorstelling, verkocht. De luster, die onlangs werd omgebouwd zodat die op electriciteit werkt, wordt aangestoken. Er volgt een enorme flits, en de toeschouwers worden terug meegenomen naar de glorieuze tijd van de Parijse Opera Populaire. Eerste acte - Parijs, 1881. We belanden in een repetitie van de opera "Hannibal", en maken kennis met de voornaamste personages van de Opera Populaire. Vooreerst is er Monsieur Lef�vre, de eigenaar van de Opera. De hoofdrollen van de stukken die in zijn gebouw worden gespeeld, worden steevast vertolkt door Ubaldo Piangi (een dikke Italiaanse zanger) en zijn vrouw Carlotta Guidicelli (een bazige Italiaanse vrouw met een schrille stem). Madame Giry, die steeds zwarte kleren draagt, heeft de leiding over het ballet. Monsieur Reyer is de repetitor. Meg Giry en Christine Daa�, twee goede vriendinnen, maken deel uit van het ballet. Joseph Buquet, een oude man met baard, is de toneelmeester. Tijdens de repetitie van "Hannibal" zien we Ubaldo Piangi in de rol van Hannibal. Carlotta speelt Elissa, de koningin van Carthage. Monsieur Lef�vre, die besloten heeft om de ��n of andere mysterieuze reden zijn Opera van de hand te doen, komt binnen met Monsieur Firmin en Monsieur Andr�, de nieuwe eigenaars. Op het moment dat Carlotta aan de heren wordt voorgesteld en haar zangkwaliteiten demonstreert, valt een stuk van het decor naar beneden. Buquet verschijnt op het toneel met een doorgesneden koord in zijn hand en wijdt het voorval aan het Spook van de Opera. Ubaldo en Carlotta vertrekken ontdaan; de Opera is meteen zijn twee beste zangers kwijt. Daarna brengt Madame Giry een briefje, waarin het Spook vraagt aan de nieuwe managers loge vijf steeds vrij te houden en niet te vergeten zijn maandelijks loon te betalen. Firmin en Andr�, die niet geloven in deze mysterieuze spooktoestanden, besluiten in de voorstelling van vanavond de rol van Elissa te laten zingen door Christine Daa�, een balletdanseres met een schitterende stem. Die stem zou ze hebben gekregen nadat ze zangles volgde bij een mysterieuze leraar. Haar optreden wordt een succes. Raoul, de burggraaf van Chagny en tevens ook mecenas van de Opera, woont het optreden bij en herkent haar: Christine was zijn vroegere hartsvriendin. Na het gala feliciteren de balletmeisjes Christine, die op weg is naar haar kleedkamer. Onderweg hoort ze de stem van het Spook, aan wie ze vraagt tevoorschijn te komen. Intussen komen Raoul, Andr� en Firmin richting kleedkamer. Ze spreken over het succes van vanavond. Raoul kan het niet nalaten een bezoekje te brengen aan Christine. Ze zijn beiden dolgelukkig elkaar weer te zien en halen herinneringen op aan vroeger. Raoul wil gaan souperen met zijn vroegere vriendin en gaat naar buiten om zijn hoed te halen. Plots verschijnt het jaloerse Spook in de spiegel van Christine. Hij neemt haar mee naar de ondergrondse gangen van de Opera. Het Spook en Christine varen met een bootje doorheen een meer, op weg naar de ondergrondse schuilplaats. Daar plaatst hij Christine voor een spiegel. Ze kijkt er in en ziet zichzelf in een bruidsjurk. Meteen wordt duidelijk wat de plannen van het Spook zijn: hij is verliefd op haar en wil met haar trouwen. Christine valt flauw. Als ze ontwaakt uit haar slaap ziet ze het Spook geconcentreerd aan zijn orgel een stuk componeren. Ze sluipt tot bij hem, trekt zijn masker af en ziet zijn mismaakt gezicht. Het Spook is woedend. Uit medelijden geeft Christine zijn masker terug. |