Nieuws uit Guadeloupe
In 1999 koos ik ervoor naar Guadeloupe te gaan. Ik gaf mijn baan en huis op om mijn leven met JP te delen.
14 MAART 2007 - "HET EILAND VAN DE SCHONE WATEREN"

Aangenomen wordt dat het Christopher Columbus was die het eiland na zijn aankomst (4 november 1493) de naam Guadeloupe*) gaf. De vroegere bewoners, de Caraïbers, echter noemden het eiland “Karukera”, wat niets meer of minder betekent dan “het eiland van de schone wateren”.


 De Caraïbers hadden gelijk. Zelfs nu, is de zee hier vrijwel overal schoon. Dat geldt zowel voor de Caribische Zee als voor de Atlantische Oceaan. Het is overigens niet alleen de zee die helder is. Wie in het tropische regenwoud op verkenning gaat, ontdekt al snel de rivieren, de talrijke watervallen en hun kraakheldere bassins.


 Guadeloupe bestaat uit twee eilanden, die door bruggen met elkaar verbonden zijn: Grande Terre en Basse Terre. Nergens ter wereld vind je twee eilanden die zo dicht op elkaar liggen en zo verschillend zijn. Het kleinere Grande Terre (588 km2) met zijn kalkhoudende bodem, is 8 miljoen jaar oud. Dit eiland wordt gekenmerkt door zijn moeras (de Mangrove, een belangrijke broedplaats voor vogels en een kweekvijver voor alles wat in en rond het water leeft) in het zuiden en westen en door zijn rotskust in het noordoosten. Deze kust doet denken aan de kust van Normandië. De rest van Grand Terre staat bekend om zijn hagelwitte stranden. In het midden zijn er de “Grand Fonds”, ofwel de grote diepten. Net als Nederland ligt dit deel van Guadeloupe onder het niveau van de zeespiegel.


 Basse Terre (848 km2) is het paradijs voor de natuurliefhebber. Dit van oorsprong vulkanische eiland, herbergt 17000 hectare tropisch regenwoud. Een groot deel van dit gebied is toegankelijk via 28 wandelpaden. De watervallen van Carbet (3), waarvan de hoogste een verval heeft van 125 meter, is een van de belangrijkste toeristische attracties van het eiland. Carbet wordt jaarlijks door ongeveer 500.000 toeristen bezocht. Hoewel het pad naar deze waterval aanzienlijk is verbeterd, blijft de wandeling glibberig (tropisch regenwoud) en lastig vanwege de steilte. Tot mijn verbazing zie ik altijd weer toeristen die zich niet storen aan de goede raad om het pad uitsluitend met stevig schoeisel te betreden. Er zijn toeristen die de weg op sandalen en schoenen met naaldhakken afleggen.


 Een andere bezienswaardigheid is de vulkaan ‘la Souffrière’. Deze ‘grande dame’, zoals ze haar op het eiland noemen, is nog steeds actief. Om die reden is het niet altijd mogelijk de vulkaan te beklimmen, maar wie de kans krijgt, kan genieten van een spectaculair uitzicht en een landschap dat nog het meest aan de maan doet denken.


De laatste uitbarsting dateert van 1976. In de zomer van dat jaar werden 72.000 bewoners geëvacueerd. Het duurde maanden voordat ze weer naar huis konden. In de periode rond de uitbarsting werden ongeveer 16000 aardbevingen geregistreerd, waarvan de bevolking er ongeveer 150 heeft ervaren. De Souffrière spuwt overigens geen lava, maar zwavel. Aan dit gegeven dankt zij haar naam.


Op Guadeloupe hoef je nooit ver te gaan om van de natuur te genieten. Bomen, struiken, bloemen zijn in overvloed aanwezig. De belangrijkste wegen bieden uitzicht op zee en een belangrijke route op Basse Terre voert de automobilist dwars door het tropische regenwoud, met zijn bamboe en varens (meer dan 250 soorten), orchideeën, en bomen die tot aan de hemel reiken.


*) Columbus maakte tijdens zijn eerste reis richting Caribisch gebied een aantal hachelijke momenten door, vanwege enkele orkanen die op dat moment woedden. Na zijn terugkeer maakte hij een pelgrimstocht naar een klooster in het zuidoosten van Spanje, waar hij “la Santa Maria de Guadeloupe de Estramadura” bedankte over zijn veiligheid te hebben gewaakt. De naamgeving lijkt een hommage aan deze Santa Maria.


Bron: Bonjour la Guadeloupe, Jean-Michel RENAULT (Pelican).


 


 


 


 


 

2007-03-14 17:33:27 GMT
 


Hosted by www.Geocities.ws

1