| VAGABUNDOS |
| Home > Archief avonturen > Chiclayo 6 april 2003 De schreeuw Ze liepen daar als twee extranjero� s, vreemdelingen op de Mercado Moledo waarschijnlijk op zoek naar de Mercado Brujo, de heksenmarkt. Daar willen alle extrano�s naar toe. Het is de grootste van Peru zeggen de gidsen, dus dat willen ze zien. Maar dan moet je het wel kunnen vinden temidden van een van die andere grote markten van Peru. Beiden hebben ze lang krullend haar, fancy zonnebrillen die glinsteren. Zijn lange haar valt in de smaak bij de talloze kapsters op de markt die gezien de kilo�s haar op de grond waar ze tot hun enkels in verdwijnen toch geen slechte zaken hebben gedaan vandaag. Hij droeg een rugzak over een schouder en klemde met de ander de tas losjes af. Alle aandacht ging naar hen uit. Er werd hen geen enkele mogelijkheid geboden om ongemerkt over de markt te struinen, zeker niet nu aan het eind van de middag. Er klonk muziek, een bandje maakte zich in de zijstraten op voor een optreden, de meeste mannen hadden al een fles bier in de hand. Het weer was drukkend, je zou onweer verwachten, maar hier niet. Hier blijft het droog, allen de kelen zijn nat. Ze waren natuurlijk op doortocht naar het noorden, net uit Trujillo aangekomen en denken dat ze na het inchecken in het hotel in Chiclayo net voldoende tijd hebben om in het naburige Lambayeque niet alleen het Bruning museum maar ook het spiksplinternieuwe Tumbes Reales Museum te kunnen bezoeken voordat ze hier afzakken naar de heksenmarkt. Een prachtig nieuw museum overigens, het Tumbes Reales (de koningsgraven), dat oogt als een Moche tempel en feitelijk een nabootsing is van het koningsgraf van El senor de Sipan dat niet zo lang geleden is gevonden in de naburige archeologische site Sipan. Eindelijk een graf dat niet geheel leeg en geplunderd is. Het goud, de giften en skeletten van de overledenen zijn redelijk bewaard gebeleven en liggen hier opgebaard. Ook mevrouw de koningin komt hier te liggen, zij werd vergiftigd op het moment dat haar man stierf, zoveel hebben de geschiedkundigen in ieder geval weten te achterhalen. Het is een bijna On-Peruaans mooi museum, waarvan iedereen zich nog steeds afvraagt waarom het niet nabij de opgraving staat. Misschien om het Burning museum gezelschap te houden dat eveneens een mooie goudcollectie uit dezelfde periode heeft, naast diverse gebruiksvoorwerpen en talloos veel potten en vazen. Wie weet wat er verder nog te vinden is in de talloze pyramides die in de omgeving onder het woestijnzand verborgen moeten liggen. Misschien voelden ze zelf ook wel dat je niet alles uit zo�n middag moet persen. En was dat de reden dat ze de overdekte markt links lieten liggen. Opeens zag je de blonde jongen schreeuwen. Aan zijn linkerarm, de vrije arm, hing een flink opgeschoten Peruaans heerschap, die uit alle macht probeerde de swatch van de pols te rukken van de vreemdeling. De schreeuw voorkwam het. Niemand reageerde verder. Ze gaven hem allemaal de bekende Peruaanse staar. Hij dreigde nog even aan achter de Peruaan aan te lopen, maar gaf het op toen hij meerdere blikken in zich had opgenomen. Even later kon je het stel in een taxi zien stappen in de richting van het wat vertrouwdere Plaza de Armas. De heksenmarkt kregen ze niet te zien. |
![]() |