VAGABUNDOS
Home > Caye Caulker

3 juli - 10 juli  2003



Keith, Claudette en Het Blauwe Gat


Alle bomen staan de verkeerde kant op. Dat is nou typisch iets dat ons direct opvalt. Op Caye Caulker, een eiland voor de kust van Belize en nabij het een na grootste koraal rif van de wereld staan alle bomen de verkeerde kant op, met de kop naar de zee toe, naar waar de wind 365 dagen per jaar vandaan komt. Dat is niet logisch. Wat ons vanuit de speedboot vanaf Belize City naar de Cayes (boven Caulker ligt Caye Ambergris) evenzeer direct opviel, waren de schattige paarse huisjes op palen. Waarmee de slaapselectie meteen was gemaakt. En ook voor deze huisjes staan de palmbomen voorover gebogen in het azuurblauwe glasheldere water; de drie die nog staan. Ignacio, de eigenaar en naamgever van deze cabanas krijgen we hier niet over te spreken maar wel twee van zijn chagrijnige en te lui voor het leven zijnde kinderen.  Dat zijn niet onze woorden, maar die van hun moeder die al een kleine dertig jaar niet met Ignacio kan opschieten,  zo vertelde ze na onze aanschaf van een biertje of twee. Die drankjes zijn haar business, net als het vissen. Zij is de visser, niet Ignacio die hoogstens met een kreeftje kan thuiskomen. Nee, die Ignacio is zo�n ontzettende vrek dat hij werkelijk niets van de inkomsten van de cabanas met zijn familie wil delen. Zeker  niet met zijn vrouw. En zij wil daarom niets delen met hem. Dus als de dampende pot op tafel staat met de door haar gevangen vis, dan heeft Ignacio het nakijken. Vertelt ze gniffelend, turend langs de bouwvallige pier naar de eindeloze zee en de opkomende storm. Claudette, heet de storm en ze zou deze kant op kunnen komen.  Het is nog een beetje vroeg voor het hurricane seizoen, maar daar kun je toch geen peil op trekken. Vorig jaar kwam Keith langs, gewoon langs de Hondurese kust omhoog langs het rif. Iedereen had alles vastgesjord en in orde gebracht, totdat Keith in ene een draai maakte en het eiland van de achterkant pakte. Tijdenlang zat het hele eiland precies in het oog van de storm, iedereen denkend dat het voorbij was terwijl ze er midden in zaten.
Keith is nu weg. Een cabana werd weggevaagd, zonder mensen erin, gelukkig.  Maar alle bomen staan sindsdien de verkeerde kant op.

Wat kun je verder zeggen over Caye Caulker. Het Utila van Belize, een duikerseiland, met dat verschil dat de prijzen verdubbeld zijn en er aanmerkelijk meer Amerikaanse toeristen rondlopen die een weekje willen uitpuffen.  Hey guys.
Veel meer is Caye Caulker niet. Vanaf 1 kruispunt zijn vrijwel alle witte zandstraatjes en gekleurde houten huizen te zien. Aan de pierkant ziet het er gelikt uit, aan de andere kant, waar de echte mensen wonen zulen we maar zeggen, is het een zooitje. Transport is op blote voeten of met de immens populaire golfkarretjes. De 2 auto's die het eiland rijk is, behoren aan de politie en huisvuilophalers. Naar verluid zijn die geschonken door de eigenaar van een naburig golfeiland die daarmee zijn vervuiling afkocht. Door de pesticiden die nodig zijn om zijn grasvelden groen te houden, is het koraal om het eiland heen helemaal verwoest. Bovendien wilde hij witte zandstrandjes voor wat hindernissen en zoog daarom de kust rond het eiland leeg.

Nogal wat Amerikanen zijn hier neergestreken om te dure organische thee of koffie te verkopen, maar greep op het eiland krijgen ze niet. Het eiland wordt bestierd door 4 of 5 families. Valentino is het hoofd van een van de families: gedrongen,  kleine dropneus, hard rond buikje en zeer stevig op de benen. We leren hem kennen als de kapitein van de speedboot die ons naar de meest spectaculaire en wereldvermaarde  duikplekken van Belize brengt: the Blue Hole en Turneffe Islands.  Na een dag wachten op beter weer, moest het toch maar gebeuren en togen we twee uur lang over de door Claudette tot torenhoogte opgewerkte golven naar het blauwe gat. 120 meter diep, 305 meter doorsnede, waarschijnlijk een ingestort dak van een onderaardse grot gevormd in de ijstijd. Wie anders dan Jacques Cousteau ontdekte het in 1961. We gaan tot 40 meter diepte, zwemmen rond enkele stalagtieten en -mieten en zullen het ons goed blijven herinneren als een heel erg grote blauwe sterrenhemel met 5 meter lange haaien om ons heen. Tijdens de andere duiken rondom het zonder meer spectaculaire rif  waren we zeer onder de indruk van de kleur en diversiteit van het koraal. Daaromheen schildpadden, grote roggen liggend in het zand, nurse sharks, reef sharks, groupers die een uur met ons meezwommen en heel veel klein kleurig spul. En natuurlijk dolfijnen die ons begeleiden, jonkies erbij dit keer. Op een van de eilanden in het rif, Half Moon Caye, zien we zelfs nog de red footed boobie. Lijkt de Galapagos wel.

Tien duiken maken we totaal met Valentino�s Big Fish operatie. Net zolang tot hij alle regulators door nieuwe heeft vervangen. Waar tegenover staat dat wij bereid zijn rustig een paar uur in het  zonnetje te wachten tot Big Fish de Yamaha� motertjes weer aan de praat heeft.  Na afloop van de reeks zijn we bekaf en doen niet veel meer dan wat de meesten doen. Naar The Split, het kanaal dat het eiland scheidt om deinend op reggae wat zonnemeters te pakken. En �s avonds is er vis op de gril bij Romie�s of Dave�s met wat rijst of bonen en koolsla of hele grote burrito�s bij Rasta Pasta.  Of op de pier zitten, biertje, boekje, kijken naar de ondergaande zon en de paarse hutjes van Ignacio. Claudette waait ons voorbij.




Home
Columns
Foto's
Gastenboek
Links
Belize
Hosted by www.Geocities.ws

1