| Een lange dag in Amsterdam, door Elmander |
![]() |
![]() |
| De strijd der verloren logo's |
| De dag waar we met z'n allen al weken naar hadden uitgekeken, de dag die ons de dagen ervoor op de meest onwaarschijnlijke plekken jeuk bezorgde, de dag der dagen, 7 februari 2002, was aangebroken. Ik stapte al vroeg mijn bed uit. Van de zenuwen had ik niet kunnen slapen maar moe was ik niet. Vandaag ging het gebeuren, de kwartfinale van de Amstelcup in de ArenA!!! |
| Na een douche en een snel ontbijt pakte ik gauw mijn telefoon om erachter te komen wie waar was. Afgesproken was al dat de Aardbeien onder ons de trein van 12.07 vanuit Beverwijk zouden nemen en dat de Vissekoppen van het Tussenvak diezelfde trein in zouden stappen om 12.11 in Driehuis. Nou heb ik nog wel is moeite om ergens op tijd te komen. Zo ook deze ochtend. Ik liep richting station Driehuis toen een nerveuze Pompey mij belde vanaf dat het peron. Hij zag mij in de verte aan komen lopen maar ook de trein naderde al. Het is algemeen bekend dat treinen sneller gaan dan mensen dus op de vroege ochtend verbeterde ik nog even snel het wereldrecord hardlopen op de 200 m. Maar goed, de trein werd nog net gehaald en ik heb nog de hele middag nodig gehad om bij te komen. Op Amsterdam CS werd er nog even op een Witte Leeuw gewacht en toen ook deze welp zich bij de groep had aangesloten werd de reis voortgezet richting Ibis Hotel alwaar onze akela, Trevor, zijn hol had. Tijdens het wachten op deze Mackem werd de tijd gedood met het poetsen van onze schoenen met de automatische schoenenpoetsmachine van het Ibis Hotel. Wij konden met glimmende schoenen Amsterdam in. Even voor 13.00u kwamen we aan in de Ierse pub O' Reilly's. De eerste pints werden besteld, de krukken werden gepakt en de dag kon nu echt beginnen. We vroegen Trevor zijn Saint George's Cross uit te vouwen in de pub. Iets wat Trevor een niet al te goed plan leek gezien de verhoudingen tussen Engelsen en Ieren. Na enig aandringen kregen we hem toch zover. De enige reactie die we kregen was van de Ierse barman, die een kreunend 'oi, oi, oi' ten gehore bracht. Na een paar pints in O' Reilly's scheidde mijn weg zich tijdelijk van die van de Tussenvakkers die in de Ierse pub bleven. Max besloot met drie Telstarianen richting de Wallen te gaan om caf� de Old Sailor op te zoeken. Aangezien ik het bij het horen van de Wallen aanzienlijk warmer kreeg dan ik het daarvoor had gehad besloot ook ik mee te gaan naar de rose buurt. Uiteraard kostte het enige moeite om een knappe temeier te vinden. Toen ik deze dan toch gevonden had kwam het idee in me op haar te vereeuwigen op mijn Hema-wegwerp-fototoestelletje. Hoeren hebben echter rappe armen; haar gordijntje was dan ook al dicht voordat ik op mijn knopje had kunnen drukken. Dan maar gewoon de Old Sailor in. Deze bleek goed gevuld te zijn met Ajax-supporters. Opmerkelijk was dat deze mensen langer moesten reizen om een thuiswedstrijd van hun 'helden' te zien dan wij voor deze uitwedstrijd gedaan hadden. Ons accent was vele malen Amsterdamser dan de bezoekers van de Old Sailor van wie ik er toch een behoorlijk aantal betrapte op de gevreesde zachte G. Het tempo van de bierinname werd verhoogd en het liet dan ook niet lang op zich wachten tot Max met volle overgave 'IJmuiden, IJmuiden, IJmuiden' begon te bl�ren. Tussen zoveel Joden kwam hij er niet bovenuit. Z'n pogingen bleven toch wel ontroerend. Na een paar sloten bier werd er even gebeld met de IJmond. De mensen waren al onderweg kregen we te horen. Langzaam maar zeker vonden er meer mensen met een Telstar-hart hun weg naar de Old Sailor. We begonnen toch maar weer enkele klassiekers in te zetten en werden slechts ��n keer vocaal overtroffen door het welbekende 'Joduh, Joduh' van de Amsterdammers....uhm, Ajax-supporters bedoel ik. Daarna bleven het Telstarliedjes die de klok sloegen. Het werd steeds gezelliger maar daar was de drank misschien ook wel debet aan. Op een gegeven moment liepen de eerste mensen naar buiten en maakten aanstalten richting metro te lopen. Max had tegen deze tijd zijn fatsoen al totaal weggedronken. Niemand keek dan ook echt verbaasd toen hij met zijn broek op zijn enkels stond te dansen voor het raam van ��n van de dames van plezier. Omdat ik jullie haar gezicht niet wilde onthouden ben ik heel voorzichtig tegen de gevel naast haar glazen deur gaan staan. Met een flitsende armbeweging wist ik een foto van haar te maken en voldaan (ja, voldaan ja...en zo kost het niks) liep ik weg. Tot ik opeens een naaldhak snoeihard in het vlees van mijn achterste voelde prikken. Mevrouw de hoer bleek over een trap-techniek te beschikken die Roberto Carlos nog jaloers zou maken. Ze bleef er vriendelijk bij lachen, dat wel. Nadat Peul een aantal stillen had ontdekt en een praatje met ze ging maken (ze stonden er niet voor ons, ze stonden er voor drugsdealers) vervolgde onze reis zich richting metro. Tot onze spijt had Max ook hier moeite zijn broek omhoog te houden. Ik belde nog even naar Rinus en hij bleek samen met Pompey, Qpr, Spurs, Trevor en enkele anderen (waaronder Kipboer Rob en Kung-Fu Long) in de zelfde metro te zitten. En daar waren we dan, bij de Amsterdam Arena. We wisten al dat er zo'n 1000 Telstarsupporters zouden zijn in deze betonbult. E�n groot feest, dachten wij. Dat we er finaal naast zaten wisten we toen nog niet. In het stadion werden de spandoeken vakkundig opgehangen (een mug die kijkt TV, historie boven commercie en natuurlijk Trevors Engelse Telstarvlag). Een blijde verrassing was dat ons oude Telstarlogo schitterde op de beeldschermen in de ArenA. Was dit een foutje van de beeldschermbeheerders of zat hier meer achter (Jomanda?!?). We zullen het nooit weten maar mooi was het in ieder geval wel. Tijdens de wedstrijd werden wij geconfronteerd met het pijnlijke feit dat er een hoop mensen in het Telstarvak zich niet echt druk maakten om wie er zou winnen. Zingen was voor een hoop mensen een zware opgave, zei deden dat dan ook hun uiterste best zo stil mogelijk te zijn. Terwijl de 250 enthausiaste supporters zichzelf de pijn in hun harses schreeuwden gebeurde hetgeen waar we allemaal van te voren zo bang voor waren geweest. Scheidsrechter Koopman naaide onze Witte Leeuwen weer ouderwets hard. Een onterecht afgekeurd doelpunt van Laurens was het startsein voor een drama dat niemand verwacht had. Het arbitrale trio was een regelrechte aanfluiting en de tieners van Ajax combineerden zich een weg naar een 3-0 overwinning. Terwijl na afloop van deze zwarte avond een hoop mensen met dezelfde glimlach hun Telstarsjaaltje omruilden voor een Ajaxsjaaltje kon ik het niet langer meer behappen en ging ik zo snel mogelijk weer naar de IJmond. Ik was echter zo diep teleurgesteld dat ik na ��n biertje in Paviljoen Schoonenberg deze dag eigenlijk wel voor gezien wilde houden. Gelukkig stond er nog een weekendje Engeland op het programma. Elmander |