Terug naar overzicht        Vraag&antwoord       Deze site  

310 DE BIJBEL: EEN LANGE GESCHIEDENIS VAN BEWOGEN MENSEN

DOELEN kern; uitbreiding

Kinderen ontdekken dat een boek een bijzondere betekenis kan hebben in hun leven. Dit houdt in dat ze:

- concrete verhalen vertellen die hen geholpen hebben om 'groot' te worden;

- enkele boeken bespreken die een rol spelen (hebben gespeeld) in hun leven of in dat van andere mensen;

- verwoorden welke waarden en inzichten er 'meegegeven' worden in avonturenboeken, naast de (ont)spanning;

- enkele succesvolle jeugdauteurs evalueren op basis van de waarden of de levensvragen die zij in hun boeken aan bod laten komen;

- kennismaken met enkele beroemde boekwerken of auteurs die een rol spelen (gespeeld hebben) in de samenleving of zelfs de geschiedenis veranderd hebben.

Kinderen zien in dat mensen in hun verhaaltradities en 'heilige boeken' een godsdienstige kijk op het leven verwoorden en doorgeven. Dit houdt in dat ze:

- ontdekken hoe mensen in allerlei culturen verhalen vertellen om hun levenswijsheid door te geven van generatie op generatie;

- de herkomst (volk, godsdienst) van enkele 'heilige boeken' (o.a. de Thora, de Koran, de Bijbel) kennen;

- enkele godsdienstige inzichten uit 'heilige boeken' bespreken, die voor de gelovigen van de betrokken godsdiensten oriënterend zijn (b.v. uit de Thora: het verbond tussen God en Israël; uit de Koran: Allah is de énige God; uit het evangelie: God doet mensen opstaan, ook uit de dood);

- ontdekken hoe 'heilige boeken' mensen in beweging zetten;

- weten dat er in het Oude Testament drie grote delen zijn: Tora, profeten, wijsheidsboeken;

- weten dat er in het Nieuwe Testament 4 evangelies zijn, brieven en andere boeken;

- respectvol omgaan met 'heilige boeken';

- kennismaken met rituelen van eerbied waarmee godsdiensten hun ‘heilig boek' omgeven (o.a. joden met de Thora, moslims met de Koran, christenen met het evangelie);

-een mythisch verhaal (b.v. uit de Germaanse, de Griekse, de hindoeïstische of de indiaanse mythologie) interpreteren als een (godsdienstig) antwoord op een levensvraag.

Kinderen onderkennen in verhalen uit het Oude Testament de godsdienstige zingeving van de joodse geschiedenis. Dit houdt in dat ze:

- verkennen hoe het Exodusverhaal spreekt over Gods bevrijding van mensen in alle tijden;

- lezen hoe de profeet Elia de trouw aan de Thora aan het joodse volk voorhoudt als levenslijn

in slechte tijden;

-ontdekken dat het Oude Testament voor Jezus, zowel als voor de evangelisten het heílig boek is;

- raakpunten ontdekken tussen christenen, joden en moslíms door gemeenschappelijke elementen in hun heilige boeken;

- inzien dat joden bezwaar kunnen hebben tegen de term Oude' Testament en dat daarom ook over het 'Eerste Testament' gesproken wordt;

- enkele belangrijke personen en gebeurtenissen situeren op een tijdlijn;

- de symbooltaal van een mythisch verhaal uit het O.T. (b.v. Ark van Noach, Toren van Babel, ...) begrijpen.

Kinderen verkennen het Nieuwe Testament en herkennen daarin het geloof in en het enthousiasme voor Jezus en zijn boodschap. Dit houdt in dat ze:

- weten dat het Nieuwe Testament een getuigenis is van het geloof in Jezus Christus;

- inzien dat de term het 'Nieuwe' Testament voortbouwt op het Oude Testament'

- het jood-zijn van Jezus verkennen;

- onderscheid maken tussen woorden en verhalen van Jezus (b.v. parabels en verhalen over Jezus (b.v. genezingsverhalen);

- bespreken hoe het verhaal van Jezus Gods bevrijding in het leven van mensen aanwezig brengt;

- verwoorden dat de verrijzenis van Jezus voor de evangelisten de bevestiging en de vervulling van zijn levenskeuze was;

- in de pinkstertoespraak van Petrus (Hnd. 2) ontdekken dat het paasgeloof de leerlingen in beweging zette, o.a. om over Jezus te beginnen vertellen;

- een parabel over het 'Rijk van God' kunnen begrijpen als een metafoor voor een samenleving

die Gods Liefde tracht te verwezenlijken;

- de beeldtaal van een N.T.-wonderverhaal ontdekken, b.v. de bruiloft te Kana (Joh. 2, 1-12),

de storm op het meer (Lc. 8, 22-25);

Kinderen ontdekken de Bijbel als bron van kerkelijk leven en van cultuur. Dit houdt in dat ze:

- kort kennismaken met:

- de plaats van de Bijbel in de liturgie (woorddienst),

- de betekenis van de homilie (de Bijbel interpreteren en actualiseren),

- bijbelse verhalen achter enkele hoogtepunten uit het kerkelijk jaar (b.v. advent, Kerstmis, veertigdagentijd, Goede Week, Pasen, Pinksteren, Hemelvaart),

- de bijbelse achtergrond van enkele sacramenten (b.v. doopsel, eucharistie, ziekenzalving);

- bijbelse wortels ontdekken van vormen van maatschappelijke dienstbaarheid (b.v. ziekenzorg) en bewogenheid (b.v. advents- en vastenacties);

- enkele bijbelse taferelen herkennen in de beeldende kunst (b.v. glasramen, schilderijen) en in de muziek (b.v. Matteüspassie, The Messiah, negro-spirituals, kerkliederen);

- enkele bijbelverhalen uitkiezen die zij belangrijk vinden voor alle mensen;

- ontdekken dat mensen in de Bijbel inspiratie vinden voor hun dagelijks leven;

- de bijbelse herkomst van het 'weesgegroet' en het 'onzevader' kunnen aanduiden;

- enkele bijbelse symbolen uit de christelijke cultuur en iconografie herkennen (b.v. Gods aanwezigheid in het tabernakel = de tent van Jahwe, het kruis, vijf broden en twee vissen, de duif, het lam, ...);

- in een leerwandeling in de plaatselijke kerk of kapel zoveel mogelijk bijbelse verwijzingen herkennen;

- enkele bijbelse spreuken, zegswijzen of beelden kunnen noemen die in de dagelijkse

omgangstaal leven (b.v. "van Pontius naar Pilatus lopen", "zijn kruis dragen", ...);

- filmkunst leren kennen die teruggaat op bijbelse thema's of verhalen.

BASISTAAL Heilige boeken, Bijbel, Thora, Koran, Oud Testament, Eerste Testament, Nieuw Testament, Tweede Testament, verbond, Gods aanwezigheid, het Woord, evangelie, de vier evangelisten: Matteüs, Marcus, Lucas, Johannes, brieven van Paulus en andere apostelen, verhalen, parabels, beelden, symbolen,bevrijding, opstanding, woorddienst, homilie.

verder

Hosted by www.Geocities.ws

1