Pim Fortuyn—hoe gevaarlijk is zijn gedachtegoed?
Door: Dimitri George
Op
maandag 6 mei werd Nederland geschokt door de moordaanslag op Pim Fortuyn.
Direct werd met een beschuldigende vinger gewezen naar links, alsof individuele
terreur een geaccepteerd strijdmiddel is van de arbeidersklasse. Die
beschuldiging slaat echter als een tang op een varken, want de hele
geschiedenis getuigt ervan dat alleen de collectieve strijd voor het socialisme
een rechtvaardige maatschappij tot stand kan brengen.
De
reactionaire machten achter Pim en de Lijst Pim Fortuyn (LPF) proberen met deze
beschuldiging goed garen te spinnen uit de moord op hun marionet, die dood meer
waard blijkt dan levend, getuige de welhaast mystieke verering voor deze
martelaar. Mat Herben, inmiddels fractievoorzitter van de LPF in de Tweede
Kamer en vrijmetselaar heeft op de verkiezingsdag in welhaast bijbelse termen
een karakteristiek gegeven van Goede Herder Pim waarin de gedachten van Pim het
gelijke gewicht kregen als de goddelijke openbaring. Dit theater dient om het
volk een rad voor ogen te draaien. De regisseurs van deze kermis, echter,
spelen achter de coulissen een heel ander spel. De massa, die zich door
mystiek, populisme en occultisme laat misleiden, krijgt op straat agressieve
bijval van extreem rechtse elementen die nu hun kans schoon zien om terreur uit
te oefenen tegen alles wat links van hen staat.
De opkomst van Pim Fortuyn is niet uit de lucht
komen vallen. Met de val van het socialisme in Oost-Europa en de Sovjet Unie is
er geen enkele oplossing gekomen voor de economische problemen van het
kapitalisme. Het fundamentele probleem van het kapitalisme is de relatieve
overproductie. Door de uitbuiting, wat het wezen is van het kapitalistische
systeem, is sinds het ontstaan van het imperialisme, tegelijk met de enorme
ontwikkeling van het productieapparaat, de armoede in de wereld exponentieel
toegenomen. Het productieapparaat is nu groot genoeg om ieder mens op aarde van
het nodige te voorzien, maar door de armoede van de massa’s kunnen de producten
niet worden afgezet. Daarom verkeert de wereldeconomie in een
overproductiecrisis. De markten krimpen in door gebrek aan koopkracht en
daarmee komen de winsten van de imperialisten onder druk te staan. Koopkracht
verhoging van de massa’s als remedie tegen de overproductiecrisis is in binnen
het kapitalistisch systeem onrealistisch, omdat het in strijd met de
wetmatigheden van het systeem zelf, die de kapitalist dwingen zo laag mogelijke
lonen te betalen om hun winsten zo hoog mogelijk te laten zijn, hetgeen weer
een eis is van de aandeelhouders. De enige uitweg binnen dit systeem is daarom
oorlogsproductie oftewel militarisering van de economie. Kortom imperialisme is
oorlog.
Dat blijkt uit het onmiddellijk uitbreken van
oorlogen na ‘de val van het communisme’. Eerst de Golfoorlog en tegelijk
daarmee de oorlogen ter ontmanteling van Joegoslavië om nog maar te zwijgen
over de oorlogen tegen drugs en terrorisme die uiteindelijk gericht zijn tegen
anti-imperialistisch verzet. Ook de verdeling van het territorium van het
voormalige Oostblok en de Sovjet-Unie en misschien ook China en andere tot nu
toe ‘communistische’ landen onder de imperialistische blokken zal wellicht tot
interimperialistische oorlogen kunnen leiden.
Sinds 1997 is de algemene economische crisis van het
kapitalisme verder verscherpt. Japan is aan de rand van de financiële afgrond
komen te staan. De crisis in de VS doet zich ook sinds 2000 gevoelen. Het Europese kapitalistische blok,
de EU, moet ook vanwege dezelfde crisis haar politieke, economische en
militaire positie opnieuw bepalen.
De kosten van de crisis en de oorlogen, samen met of tegen de VS,
worden afgewenteld op de bevolking door het goedkoper maken van de productie
van de koopwaar arbeid. Daarom moeten de kosten die de waarde van die koopwaar
bepalen omlaag: de kosten voor sociale voorzieningen, onderwijs,
gezondheidszorg, huisvesting, voeding, kleding, culturele en fysieke
ontwikkeling, etc.
Om deze internationaal georganiseerde aanval op het
proletariaat te doen slagen, zijn demagogen en populisten als Pim
onontbeerlijk. Pim moet inspelen op de angsten en ongenoegens van vooral twee
groepen of klassen in de bevolking: de kleine burgerij en het proletariaat. De
arbeidersklasse, of zoals Pim zegt, de onderklasse, die alle negatieve gevolgen
van de import van buitenlandse arbeid moet dragen, zoals loondruk, gebrek aan
huisvesting en overlast, wordt bespeelt met het eentonige wijsjes over
Neerlands bloed dat in d’adren vloeit, van vreemde smetten vrij en andere
nationalistische rimram. Europa moet een gesloten fort worden, waarin geen
plaats is voor de slachtoffers van de imperialistische uitbuiting elders in de
wereld. De kleinburgers of zoals Pim zegt, de enige mensen die in dit land nog
werken, die de waarde van hun aandelen hebben zien kelderen, gebukt gaan onder
enorme hypotheken en hun levensstijl financieren met consumptiekredieten, zijn
in paniek geraakt voor de onbegrepen machten, die daar de oorzaak van zijn, en
rijp voor alle soorten oplossingen, zolang die maar niets met de werkelijkheid
te maken hebben, omdat het zicht op de werkelijkheid voor hen verborgen blijft
achter het valse beeld van die werkelijkheid in de media. Hun irrationele
wereldbeeld schreeuwt om de irrationele oplossingen in het gedachtegoed van Pim
Fortuyn, navolger van Berlusconi en verdediger van Janmaat en Haider, de
irrationaliteit van het fascisme.[1]
Daaruit blijkt in dienst van welke klasse hij staat: de grote bourgeoisie
oftewel het imperialisme.
Georgi
Dimitrof verschaft ons inzicht in het fascisme in zijn referaat Het
offensief van het fascisme en de taak van de Communistische Internationale in
de strijd van de arbeidersklasse tegen het fascisme uitgesproken op 2
augustus 1935 tijdens het 7e wereldcongres van de Communistische
Internationale: het aan de macht gekomen fascisme is… de openlijke
terroristische dictatuur van de meest reactionaire, meest chauvinistische en
meest imperialistische elementen van het financierskapitaal.[2]
Van
een openlijke terroristische dictatuur is in Nederland (nog) geen sprake, maar
het fascisme is ook nog niet aan de macht. De Lijst Pim Fortuyn
vertegenwoordigt het opkomend fascisme. Laten we leren van het verleden en
Dimitrof’s waarschuwing ter harte nemen:
“Men kan zich het
aan de macht komen van het fascisme niet zó eenvoudig en vlot voorstellen als
zou het een of andere comité van het financierskapitaal besluiten, op de één of
andere dag de fascistische dictatuur op te richten. In werkelijkheid komt het
fascisme gewoonlijk aan de macht in een onderlinge, somtijds scherpe strijd met
de oude burgerlijke partijen of met een bepaald gedeelte van deze partijen.”[3]
Het
is die strijd, die de afgelopen maanden niet van het scherm te branden was,
waarin de oude burgerlijke partijen, van GroenLinks tot VVD, Pim als fascist
probeerden weg te zetten. Maar nu Pim is vermoord en de LPF zich in de kamer
heeft genesteld via de prostitutie van emoties middels tv en pers en het
vervalsen van de verkiezingen door het creëren van een sfeer van dreiging en
terreur, nu huilen die burgerlijke partijen met de wolven in het bos en kan de
heilig verklaarde Pim in de hemel werkelijk boven de partijen zweven. Hier op
aarde, echter, zweeft het gedachtegoed van Pim niet boven de partijen, maar
vindt het zijn materialisatie in de vos LPF, die wel zijn haar maar niet zijn
streken heeft verloren: Het fascisme is geen boven de klassen staande macht.[4]
Immers, het kapitalisme is een klassenmaatschappij, waarbij arbeid en kapitaal
in voortdurende tegenstelling tot elkaar staan en afhankelijk van de
krachtsverhoudingen de maatschappij in een reactionaire dan wel progressieve
richting doen bewegen. Aan die wetmatigheid ontkomt ook het fascisme niet
Om het neofascistisch karakter van het gedachtegoed
van Fortuyn te bepalen, nemen we onderstaande typering die Michael Parenti van
de Italiaanse neofascisten heeft gemaakt en vergelijken die met uitspraken van
Fortuyn in zijn verschillende publicaties en ook met het ‘programma’ van de
Lijst Pim Fortuyn (LPF), zoals vastgelegd in Fortuyn’s jongste boek De
puinhopen van acht jaar Paars.
“…straal een
vrolijk Reaganachtig optimisme uit; vervang militaristische regimes door
publiekslievelingen die je via de media populariseert; overtuig de bevolking
ervan dat de overheid de vijand is—vooral de sector van de sociale
diensten—versterk ondertussen de repressieve kracht van de staat; wakker
racistische vijandigheid en tegenstellingen aan tussen de eigen bevolking en
immigranten, preek de mythische deugden van de vrije markt en streef naar
belasting- en uitgavenmaatregelen die de inkomsten herverdelen…naar boven toe.”
Michael
Parenti[5]
Straal
een vrolijk Reaganachtig optimisme uit; vervang militaristische regimes door
publiekslievelingen die je via de media populariseert
Het gelukt het fascisme, de massa te winnen, omdat het op
demagogische wijze een beroep doet op haar meest nijpende noden en behoeften.
Georgi
Dimitrof[6]
“De mensen in het
land willen dat politici hun onzekerheid en angsten serieus nemen. Niet door ze
weg te verklaren of te negeren, maar door hardop te zeggen wat een ieder denkt
en vreest. Door man en paard te noemen en te zeggen tegen de kiezer: inderdaad
beste mensen ‘de show is over and now the floor is empty’. Met zijn allen aan
de slag. Allemaal de schouders eronder. Allemaal naar rato inleveren, Weg met
de jansaliegeest, weg met het verzorgingstehuis Nederland. Op weg naar een
nieuwe vitale maatschappij….De politicus die dit alles durft te zeggen, trekt
kiezers naar de stembus en zal het mandaat krijgen waarom hij vraagt.”
Pim
Fortuyn[7]
Dat
Pim Fortuyn populair is bij grote delen van de Nederlandse bevolking behoeft
geen betoog, Zijn populariteit is
echter vooral gebaseerd op populisme[8].
Zelf zegt hij hierover: “Politiek is ook een toneelstuk. De mensen willen
een verhaal horen en dan gaan slapen”.[9]
Hij speelt in op onvrede en in en passant wijst hij allochtonen aan als gevaar
voor de samenleving: “Een keel doorsnijden dat is iets wat een Fries niet
doet. In het dorp gingen onmiddellijk geruchten dat het een buitenlander moest
betreffen, uit een andere cultuur, en ja, die woonden in het
asielzoekerscentrum buiten het dorp. Een redelijke gedachte” (nadruk
van DG).[10] En: “…zoals
we er sedert de jaren tachtig geen cel bij hadden hoeven bouwen als wij niet zo
ruimhartig de buitenlandse medemens uit bijvoorbeeld Turkije en Marokko hadden
toegelaten”.[11] Mensen die afhankelijk zijn van uitkeringen
schildert hij af als profiteurs van de verzorgingsstaat: “… een idioot grote
groep mensen, die op zijn best als een dood gewicht (nadruk van DG) in
de samenleving functioneren, maar die niet zelden een hoop overlast bezorgen en
de verzorgingsstaat op termijn doen bezwijken onder zijn gewicht.” [12]
Pim
beschikte niet als Berlusconi over een eigen media-imperium. Dat hij door de
media is groot gemaakt lijdt echter geen twijfel. Sinds hij eind augustus van
het vorige jaar bekendmaakte, deel te zullen nemen aan de verkiezingen, was hij
bijna dagelijks op radio en televisie
te zien en te horen zonder dat het hem een cent kostte![13] Tegenspel kreeg hij
nauwelijks. Toeval of niet, zijn interviewers waren slecht op de hoogte of
boden hem een podium, zoals Paul Witteman tijdens het lijsttrekkersdebat na
afloop van de gemeenteraadsverkiezingen. En sloeg hij soms een flater, zoals in
zijn reactie op Paul Rosenmöler na het tweede lijsttrekkersdebat, dan was er
het programma van zijn vriend en geldschieter Harry Mens, Business Class,
om een en ander weer recht te trekken! De media hebben Pim tot een hype gemaakt
en door hun kritiekloze houding een beslissende bijdrage geleverd aan zijn
populariteit. De verslaggeving na zijn dood was zo mogelijk nog erger en heeft
in belangrijke mate bijgedragen tot de verheerlijking van zijn persoon; een
politieke campagne zonder weerga en zonder oppositie.
Overtuig
de bevolking ervan dat de overheid de vijand is - vooral de sector van de
sociale diensten
Het fascisme heeft nooit naar een sociale oplossing
gestreefd ten dienste van het gewone volk, integendeel. Het fascisme zocht een
reactionaire oplossing door al de lasten en verliezen in de schoenen van de
werkende bevolking te schuiven.
Michael
Parenti[14]
Op
radio en televisie, in talrijke columns en boeken trok Fortuyn van leer tegen
Paars en de ‘regentencultuur’, die hij ziet als “…een cultuur van
eliteoverleg, van plooien en gladstrijken en bovenal van gedogen… Het is een
gesloten wereld met autistische trekjes, met een geheel eigen kijk op de wereld
en de werkelijkheid …ook wel de ‘Haagsche Kaasstolp’ genoemd. Door dit gebrek
aan democratisch gehalte zitten wij de burgers, nu opgescheept met een
collectieve sector die steeds minder beantwoordt aan zijn bedoeling, namelijk
het leveren van diensten aan burgers en bedrijven die naadloos aansluiten bij
hun behoeften”.[15]
Wie
zijn boeken en columns leest ontdekt echter al snel dat het ‘programma’ van Pim
Fortuyn volledig aan de behoeften van het bedrijfsleven tegemoet komt, maar de prijs daarvan legt op het bordje van
de arbeider. Paars heeft op velerlei gebied voorbereidend werk gedaan. Zo is al
flink gesnoeid in het sociale zekerheidsstelsel en liggen de plannen voor een
nieuw zorgstelsel[16] klaar waarmee de LPF de
onderhandelingen voor het nieuwe regeerakkoord in kan gaan.
Zorg
voor de zwakkeren in de maatschappij vond Fortuyn maar onzin: “Die
uitkeringsbakken dienen zo leeg mogelijk te zijn, en wie er toch in
terechtkomt, dient er zo kort mogelijk in te blijven en ook voor hen, voor wie
de situatie helaas onomkeerbaar is, geldt, dat zij dienen te worden
aangesproken op hun restcapaciteit”[17]
Over
de WAO zegt hij: “Tegenwoordig mag je in de WAO als je allerhande
oncontroleerbare ziektes hebt…Wat zijn we met elkaar toch een watjes dat we
deze flauwekul nog willen betalen… Gewoon je eigen broek op houden,
verantwoordelijk zijn …ook voor jouw hoogst eigen pech. [18]
…De enige oplossing is de WAO onmiddellijk afschaffen. Eenieder die dan uitvalt
komt zonder mankeren in de bijstand terecht”[19]
Over
de bijstand: “De bijstand dient voor gezonde mensen te worden afgeschaft en
vervangen door negatieve inkomstenbelasting, die een maandelijks netto-inkomen
garandeert van vijfhonderd gulden…”[20]
Over
de ziektewet: “…de eerste week van de ziekte voor rekening van de werknemer
te laten komen…Dat leert werknemers dat zij in geval van hoofdpijn, een klein
griepje, menstruatieperikelen, een avondje doorzakken of zo maar wat balen,
zelf voor de kosten opdraaien”.[21]
Over
inkomens afhankelijke subsidies: “De armoedeval wordt stapsgewijs
opgeheven door aan persoonlijke omstandigheden gebonden subsidies alsmede
vrijstelling van gemeentelijke en waterschappelijke tarieven en belastingen af
te bouwen…geen individuele huursubsidie meer”[22]
Over
de kinderbijslag: “De kinderbijslag wordt onmiddellijk afgeschaft.
Kinderen, zo zal de overheid ons via postbus 51 leren, zijn weliswaar
geschenken, maar niet van God of Allah, maar aan onszelf omdat we daartoe
bewust hebben besloten”[23]
De door Fortuyn voorgestelde
maatregelen sluiten aan bij een beleid van ontmanteling van de sociale
zekerheid, dat al in de 80-er jaren is ingezet en onder Paars voortvarend is
doorgevoerd. Er zijn dan ook geen principiële verschillen tussen Paars dat een
comité ter behartiging van de belangen van het grootkapitaal was en Fortuyn. Het
comité van Pim moet die belangen alleen nog beter dienen.
Preek
de mythische deugden van de vrije markt
Het fascisme is de macht van het financierskapitaal zelf.
Georgi
Dimitrof[24]
“De collectieve sector zal een draai moeten
maken van 180 graden, van aanbodsgericht naar vraaggestructureerd”[25] is de teneur van de publicaties
van Fortuyn. Wat dat betekent, blijkt uit het volgende citaat: “Er is geen
corrigerend marktmechanisme (in de collectieve sector) dat de producenten van goederen en diensten
dwingt om met de consumenteindgebruiker rekening te houden. (…) Laat het
particulier initiatief toe op deze terreinen… Laat uitzendbureaus maar de
diensten en mogelijkheden van verzorgings- en verpleegtehuizen aanbieden, naar
draagkracht van degenen die behoefte hebben aan deze zorg. Laat ook particulier
onderwijs toe. Kap met die nivelleringsdiscussie…”[26] Dat wil zeggen:
marktwerking in gezondheidszorg en onderwijs!
Met
zijn aanbevelingen wil Fortuyn niet anders dan de gezondheidszorg openbreken
voor de markt. Daartoe wil hij de Colleges Bouw en Sanering
Ziekenhuisvoorzieningen opheffen: “Daarvoor in de plaats komt een vergunning
van bouw en sanering die wordt verleend, na een zeer globale toetsing, door het
departement op grond van politiek-beleidsmatige keuzen (…) in de eerste periode
zullen met name ondernemingen met voorrang aan een vergunning worden geholpen…
om de sector in zijn geheel open te breken en vatbaar te maken voor
concurrentie. Een zelfde verhaal geldt voor verpleegtehuizen,
verzorgingshuizen, bejaardenoorden, revalidatiecentra, gehandicaptenoorden,
psychiatrische ziekenhuizen, thuiszorg en dergelijke”.[27]
Fortuyn
grijpt het reële probleem van de wachtlijsten en de kwaliteit van de zorg aan
en stelt privatisering voor als de oplossing voor een gebureaucratiseerde
sector: “Om de zorgsector te dwingen efficiënter en klantgerichter te gaan
werken, wordt op alle terreinen van zorg particulier initiatief en
ondernemerschap toegelaten en aangemoedigd. Ziekenhuizen mogen dus…
specialismen inkopen bij.. zelfstandig gevestigde specialisten. Dokters en
paramedische beroepsbeoefenaars mogen zelfstandige ondernemingen stichten en
collega’s en ander personeel aantrekken in loondienst”.[28]De SP toont echter al aan,
dat het aanpakken van de bureaucratisering ‘slechts’ 200 miljoen euro op zal
leveren, terwijl met het oplossen van de wachtlijsten en het verbeteren van de
kwaliteit in de gezondheidszorg enkele miljarden euro gemoeid zijn. [29] In werkelijkheid leiden de
aanbevelingen van Pim tot een tweedeling in de gezondheidszorg, iets dat
hij, getuige de volgende citaten, ook
daadwerkelijk nastreeft: “Toen ik
…vanwege een schedelbasisfractuur… plotseling moest worden opgenomen, kreeg ik
derdeklas verzorging in een smerig ziekenhuis. Ik betaal een eersteklas premie
plus, plus, plus!…Ik was niet ziek genoeg om een eigen kamer te krijgen, die
ging naar een derdeklas verzekerde patiënt die deze kamer naar het oordeel van
de zorgmanager… meer nodig had dan ik.” [30]
en: “...mijn interieurverzorgster dient toegang te hebben tot dezelfde
medische technologie en artsen als ik. Maar ze hoeft niet dezelfde
zorgarrangementen te genieten als ik”.[31]
Behalve door privatisering wil hij dit bereiken door semi-statelijke en
particuliere zorgaanbieders onderling te laten concurreren en de prijsvorming
volledig vrij te geven en door premiedifferentiatie in de verzekeringen toe te
laten.
Om
het voor de particuliere ondernemers allemaal nog wat gemakkelijker te maken
wil hij het College Tarieven Gezondheidszorg opheffen en vervangen door een
bureau dat de prijs–kwaliteit verhouding beoordeelt. Dus geen centraal vastgestelde
tarieven meer, maar: krijg je waar voor je geld?
Het
resultaat zal zijn, dat de rijken uitmuntende zorg zullen kunnen kopen bij
goeduitgeruste privé-klinieken, die het beste personeel aantrekken met betere
arbeidsvoorwaarden. De armen, door Fortuyn fijntjes met ‘onderklasse’
aangeduid, zullen het moeten doen met de derdeklas zorg in smerige ziekenhuizen
waar Fortuyn zijn neus zo voor ophaalt. Juist voor deze groep maakt hij de
toegang tot de zorg nog moeilijker door een substantiële eigen bijdrage te
heffen op elk eerste bezoek. Natuurlijk kan deze eigen bijdrage via een extra
verzekering worden afgekocht, maar hoe moeten al die zieken die in Pim zijn
schamele bijstand zijn beland, dat betalen? Maar ja, dat zal de “onderklasse-mensen”
en vooral de “onderklasse-allochtonen” bij wie de
zorgconsumptie “schrikbarend veel hoger ligt”, wel leren. “Zouden de middenklassen en de hogere
klassen echt weten hoe het ligt met de consumptie van zorg en de verdeling van
de financiële lasten daarvan, dan zou dit gisteren een einde hebben betekend
van de solidariteit en dan was tweedeling in de zorg al veel verder
voortgeschreden dan thans.”[32]
De
plannen van Fortuyn met het onderwijs strekken niet zo ver als die voor de
zorg, maar dat het onderwijzend personeel het er onder Pim Fortuyn niet beter
op zal krijgen, mag blijken uit het volgende “Aan de hemeltergende toestand
van het almaar naar huis sturen van leerlingen wordt een einde gemaakt door
drastisch te snijden in de toestroom naar de WAO en het ziekteverzuim rigoureus
aan te pakken, alsmede te wieden in de onderwijsverstorende secundaire
arbeidsvoorwaarden van het onderwijzend personeel. De onderwijsbonden kunnen
hun borst nat maken, met al die vreselijke verworven rechten”.[33] Geld voor meer personeel en
betere primaire arbeidsvoorwaarden wordt door Pim niet vrijgemaakt, maar moet
ook hier komen uit het bestrijden van de bureaucratie. Nergens geeft hij aan
hoeveel geld dat oplevert. Dat Fortuyn in het onderwijs ook streeft naar
privatisering en tweedeling, daarom windt hij geen doekjes: “Herstel van de
invloed van het uitvoerend personeel betekent ook dat zij dan verantwoordelijk
zullen zijn voor de resultaten. Dan zal niet alleen de macht van de overheid
moeten worden gebroken, maar ook die van de bonden die alleen maar meer geld
willen en elke verandering blokkeren. Laat het particulier initiatief toe op
deze terreinen in plaats van het tegen te werken”[34]
..een..ernstige en niet te onderschatten fout is het
onderschatten van de betekenis, die de, zich tegenwoordig verscherpende
reactionaire maatregelen van de bourgeoisie in de landen der burgerlijke democratie voor het oprichten
van de fascistische dictatuur hebben, - maatregelen die de democratische
vrijheden van de werkers onderdrukken, de rechten van het parlement vervalsen
en bekorten en de onderdrukkingsmaatregelen tegen de revolutionaire beweging
verscherpen.
Georgi
Dimitrof[35]
“…..versterk de
repressieve kracht van de staat…”
Wellicht
de belangrijkste hoofdstukken in ‘De
puinhopen van acht jaar Paars” zijn de hoofdstukken waarin Pim Fortuyn zijn
ideeën over Binnenlands Bestuur en Buitenlandse politiek, defensie en EU uiteen
heeft gezet.
De
voorstellen die Pim in zijn boek “De puinhopen van acht jaar Paars” doet op het
gebied van het binnenlands bestuur leiden stuk voor stuk tot concentratie van
macht en uitholling van democratie.
Hij
sluit daarmee naadloos aan bij wat “Paars” al in gang heeft gezet. Op 7 maart
j.l is in alle stilte de wet bestuurlijke vernieuwing van kracht geworden. Door
deze wet is de macht van het orgaan van volksvertegenwoordiging dat de
gemeenteraad althans formeel is, uitgehold ten gunste van de macht van b &
w. B&W besturen, terwijl voor de gemeenteraad slechts een controlerende
functie overblijft. In de praktijk wordt die functie bovendien ernstig
belemmerd doordat b&w en de door hen aangestelde commissies en ambtenaren
zich aan ieder onderzoek naar hun functioneren kunnen onttrekken door zich te
beroepen op ‘het algemeen belang’.[36]
Dit
wordt versluierend dualisering van het bestuur genoemd. Eenzelfde
machtsverschuiving wordt voor het provinciaal bestuur voorbereid. De Lijst Pim
Fortuyn zegt hierover: “Experimenten met modernisering van het binnenlands
bestuur (o.a. duaal bestuur) dienen met kracht te worden voortgezet”. [37]
Ook op nationaal niveau wilde Fortuyn deze dualisering doorvoeren, waardoor de
macht volledig bij het kabinet zou komen te liggen. Te vrezen valt dat de
tweede kamer dan geen wetsvoorstellen meer zal mogen wijzigen of zelf
wetsvoorstellen indienen.
Pim
wilde de macht echter nog verder concentreren door het aantal ministeries (en
dus ministersposten) terug te brengen tot 6. Ontwikkelingssamenwerking en
Defensie zouden in één departement moeten worden ondergebracht alsook Justitie
en Vreemdelingenbeleid.
Om
zijn voorstellen voor bestuurlijke veranderingen te presenteren komt Fortuyn in
‘De puinhopen van acht jaar Paars’ met
het begrip subsidiariteit op de proppen. Hij verwijst naar het rooms-katholieke
corporatistische beginsel dat stamt uit de jaren dertig van de vorige eeuw. Het
stelt de maatschappij voor als een levend organisme dat is opgebouwd uit van
elkaar afhankelijke delen die elk een eigen functie hebben, of zoals Jan-Peter
Balkenende van het CDA het onlangs verwoordde: “Van oorsprong is subsidiariteit
een begrip uit de sociale leer van de Rooms-Katholieke kerk, dat de
betrekkingen regelt tussen overheid en samenleving, respectievelijk de
samenlevingsverbanden. Wanneer het lagere orgaan niet tot noodzakelijk handelen
in staat of bereid is, is het eerst-hogere orgaan gelegitimeerd op te treden.” [38]
Op Europees niveau wordt het begrip sinds 1951 gehanteerd[39]. Het stelt de EU
in staat in te grijpen: “als een probleem met eigen maatregelen van de
lidstaten niet naar voldoening (van de EU) kan worden opgelost. [40]
Fortuyn
omschrijft het begrip subsidiariteit in
zijn huidige context als volgt: “Subsidiariteit houdt in dat men die instantie
zaken laat regelen die het beste overzicht heeft en die het beste kan bepalen
waaraan behoefte is….Voor de maatschappij en economie betekent dit dat men
zoekt naar die organisatievorm en die organisatiegrootte, qua
arbeidsorganisatie en geografisch cq. qua markt, die het best past bij het te
realiseren ‘product’ – een (public) goed of (public) dienst – en degene die dat
product afnemen. Voor het politiek-bestuurlijke betekent het dat men naar het
juiste niveau zoekt van overheidsdienstverlening en overheidsorganisatie, dat
wil binnen EU verband zeggen: de
instituties van de EU, de nationale overheid, de regio of ten slotte de
gemeente.”[41]
In
de dertiger jaren werd het subsidiariteitsbeginsel gepresenteerd als een
alternatief voor zowel de ongebreidelde vrije markt als de klassenstrijd. Ook
Fortuyn suggereert in bovenstaand citaat boven de klassen te staan. Een
dergelijke voorstelling van zaken negeert echter de tegenstelling tussen arbeid
en kapitaal, die het wezen vormt van de kapitalistische maatschappij. In
werkelijkheid was en is het dan ook bedoeld om de klassenstrijd te bestrijden
en de belangen van het kapitaal te verdedigen.[42]
Volgens Pim zou de invulling van het subsidiariteitsbeginsel er als volgt uit moeten komen te zien:
·
De
gemeente: Pim wil terug naar meer dan duizend gemeentes, die echter een zeer
beperkt ambtenarenapparaat zullen hebben en gemeentelijke overheidsdiensten in
zullen moeten kopen. Pim ziet ook hier een schone taak voor het particulier
initiatief op terreinen als milieuhandhaving en –controle, ruimtelijke
ordening, juridisch en economisch advies etc. Wanneer bovengemeentelijke
belangen in het geding komen of er in de ogen van het regiobestuur sprake is
van gemeentelijk wanbestuur kan het regiobestuur ingrijpen
·
De
regio: Fortuyn wil het aantal provincies terugbrengen tot 5 of 6 regio’s met
een gekozen stadhouder aan het hoofd van een door hem te vormen kabinet. De regio’s krijgen grote uitvoerende
bevoegdheden ten koste van het Rijk. De regio’s Overijssel/Gelderland en
Brabant/Limburg moeten samenwerkingsverbanden met Duitsland en België
ontwikkelen op het gebied van cultuur, ruimtelijke ordening, werkgelegenheid,
onderwijs etc.
·
Rijk:
Het rijk voert de nationale regie en bepaalt het beleid inzake de EU op het
punt van samenwerking met andere lidstaten en op welke terreinen de nationale
soevereiniteit wordt prijsgegeven.
·
EU:
Fortuyn vindt de Nederlandse bijdrage aan de EU te hoog. Hij wil de
structuurfondsen afschaffen die de achtergebleven regio’s in hun ontwikkeling
moeten bijstaan. Ook de landbouwsubsidies moeten worden afgeschaft en het
landbouwbeleid weer genationaliseerd.Voor nieuwe toetreders moeten aparte
fondsen worden opgericht die aan tijd zijn gebonden, maar ze mogen voorlopig
niet tot de EMU toetreden en over hun toetreding moet de Nederlandse bevolking
zich in een referendum uitspreken. Tenslotte wil hij dat Nederland aanstuurt op
een grote “subsidiariteitsconferentie” om te bezien op welke gebieden de
zeggenschap bij Europa blijft en wat terug gaat naar de nationale staten.
Fortuyn verwacht hiervoor de steun van Groot-Brittannië, Italië en Duitsland.
Zoals
alle ideologen van het kapitaal wilde Fortuyn de macht van de EU vergroten door
toepassing van het subsidiariteitsbeginsel. Binnen de EU zijn echter
verschillende krachten werkzaam. Enerzijds wil Duitsland zo snel mogelijk naar
een federale Europese staat onder Duitse heerschappij. Anderzijds streven met
name Groot-Britannië en Frankrijk veeleer naar een weliswaar machtige
confederatie van nationale staten.[43] Fortuyn lijkt in
deze op een lijn te zitten met Groot-Britannië en Frankrijk en te streven naar
een confederatie van nationale staten.
Tegelijkertijd
is er een ontwikkeling gaande van een Europa van de regio’s, waarbij regio’s
worden gevormd die de grenzen van de huidige nationale staten overschrijden en
ingezet wordt op de ontwikkeling van economisch sterke regio’s ten koste van
achtergebleven gebieden.[44]
Het programma van Fortuyn staat ten dienste van die kapitaalsgroepen die er
belang bij hebben dat Nederland tot Europa’s
sterke regio’s kan behoren.
In
de media is het beeld naar voren gebracht als zou Fortuyn Land- en Luchtmacht
op willen heffen. Dit is echter een versimpeling van wat Fortuyn werkelijk
heeft voorgesteld. Wat hij wilde komt ook hier neer op concentratie van macht
door de drie legeronderdelen onder te brengen onder één admiraliteit die onder
de minister van defensie komt te staan. De functie van de admiraal die aan het
hoofd moet komen te staan van die admiraliteit moet in de ogen van Fortuyn
sterk opgewaardeerd worden in vergelijking met de functie van de huidige chef
defensiestaf. Onder de admiraal staan 3 vice-admiraals voor respectievelijk
varend materieel en manschappen, vliegend materieel en manschappen en
grondtroepen en materieel. Boven de admiraliteit staat de minister die het
beleid en de defensiestrategie ontwikkelt. Deze wordt daarbij ondersteund door
een afgeslankt ministerie dat de krijgsmacht op hoofdlijnen controleert.
Om
het tekort aan militair personeel op te vangen wil Fortuyn de dienstplicht weer
invoeren en jongeren die met de rechter in aanraking zijn geweest onder
bepaalde omstandigheden vanaf de leeftijd van zestien jaar voor 4 jaar in
militaire dienst te laten gaan.
“..wakker
racistische vijandigheid en tegenstellingen aan tussen de eigen bevolking en
immigranten..”
De gebeurtenissen van 11 september moeten koren op
de molen van Pim Fortuyn zijn geweest. Handig speelde hij in op de angst die
bij veel Nederlanders was ontstaan voor mensen die het Islamistische geloof
aanhangen of afkomstig zijn uit een land waar dit geloof dominant is. “Het
allervoornaamste dat echter moet gebeuren is onze bevolkingen weerbaar maken
tegen deze sluipende vijand en de veenbrand van de islam die wereldwijd woedt”.[45]
Hij stelde de islam voor als een achterlijke cultuur. Daarmee wakkerde hij,
zijn eigen woorden ten spijt,
vreemdelingenhaat aan en creëerde hij een klimaat waarin hij de
burgeroorlog in Europa: “als gevolg van oplopende culturele, sociale en
economische tegenstellingen” waarvoor hij in De puinhopen van acht jaar Paars
waarschuwt dichterbij heeft gebracht dan ooit. Hij stelde de Islam tegenover
wat hij noemt: de moderniteit: “globaal gesteld het geheel aan kernnormen en
–waarden van wat wij noemen de westerse, ontwikkelde, kapitalistische,
parlementair democratische wereld met een sterke aandacht voor de universele
rechten van de mens in het algemeen en de mensenrechten in het bijzonder”[46],
desondanks zag hij er geen bezwaar in artikel 1 van de grondwet af te schaffen,
het vluchtelingenverdrag van de VN op te zeggen en uitgeprocedeerde
asielzoekers tot hun uitzetting als criminelen op te sluiten. Zie hier het
respect voor mensenrechten van de moderniteit!
“…streef naar
belasting- en uitgavenmaatregelen die de inkomsten herverdelen….naar boven
toe…”
Alhoewel Pim Fortuyn in het in de haast
samengestelde LPF programma ‘Zakelijk met een hart’ beweert dat bij het
opschonen van de belastingen de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten
dragen duiden zijn concrete voorstellen in een andere richting. Weliswaar wil hij
het BTW-tarief verlagen en de ecotax
afschaffen, maar dat weegt voor de mensen met de laagste inkomens niet op tegen
het afschaffen van huursubsidie en andere inkomensafhankelijke subsidies en
vrijstellingen van gemeentelijke tarieven en belastingen. Zij worden in de
plannen van Fortuyn bovendien het zwaarst getroffen door het afschaffen van de
kinderbijslag en de eigen bijdrage in de zorg en profiteren, voor zover ze zich
al een auto kunnen veroorloven, het minst van de teruggave van het kwartje van
Kok aan de automobilist. De rijken worden in de plannen verder gespekt doordat
kapitaalsbelasting en overdrachtsbelasting worden afgeschaft en de
hypotheekrente-aftrek wordt gehandhaafd. Kortom: De rijken rijker en de armen
armer!
Met de LPF is het neo-fascisme toegetreden tot de
Nederlandse regering. Het valt te vrezen dat onder leiding van Mat Herben het
programma van Fortuyn zoals hierboven is geanalyseerd een belangrijk stempel op
het beleid van de komende jaren zal drukken. Ook als het de LPF als organisatie
niet levensvatbaar zou blijken te zijn - wat wij echter niet verwachten omdat
er belangrijke kapitaalskrachten achter zullen zitten wie er alles aan gelegen
is om de lijst in stand te houden – dan heeft de opkomst van Fortuyn al geleid
tot een enorme verrechtsing, niet alleen in het landsbestuur, maar ook in de
media. Linkse organisaties worden vereenzelvigd met de moord en hun soms wat
radicale acties als crimineel afgeschilderd[47]
Ook het programma van het CDA en de opvattingen van
hun leidsman Balkenende geven redenen tot bezorgdheid. U kunt er op rekenen dat
Dimitri George de nodige analyses zal blijven maken en de ontwikkelingen op de
voet zal blijven volgen
[1]Zie o.a;
Over Berlusconi: Hugo Camps: ‘Ik ga vanuit het Catshuis regeren’,
Elsevier 01/09/2001; over Janmaat: Pim Fortuyn: Lokale Verkiezingen,
14/03/1998; over Haider: Pim Fortuyn: EU immigratiegebied 1/3/2001
[2] definitie van het XIIIe Plenum van het Uitvoerend
Komitee der Kommuinistische Internationale in: Georgi Dimitrof: Eenheid tegen
fascisme; p. 7. Pegasus; Amsterdam 1938
[3] Georgi Dimitrof: Eenheid tegen fascisme; pp.
8/9 Pegasus; Amsterdam 1938
[4] Georgi Dimitrof: Eenheid tegen fascisme; p. 7. Pegasus;
Amsterdam 1938
[5] Michael Parenti; Zwarthemden en Roden; Rationeel
fascisme en de omverwerping van het communisme; p. 40; EPO 2001
[6] Georgi Dimitrof: Eenheid tegen fascisme; p. 9. Pegasus;
Amsterdam 1938
[7] Pim Fortuyn; De partij van de niet-stemmers 05-03-1994
[8] populisme = (politiek) populaire, oppervlakkige,
(enigszins) demagogische betoogtrant (Van Dale)
[9] Ik ga vanuit het Catshuis regeren; interview van Hugo Camps met Pim Fortuyn in
Elsevier 1-9-2001
[10] Pim Fortuyn; Kollumer stront: Elsevier 16-10-1999
[11] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars; p.
97; Rotterdam 2002
[12] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars; p.
104; Rotterdam 2002
[13] http://www.pimforpresident.net/
[14] Michael Parenti; Zwarthemden en Roden; Rationeel
fascisme en de omverwerping van het communisme; p. 40; EPO 2001
[15] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
pp.11/12; Rotterdam 2002
[16] http://www.zorgaanzet.nl/
[17] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.111; Rotterdam 2002
[18] Pim Fortuyn; Gebed zonder eind 24-07-2000
[19] Pim Fortuyn; Gebed zonder eind 24-07-2000
[20] Leest u zijn boeken maar; de pimpelpaarse
antwoorden van Pim Fortuyn; pp. 17/18 Wetenschappelijk bureau SP; maart 2002;
http://www.sp.nl
[21] Elsevier, 4 januari 1997; citaat overgenomen uit:
Leest u zijn boeken maar; de pimpelpaarse antwoorden van Pim Fortuyn;
Wetenschappelijk bureau SP; maart 2002; http://www.sp.nl
[22] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.109; Rotterdam 2002
[23] Elsevier, 19 juli 1997; citaat overgenomen uit:
Leest u zijn boeken maar
[24] Georgi Dimitrof: Eenheid tegen fascisme; p. 7. Pegasus;
Amsterdam 1938
[25] Pim Fortuyn; Bevries de overheidsuitgaven;
20-11-2001
[26] Pim Fortuyn; Complex? Kom
Nou; Elsevier 08-04-2000
[27] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.47; Rotterdam 2002
[28] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.45; Rotterdam 2002
[29] Leest u zijn boeken maar; de pimpelpaarse
antwoorden van Pim Fortuyn; p.20 en noot aldaar; Wetenschappelijk bureau SP;
maart 2002; http://www.sp.nl
[30] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
pp.18/19; Rotterdam 2002
[31] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars; p.
24; Rotterdam 2002
[32] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.48; Rotterdam 2002
[33] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.68; Rotterdam 2002
[34] Pim Fortuyn; Complex? Kom
Nou; Elsevier 08-04-2000
[35] Georgi Dimitrof: Eenheid tegen fascisme; p. 8. Pegasus;
Amsterdam 1938
[36] zie: http://www.vernieuwingsimpuls.nl/documenten/gemeentewet_integraal.doc; artikel 155e 3 en 4 van de gemeentewet 7 maart
2002
[37] http://www.pimfortuyn.nl/
[38] J. P. Balkenende Europe is asleep, it’s time to
awaken her; Clingendael lezing 22 november 2001
[39] artikel 5
van de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal (EGKS) en artikel 5 van
het EG-verdrag
[40] http://www.
[41] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.146; Rotterdam 2002
[42] Zie ook P. ’t Hart; Corporatisme in Nederland;
Speerpunt; september 1999; pp. 59 t/m 70
[43] Marxistische Studies nr. 57; Gevaarlijk Europa
pp. 47 t/m 51
[44] Marxistische Studies nr. 50; Het fascisme
gisteren en vandaag p. 8 en p. 64 en Speerpunt jrg 4; nr 1; De ‘derde weg’van
de sociaal-democratie; maart 2000; pp.
33 t/m 42
[45] Pim Fortuyn; De brede coalitie; 27-09-2001
[46] Pim Fortuyn; De puinhopen van acht jaar Paars;
p.153; Rotterdam 2002
[47] o.a Rondom tien; 23 mei 2002