Mijn Carriere bij Rijkswaterstaat

 

Dit is een van de dingen die ik naar mijn vakbond heb gestuurd. Er is in de jaren nog veel meer gebeurd. Als ik daar nog aan toe kom, zal ik er misschien uitgebreider op in gaan. Maar ik denk dat dit een vrij goed ovzerzicht is.

ALPHEN AAN DEN RIJN

Mijn ellende bij Rijkswaterstaat begon eigenlijk al jaren geleden. Ik kwam in de 2e helft van de 80er jaren in dienst van de RWS (Dienstkring Leiden, Directie Zuid-Holland) in Alphen a/d Rijn. Op dezelfde dag begon ook een andere nieuwe collega. Zij was aangenomen voor de post- en archiefzaken en ik voor de financien. Het hoofd van de dienstkring bedacht ook nog een belachelijk plan: Na een paar maanden zou er gekeken worden, wie van ons tweeen de dagelijkse leiding over de administratie, plus de bijbehorende schaalverhoging, zou krijgen. De sfeer was toen gelijk gezet. Alsof dat nog niet genoeg was, was er ook nog een collega, die al langer daar werkzaam was en meende voor die promotie in aanmerking te komen, zich gepasseerd voelend.
Na een paar weken riep het hoofd mij bij zich met het verzoek om van werkzaamheden te ruilen, mijn collega snapte niets van die archiefcode. Ik had daar niet veel zin in, vond financien veel leuker. Dat zou betekenen dat mijn collega ontslagen zou worden! Achteraf gezien had ik aan mijzelf moeten denken, maar wilde het niet op mijn geweten hebben dat mijn collega op straat kwam te staan. Ook hield het dienstkringhoofd mij een worst voor, door te beweren dat in archiefwerk meer toekomst zat. Ik moest dan wel het diploma SOD halen. Ik heb toen besloten om dan maar toe te geven. Ik kreeg toen ook de dagelijkse leiding, kreeg een schaal erbij en heb dat SOD diploma na een jaar behaald.
Na een aantal jaren werden 2 dienstkringen samengevoegd en stonden we dus voor een reorganisatie. We moesten solliciteren naar onze banen, mochten ook meedoen naar andere functies werd gezegd. Dat laatste bleek in de praktijk een lachertje te zijn. Het, inmiddels nieuwe, dienstkringhoofd kwam al weken voor de sollicitatiegesprekken langs om te vertellen wat hij in gedachten had: gewoon mijn huidige fucntie. En, zoals hij het voor ieder gepland had, gebeurde ook. Aangezien ik na een aantal jaren er wel achter was dat archiefwerk echt niets voor me was (ik viel er bijna bij in slaap) en ook die zogenaamde sollicitatieprocedure een aanfluiting vond, besloot ik naar ander werk om te zien. Temeer omdat mijn oude functie, die ik voor iemand anders had opgegeven, na die reorganisatie was opgewaardeerd naar schaal 7 en ik zelf in schaal 5 bleef. Ook wilde ik destijds terug naar het oosten van het land, liefst terug naar Apeldoorn. Toen er echter een vacature in Wageningen kwam heb ik daar toch maar op meegedaan: naar het oosten en nog ander werk ook. Helaas bleek tijdens het sollicatiegesprek dat de functieinhoud toch anders was dan in de advertentie had gestaan en waren de werkzaamheden vrijwel identiek als mijn oude baan. Ik heb toen toch maar meegedaan en kreeg nog dezelfde dag te horen dat de keus op mij was gevallen.

WAGENINGEN

Ik ben met frisse moed bij de Dienstkring Rijn en Lek in Wageningen begonnen, maar kwam er geleidelijk aan achter dat er op de administratie een nare sfeer hing, die zijn wortels in het verleden had. We zaten daar met z'n drieën, twee dames en ik. De jongste heb ik de eerste maanden niet meegemaakt, aangezien ze langdurig in de ziektewet was. Het bleek namelijk dat de oudste van de twee op voet van oorlog had geleefd met mijn voorgangster en de jongste had toen partij getrokken voor degene, die nu weg was. Toen we weer compleet waren begon het spel opnieuw met nu mijn persoontje erbij. Er werd geprobeeerd om mij over te halen om partij te kiezen, maar daar had ik helemaal geen zin in. Ik kan niet tegen oorlogje voeren en zie er ook het nut niet van in. Wat volgde was een ware nachtmerrie. Na verloop van tijd hadden de twee oude vijanden elkaar gevonden en was ik het nieuwe doel. De reden? De oudste liep met heel veel frustraties rond over een oude fusie waarna zij genoodzaakt was om, samen met een chef van een andere afdeling, lange reistijden te hebben. En de jongste vond, alweer, dat zij eigenlijk mijn baantje had moeten hebben. Ik had het waarschijnlijk wel gered als er binnen de Waterstaat echte managers rondlopen, die capabel zijn om de problemen op te lossen. Maar, ondanks dat bij mijn aantreden en ook in latere gesprekken, was erkend dat ik in een wespennest was beland, bleef de steun uit. Voor elk wissewasje werd er bij de baas over mij geklaagd: Hij doet dat fout etc. etc. I.p.v. ze hier op aan te spreken werd dat gedrag 'beloond' met het mij iedere keer op het matje te roepen. Hierbij moet ook nog vermeld worden dat de twee dames vlak voor mij iemand al na een paar dagen letterlijk hebben weggetreiterd. De man liep huilend over straat, omdt hij er niet meer tegen kon. Van een leidinggevende mag dan toch verwacht worden dat hij ingrijpt. Hij volstond echter met de man naar Arnhem over te plaatsen. Ik was dus de zoveeelste in de rij.
Door al deze zaken zat ik niet echt lekker in mijn vel. Daar kwam dan nog bij dat het archiefwerk hoe langeer hoe meer tegen ging staan. Na een gesprek is besloten om mij testen te laten doen bij de Rijks Psychologische Dienst, zogenaamde 'sterkte-zwakte test' om te kijken naar mijn mogelijkheden. Die testen zijn heel goed gegaan. Bij het vergelijken zijn ze al snel overgegaan naar de HBO groep, ondanks dat ik 'slechts' middelbaar niveau heb. En ook bij de HBO groep scoorde ik, in vrijwel alle testen, ruim boven het gemiddelde. Alleen technisch inzicht was slecht. Het advies aan de RWS was toen, dat men mij ander werk moest geven. Iets wat mijn denkvermogen meer zou uitdagen. En dat de werkzaamheden die ik toen deed, funest voor mij EN voor de RWS zijn. Met die test is nooit iets gebeurd. Die situatie heeft een aantal jaren door geduurd, totdat de zaak op een gegeven moment is geescaleerd. Het hoofd van de administratie was ook te zwak om tegen dat 3-mansblok (de 2 collega's en die chef van die andere afdeling) op te treden en had ook partij gekozen. Toen hij op een dag mij letterlijk het bloed onder de nagels vandaan haalde en me gewoon stond uit te lachen, stond ik op het punt om hem te slaan. Echter, ondanks mijn gewelddadige jeugd, wist ik mij toch te bedwingen. Ik moest aan mijn kinderen denken. Ik heb toen uit boosheid een tafel een schop gegeven. Er is niets kapot gegaan. Het hoofd van de dienstkring verzocht mij toen om thuis te blijven om daar verdere maatregelen af te wachten. Dat weigerde ik, omdat ik wel wist dat ik er dan niet meer in kwam. Ook was er geen aanleiding voor, aangezien mijn woede over was en het hoofd van de administratie toch een paar weken op vakantie ging. Wat mij wel verbaasde was het feit, dat nog diezelfde dag twee 'hoge heren' halsoverkop in Wageningen konden komen om mij de wacht aan te zeggen. Ik bedoel maar … al jarenlang gebeurden in Wageningen verschrikkelijke dingen en nooit deden ze iets of kwamen ze. Maar nu heeft een tafel een schop gekregen en toen vonden ze in hun 'drukke' schema ruimte om tegen deze halsmisdaad stappen te ondernemen. Overbodig om te zeggen, dat één van die twee het hoofd van Personeel en Organisatie, de heer v.d. Burg, was. Ze hadden de brief om mij te schorsen ook daadwerkelijk bij zich. Uiteindelijk is dat er niet van gekomen. Mijn argumenten waren te sterk. En ook had ik aaangekondigd dat ik die beslissing zou aanvechten. Ik erkende dat het schoppen van die tafel fout was, maar wees er ook op dat er al jarenlang veel ergere dingen gebeurden, zonder dat zij ook maar enige aktie hadden ondernomen. En dat de schuld niet bij mij mocht worden neergelegd, Die situatie speelde al jaren voor dat ik er kwam werken. Ik was gewoon het volgende 'slachtoffer' in de rij.

ARNHEM

Na een paar weken ben ik uitgenodigd voor een gesprek op een afdeling in Arnhem. Daar kon ik toen terecht. Men verzekerde mij, dat ik daar een eerlijke kans zou krijgen. In mijn gesprekken heb ik het ook maar weer eens over die testen bij de RPD gehad, gevraagd waarom ik ze had moeten doen als er toch niets mee gebeurde. Er werd toen ineens getwijfeld aan de kwaliteit van de RPD en ook werd opgemerkt dat die testen al een paar jaar geleden waren en mogelijk gedateerd. Besloten werd om mij nogmaals te testen, ditmaal bij een commercieel bedrijf. Tot mijn vreugde, ondanks dat ik inmiddels niet lekker meer in mijn vel zat, waren de resultaten hetzelfde. Twee verschillende instanties die, met een tussenpoos van een aantal jaren, tot dezelfde conclusie kwamen. Daar moest toch wat mee gebeuren! Helaas … ook die 2e test was voor niets. Innmiddels had ik wel werk wat mij beter lag dan archief. Het vervelende was wel, dat er veel te weinig werk was. Het grootste deel van het jaar hingen we maar wat rond, uitgezonderd 2 of 3 korte perioden van drukte. Ook bleek ik niet zo welkom te zijn als men mij wel verzekerd had. Eigenlijk wilden ze mij helemaal niet hebben! Ze kenden me niet, maar zaten natuurlijk niet te wachten op een gast die met trammelant ergens weg ging. Ze hadden echter een vacature opgegeven die (begrijpelijk) niet vervuld werd en kregen te horen: "Je neemt hem of je krijgt niemand." Dat is een fijne binnenkomer na die jaren van ellende! Achterf gezien denk ik dat ik nooit echt over die 'tropenjaren' van Wageningen ben heen gekomen. In ieder geval bleef het mij in Arnhem achtrvolgen. Toch heb ik daar heel erg mijn best gedaan. Dat kwam ook telkens in de functioneringsgesprekken er uit: Een harde werker, collegiaal, intelligent, levert kwalitatief en kwantitatief heel goed werk af. We hadden werk voor hooguit 2 personen, maar er zaten er 4 en dan ook nog een chef daarboven. Ik ging toen maar werk zoeken. Hielp collega's van andere afdelingen, die ondergesneeuwd dreigden te raken. Ook heb ik een rapportage op poten gezet, compleet met grafieken en tabellen, zodat de staf in een oogopslag kon zien, waar de knelpunten zaten en waar het goed ging. Toen ik ziek werd is dat nooit opgepikt en ik kreeg dan ook later van een staflid te horen dat het erg gemist werd.
Ik zat daar op een functie waar ik niet voor betaald werd, ik kreeg een schaal lager. Ik werd er constant aan herinnert dat ik blij moest zijn dat ik nog ergens terecht kon! Op een gegeven ogenblik heb ik een gespek aangegaan over de salariëring. Ik kreeg toen te horen dat ik een bepaald diploma nodig had om die schaal er bij te krijgen. Het was werkzaamheden PLUS opleiding. Men heeft mij verzekerd dat daar niet aan te tornen viel en ik dus moest bijscholen om die schaal te krijgen. Dus ben ik aan de studie gegaan: MBO Economie. Naast mijn lange dagen op het werk (2 uur reistijd per dag) ging ik 3 keer per week 's avonds op de fiets naar Ede en op andere dagen huiswerk. Het harde studeren werd wel beloond: Ik haalde negens en tienen bij toetsen. Maar ik denk dat het allemaal teveel was.

ZIEK

Het eerste gedeelte van de studie ging vrij voorspoedig, de cijfers waren bemoedigend. En toen was er eindelijk gelukkig de vakantie in 1998. Helaas geen gelegenheid om uit te rusten, we gingen verhuizen en er was geen hulp. Ik heb in mijn eentje die hele verhuiscontainer in en ook weer uit moeten laden. Ik was kapot! Dat, plus al het behang- en schilderwerk, maakte dat ik moe van mijn vakantie terug kwam op werk en school. Toch ben ik voortvarend aan de slag gegaan. Ik kreeg wel wat teleurstellingen te slikken. O.a.: het bleek namelijk dat mijn collega WEL de schaal voor het werk kreeg en toch het vereiste diploma niet had. Toen ik daar vragen naar stelde kreeg ik te horen, dat ik toch met de voorwaarde akkoord was gegaan! Maar dat had ik omdat men mij verzekerd had dat die regel voor IEDEREEN gold! Zucht … ik hoef zeer zeker geen voorkeursbehandeling, maar waarom moet ik wel aan regels voldoen die dan weer niet voor anderen gelden. En wat het werk bereft, klopt het helemaal niet. Als ik op vakantie was geweest lag het meeste van mijn werk keurig op mij te wachten. Als anderen op vakantie waren dan pakte ik hun werk er bij, zodat ze relaxed weer aan de slag konden.
Na die catastrofale verhuizing gebeurden er nog wat dingen dat jaar:
- Een hele goede vriendin overleed na eeen leven van overmatig drugsgebruik. We hadden samen afgekickt, maar zij was uiteindelijk weer gaan gebruiken.
- Mijn moeder kreeg een hersenbloeding - En toen ....

Op Eerste Kerstdag werd ik door mijn zoon gewekt, dat er een huis in de straat in brand had gestaan. Toen sijpelde het afgrijselijke nieuws binnen: eerst kregen we te horen dat er doden in lagen en toen kwam het nieuws
Dat ze vermoord waren! Het werd nog erger. De echtgenoot/vader had hen omgebracht! De zoon was ongelukkig en zat in een rolstoel en het dochtertje, met van die fantastisch mooie kijkers, was een vriendinnetje van mijn dochter. Ik was geschokt.

Ik heb toen nog een tijdje doorgekacheld, totdat ik, begin 1999, een kaakonsteking kreeg. Ik kon niet slapen en niet eten en melde mij zodoende ziek. Tijdens controlebezoek aan de ARBO arts begon die echter allerlei vragen te stellen. Hij zei mij dat ik thuis moest blijven en voorlopig niet naar het werk mocht. Het was niet best met mij! Ik had zelf niets in de gaten, ja achteraf, maar toen… Pas na een paar weken, maanden raakte het mij vol. Alles deed pijn, geestelijk, lichamelijk, alles. Ik ben toen door een regelrechte hel gegaan met periodes dat ik helemaal geen zin meer had om verder te leven.
Mijn leven is vanaf mijn depressie totaal veranderd, ik ben alles kwijt. Ik heb ervaren dat je in de hedendaagse maatschappij geen burn out, laat staan een depressie, mag hebben.
Vanuit mijn werkgever is er tijdens mijn ziekte totaal geen belangstelling geweest. Niemand is ooit een langs geweest om te kijken hoe het met me was. Wel zijn er tot twee keer toe mensen langs geweest van de bedrijfs zelf bescherming (waar ik ook lid van was). Dat was echt fantastisch. Maar mijn chef of de afdeling Personeel & Organisatie heeft totaal geen aandacht geschonken. Pas na maanden belde mijn chef: "Ik bel je maar eens om te kijken hoe het met je is, dat moest van Personeelszaken."…..
Op een gegeven ogenblik zou ik voorzichtig weer aan de gang gaan, dat wilde ik ook. Hoe eerder, hoe liever. Het begon met een paar uur per dag en dat werd steeds langer. Het viel erg tegen. Er was helemaal geen werk, hooguit voor een half uur per dag. In het begin was dat niet zo erg, maar na een paar dagen was de lol er wel af. Vooral omdat er wel verwacht werd dat ik op mijn plek moest blijven zitten op een kamer waar de sfeer om te snijden was. Ik was al niet echt welkom daar en dat was door mijn ziekte alleen maar verergerd. Er was een houding van wantrouwen over mijn ziek zijn, of zoals mijn chef het verwoordde: "Tja, als iemand een been breekt, zie je het gips en weet je dat ie wat heeft." Dag in dag uit met de armen over elkaar zitten en niet met elkaar praten. Normaal is dat al zwaar, in mijn situatie funest. Door al die toestanden, samen met de wetenschap dat mijn vrouw bezig was om van me te scheiden, kreeg ik weer een terugval. Ik kreeg weer slaapproblemen, zelfs zo erg dat ik soms naar Arnhem ging zonder geslapen te hebben. Op een gegeven ogenblik was dat niet langer meer vol te houden. Toch wilde ik niet weer thuis zitten. Dan was ik voor mijn gevoel weer terug bij af. Plus het feit dat ik thuis ook niet echt welkom was, bij mijn vrouw dan, mijn kinderen waren fantastisch. Toen ik in drie nachten zo'n 6 uur had geslapen (die 3 nachten opgeteld) hd ik me 's morgens verslapen. Ik vond dat niet eens erg, want ik was minder moe dan de dagen ervoor. Ik ben toch naar het werk gegaan en heb de situatie uitgelegd. Aangezien ik alweer hele dagen aanwezig was heb ik doorgewerkt totdat ik aan mijn (8) uren kwam. Op een gegeven moment kwam mijn chef bij me met de eis dat ik 's morgens op tijd moest komen. Ik legde opnieuw uit, dat ik dat wel wilde en ook zou proberen. Dat ik na 1 nacht niet slapen dat ook wel kon opbrengen. Maar als ik nacht na nacht vrijwel niet, en vaak ook helemaal niet, geslapen heb het onmogelijk was. Toch eiste hij dat ik op tijd kwam en anders volgden er 'maatregelen.' Het lukte me om een paar dagen op tijd te komen, maar, aangezien ik in die periode erge slaapproblemen had, was op een gegeven ogenblik de kaars op. Er restte mij niets anders dan me weer ziek te melden. En dat haatte ik! Maar, om geen disciplinaire maatregelen tegen me te krijgen, moest ik wel.

Een nieuwe periode van dieptepunten brak aan. Door dat gedoe was ik weer helemaal terug bij af en het zou alleen maar erger worden. De scheiding kwam voor de rechter en was dus een feit, etc.
Ik trok me weer helemaal terug, in mezelf. Zat weer de hele dag afgezonderd op zolder. Ook vergat ik weer van alles. Vergeten is eigenlijk niet het goede woord: Het interesseerde me niet, niet moedwillig … maar dingen drongen niet tot me door. Ik zat weer in een fase dat ik alleen maar dacht aan hoe shit het leven is, eigenlijk altijd ook zo geweest is en het ook nooit beter zal worden. Ik ben toen ook afspraken vergeten, o.a. naar de bedrijfsarts gaan. Daarop is mijn salaris stopgezet en kreeg ik, boven op al het andere, nu ook financiele problemen. Ik heb het hoofd Personeel & Organisatie (P&O), de heer v.d. Burg, gebeld voor een gesprek. Dat heb ik ook gehad. Er zat ook een personeelsconsulente bij. Dat gesprek was dramatisch. Het begon al met de opening door v.d. Burg: "Wat je ook opvoert, ik blijf bij mijn besluit." De paniek sloeg bij mij toe. Ik vroeg of het gesprek dan wel zin had en dat had het dus ook eigennlijk niet volgens hen. Ik zei o.a., dat ik het onrechtvaardig vond als ik gestraft werd voor een gevolg van mijn ziekte. Maar dat vonden zij niet. Als ik dingen vergeet, dan moet ik daar voor aangepakt worden. Ik argumenteerde dat, als het vergeten van zaken aanleiding was om iemand financieel te straffen, ook v.d. Burg zelf zijn loon, of in ieder geval een gedeelte ervan, moest inleveren. Ik was namelijk herhaaldelijk bij de bedrijfsarts geweest om te praten over een reintegratieplek. Dan zou v.d. Burg iets geregeld hebben. Echter: ik kon weer onverrichter zake naar huis. Hij had niks geregeld. Dat ging maanden zo door. Als de bedrijfsarts, in mijn bijzijn, dan naar P&O belde was hij, opvallend genoeg, nooit te bereiken. Sterker nog: Hij was zelfs een keer gewoon op vakantie gegaan, zonder iets te regelen. En dat terwijl er een keiharde afspraak met de ARBO arts lag dat er voor een bepaalde datum het eindelijk eens geregeld moest zijn. Toen ik dat zo opperde stonden v.d. Burg en de personeelconsulente beiden op en zeiden dat het gesprek was afgelopen. Ze zouden aan hogerhand (Den Haag) doorgeven, dat ik niet wilde meewerken. En hoe ik ook smeekte (letterlijk!!!) om een klein beetje menselijkheid en rechtvaardgheid, het had geen zin. Sterker nog: Het ontlokte een glimlach en twinkelende ogen bij v.d. Burg. Hij genoot er van!

Radeloos ging ik weg. Ik heb uren door Arnhem gelopen, was doodop, maar moest blijven lopen. Bij water ben ik een tijdje blijven staan met het idee om er maar in te springen. Toen ik langs het politiebureau liep, ben ik naar binnen gegaan en heb om hulp gevraagd: "Ik moet met iemand praten. Ik ben bang. Ik loop met zelfmoord plannen rond." Zij verwezen mij naar de RIAGG en legden uit hoe ik er moest komen. Daar aangekomen bleek er echter niemand beschikbaar! Ik ben toen naar het naastgelegen station gelopen, heb een afscheidsbrief aan mijn kinderen geschreven en was van plan voor de trein te springen. Als iedereen en alles tegen mij was. Als zelfs de hulpverleners, die er goed voor betaald worden, het geen hol interesseerde, wat heeft het dan allemaal nog voor zin?!? Dan mocht ik er dus niet zijn. Uiteindelijk heb ik het dan toch niet gedaan, kon het mijn kinderen toch niet aandoen!

In de periode daarna zijn er verschillende dingen gebeurd: Op verzoek van P&O heb ik meegewerkt aan een onderzoek door een psychiater, om te zien of er wat met mijn geheugen aan de hand was. Ik had al gezegd dat het niets met mijn geheugen te maken had, was het maar waar dat ik me een hoop dingen niet herinner! Dat zou mijn leven een stuk makkelijker maken! Samenvattend: De psychiater kon geen verklaring afgeven dat ze 100 % zeker was dat het 'vergeten' door mijn ziekte kwam, maar die symptomen zijn heel 'normaal' bij iemand die een depressie heeft. Als je in een depressie zit dan zit je in je eigen wereld en dan dringen andere zaken vrijwel niet tot je door. Ik vergat ook andere dingen: rekeningen etc. Ook gezellige dingen: afspraken om bij iemand op bezoek te gaan bijvoorbeeld. Dus niet alleen, zoals P&O oppert, dingen die ik WIL vergeten! P&O heeft toen nog geprobeerd om de ARBO arts voor hun karretje te spannen: Zij moest een verklaring afgeven dat mijn geheugen prima was en het niet op komen dagen dus niets met mijn ziekte te maken had. Dat heeft ze geweigerd. Zij wilde die zwartepiet niet toegeschoven krjgen. Als ik er werk van had gemaakt, dan kon P&O zich achter haar verklaring verschuilen. P&O durfde het toen niet aan en de maatregel van salarisinhouding is toen niet doorgegaan.
Wat die bezoeken aan de ARBO arts betreft: Ik bleef echt niet bewust weg. Ik ben er vaak genoeg heen geweest. Ook al was het niet bepaald opbeurend. Ik moest 1 uur heen en 1 uur terug reizen, betaalde de reissom uit eigen zak, terwijl ik financieel slecht zit. En dan was het ook nog voor niets! Meestal stond ik na een kwartiertje weer buiten, had ik alleen maar gehoord dat P&O nog steeds niets geregeld had. Toch bleef ik steeds weer gaan , behalve die enkele keer dat ik het vergeten had, omdat ik toen zelfs niet wist wat voor datum we leefden, hoe laat het was, etc.
Op een donderdag (of vrijdag) kreeg ik telefoon van mijn chef. Ik moest me maandag melden bij een afdeling voor reintegratie. Mijn eerste reactie was: GELUKKIG, EINDELIJK! Ik vond het wel raar dat de chef van die afdeling of P&O mij niet belde, dat het zo plotseling kwam op vrijdagmiddag laat en ik maandag al moest komen zonder eerst een gesprek gehad te hebben, maar had er toch wel zin in. Het was een leuke afdeling. Ik heb toen de chef van die afdeling gebeld om te vragen hoe laat hij mij verwachtte en kreeg tot mijn verbazing te horen dat hij van niets wist! Ik vermoed dat P&O onder druk stond van de ARBO arts en de USZO dat ze nu eindelijk eens iets moesten doen. Maar hoe het ook zij, ik was dus helemaal niet welkom! Terug bij af.

Maanden later kon ik ineens wel terecht op die afdeling. De werkelijke reden voor die 'ommezwaai' was, wat mij betreft, heeel pijnlijk. Wat P&O als 'reintegratieproces' bestempelde bleek gewoon uit een soort uitzendjob te bestaan. Er was geen plan van aanpak, geen soort traject om te bewandelen, met als doel volledige terugkeer. Die afdeling zat namelijk met een probleem van onderbezetting, wegens vakantie en ziekte bleef er veel werk liggen. Een uitzendkracht zou ook niet veel zoden aan de dijk zetten, aangezien er geen mankracht was om die in te werken en het zo om zo weken zou duren eer die zou kunnen produceren. Toen kwam men op het idee om mij in tee schakelen. Ik ben namelijk altijd een harde werker geweest en heel allround. Door mijn werkervaring was ik op veel plaatsen inzetbaar. De bedoeling was dat ik daar een paar weken de werkzaamheden zou doen, totdat er mensen van vakantie (en eventueel ook de zieken) terug zouden zijn. Ongelooflijk! Waar ik zat te hunkeren om te reintegreren, al maandenlang zat te smachten naar een signaal dat ik welkom zou zijn en eindelijk eens aan volledig herstel kon werken, gaf niemand thuis, totdat de nood aan de man was en ik als een soort uitzendkracht ingeschakeld werd. Er werd al gelijk gezegd dat het maar voor een paar weken was en dat ik niet moest gaan hopen dat ik langer kon blijven of dat er daar een baantje voor me was. Ik besloot toch aan de slag te gaan, ik wilde zo graag en, al was het dan daar niet voor bedoeld, ik zou het met beide handen aangrijpen om toch maar weer in dat proces te komen, uit die vicieuze cirkel. Helaas kreeg ik al snel een zware griep en moest mij ziek melden. Bij die griep kwam ook de paniek voor de reacrie van P&O. Ik wist gewoon dat ze me weer van zaken gingen beschuldigen en dat gebeurde ook. En ze grepen alweer naar hun geliefde maatregel: salarisinhouding. Volgens hen was ik namelijk weer niet op een afspraak bij de ARBO arts komen opdraven. Dat was dus niet waar. Toen ik mij vanwege die griep had ziek gemeld, lag de volgende dag een brief van de ARBO arts in de bus om de reden van ziekte op te geven, een uitnodiging voor een gesprek of, als ik niet in staat was om te komen, dat op het formulier aan te geven. Aangezien ik echt niet uit bed kon, was ik zeer zeker niet in staat om te komen en heb dat ook op het formulier gezet. Ik heb mijn dochtertje de brief aan de ARBO arts nog dezelfde dag op de bus laten gooien. Maar de salarisinhouding bleef van kracht.

Deze keer was ik het zat. Alweer financiele problemen en nog steeds geen uitzicht op reintegratie. Ik kon het allemaal niet meer aan. I.p.v. medewerking ervoer ik van P&O enkel tegenwerking, pure intimidatie, treiterijen, onwil, verdachtmakingen. Voor een gezond iemand zou dat al niet goed zijn. Voor mij betekende het dat ik ieder keer terug viel in depressies. Ik kan nog steeds niet geloven dat mensen elkaar zoiets aan kunnen doen. En dan nog wel personeelsfunctionarissen, waarvan je toch mag verwachten dat ze, door het werk wat ze hebben gekozen, socialer zijn dan de doorsnee werknemer of chef. Ik wilde niet meer door hen tot het randje van zelfmoord worden gebracht.
Ik heb toen de (toenmalige) minister van Verkeer en Waterstaat, Netelenbos, een email gestuurd over mijn situatie en om haar hulp gevraagd. Na nog een tweede keer gemaild te hebben, gebeurde er wat. Ik was uitgenodigd voor een gesprek in Den Haag.
Daar heb ik op 25 April een gesprek gehad met het hoofd van Personeelszaken van de Rijkswaterstaat, het hoofd van Bedrijfsmaatschappelijk werk. Het gesprek was vrij positief, de benadering was eigenlijk best vriendelijk. Aangezien ik mijn laatste kleingeld bij elkaar had geschraapt en nog net eenn treinkaartje kon kopen, had ik geen geld voor de tram terug naar het station. Ik ben toen (in een auto met chauffeur ) door het hoofd Personeelszaken naar het station gebracht en kreeg onderweg zelfs nog wat geld van hem, zodat ik een kopje koffie kon kopen! Wat een verademing na al dat gedoe van P&O Arnhem! Ook vertelden ze mij dat er naar Arnhem een opdracht was gegeven om mijn salaris, inclusief de maanden, die nog niet waren uitbetaald, per direct over te maken. Natuurlijk kon P&O Arnhem het weer niet laten om toch te wachten met geld overmaken. Toen ik op 30 April nog steeds geen geld had ontvangen heb ik maar weer aan de bel getrokken in Den Haag. Die zijn heel snel in aktie gekomen en ik kon de volgende dag geld ophalen in Arnhem. Als deze vertraging in de betaling het enige was, dan had ik nog kunnen denken, dat het niet hun schuld was. Maar, gezien hun werkwijze, weet ik dat het gewoon weer de zoveelste aktie was om te treiteren.

Maanden later heb ik een tweede gesprek gehad in Den Haag. Daar zat toen ook de heer v.d. Burg bij en een bedrijfsmaatschappelijk werker, die gestationeerd was in Den Bilt. In dat gesprek is besloten dat, gezien de verhoudingen, het waarschijnlijk beter zou zijn als ik de dienst zou verlaten. Dat leek mij ook wel goed. Ik kon er niet meer tegen als er weer eens een aktie van v.d. Burg tegen mij zou worden gehouden. Ik was bang geworden. Bang dat ik weer tot het randje van zelfmoord zou worden gebracht. En het zag er niet naar uit dat ik welkom was. Afgesproken is ook, dat ik met een regeling zou vertrekken. Ik zou op papier de berekening krijgen en dan zou ik besluiten of ik akkoord ging. Ik heb wel ideeen om wat nieuws te gaan doen. Wat kennissen, die in de muziek zitten, en ik willen eeen muziekbusiness opzetten: een organisatie- boekings, en managementsbureau plus een eigen studio om cd's in eigen beheer uit te geven. Met een goede regeling zou ik de tijd hebben om eindelijk eens echt aan mijn herstel te gaan werken. Dat was met al die toestanden van scheiding, P&O acties, constant financiele zorgen er nog nooit van gekomen. In de tussentijd kon ik dan op mijn gemak de hele papierwinkel van onze muziekbusiness in orde maken, zodat we aan de slag kunnen zodra het weer beter met me gaat.

Het is nu alweer maanden later en ik heb die berekening nooit ontvangen. Wel is de heer v.d. Burg een aantal maanden geleden bij me langs geweest. In al die jaren van ziekte heb ik nooit een blijk van belangstelling van hem gehad en nu stond hij ineens voor de deur. De reden van zijn komst: hij had de ontslagbeschikking bij zich en of ik maar even wou tekenen. Op dat papiertje stond enkel dat ik akkoord ging met het ontslag en verder niks.
Ik vroeg hem waarvoor ik dan tekende. "Voor wat we besproken hebben in Den Haag" was het antwoord. Ik zei dat afgesproken was dat ik een berekening zou krijgen en, als ik daarmee akkoord ging, ik dan tekende. Zijn antwoord was, dat ik die berekening toegezonden zou krijgen van Den Haag, zodra ik getekend had. Maar ik ga toch niet tekenen voor iets wat ik niet weet wat het is! Dat zei ik ook. Ik heb dus niet getekend. Hij zei nog dat hij voor niets had moeten reizen, maar dat is mijn schuld toch niet! Het is gewoon smerig om dit te proberen, volgens mij zelfs tegen de wet: iemand iets laten tekenen zonder de voorwaarden kenbaar te maken. Als het niet tegen de wet is, getuigt het toch tenminste van het ontbreken van enig fatsoensbesef of menselijkheid. Iemand met een depressie onder druk zetten om hem iets te laten tekenen, wat niet goed voor hem is. Die berekening heb ik nooit ontvangen. Wel ben ik inmiddels ontslagen. En, zoals het nu gegaan is, ben ik het met dat ontslag niet eens. Die afspraak over die financiele cijfertjes moet eerst nagekomen worden. Dan kan ik er iemand naar laten kijken of het een redelijk voorstel is. Als RWS vindt dat de zaak nu eindelijk eens moet worden afgerond, dan moeten ze de hand in eigen boezem steken en zorgen dat ze dat doen, wat ze toegezegd hebben.

Sinds dit gedoe ben ik alweer terug bij af. Ik ben geestelijk en lichamelijk DOODOP! Als ik een blokje omloop ben ik op. Ik kan bijna niets. Er komen steeds meer onbetaalde rekeningen binnen, aangezien ik al een tijdje geen geld meer heb gehad. Ik moet naar andere woonruimte omzien, maar heb de energie niet meer. En mijn ex dreigt me nu door de politie uit huis te laten zetten. Ik slaap heel slecht, sommige dagen helemaal niet en als ik slaap, dan is het overdag een paar uur. Ik eet meestal maar 1 of 2 keer per dag en soms ga ik van tafel zonder een hap genomen te hebben. Ik wil wel verder met mijn leven, denk ik, maar weet echt niet meer hoe. Alles wat ik vraag is een redelijke kans om weer overeind te krabbelen. Na alles wat ik de laatste jaren heb meegemaakt verdien ik dat ook. Daar heb ik recht op! Ik ben een harde werker geweest, nooit zeurend over werk wat niet in mijn functiebeschrijving stond, altijd bereid om anderen te helpen en een stapje extra te doen. Veel eigen initiatief ontplooit om nieuwe dingen op te starten. Als ik beloofde dat ik iets klaar zou hebben, dan had ik dat ook. Bij tegenslagen, als computerstoringen of zo, ging ik 's avonds gewoon door tot ik het klaar had, want …. Ik had het beloofd. En dan op zo'n manier afgedankt te worden is te onbeschoft voor woorden. Onbeschoft en zeer zeker niet volgens afspraak.

Rijkswaterstaat is voor een belangrijk deel medeverantwoordelijk voor mijn depressie en heeft dus ook een verplichting om te zorgen, dat het weer goed komt met me. Hun manier waarop er met personeel wordt omgegaan kan van geen kant! En ik ben echt niet het enige slachtoffer. Er zijn talloze voorbeelden van mensen, die door incapabele, of gewoon kwaadwillende, managers het leven wordt zuur gemaakt. Den Haag moet eindelijk eens in aktie komen om die signalen, die ze ongetwijfeld krijgen, eindelijk eens serieus te nemen. Het moet ophouden dat in conflictsituaties leidinggevenden ALTIJD aan het langste eind trekken, ALTIJD in het gelijk worden gesteld. In een democratisch land past onpartijdigheid en een bescherming van de zwakkeren. Men moet iemand in een leidinggevende aanstellen vanwege zijn/haar leidinggevende capacitieiten en talent om met mensen om te gaan. op een rechtvaardige manier. De meeste chefs hebben die capacitieiten en zitten er enkel omdat ze l jaren in dienst zijn, iets meer over een bepaald vakgebied weten of (en dat zijn er heel veel!) goed bevriend zijn/kunnen slijmen met een hogere in rang.
Maar, ook al was RWS niet medeverantwoordelijk, dan nog heeft zij de verplichting om alles, binnen hun mogelijkheden, in het werk te stellen om mij weer op de been te helpen. Dat eist de wet van een werkgever. Van een overheidsinstantie mag toch verwacht worden dat die zich aan de wet houdt. RWS heeft, integendeel, ertoe bijgedragen dat mijn depressie erger is geworden en langer heeft geduurd. Ik eis nu een rechtvaardige behandeling, die er enkel op gericht is om mij weer op de been te helpen en, uiteindelijk, weer terug in het arbeidsproces. Binnen, of buiten, Rijkswaterstaat. Ik eis ook dat er een einde komt aan al die misstanden binnen overheidsapparaten, de onbeschofte manier waarop met mensen wordt omgegaan. Ik weet, dat ik onrechtvaardig ben behandeld. De vraag is of Nederland echt zo beschaafd is om het te herstellen.

Terug naar Mijn Verhaal

 

Copyright © 2003 depress1999

Hosted by www.Geocities.ws

1