In april 1864 stopte generaal Grant bijna alle uitwisselingen, omdat het Noorden er minder behoefte aan had dan het Zuiden. Het Noorden had immers voldoende manschappen om het verlies van de gevangenen te compenseren. Het Zuiden daarentegen had veel meer nood aan die uitwisselingen, want zij konden elke soldaat goed gebruiken.
Soldaten van de V.S. leden meer in gevangenenkampen dan hun collega's uit het Zuiden. Eén van die kampen in het Zuiden was 'Anderson Prison' in Georgia. In het Noorden was vooral 'Camp Douglas', Illinois berucht.
Het sterftecijfer van de gevangenen lag bij beide partijen zeer hoog. Niet zozeer door de behandeling die ze kregen, maar wel door de slechte condities in de kampen. Slecht geklede Zuiderse soldaten waren niet bestand tegen de strenge winters in het noorden en de soldaten uit het noorden waren niet bestand tegen de hete zomers in het Zuiden.
In het algemeen kregen de gevangenen dezelfde rantsoenen als de cipiers die hen bewaakten. De sanitaire condities waren erbarmelijk, vooral door de overbevolking waarmee de gevangenissen te kampen hadden. Ook de slechte hygiëne was een belangrijke doodsoorzaak.
Foto copyright www.corbis.com .