"Hij komt van kanegem en weet van niks…"

 

http://www.geocities.com/citylegends

Location

Belgium / West-Vlaanderen / Kanegem

Original language

Dutch

Time

± 1400

 

De tijdskalender liep naar het jaar 1400. De goede pastoor van Kanegem was laffelijk vermoord. Het ongeluk wilde dat een inwoner-lakenkoopman van Tielt, die voor zaken naar Kanegem geweest was, naar zijn stad terugkeerde op de dag van de moord. Het was een warme voorjaarsmaand. Om geen tere te moeten doen, trok de koopman langs de St.-Jansstraat de "Gierigaard" in en kwam zo achter het klooster der Grauwe Zusters in het Kapellestraatje. Vermoeidheid overviel hem en hij legde zich te slapen langs de berm van de weg. Misschien was hij min of meer beneveld door de drank die toen in de vele herbergen van Kanegem geschonken werd? De moordenaar van de pastoor kwam toen aldaar voorbij. Deze kwam inderdaad ook van Kanegem. Hij zocht een middel om te bewijzen, dat hij zich tijdens het plegen der misdaad elders bevonden had en bijgevolg onschuldig was. De slaper zou aldus een uitstekend alibi zijn... Hij stak het met bloed besmeurd mes in de kielzak van de niets vermoedende lakenhandelaar. Hij vertrok vandaar verder, in de hoop dat hem niets zou kunnen ten laste gelegd worden en van vervolging van manslag zou ontsnapt zijn. Intussen liep de mare van de moord rond als een strovuurtje. Toen de baljuw van Tielt, Alexander Spierinckx, een braaf maar opvliegend man, de wraakroepende moord vernam, zond hij, zonder verdere plichtplegingen, zijn schabletters (schade-beletter of politie) uit, om de Godvergeten moordenaar op te sporen, die zo schandelijk een priester van het leven had beroofd. De gerechtsdienaars hadden zich verspreid zowel binnen als buiten de stad. Een groep vond weldra de slapende reiziger. Ze tastten de onschuldige man af en vonden het mes, waaraan nog gedroogd bloed kleefde, in zijn zak. Ja, ze dachten het wapen der misdaad en meteen ook de moordenaar gevonden te hebben! Alexander Spierinckx was woedend toen de man bij hem voorgeleid werd op het stadhuis. Op meer dan harde toon werd deze ondervraagd en op de rooster gelegd. Maar op het hem tenlaste gelegd feit kon de onschuldige niets anders antwoorden dan "Ik kom van Kanegem en ik weet van niets! Ik kom van Kanegem en ik weet van niets!" Doch voor de baljuw waren de bewijzen afdoende genoeg om van de moord overtuigd te zijn. En de onschuldige had geen tegenbewijzen om zijn onschuld te verklaren. Het vonnis van de baljuw was wreed. Hij veroordeelde de koopman tot de doodstraf aan de galg! Door de inwoners van Tielt en omliggende vervloekt, zou de man opgeknoopt worden ten aanschouwe van iedereen op het Galgeveld achter het stadhuis van Tielt. De dag der uitvoering van de straf stonden aan de voet van de galg Alexander Spierinckx, de schabletters, evenals een priester om de veroordeelde bij te staan in zijn laatste levensstonden. Een massa kijklustigen, zinnende op wraak, stond ongeduldig te wachten op het Galgeveld. De onschuldige koopman vroeg om uitstel van executie ten einde de ware moordenaar nog te kunnen doen opsporen. Maar de baljuw was niet te vermurwen en bleef doof voor deze bede. Ook de wachtende menigte kon haar lust op wraak niet langer onderdrukken en gaf schreeuwend uiting aan haar verlangen de moordenaar te zien hangen aan de strop. De onschuldige kreeg de koord rond de hals en riep, over van verdriet en angst uit: "Burgers van Tielt en omstreken, ik sterf onschuldig! God zal mijn onschuld wreken! Dag op dag, uur op uur,zo roep ik Alexander Spierinckx om voor het oordeel Gods te verschijnen. Bidt voor mij!" De veroordeelde kuste het kruis; de beul deed zijn werk en de koopman stierf op het ogenblik dat het twaalf ure sloeg op de halletoren. Aan de wraak van het volk en de wilsbeschikking was voldaan... Toen de dood ingetreden was, bevestigde men, dat het gelaat van de onschuldig gehangene bloosde alsof hij nog leefde. Was het een voorteken van zijn schuldeloosheid? Alexander Spierinckx had noch ruste noch vrede meer. Een worm knaagde aan zijn hart. De voorspelling, door de gehangene gedaan, kon hij maar niet uit zijn hoofd zetten. Maar ze zou eens moeten bewaarheid worden! Voor alle zekerheid had hij zijn zaken in orde gebracht, zelfs zijn testament gemaakt en aan de pastoor gevraagd, voor zijn vrouw en kinderen te willen zorgen indien er iets met hem zou gebeuren. Maar de tijd staat niet stil. De baljuw telde de dagen af. De voorspelling bleef in zijn gedachten spoken. Zelfs tijdens het kaatsspel, dat op de markt gespeeld werd. Deze keer waren veel mensen naar het spel komen kijken. Was het misschien uit nieuwsgierigheid om te weten of de voorspelling zou uitkomen? De ingezetenen hadden de datum niet vergeten. Men weet immers nooit! Wat de baljuw die dag ook deed tijdens het spel om de bal te raken, hij gelukte er niet in. Het viel iedereen op dat hij er zo bleek uit zag... Zijn medespelers wakkerden hem nochtans aan. De halletoren vermaant het middaguur. Spierinckx begint te beven, te klappertanden. Hij knijpt de bal krampachtig in zijn vuist. Men hoorde de stilte over de markt. Het volk kijkt angstig toe. Daar klinken twaalf slagen uit de toren. De baljuw doet nog een laatste inspanning om de bal naar de tegenpartij te werpen als de laatste klokslag uit de toren galmt. Spierinckx zakt plots ineen, blijft liggen en staat nu voor het oordeel Gods. De voorspelling is werkelijkheid geworden... Toen eerst kwam de menigte tot de overtuiging, dat één jaar te voren een rechtvaardig maar tevens onschuldig man was veroordeeld. De enkelen, die de onschuld van de koopman hadden voorgestaan, bespraken deze gebeurtenis met zeer gemengde gevoelens. En de ware moordenaar op de pastoor van Kanegem? Deze is op tragische wijze aan zijn einde gekomen. Tijdens een feest, op de markt te Tielt, ontplofte een kanon. De moordenaar stond in zijn deuropening te kijken en werd levensgevaarlijk gewond. Vooraleer te sterven heeft hij bekend de dader te zijn van de moord. De ware moordenaar was slechts dan gekend, dit tot voldoening van de achtergebleven bloedverwanten van de onschuldig ter dood veroordeelde. Komt ge ooit in de goede stad Tielt, de Europastad, vraag dan eens aan de inwoners aldaar, wat de grote steen betekent, die aldaar op de markt ligt, midden de met bitumen overgoten vlakte. Zij zullen U antwoorden: "Op die plaats is Alexander Spierinckx dood gevallen tijdens het kaatsspel, één jaar na de opknoping aan de galg van een onschuldig ter dood veroordeelde, die beticht werd de pastoor van Kanegem te hebben vermoord en staande hield: "Ik kom van Kanegem en weet van niets!" Deze zegswijze leeft heden ten dage nog voort in de mond van het volk. Deze legende of volksoverlevering bevat echter een geschiedkundige achtergrond. Immers, Alexander Spierinckx was soeverein baljuw van Vlaanderen te Tielt en raadsheer van Margaretha. Hij stierf schielijk, op de markt te Tielt in de maand maart 1402, toen hij aan een kaatsspel deelnam. De misdadigers door hem veroordeeld en gevonnist, werden ter dood gebracht op het Galgeveld.

http://www.geocities.com/citylegends

Hosted by www.Geocities.ws

1