
5 Watt FM-Zender                                                       (FRM)
                                                       

De stuurzender is zo opgebouwd dat deze voor vrijwel iedereen probleemloos ge-
bouwd kan worden. De oscillator is op dezelfde print ondergebracht wat het ge-
heel iets goedkoper en de print iets groter maakt. De iets grotere print maakt
het bouwen wat makkelijker omdat de komponenten wat ruimer zijn opgesteld en
het grotere formaat komt ook ten goede aan de koeling van de eindtrap.

Het oscillator gedeelte is vrijwel geheel gewijzigd t.o.v. een vorig ontwerp.
De VFO is hetzelfde, maar de 3-traps buffer uit het vorige ontwerp is vervang-
en door 1 transistor. Alleen bij aansluiting van een PLL moet nog een tweede
transistor op de print worden gebouwd. (Dit is het gestippelde gedeelte rond
transistor T6 in FIGUUR-002).
Het gedeelte voor T6 is reeds op de print aanwezig en geboord en kan al dan 
niet van komponenten worden voorzien. De VFO is weer gestabiliseerd met een
78L09 en de frekwentieregeling gebeurt met een 100K potmeter welke ook op de
print kan worden geplaatst.
LET OP dat bij gebruik met een PLL deze potmeter komt te vervallen, anders
wordt het regelbereik te klein. De gebruikte varicap (BB405B) kan vervangen
worden door een andere met als enig verschil dat de grootte van het regelbe-
reik verandert.
In de stuurzender kunnen in plaats van 2N4427 transistoren ook 2N2219s worden
gebruikt. Met de 2N2219 is het afregelen iets moeilijker, maar met de 2N4427
gaat de stuurzender iets sneller oscilleren. Voor het vermogen maakt het niet
uit welk type er gebruikt wordt. Het geheel moet bij voorkeur in een metalen
kastje worden gebouwd en het verdient aanbeveling het geheel zo in te bouwen,
dat de MRF237 de behuizing raakt om wat extra koeling te krijgen.

Behalve de 2 weerstanden van 22 Ohm naar de plus en de weerstand van L11 zijn
alle weerstanden 1/4 Watt. De condensatoren zijn keramisch. Ook hier moet al-
les weer zo dicht mogelijk op de print worden gesoldeerd met zo min mogelijk
aansluitdraden. Het is nog steeds noodzakelijk dat de spoelen rond zijn, dus
op een ronde spoelvorm (b.v. 6 mm. boortje) wikkelen.

De bijgeleverde fotos laten zien hoe een en ander opgebouwd en gesoldeerd is.
Op foto-002 en foto-003 is te zien hoe de eindtrap met de MRF237 (of SD1127)
is gebouwd. Deze transistoren behoren tot de weinigen die de emitter aan de
behuizing hebben liggen (normaal zit bij dit type de collector aan de behui-
zing). Het voordeel is, dat de behuizing direkt aan de massa gekoppeld kan
worden; wat het koelen van de transistor vergemakkelijkt. Zoals te zien is,
wordt de transistor ondersteboven in de print gesoldeerd. Om het solderen te
versnellen en te voorkomen dat de tor te heet wordt, moet deze eerst met fijn
schuurpapier worden schoongemaakt. De transistor aan beide zijden solderen!

Daar de print dubbelzijdig is, moeten zowel de plus van de voeding als de mas-
sa van beide zijden worden doorverbonden. Hiervoor zijn in de print gaten aan-
wezig.
Bij L11 moeten de draadeinden van de spoel blank gemaakt worden en met de dra-
den van de weerstand worden verbonden. Het geheel moet zo op de print worden
gesoldeerd, dus niet alleen de spoel! 

Het afregelen gebeurt met een dummy load, een SWR-meter, en bij voorkeur een
dipmeter. Eerst de oscillator op de gewenste frequentie instellen en dan trap
voor trap de volgende transistor instellen. Dit enige malen herhalen. Het uit-
gangsvermogen bedraagt dan bij 13 Volt c.a. 5 Watt.

Het is zonder meer mogelijk deze schakeling anders te bouwen (b.v. zwevend)
daar tijdens testen gebleken is dat deze schakeling bijna altijd probleemloos
werkt.

