De
aanslag
Schrijver: Harry Mulisch
Titel: De Aanslag
Ondertitel Overal was het al dag, maar hier was het nacht, neen, meer dan nacht. C.
Plinius caecilius secundus Epistulae, VI, 16
Titelverklaring: De titel is 'de Aanslag'. Met de
Aanslag wordt natuurlijk de moord op Ploeg bedoeld, die van belang was voor het hele
verhaal. In verband met het thema wordt het wat moeilijker, omdat er niet echt een verband
bestaat. Door die aanslag kwam het toeval. Dat is het enige wat ik als verband kan
bedenken.
Jaar van verschijning: 1982
Samenvatting: Het gaat in dit verhaal vooral om
Anton. Hij was een jongen die samen met zijn ouders op de kade van Haarlem woonde. Ze
zaten midden in de oorlogswinter van de 2e Wereld Oorlog, en met z'n allen maakten ze een
moeilijke tijd door. Op een avond zaten ze net als altijd met z'n allen binnen, toen ze
opeens een paar schoten hoorden en toen ook nog een schreeuw. Ze keken voorzichtig naar
buiten en zagen dat het Fake Ploeg was, morsdood. Een smerige en zeer wrede NSB'er. Opeens
werd hij door de buren voor hun huis gelegd, en de oudere broer van Anton besefte dat het
lichaam weer weg moest. Anders zouden de Duitsers denken dat zij hem hebben neergeschoten.
Het ging niet gladjes en iedereen zij tegen Peter (oudere broer) dat hij binnen moest
blijven. Maar uiteindelijk ging Peter toch naar buiten, toen plotseling de Duitsers er
aankwamen. Ze gingen hun huis binnen en Anton's vader en moeder werden meegenomen. Peter
was nergens te bekennen, en later bleek dat ook hij doodgeschoten was. De ouders van Anton
waren ook afgemaakt, wat hij pas later te horen kreeg. Het huis werd opgeblazen en Anton
werd meegenomen door de Duitsers. Hij werd in de plaatselijke gevangenis gegooid voor
��n nacht. Daar was het stikdonker, maar ondanks dat was er toch contact tussen hem en
de andere gevangene. Later zou weer blijken dat zij ook betrokken was bij de moord op
Ploeg. Toen hij te horen kreeg dat zijn ouders dood waren, moest hij bij zijn oom en tante
gaan wonen. Die woonden in Amsterdam en Anton bleef daar de hele tijd. Hij was in die tijd
nog nooit naar Haarlem teruggekeerd. Totdat hij een uitnodiging kreeg voor een feestje.
Hij ging daar heen, terwijl hij dat eigenlijk helemaal niet wilde, en toch ook niet
gedwongen werd. Hij kwam er wel achter dat een monument was geplaatst. Die was bedoeld
voor iedereen die -onschuldig of tijdens het verzet-was gestorven in de 2e Wereld Oorlog.
Daar stonden de namen van zijn ouders en zijn broer ook op. Later ging Anton op kamers
wonen. Behalve dat hij de zoon van Ploeg tegenkwam en dat ze ruzie kregenover vroeger,
gebeurde er niet veel bijzonders. Hij trouwde later met Saskia en hij had een gelukkig
huwelijk. Ze kregen ook een dochtertje: Sandra. Een paar jaar later gingen ze met z'n
drie�n naar een begrafenis toe. Hij hoorde toen toevallig een gesprek over de moord op
Ploeg en kwam met de moordenaar in contact. Hij kwam erachter dat de vrouw die hij in de
cel had ontmoet medeplichtig was en de zogenaamde vriendin van de man die Ploeg had
neergeschoten.Na een aantal jaar scheidde hij van Saskia en hertrouwde met Liesbeth. Ze
kregen een zoon, die zij naar de broer van Anton noemde: Peter. Anton kwam bij toeval in
een demonstratie terecht waar hij zijn vroegere buurmeisje had ontmoet. Het was het
buurmeisje die samen met haar vader Ploeg voor hun huis had gelegd. Hij kwam veel te weten
over wat de redenen waren van de verplaatsing. Hij kwam ook te weten waarom zij het lijk
voor Anton's huis hadden gelegd en niet voor het huis van de vervelende buren die nooit
iets zeiden. Dat kwam omdat daar een heel Joods gezin ondergedoken zat.
Personen: Er is in dit boek eigenlijk maar een
hoofdpersoon; dat is natuurlijk Anton Steenwijk.
Anton Steenwijk. Hij groeit in het verhaal op van
jongen, tot 50'er. In het begin van deze periode was het een stille jongen, die in
zichzelf overal de baas van was. Hij wist goed wat hij moest doen en was vrijwel altijd
redelijk in zijn beoordelingen. Hij had ook veel twijfels, en als hij dacht dat je beter
niet kon reageren op iets, dan deed hij dat ook niet. Later werd hij veel onzekerder. Dat
was eigenlijk al vanaf het voorval. Hij durfde dingen niet, en wilde al het verleden
achter zich laten. Wat overbleef van vroeger, dat was het negeren. (Als hij dacht dat je
beter geen aandacht ergens aan kon schenken, en dan deed hij dat ook niet.) Hij was soms
ook roekeloos bezig, bijvoorbeeld toen hij met Saskia trouwde. Dat ging allemaal veel te
snel.
Tijd: Het verhaal is helemaal chronologisch
geschreven. Je kan je verplaatsen in Anton, en zo ga je het belangrijkste deel van zijn
leven door. Soms is er ook sprake van tijdsprongen, want dan spreken ze over dat hij met
Saskia getrouwd is en dan is het ineens een paar jaar later. Dan hebben ze ineens een
dochter gekregen, enzo. Dat is zo gedaan omdat dat geen belangrijke stukken vormen. Het
verhaal speelt zich af vanaf rond het einde van de oorlog, tot ongeveer 60 jaar later.
Ruimte: Er is hier duidelijk sprake van een
belangenruimte. Dat kan je zien aan de dingen waar hij iedereen ontmoet. Hij ontmoet een
persoon in een bepaalde plaats, tijdens een bepaalde gebeurtenis. De ruimte is daarvoor
van belang. Zo is ook de plaats waar de 4 huizen staan van belang, want als het daar geen
rustige buurt was geweest dan zou Ploeg daar ook niet vermoord zijn.
Perspectief: In dit boek is er sprake van het
'Alwetende verteller', alles wordt door de schrijver verteld. Ondanks dat kan je je
volledig inleven in het persoon waarover verteld word. De schrijver trekt zich echter
terug in de hoofdpersoon; Anton.
Thema: In het leven komt veel toeval voor, maar kan
je het wel toeval noemen? Ik heb dit thema gekozen omdat er duidelijk veel toeval in
voorkomt. Hij ontmoet iedereen toevallig.
Motieven: Je kan het 'toeval' een motief noemen. Dat
komt een beetje overheen met het verhaalmotief, de dobbelsteen. Als je met een dobbelsteen
zes wilt gooien moet je geluk hebben. Nog een motief vind ik de gebeurtenis in het
verleden. Daarmee bedoel ik de moord op Ploeg die veel veranderingen teweeg bracht. Die
gebeurtenis zette eigenlijk alle handelingen in gang die in het boek werden beschreven.
Auteur: Harry Mulisch is geboren in 1927. Hij heeft
dan ook de oorlog meegemaakt. Vroeger had hij als droom 'de steen der wijzen' uit te
vinden. Hij trachtte dat te doen door middel van onderzoeken in een geschikte ruimte. Dat
stelde overigens niet veel voor, en hij heeft later toch maar besloten om te gaan
schrijven. Hij heeft in zijn boeken wel zijn ideaal gebruikt. De mensheid leren en
verbeteren. Hij heeft hier dus over de oorlog geschreven, die hij die zelf had meegemaakt,
dat heeft als voordeel dat hij er dus helemaal op in kon gaan.
Mening: Ik vond het boek erg mooi. De schrijfstijl
sprak mij wel aan, en ik ging er diep in op. Het mooiste stuk vond ik toch het eerste. De
aanslag dus. Je zou als je leest dat die Duitsers het huis in de fik steken ze in elkaar
willen slaan, dat is leuk, want het is niet echt gebeurt. Ik heb het boek niet als een
boek gelezen, maar als een film. Ik zag alles letterlijk gebeuren. Ik vind het niet erg
dat de toeval een grote rol speelt, en bovendien maakt de schrijver het nog bijna
onzichtbaar ook. Een heel mooi en zielig verhaal en het mooiste stukje literatuur wat ik
tot nu toe gelezen heb.
Terug
Tjeerd.
Copyright � 1999. All rights reserved.
Revised: juni 09, 1999.